← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2024:23462

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL24.7678 V uitspraak van de enkelvoudige kamer op het verzet van [opposante] , V-nummer: [v-nummer] , opposante mede namens haar minderjarig kind[minderjarige] (gemachtigde: [naam] ). Inleiding

  1. Opposante heeft tegen de beslissing van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (hierna: geopposeerde) van 26 februari 2024 (hierna: het bestreden besluit) beroep ingesteld. 1.
  2. Bij uitspraak van 29 maart 2024 (hierna: de bestreden uitspraak) heeft de rechtbank dat beroep ongegrond verklaard. 1.
  3. Opposante heeft op 7 mei 2024 tegen de bestreden uitspraak verzet ingesteld.
  4. De rechtbank heeft het verzet op 27 juni 2024 op zitting behandeld. Gemachtigde van opposante heeft aan de zitting deelgenomen. Geopposeerde is, met voorafgaand bericht, niet ter zitting verschenen. Beoordeling door de rechtbank Waar gaat deze zaak over?
  5. Opposante stelt te zijn geboren op [geboortedatum] 1996 en de Eritrese nationaliteit te hebben. Geopposeerde heeft de asielaanvraag van opposante niet in behandeling genomen, omdat Zwitserland verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling daarvan. Wat heeft de rechtbank in de bestreden uitspraak geoordeeld?
  6. De rechtbank heeft in de beroepszaak uitspraak gedaan zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) biedt die mogelijkheid als het eindoordeel buiten redelijke twijfel staat. De rechtbank heeft het beroep kennelijk ongegrond geacht. Reden daarvoor is dat opposante niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij bij overdracht aan Zwitserland een reëel risico zou lopen op een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM of artikel 4 van het Handvest. Verder is niet is gebleken dat de Zwitserse autoriteiten hun internationale verplichtingen jegens Dublinclaimanten niet nakomen of dat anderszins sprake is van structurele tekortkomingen in de asielprocedure of asielopvangsysteem in Zwitserland. Verweerder mocht daarom uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Zwitserland. Verweerder was niet gehouden zijn discretionaire bevoegdheid op grond van artikel 17, eerste lid, van de Dublinverordening te gebruiken. Wat vindt opposante in verzet?
  7. Opposante is het niet eens met de afdoening van de bestreden uitspraak en voert – kort gezegd – het volgende aan. De rechtbank mocht de bestreden uitspraak niet zonder zitting afdoen, gelet op verschillende omstandigheden. Opposante heeft niemand in Zwitserland die haar kan helpen en opvangen. In Zwitserland is aan opposante verteld dat ze geen recht meer heeft op een advocaat. Hoe ze in Zwitserland rechtshulp kan krijgen weet opposante niet. Zij wil worden herenigd met haar dochter die nog in Eritrea is. In Zwitserland is haar asielaanvraag afgewezen en moest zij verhuizen. Verder stelt opposante dat zij met haar minderjarige dochter tot een kwetsbare groep behoort. Uit het AIDA-rapport van mei 2023 volgt dat er in Zwitserland geen speciaal beleid voor kwetsbare personen is. Het VN-Mensenrechtencomité heeft ook een aanbeveling gedaan aan Zwitserland. Het is de vraag of opposante, gelet op het voorgaande, kan rekenen op een zorgvuldige behandeling van haar asielaanvraag. Er kan een gevaar ontstaan op schending van het refoulementverbod zoals bedoeld in artikel 3 van het EVRM en artikel 4 van het Handvest. Verweerder moet daarom toepassing geven aan artikel 17, eerste lid, van de Dublinverordening. Wat is het oordeel van de rechtbank?
  8. De rechtbank geeft opposante in deze zaak geen gelijk. Hieronder motiveert de rechtbank hoe en waarom zij tot dit oordeel is gekomen.
  9. De rechtbank beoordeelt in deze uitspraak eerst of in de bestreden uitspraak terecht is geoordeeld dat buiten redelijke twijfel is dat het beroep ongegrond kon worden verklaard zonder het houden van een zitting. Zij doet dit aan de hand van de gronden van het verzet. Indien opposante met gegronde redenen kan onderbouwen dat de rechtbank deze zaak niet zonder zitting als ongegrond had mogen afdoen, kan het verzet gegrond verklaard worden. Aan de inhoudelijke bespreking van beroepsronden gericht tegen het bestreden besluit van verweerder komt de rechtbank pas toe als het verzet gegrond is. 7.
  10. Naar het oordeel van de rechtbank is de rechtbank in haar bestreden uitspraak terecht overgegaan tot een vereenvoudigde behandeling. In verzet zijn geen gronden aangevoerd die meebrengen dat het oordeel bij de bestreden uitspraak – namelijk dat er over de uitkomst geen twijfel mogelijk is en er daarom geen zitting wordt gehouden – niet juist is. De rechtbank stelt vast dat wat opposante in haar verzetschrift aanvoert gelijk is aan wat zij al in beroep heeft aangedragen en dat zij geen nieuwe argumenten of omstandigheden heeft aangevoerd. Dat heeft de gemachtigde van opposante ook ter zitting bevestigd. Wat opposante opnieuw heeft aangevoerd leidt niet tot twijfel over de uitkomst bij de bestreden uitspraak. De verzetsgronden van opposante slagen daarom niet.
  11. Gelet op voorgaande, heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat – met toepassing van artikel 8:54 van de Awb – het beroep van opposante buiten redelijke twijfel ongegrond kon worden verklaard zonder het houden van een zitting. Conclusie en gevolgen
  12. De rechtbank geeft opposante geen gelijk. De rechtbank ziet geen aanleiding anders te oordelen dan in de bestreden uitspraak. Daarmee is het verzet ongegrond en blijft de bestreden uitspraak in stand. Opposante krijgt geen vergoeding van haar proceskosten. Beslissing De rechtbank verklaart het verzet ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Smeets, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. Robio, griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Met opposante wordt bedoeld de indiener van het verzetschrift. Uitspraak van de rechtbank Den Haag van 29 maart 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:
  13. Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Asylum Information Database. Artikel 8:54 van de Awb.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.