RECHTBANK DORDRECHT Sector civiel recht zaaknummers: 80706 / FA RK 09-7786 en 80707 / FA RK 09-7787 beschikking van de enkelvoudige kamer van 17 februari 2010 in de zaak van [verzoeker], wonende te [postcode] Dordrecht, [adres], advocaat mr. J.P.M. Castelein, kantoorhoudende te Dordrecht, tegen [verweerster], wonende te [postcode] Vlaardingen, [adres], advocaat mr. E. Hartog, kantoorhoudende te Dordrecht. Partijen worden hieronder aangeduid als de man respectievelijk de vrouw.
- Het procesverloop 1.
- De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende processtukken: - het verzoekschrift van de man, met bijlagen, ingekomen ter griffie op 27 april 2009; - de brief, met bijlagen, van mr. J.P.M. Castelein, ingekomen ter griffie op 3 juni
- 1.
- De mondelinge behandeling van deze zaak heeft plaatsgevonden op de terechtzitting met gesloten deuren van 10 september
- 1.
- Ter terechtzitting zijn verschenen: - de advocaat van de man; - de advocaat van de vrouw. 1.
- Tijdens de mondelinge behandeling hebben de advocaten van partijen verklaard dat er overleg tussen partijen is geweest en dat zij namens partijen bezig zijn een ouderschapsplan op te stellen. 1.
- Na de mondelinge behandeling heeft de rechtbank nog kennisgenomen van de volgende processtukken; - de brief, met het door beide partijen ondertekende ouderschapsplan, van de advocaat van de man, ingekomen ter griffie op 30 december 2009; - het faxbericht van de advocaat van de vrouw, ingekomen ter griffie op 7 januari
- 1.
- Bij brief, ingekomen ter griffie op 30 december 2009, en bij faxbericht, ingekomen ter griffie op 7 januari 2010, hebben de advocaten van partijen verzocht overeenkomstig het overgelegde ouderschapsplan te beschikken. Uit praktische overweging zal de rechtbank dit verzoek lezen als het verzoek de inhoud van de onderling getroffen regeling van het ouderschapsplan in de beschikking op te nemen.
- De vaststaande feiten Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, alsmede op grond van de producties, voor zover niet betwist, staat het volgende tussen partijen vast. 2.
- Partijen hebben enkele jaren een affectieve relatie gehad. 2.
- Tijdens die relatie is uit de vrouw geboren de thans nog minderjarige [minderjarige] [naam kind] op 01 augustus 2000 te Dordrecht. 2.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 23 november 2005 is de vordering tot ontkenning vaderschap van Patrick Joseph Doherty toegewezen. 2.
- Het kind is op 29 maart 2006 door de man erkend. Het kind verblijft thans bij de man.
- Het verzoek 3.
- Het verzoek 3.1.
- De man heeft verzocht te bepalen dat partijen het gezamenlijk gezag over [minderjarige] zullen uitoefenen en tevens verzocht te bepalen dat de hoofdverblijfplaats van [minderjarige] bij de man zal zijn. Voorts heeft hij een ouderschapsplan overgelegd.
- De beoordeling 4.
- Het door beide partijen ondertekende ouderschapsplan 4.1.
- Uit het door beide partijen ondertekende ouderschapsplan blijkt dat partijen de minderjarige [minderjarige] -gelet op zijn leeftijd (9 jaar oud)- niet bij de totstandkoming van dit ouderschapsplan hebben betrokken. 4.1.
- Nu de onderling getroffen regeling (grotendeels) overeenkomt met de reeds langer bestaande feitelijke situatie, de moeder haar werkelijke verblijfplaats thans in Engeland heeft, en gelet op de met ongeregeldheden gepaarde voorgeschiedenis van partijen, acht de rechtbank zich voldoende geïnformeerd om in het belang van de het kind te kunnen beslissen en de zaak op de stukken te kunnen afdoen. 4.
- Het ouderlijk gezag 4.2.
- Het verzoek van de man te bepalen dat partijen gezamenlijk het ouderlijk gezag zullen uitoefenen over het minderjarige kind van partijen zal -als onweersproken- worden toegewezen, en wordt in het belang van de minderjarige geacht. 4.
- De hoofdverblijfplaats 4.3.
- Het verzoek van de man te bepalen dat de minderjarige hoofdverblijfplaats zal hebben bij hem zal als onweersproken worden toegewezen en wordt in het belang van die minderjarige geacht. 4.
- Het ouderschapsplan 4.4.
- De rechtbank zal de inhoud van het gesloten ouderschapsplan in deze beschikking opnemen. De rechtbank hecht een gewaarmerkt afschrift van dit ouderschapsplan aan deze beschikking, welk ouderschapsplan als hier ingelast dient te worden beschouwd.
- De beslissing De rechtbank 5.
- bepaalt, uitvoerbaar bij voorraad, dat de man samen met de vrouw met het ouderlijk gezag over de minderjarige [minderjarige] [naam kind], geboren op 01 augustus 2000 te Dordrecht, zal worden belast; 5.
- bepaalt, uitvoerbaar bij voorraad, dat de hoofdverblijfplaats van de voornoemde minderjarige bij de man zal zijn; 5.
- neemt de inhoud van het ouderschapsplan op en hecht een gewaarmerkt afschrift van dit ouderschapsplan aan; 5.
- verklaart de inhoud van het ouderschapsplan voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. A. Eerdhuijzen, rechter tevens kinderrechter, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van woensdag 17 februari 2010.