Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige kamer Rekestnummer: FA RK 22-4947 Zaaknummer: C/09/633114 Datum beschikking: 23 december 2025 Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken Beschikking op het op 28 juli 2022 ingekomen verzoek van: [de moeder] , de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. G.A. Nandoe Tewarie te Leiden. Als belanghebbende wordt aangemerkt: [de vader] , de vader, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. L. Rijsdam te Leiden. Procedure Bij beschikking van 19 november 2024 van deze rechtbank is een beslissing over de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken aangehouden tot het einde van de op dat moment geldende ondertoezichtstelling en de machtiging uithuisplaatsing. De rechtbank heeft opnieuw kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook: - het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming van 19 november 2025; - het F9-formulier van 20 november 2025 van de zijde van de moeder, inhoudende een aanvullend verzoek. Op 25 november 2025 is de behandeling op de zitting voortgezet. Hierbij zijn verschenen: de moeder, bijgestaan door haar advocaat; de vader, bijgestaan door zijn advocaat; [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad). De minderjarige [de minderjarige] heeft zich in raadkamer uitgelaten over het verzoek. Beoordeling De rechtbank handhaaft al hetgeen bij genoemde beschikking is overwogen en beslist, voor zover in deze beschikking niet anders wordt overwogen en beslist. Uit de stukken en hetgeen op de zitting is besproken is de rechtbank het volgende gebleken. Bij beschikking van 4 november 2025 is de ondertoezichtstelling verlengd. Tijdens de mondelinge behandeling van het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling op 4 november 2025 is namens de moeder een mondeling verzoek tot uitbreiding van de zorgregeling ingediend. De moeder heeft de rechtbank toen primair verzocht te bepalen dat [de minderjarige] bij de moeder zal zijn iedere zaterdag van 10.00 uur tot 17.00 uur dan wel subsidiair te bepalen dat [de minderjarige] bij de moeder zal zijn eenmaal per twee weken van zaterdag 10.00 uur tot 17.00 alsmede zondag van 10.00 uur tot 13.00 uur. Naar aanleiding van dit verzoek heeft de rechtbank in de voornoemde beschikking bepaald dat de voorlopige zorgregeling wordt uitgebreid, in die zin dat [de minderjarige] voorlopig contact zal hebben met de moeder eens in de twee weken op zaterdag van 10.00 uur tot 18.00 uur, waarbij de vader [de minderjarige] brengt en ophaalt. Tevens heeft de kinderrechter een bijzondere curator benoemd, die (onder meer) onderzoek zal doen naar het contact tussen [de minderjarige] en de moeder en de mogelijkheden tot verdere uitbreiding daarvan. In de onderhavige procedure heeft de moeder tevens een aanvullend verzoek tot uitbreiding van de zorgregeling ingediend, welk verzoek gelijk luidt aan het voornoemde mondelinge verzoek dat door de moeder is gedaan in de procedure over de verlenging van de ondertoezichtstelling. Op de zitting is het aanvullende verzoek van de moeder opnieuw besproken met de ouders. De vader heeft aangegeven het niet eens te zijn met het verzoek van de moeder en wijst in dat verband op de grote weerstand die [de minderjarige] ervaart tegen het contact met de moeder, waarover de vader zich zorgen maakt. De vader stelt dat de voorlopige zorgregeling niet had moeten worden uitgebreid en wenst terug te gaan naar de regeling zoals die was, waarbij [de minderjarige] eens per twee weken op zaterdag van 10.00 uur tot 13.00 uur bij de moeder was. De vader heeft voorts aangegeven dat, indien de uitbreiding van de zorgregeling in stand blijft, de uitbreiding stapsgewijs zou moeten plaatsvinden. Ook de Raad heeft zich door middel van een aanvullend raadsrapport en op de zitting uitgelaten over de uitbreiding van de zorgregeling. De Raad ziet geen contra-indicaties voor uitbreiding en uit het raadsrapport blijkt dat ook de gecertificeerde instelling meent dat het in het belang van [de minderjarige] is om het contact tussen [de minderjarige] en de moeder uit te breiden in uren. In hetgeen in de stukken en op de zitting door de ouders en de Raad is aangevoerd, ziet de rechtbank geen reden om af te wijken van hetgeen over de uitbreiding van de voorlopige zorgregeling is bepaald bij beschikking van 4 november
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.