← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2025:14744

RECHTBANK DEN HAAG Team Jeugd- en Zorgrecht Zaak-/rekestnr.: C/09/686630 / FA RK 25-4330 Datum beschikking: 16 juni 2025 Afwijzing machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel Beschikking naar aanleiding van het op 12 juni 2025 door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van: [betrokkene] , hierna te noemen: betrokkene, geboren op [geboortedatum] 1977 te [geboorteplaats] , [geboorteland] , wonende te (onbekend), thans verblijvende in de accommodatie van [instelling] te [plaats] , advocaat: mr. Y. Polko te Den Haag. Procesverloop Bij verzoekschrift heeft de officier van justitie verzocht om voortzetting van de op 12 juni 2025 genomen crisismaatregel. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd: een afschrift van de beschikking van de burgemeester van de gemeente Delft tot het nemen van de crisismaatregel; een op 12 juni 2025 ondertekende medische verklaring van [naam 1] , psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was; - een afschrift van de politiemutaties; - een brief van de officier van justitie van 12 juni 2025, waaruit blijkt dat betrokkene geen justitiële documentatie heeft. De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 16 juni

  1. Daarbij zijn de volgende personen gehoord: - betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat; - de tolk in de Poolse taal, mevrouw Tomesen; - de psychiater, [naam 2] . Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord. Standpunten ter zitting Door en namens betrokkene is ter zitting naar voren gebracht dat betrokkene bereid is in een vrijwillig kader mee te werken aan de behandeling. De advocaat verzoekt daarom namens betrokkene om het verzoek af te wijzen. Door de psychiater is ter zitting naar voren gebracht dat betrokkene momenteel nog lorazepam toegediend krijgt ter behandeling van de onttrekkingsverschijnselen van alcohol. De lorazepam dient klinisch te worden afgebouwd. In een gesprek met de psychiater heeft betrokkene aangegeven bereid te zijn om in een vrijwillig kader langer in de accommodatie te blijven. De psychiater heeft er vertrouwen in dat een vrijwillig verblijf haalbaar is en vindt daarom een voortzetting van de crisismaatregel niet nodig. Beoordeling Uit het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene bereid is de behandeling in een vrijwillig kader voort te zetten. Op grond van artikel 2:1 van de Wvggz kan verplichte zorg alleen als uiterste middel worden overwogen, indien er geen mogelijkheden voor vrijwillige zorg meer zijn. De rechtbank stelt vast dat betrokkene voldoende bereidheid heeft getoond om de behandeling in een vrijwillig kader voort te zetten. De psychiater gaat er ook van uit dat de behandeling in een vrijwillig voort kan worden gezet. Gelet op het voorgaande is niet voldaan aan de criteria voor een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel. Het verzoek zal daarom worden afgewezen. Beslissing De rechtbank: wijst het verzoek af. Deze beschikking is gegeven door mr. M.J.L. van der Waals, rechter, bijgestaan door mr. A. Laverman als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 16 juni
  2. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 26 juni
  3. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.