← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2025:27537

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: AWB 26/8663 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. S. Karkache) en de minister van Asiel en Migratie, verweerder (gemachtigde: mr. J.M. Sanchez Rhemrev). Procesverloop Bij besluit van 11 april 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan eiser een terugkeerbesluit opgelegd. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. De rechtbank heeft het beroep op 18 december 2025 op zitting behandeld. De partijen hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen

  1. Tegen eiser is op 11 april 2025 een terugkeerbesluit uitgevaardigd.
  2. In het bestreden besluit is door verweerder gemotiveerd waarom eiser niet voldoet aan de voorwaarden voor rechtmatig verblijf: Eiser is niet in het bezit van een geldig paspoort, de vrije termijn van een eerder aan eiser verstrekt visum is verstreken en eiser beschikt over onvoldoende middelen van bestaan.
  3. Eiser stelt te zijn geboren op [geboortedag] 1999 en de Marokkaanse nationaliteit te bezitten. Hij heeft hiervan geen documenten overgelegd. Gesteld noch gebleken is dat eiser beschikt over een verblijfsvergunning in Nederland of Europa. Evenmin is er een aanvraagprocedure voor een verblijfsvergunning of een toetsing van een Europees verblijfsrecht.
  4. Eiser is gehoord op het voornemen om tegen hem vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf een terugkeerbesluit uit te vaardigen. Hij is daarbij gewezen op de gevolgen van een terugkeerbesluit, alsmede op de mogelijkheid om zich te laten bijstaan door een advocaat. De verklaringen die eiser vervolgens tijdens dit gehoor heeft afgelegd bieden geen aanknopingspunten voor het aannemen van een rechtmatig verblijf in Nederland of Europa. Eiser wordt niet gevolgd in zijn standpunt dat hij onvoldoende de gelegenheid heeft gekregen om zijn zienswijze naar voren te brengen. Eiser is hier namelijk uitdrukkelijk naar gevraagd voorafgaand aan het uitvaardigen van het terugkeerbesluit. Voor zover eiser in beroep stelt dat onvoldoende onderzoek is gedaan naar een mogelijk rechtmatig verblijf als Europese onderdaan, heeft eiser ook in beroep nagelaten om onderbouwd feiten te stellen die een dergelijk rechtmatig verblijf aannemelijk kunnen maken.
  5. Verweerder heeft terecht aan eiser een terugkeerbesluit uitgevaardigd. Het beroep is ongegrond.
  6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 18 december 2025 door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. Chakur, griffier, en het proces-verbaal van de uitspraak is geanonimiseerd gepubliceerd op www.rechtspraak.nl. Afschrift verzonden aan partijen op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen één weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.