uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.7113 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. C.Z.A.M. Skanderova), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.C. van Ossenbruggen-Theodoulou). Inleiding Op 20 februari 2024 heeft de staatssecretaris eiser in vreemdelingenbewaring (bewaring) gesteld, op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). Eiser is het hier niet mee eens en heeft beroep ingesteld. Dit beroep wordt ook aangemerkt als een verzoek om schadevergoeding. De rechtbank heeft het beroep op 4 maart 2024 op zitting behandeld. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank of de bewaring van eiser rechtmatig is. Beoordeling door de rechtbank 1. Eiser heeft de Marokkaanse nationaliteit en is geboren op [1961] . De gronden van de maatregel van bewaring 2. In de maatregel van bewaring heeft de staatssecretaris overwogen dat de openbare orde de maatregel vordert, omdat het risico bestaat dat eiser zich aan het toezicht zal onttrekken en eiser de voorbereiding van het vertrek of de uitzettingsprocedure ontwijkt of belemmert. De staatssecretaris heeft, onder verwijzing naar artikel 5.1b, eerste, derde en vierde lid, van het Vreemdelingenbesluit (Vb), als zware gronden vermeld dat eiser: 3b. zich in strijd met de Vreemdelingenwetgeving gedurende enige tijd aan het toezicht op vreemdelingen heeft onttrokken; 3c. eerder een visum, besluit, kennisgeving of aanzegging heeft ontvangen waaruit de plicht Nederland te verlaten blijkt en hij daaraan niet uit eigen beweging binnen de daarin besloten of gestelde termijn gevolg heeft gegeven; en als lichte gronden vermeld dat eiser: 4a. zich niet aan een of meer andere voor hem geldende verplichtingen van hoofdstuk 4 van het Vb heeft gehouden; 4c. geen vaste woon- of verblijfplaats heeft; 4d. niet beschikt over voldoende middelen van bestaan. 3. De rechtbank stelt vast dat eiser de gronden niet heeft betwist. De rechtbank is van oordeel dat de gronden en de motivering daarvan de maatregel van bewaring kunnen dragen. Elektronische handtekening 4. Eiser betoogt dat niet duidelijk is of de maatregel van bewaring is voorzien van een rechtsgeldige elektronische handtekening. 5. De rechtbank heeft in het digitale dossier gecontroleerd of de maatregel van bewaring is voorzien van een rechtsgeldige elektronische handtekening en heeft vastgesteld dat dit het geval is. Zicht op uitzetting en voortvarendheid 6. Eiser voert aan dat er weliswaar een vlucht is gepland, maar dat de staatssecretaris niet inzichtelijk heeft gemaakt dat hij kan uitreizen naar Marokko met zijn verlopen paspoort en identiteitskaart. De informatie op de website van de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V)1 hierover is tegenstrijdig. Het is niet duidelijk of er in het geval van eiser toch een laisser-passer (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.