← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2026:2681

Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige Kamer Rekestnummer: FA RK 23-5472 Zaaknummer: C/09/651479 Datum beschikking: 13 januari 2026 Verklaring voor recht Beschikking op het op 19 juni 2023 ingekomen verzoekschrift van: [verzoeker] , verzoeker, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat: mr. S. Karami in Amsterdam. Als belanghebbende wordt aangemerkt: de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage, zetelend in ’s-Gravenhage, hierna: de ambtenaar. Procedure De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder: het verzoekschrift, met bijlagen; het gewijzigd c.q. aanvullend verzoekschrift, met bijlagen; het bericht van 20 september 2023 van verzoeker, met bijlagen; het bericht van 26 oktober 2023 van verzoeker, met bijlage; het bericht van 28 november 203 van de ambtenaar; het bericht van 4 februari 2024 van verzoeker, met bijlage; het bericht van 15 februari 2024 van verzoeker, met bijlage; het bericht van 21 maart 2024 van de ambtenaar; het bericht van 2 mei 2024 van verzoeker, met bijlagen; het bericht van 18 juli 2024 van de ambtenaar; het bericht van 23 januari 2025 van verzoeker, met bijlage; het bericht van 7 april 2025 van verzoeker, met bijlagen; het bericht van 6 juni 2025 van de ambtenaar; het bericht van 20 oktober 2025 van verzoeker, met bijlage. Op 4 november 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: verzoeker bijgestaan door mr. A. Azauiyat als waarnemend advocaat en een tolk; [naam 1] en [naam 2] namens de ambtenaar. Na de zitting heeft de rechtbank ontvangen: het bericht van 17 november 2025 van verzoeker, waarin hij zijn verzoek wijzigt; het bericht van 1 december 2025 van de ambtenaar. Feiten Verzoeker is geboren op [geboortedatum 1] 1958 in [geboorteplaats 1] , Tunesië. Verzoeker heeft de Nederlandse nationaliteit. Verzoeker is de vader van de volgende jongmeerderjarige kinderen: [de jongmeerderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2006 in [geboorteplaats 2] ; [de jongmeerderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 3] 2007 in [geboorteplaats 2] . Verzoek en verweer Verzoeker verzoekt, zoals het verzoek na wijziging na de zitting luidt, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: voor recht te verklaren dat de Tunesische geboorteakte van verzoeker van 14 december 2023, waarin zijn geslachtsnaam staat vermeld, overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt en naar zijn aard voor opneming in een register van de burgerlijke stand vatbaar is; de ambtenaar te gelasten een toevoeging van een latere vermelding van de Tunesische geboorteakte van verzoeker van 14 december 2023 in de Nederlandse registers van de burgerlijke stand te plaatsen, met als gevolg dat [verzoeker] wordt aangepast naar [verzoeker] ; althans een zodanige beslissing te nemen als de rechtbank juist acht. De ambtenaar voert verweer, dat hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Beoordeling Op de zitting is met (de advocaat van) verzoeker en de ambtenaar besproken dat toewijzing van het initiële verzoek van verzoeker om voor recht te verklaren dat de uitspraak van de rechtbank in Tunis, Tunesië van 26 oktober 2006 door een bevoegde instantie is opgemaakt en naar zijn aard voor opneming in de registers van de burgerlijke stand vatbaar is, niet kan leiden tot het door verzoeker beoogde rechtsgevolg te weten dat zijn geslachtsnaam wordt gecorrigeerd. Vervolgens is besproken hoe de wens van verzoeker om zijn geslachtsnaam ook in Nederland te corrigeren van [verzoeker] naar [verzoeker] wel bewerkstelligd kan worden. Verzoeker heeft zijn verzoek na de zitting dienovereenkomstig gewijzigd. De ambtenaar gaat ervan uit dat verzoeker thans verzoekt om een verklaring voor recht af te geven dat de op 14 december 2023 afgegeven en van een apostille voorziene geboorteakte van verzoeker overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt en naar zijn aard vatbaar is voor opname in de registers van de burgerlijke stand en om een last tot inschrijving van voornoemde voor recht verklaarde geboorteakte. Indien deze aanname van de ambtenaar juist is, heeft de ambtenaar geen bezwaar tegen toewijzing van de verzoeken van verzoeker. De rechtbank overweegt als volgt. Artikel 1:26 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt dat een ieder die daarbij een gerechtvaardigd belang heeft, de rechtbank kan verzoeken een verklaring voor recht af te geven dat een op hem betrekking hebbende, buiten Nederland opgemaakt akte of gedane uitspraak overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt of gedaan en naar zijn aard vatbaar is voor opneming in een Nederlands register van de burgerlijke stand. Gelet op de stukken en de standpunten van verzoeker en de ambtenaar, komt de rechtbank tot het oordeel dat de op 14 december 2023 afgegeven en van een apostille voorziene geboorteakte van verzoeker vatbaar is voor inschrijving in het register van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage, omdat deze conform de plaatselijke voorschriften en door een bevoegde instantie is opgemaakt. Daarom zal de rechtbank de door verzoeker verzochte verklaring voor recht afgeven en op grond van artikel 1:26b BW gelasten dat de op 14 december 2023 afgegeven en van een apostille voorziene geboorteakte van verzoeker in het register van geboorten van de burgerlijke stand wordt opgenomen. De rechtbank zal aldus beslissen en het meer of anders verzochte afwijzen. Beslissing De rechtbank: verklaart voor recht dat de Tunesische geboorteakte van verzoeker (extrait des registres de l’etat civil naissance, copie intégrale de l’acte), nummer [nummer] van het jaar 1958, voorkomend in het register van geboorten van de gemeente [plaats] , provincie [provincie] , Tunesië, relaterend de geboorte van verzoeker, waarvan een kopie aan deze beschikking is gehecht, overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt en naar zijn aard vatbaar is voor opneming in een Nederlands register van de burgerlijke stand; gelast de inschrijving in het register van geboorten van de gemeente ’s-Gravenhage van voornoemde akte; wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is gegeven door mr. C.L. Strop, rechter, in tegenwoordigheid van mr. S. Sluijmer als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 13 januari 2026.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.