uitspraak buiten zitting RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL23.31812 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam verzoekster] , verzoekster V-nummer: [V-nr.] mede namens haar minderjarige kinderen: [naam kind] en [naam kind] (gemachtigde: mr. J.C.A. Koen), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Verzoekster heeft op 6 oktober 2023 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op de door [naam referent] (referent) ingediende aanvraag van 4 mei 2022 voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis ten behoeve van verzoekster en haar twee minderjarige kinderen. Bij besluit van 8 januari 2024 heeft verweerder de Nederlandse ambassade in Nairobi gemachtigd een mvv te verlenen aan verzoekster. Verzoekster heeft het beroep ingetrokken en daarbij verzocht om verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Overwegingen De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). Als een beroep wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. Dit is geregeld in artikel 8:75a van de Awb. Nu verweerder niet binnen de hiervoor geldende termijn op de aanvraag van verzoekster heeft besloten en deze aanvraag hangende een beroep tegen het niet tijdig beslissen heeft ingewilligd, is verweerder geheel aan het beroep van verzoekster tegemoetgekomen.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.