← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2025:27973

RECHTBANK Den Haag Team Handel Zaaknummer: C/09/666391 / HA ZA 24-430 Vonnis van 12 maart 2025 in de zaak van [eiseres] B.V., te [woonplaats 1] , eiseres, advocaat: mr. C. Fledderus, te Den Haag, tegen 1ROCEL NEDERLAND B.V., te Abcoude, gedaagde, advocaat: mr. E.J.A.A. van Dal,

  1. [gedaagde sub 2] handelend onder de naam [handelsnaam] , te [woonplaats 2] , gedaagde, advocaat: mr. E.H. Verweij. Partijen worden hierna aangeduid als [eiseres] , Rocel en [handelsnaam] . 1Procesverloop 1.
  2. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding met producties; het herstelexploot van 4 juni 2024; de conclusie van antwoord van Rocel, met productie; de conclusie van antwoord van [handelsnaam] ; het tussenvonnis van 30 oktober 2024 waarbij de mondelinge behandeling is bevolen; een nadere productie en videobeelden van [eiseres] . 1.
  3. Bij vonnis in incident van 28 augustus 2024 is het verzoek van Rocel om [handelsnaam] in vrijwaring op te roepen toegestaan. Rocel is niet tot oproeping van [handelsnaam] in vrijwaring overgegaan. 1.
  4. De mondelinge behandeling is gehouden op 21 januari
  5. Bij de zitting waren (vertegenwoordigers van) partijen en hun advocaten aanwezig. Tijdens de mondelinge behandeling hebben partijen met hun advocaten de standpunten toegelicht en vragen van de rechtbank beantwoord. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat tijdens de mondelinge behandeling is besproken. 1.
  6. De vonnisdatum is bepaald op vandaag. 2De feiten 2.
  7. [eiseres] exploiteert een onderneming die zich bezig houdt met de productie en verkoop (aan de groothandel) van bitterballen en kroketten. 2.
  8. [eiseres] heeft Rocel – producent en leverancier van aluminium- en kunststof kozijnen – opdracht gegeven kozijnen in haar bedrijfspand te vervangen. Rocel heeft de kozijnen geleverd en de montagewerkzaamheden uitbesteed aan [handelsnaam] . 2.
  9. Op 22 augustus 2023 is tijdens de werkzaamheden van [handelsnaam] een ruit (bovenlicht) gebroken, waardoor er glas in de expeditieruimte van [eiseres] viel. In die ruimte stonden lege stalen verrijdbare korven, die bestemd waren voor het koken van vlees in bouillon. Een medewerker van [handelsnaam] heeft een aantal glasscherven opgepakt en glas met blik en veger opgeruimd, waarna Hessels, de eigenaar van [handelsnaam] , de vloer met een hogedrukspuit heeft schoongespoten. 2.
  10. [eiseres] heeft Rocel en [handelsnaam] kort daarna meegedeeld dat er glas is aangetroffen in haar productieproces en hen aansprakelijk gesteld voor geleden schade. (De verzekeraars van) Rocel en [handelsnaam] hebben aansprakelijkheid van de hand gewezen. 2.
  11. In een door Rocel overgelegd expertiserapport van Lengkeek van 20 september 2023 – opgesteld in opdracht van de verzekeraar van Rocel – is voor zover hier van belang vermeld: “Bij het loswrikken van het kozijn, is het bovenlicht gebarsten en is een stuk van de ruit in de ruimte gevallen. (…) In de expeditieruimte hangt een camera en tegenpartij heeft een filmpje overgelegd met beelden waarop de werkzaamheden te zien zijn. (…) Op het filmpje is te zien, dat het stuk ruit op de grond onder de stalen korven terechtkomt. De medewerker van [handelsnaam] die binnen staat, verschuift de achterste twee korven en de slanghaspel om vervolgens de grootste glassplinters met de hand op te rapen. Aan de muur hangt een hogedrukspuit en nadat de andere medewerker met een veger en blik eveneens glasresten heeft opgeveegd, wordt de vloer verder met de hogedrukspuit onder de stalen korven schoon gespoten. Hierbij is nog zichtbaar dat een grotere glassplinter met het water naar buiten wordt gespoten. (…) Volgens tegenpartij werden de stalen korven later op de dag gevuld met diepgevroren vlees. Deze korven met vlees werden in grote bouillonketels gehangen, waar het vlees gekookt werd. Hierna werden de korven met gekookt vlees weer uit de bouillon gehaald, waarna het vlees in de snijmachine klein gesneden werd. Na afloop van het snijproces werd het vlees weer bij de bouillon gevoegd. Achteraf werd in de snijmachine, tussen de messen, een stuk glas aangetroffen. Hierop is direct een zoekactie begonnen waar het glas vandaan zou kunnen zijn gekomen en waar het in het productieproces terecht was gekomen. De medewerkers van [handelsnaam] werden bevraagd of bij de uitvoering van hun werkzaamheden glas gebroken was. Volgens tegenpartij werd dat toen door de medewerkers ontkend. Omdat het type glas vergelijkbaar was met het glas dat zich in de oude kozijnen had bevonden, werden de beelden bekeken van de camera in de expeditie ruimte, waar die ochtend de werkzaamheden hadden plaatsgevonden, bekeken en daarop was te zien dat er wel degelijk glas gebroken was bij de uitvoering van de werkzaamheden. (…) Uw verzekerde noch de medewerkers van [handelsnaam] wisten waarvoor de stalen korven gebruikt werden in de ruimte waar het kozijn vervangen werd. Van tegenpartij begrepen wij dat zij de stalen korven na elke productieronde reinigen, ontvetten en desinfecteren, waarna zij schoon in de expeditie ruimte geplaatst worden. Voordat de korven gevuld worden met vlees, worden de korven, behalve een globale optische controle, niet aan een nadere inspectie onderworpen. (…)” 3Het geschil 3.
