Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige Kamer Rekestnummer: FA RK 24-2999 (echtscheiding), FA RK 24-7980 (verdeling) Zaaknummer: C/09/665282 (echtscheiding), C/09/675299 (verdeling) Datum beschikking: 31 juli 2025 Echtscheiding met nevenvoorzieningen Beschikking op het op 22 april 2024 ingekomen verzoek van: [de vrouw] , de vrouw, wonende op een bij de rechtbank bekend adres buiten Nederland, advocaat: mr. J.L. Küppers-van Duivenbooden te Breda. Als belanghebbende wordt aangemerkt: [de man] , de man, wonende op een bij de rechtbank bekend adres buiten Nederland, advocaat: mr. S.E. de Geus te Den Haag (voorheen: mr. J.L.P. Heuts). Procedure De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder: het verzoekschrift; het verweerschrift tevens zelfstandig verzoekschrift; - het verweer tegen het zelfstandig verzoek; - het F9-bericht van de vrouw van 2 september 2024, met bijlage; - het F9-bericht van de vrouw van 10 juni 2025, met bijlage; - het F9-bericht van de man van 30 juni 2025, met bijlagen. Op 3 juli 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vrouw, bijgestaan door haar advocaat; de man, bijgestaan door zijn advocaat. Feiten - Partijen zijn gehuwd op [datum] 1983 te [plaats] . - Partijen hebben beiden de Nederlandse nationaliteit. Verzoek en verweer Het verzoek, zoals dat na wijziging luidt, strekt tot echtscheiding, met nevenvoorzieningen tot: - vaststelling van door de man aan de vrouw te betalen partneralimentatie van € 5.000,- per maand, bij vooruitbetaling te voldoen, met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift tot echtscheiding; - vaststelling van de verdeling van de huwelijksgemeenschap, conform het voorstel van de vrouw, zoals opgenomen onder randnummer 5 t/m 12 van haar aanvullend verzoek; - veroordeling van de man om zijn medewerking te verlenen aan de verdeling van de gemeenschap van goederen, meer in het bijzonder de man te veroordelen om binnen twee weken na de datum van de beschikking de door de vrouw in het aanvullend verzoekschrift genoemde aanvullende stukken te overleggen op straffe van een dwangsom van € 500,- per dag voor iedere dag dat de man weigert de gevraagde stukken te overleggen; - veroordeling van de man tot verdeling dan wel verevening van het ten tijde van het huwelijk opgebouwde pensioen, op straffe van een dwangsom van € 500,- per dag voor iedere dag dat de man na de ingangsdatum van het pensioen niet overgaat tot verdeling/verevening; een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad en kosten rechtens. De man voert – met uitzondering van het verzoek tot echtscheiding – verweer tegen de verzoeken van de vrouw, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Bovendien heeft de man zelfstandig verzocht om de echtscheiding, met nevenvoorzieningen tot: - vaststelling van de verdeling van de huwelijksgemeenschap, conform het voorstel van de man, zoals opgenomen onder randnummer 8 t/m 22 van zijn verweerschrift, tevens zelfstandig verzoek; - bepaling dat de vrouw in het kader van de verdeling verplicht is om aan de man een bedrag te betalen van de helft van het verschil in waardes van de auto’s en bankrekeningen van partijen, binnen een maand na de betekening van de beschikking; een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad. De vrouw voert verweer tegen de verzochte verdeling, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Beoordeling Echtscheiding Rechtsmacht en toepasselijk recht Nu beide echtgenoten de Nederlandse nationaliteit hebben, komt de Nederlandse rechter met betrekking tot het verzoek tot echtscheiding rechtsmacht toe. De rechtbank zal krachtens artikel 10:56, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek Nederlands recht op het verzoek tot echtscheiding toepassen. Inhoudelijke beoordeling Beide partijen stellen dat het huwelijk duurzaam is ontwricht, zodat de daarop steunende, over en weer gedane verzoeken tot echtscheiding als op de wet gegrond kunnen worden toegewezen. De rechtbank zal dienovereenkomstig beslissen. Nevenvoorzieningen De man en de vrouw hebben in de loop van de zitting (die daartoe ook geschorst is geweest) overeenstemming bereikt over hun geschillen ten aanzien van de verdeling van de huwelijksgemeenschap en de overige in deze procedure opgeworpen kwesties. Deze overeenstemming is vervolgens vastgelegd in een tijdens de zitting door de rechtbank in overleg met partijen opgestelde vaststellingsovereenkomst. Zowel de man als de vrouw hebben deze vaststellingsovereenkomst op de zitting ondertekend. Partijen hebben de rechtbank vervolgens eensluidend verzocht om de vaststellingsovereenkomst in de beschikking op te nemen. Het oorspronkelijke meer of anders verzochte in deze procedure, met uitzondering van hun verzoeken tot echtscheiding, hebben de vrouw en de man op de zitting ingetrokken, zodat de rechtbank op die verzoeken niet meer hoeft te beslissen. De rechtbank zal de vaststellingsovereenkomst in de beschikking opnemen, zoals verzocht. De vaststellingsovereenkomst zal daartoe aan deze beschikking worden gehecht. Beslissing De rechtbank: spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, gehuwd op [datum] 1983 te [plaats] ; bepaalt dat de tussen de man en de vrouw gemaakte afspraken, zoals neergelegd in de (in kopie) aan deze beschikking gehechte vaststellingsovereenkomst, deel uitmaken van deze beschikking, en verklaart deze bepaling uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. A.M. van der Vliet, rechter, bijgestaan door mr. S.B. Boekema als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 31 juli 2025.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.