ECLI:NL:RBDHA:2026:4419
Rechtbank DEN HAAG Enkelvoudige Kamer Rekestnummer: FA RK 25-9028 Zaaknummer: C/09/695370 Datum beschikking: 3 februari 2026 Voornaamswijziging Beschikking op het op 20 november 2025 ingekomen verzoekschrift van: [verzoekster] , verzoekster, wonende op een bij de rechtbank bekend adres buiten Nederland, advocaat: mr. C. Simmelink in Maarssen, gemeente Stichtse Vecht.
Procedure De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift, met bijlagen.
Feiten Verzoekster is geboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats] .
Verzoekster heeft de Nederlandse nationaliteit.
Verzoek Verzoekster verzoekt haar voornaam te wijzigen in [voornaam] .
Beoordeling Rechtsmacht en toepasselijk recht Volgens de Registratie Niet Ingezeten is verzoekster sinds 15 maart 2006 geëmigreerd naar een onbekend land. Uit het verzoekschrift blijkt dat verzoekster in het Verenigd Koninkrijk woont. Verzoekster heeft wel de Nederlandse nationaliteit. De rechtbank acht het verzoek daarom voldoende met de Nederlandse rechtssfeer verbonden, zodat de Nederlandse rechter op grond van artikel 3 aanhef en onder c van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering rechtsmacht heeft om te beslissen op het verzoek tot voornaamswijziging.
Op grond van artikel 10:20 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is Nederlands recht van toepassing op het verzoek.
Voornaamswijziging De rechtbank stelt voorop dat een voornaamswijziging – indien toegewezen – eerst tot stand komt doordat van de beschikking waarbij de voornaamswijziging is gelast een latere vermelding aan de geboorteakte wordt toegevoegd.
Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende gebleken van een zwaarwichtig belang bij toewijzing van het verzoek tot voornaamswijziging. De gevraagde voornaam is geoorloofd naar de maatstaven van artikel 1:4 tweede lid BW. De rechtbank zal het verzoek daarom toewijzen.
Beslissing De rechtbank: gelast de wijziging van de voornaam van verzoekster, in die zin dat de voornaam zal luiden: “ [voornaam] ”.
Deze beschikking is gegeven door mr. G. van Zeben-de Vries, rechter, in tegenwoordigheid van mr. S. Sluijmer als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 3 februari 2026.