  12. [eiseres] vordert dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: voor recht verklaart dat Rocel en [handelsnaam] hoofdelijk aansprakelijk zijn jegens [eiseres] voor het veroorzaken van de door haar geleden schade; Rocel en [handelsnaam] hoofdelijk veroordeelt tot betaling van € 25.389,- althans een in goede justitie te bepalen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 22 augustus 2023 althans de dag der dagvaarding tot die der voldoening en € 1.244,- aan buitengerechtelijke kosten; - Rocel en [handelsnaam] hoofdelijk veroordeelt tot betaling van de (na)kosten. 3.
  13. Aan de vordering ligt (samengevat) het volgende ten grondslag. Doordat [handelsnaam] het glas met een hogedrukspuit aan de kant heeft gespoten, is het glas in het productieproces van [eiseres] terecht gekomen. Daardoor moest [eiseres] de dagproductie – acht batches met (nagenoeg) gereed product – afkeuren, waardoor zij schade heeft geleden. Die schade is begroot op € 25.389,-. Zowel Rocel als [handelsnaam] zijn voor die schade aansprakelijk. [handelsnaam] heeft een onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW) gepleegd. Het met een hogedrukspuit laten rondvliegen van glas in een ruimte waar voedsel wordt bereid en [eiseres] hierover niet in te lichten, is onzorgvuldig. Rocel is aansprakelijk voor de gedragingen van [handelsnaam] op grond van de artikelen 7:751 juncto 6:76 BW en 6:171 BW. 3.
  14. Rocel en [handelsnaam] voeren verweer en concluderen tot afwijzing van de vorderingen. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling 4.
  15. De rechtbank zal eerst de vordering van [eiseres] jegens [handelsnaam] bespreken. De toedracht 4.
  16. Partijen zijn het niet eens over de toedracht. Volgens [eiseres] is er op de dag van de glasbreuk een stuk glas in de snijmachine aangetroffen. Dat glas moet volgens [eiseres] door het opruimen van glas in de expeditieruimte met een hogedrukspuit terecht zijn gekomen in één van de korven waarin later (in een andere ruimte) het vlees is gekookt alvorens het werd gesneden. [handelsnaam] stelt dat niet is aangetoond dat op die wijze glas in het productieproces terecht is gekomen. Ook als wordt uitgegaan van de toedracht zoals die door [eiseres] is geschetst, leidt dat niet tot de conclusie dat [handelsnaam] aansprakelijk is. De rechtbank overweegt daartoe het volgende. Aansprakelijkheid [handelsnaam] 4.
  17. De kern van het geschil is of [handelsnaam] onrechtmatig ten opzichte van [eiseres] heeft gehandeld. 4.
  18. [eiseres] stelt dat, toetsend aan de kelderluikcriteria, het evident is dat het laten rondvliegen van glassplinters in een ruimte waar ook voedsel wordt bereid dermate onzorgvuldig is, dat dit gevaarzettend gedrag is waarvan [handelsnaam] zich had behoren te onthouden. Door het glas niet met stoffer en blik op te ruimen en door na te laten de medewerkers van [eiseres] over de glasbreuk in te lichten, heeft [handelsnaam] een gevaar voor de zaken van [eiseres] in het leven geroepen, dat zich heeft verwezenlijkt. [handelsnaam] betwist gemotiveerd dat zij onrechtmatig heeft gehandeld. 4.
  19. In het Kelderluikarrest heeft de Hoge Raad uitgemaakt dat alleen in het licht van de omstandigheden van het geval kan worden beoordeeld of en in hoeverre iemand die een situatie in het leven roept welke voor anderen bij niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid gevaarlijk is, de eis kan worden gesteld dat hij rekening houdt met de mogelijkheid dat die oplettendheid en voorzichtigheid niet zullen worden betracht en met het oog daarop bepaalde veiligheidsmaatregelen treft. Daarbij dient niet alleen te worden gelet op de mate van waarschijnlijkheid waarmee de niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid kan worden verwacht, maar ook op de hoegrootheid van de kans dat daaruit ongevallen ontstaan, op de ernst die de gevolgen daarvan kunnen hebben, en op de mate van bezwaarlijkheid van te nemen veiligheidsmaatregelen. 4.
  20. Tussen partijen staat vast dat [handelsnaam] niet was verteld dat de korven in de ruimte waarin de ruit sneuvelde, waren bestemd voor het bereiden van voedsel. Door [eiseres] is tijdens het onderzoek door Lengkeek meegedeeld dat de korven na elke productieronde worden gereinigd en gedesinfecteerd en schoon in de expeditieruimte worden geplaatst. Dat [eiseres] de korven na desinfectie onafgedekt en onbeschermd in een ruimte plaatst waar [handelsnaam] werkzaamheden verricht en waar mensen in- en uitlopen (op het door [eiseres] ter zitting getoonde filmpje is te zien dat ook anderen dan medewerkers van [handelsnaam] die ruimte in- en uitlopen; bijvoorbeeld de leverancier van champignons) en dat [eiseres] de korven vervolgens zonder voldoende grondige inspectie voor het bewerken van voedsel gebruikt, is zodanig onzorgvuldig dat het voor haar rekening en risico komt als daarbij iets misgaat. Overigens heeft [eiseres] een foto overgelegd van het stuk glas dat zij in de snijmachine stelt te hebben aangetroffen (als productie 5 bij dagvaarding) en op die foto is te zien dat het niet gaat om een glassplinter, maar om een stuk glas dat ook bij een globale optische controle van de korven zichtbaar zou moeten zijn geweest. 4.
  21. [eiseres] stelt in deze procedure dat het laten ‘rondvliegen van glassplinters in een ruimte waar ook voedsel wordt bereid’ gevaarzettend gedrag oplevert. De rechtbank overweegt dat van een fabrikant van voedsel in het algemeen een hoge mate van voorzichtigheid, zorgvuldigheid en hygiëne bij de bewerking van voedsel mag worden verwacht. Het is in de eerste plaats aan de fabrikant om voldoende maatregelen te treffen om op een veilige manier voedsel te produceren (zoals in dit geval bijvoorbeeld het afdekken van de korven na desinfectie of deze plaatsen in een afgesloten ruimte). In dit geval wist [handelsnaam] niet dat de korven bestemd waren voor het bereiden van voedsel. Bovendien was de ruimte waar ‘de glassplinters rondvlogen’ – anders dan [eiseres] stelt – niet een ruimte waar het voedsel werd bereid. Het koken en snijden gebeurde in andere ruimtes. [handelsnaam] kon niet weten en hoefde er ook geen rekening mee te houden dat [eiseres] voedsel zou bereiden in korven die na desinfectie onafgedekt in een ruimte stonden die voor derden (zoals [handelsnaam] en leveranciers) toegankelijk was. Dat een fabrikant bij het bereiden van voedsel op deze wijze te werk gaat, is niet zo waarschijnlijk dat [handelsnaam] daarop bedacht had moeten zijn. Conclusie 4.
  22. Onder deze omstandigheden kan niet worden gezegd dat het aan [handelsnaam] was om veiligheidsmaatregelen te treffen na de glasbreuk. Het zou van fatsoen hebben getuigd om – zeker toen [eiseres] daarnaar vroeg – mee te delen dat er een ruit was gebroken, maar gelet op wat onder 4.6 en 4.7 is vermeld, kan niet worden gezegd dat [handelsnaam] door dit na te laten onrechtmatig jegens [eiseres] heeft gehandeld en daarmee aansprakelijk is voor de schade die [eiseres] stelt te hebben geleden. Het voorgaande betekent dat de vorderingen jegens [handelsnaam] en Rocel niet toewijsbaar zijn. Proceskosten 4.
  23. [eiseres] wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de (na)kosten. De kosten worden aan de zijde van Rocel tot op heden begroot op € 4.639,- (€ 2.889,- aan griffierecht, € 1.572,- aan salaris advocaat – uitgaande van 2 punten en tarief III (€ 786,- per punt) – en € 178,- aan nakosten, plus de kosten van betekening). De kosten aan de zijde van [handelsnaam] worden tot op heden begroot op € 3.075,- (€ 1.325,- aan griffierecht, € 1.572,- aan salaris advocaat en € 178,- aan nakosten, plus de kosten van betekening). Er is door Rocel en [handelsnaam] geen rente gevorderd over de proceskosten. 5De beslissing De rechtbank 5.
  24. wijst de vorderingen af; 5.
  25. veroordeelt [eiseres] in de proceskosten aan de zijde van Rocel en [handelsnaam] en begroot deze op een bedrag van € 4.639,- voor Rocel en € 3.075,- voor [handelsnaam] , aan hen te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als het vonnis moet worden betekend, dan moet [eiseres] per gedaagde partij nog € 92 extra aan nakosten betalen, plus de kosten van betekening; 5.
  26. verklaart dit vonnis wat betreft de veroordeling onder 5.2 uitvoerbaar bij voorraad. Deze beslissing is gegeven door mr. P.M. de Keuning en in het openbaar uitgesproken op 12 maart
  27. Hoge Raad 5 november 1965, ECLI:NL:HR:1965:AB7079 (Kelderluik)

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.