← Nederland

ECLI:NL:RBDOR:2011:BQ7153

RECHTBANK DORDRECHT Sector strafrecht parketnummer: 11/710798-09 [Promis] vonnis van de meervoudige kamer d.d. 17 mei 2011 in de strafzaak tegen [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [1975], wonende te [adres en woonplaats], hierna: verdachte. Raadsman mr. M.R. Dill, advocaat te Hendrik-Ido-Ambacht. 1 Onderzoek van de zaak De zaak is inhoudelijk behandeld op de terechtzitting van 3 mei 2011, waarbij de officier van justitie mr. J. Spaans, de verdachte en zijn raadsman hun standpunten kenbaar hebben gemaakt. 2 De tenlastelegging De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: in de periode van 1 mei 2005 tot en met 30 april 2008 te Alblasserdam ontucht heeft gepleegd met zijn minderjarige kinderen, [slachtoffer 1], [slachtoffer 2], [slachtoffer 3] en [slachtoffer 4]. 3 De voorvragen De dagvaarding voldoet aan alle wettelijke eisen en is dus geldig. De rechtbank is bevoegd van het tenlastegelegde kennis te nemen. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. 4 De beoordeling van het bewijs 4.1 Het standpunt van de officier van justitie Mr. J. Spaans acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de tenlastegelegde handelingen heeft gepleegd en heeft daartoe het volgende gesteld. Er is namens de Stichting Gereformeerde Jeugdzorg aangifte gedaan en er is een vermoeden van seksueel misbruik ontstaan naar aanleiding van uitspraken door de kinderen van verdachte tegen hun afzonderlijke pleegouders en het gedrag dat zij bij de pleegouders vertoonden. Een tijd later heeft de pleegmoeder van [slachtoffer 1], [pleegmoeder slachtoffer 1], verklaard dat [slachtoffer 1] tegen haar heeft verteld dat hij heeft gelogen en dat zijn geheim, betreffende het seksueel misbruik door verdachte, niet waar was. Bovendien is er een deskundigenrapport opgesteld door mw. Vink, waarin zij oordeelt dat de kans dat er geen seksueel misbruik heeft plaatsgevonden groter is dan de kans dat het wel heeft plaatsgevonden. De officier van justitie heeft gevorderd verdachte vrij te spreken. 4.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging is van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen en sluit zich aan bij het requisitoir van de officier van justitie. De verdediging heeft ernstige twijfels aan de inhoud van de verklaringen van de kinderen van verdachte en de verklaringen van de pleegouders, omdat deze van horen zeggen zijn. Bovendien wijst de verdediging op de conclusies in het rapport van de deskundige mw. Vink, dat ook door de officier van justitie is aangehaald. Op basis van het voorgaande dient verdachte volgens de verdediging te worden vrijgesproken. 4.3 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank stelt het volgende vast. Alle vier de kinderen, genoemd in de tenlastelegging zijn door de politie gehoord in zogenaamde studioverhoren. De bij die gelegenheid afgelegde verklaring van dochter [slachtoffer 2] is ten aanzien van eventuele ontuchtige handelingen van verdachte naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende concreet en op onderdelen innerlijk tegenstrijdig. [slachtoffer 1] heeft weliswaar een voor verdachte in grote lijnen belastende verklaring afgelegd, maar is daar bij monde van zijn pleegmoeder weer op teruggekomen. De andere twee kinderen hebben bij hun verhoor niet verklaard over ontuchtige handelingen van hun vader. De verklaringen van de pleegmoeders, die hun informatie hebben verkregen uit het zelf bevragen van de kinderen en mogelijk - zo valt althans niet uit te sluiten - deels ook uit hun onderlinge contacten, vinden onvoldoende steun in de (studio-)verhoren van de kinderen. Verdachte heeft de vermeende ontucht met zijn kinderen altijd ontkend. Gelet op dit alles heeft de rechtbank niet de overtuiging gekregen dat verdachte de hem ten laste gelegde feiten heeft begaan. De rechtbank zal hem daarvan vrijspreken. 5 De beslissing De rechtbank: - verklaart niet bewezen wat aan verdachte ten laste is gelegd en spreekt de verdachte daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door mr. L.C. van Walree voorzitter, mr. G.J. Schiffers-Hanssen, mr. A.M.G. van de Kragt, rechters, in tegenwoordigheid van L. Koppenaal, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 mei 2011. BIJLAGE I: De tenlastelegging 1. hij op een of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 mei 2005 tot en met 30 april 2008 te Alblasserdam meermalen, althans eenmaal, (telkens) ontucht heeft gepleegd met zijn minderjarig(e) kind(eren), - [slachtoffer 1], geboren op [1999] en/of - [slachtoffer 2], geboren op [2001] en/of - [slachtoffer 3], geboren op [2002] en/of - [slachtoffer 4], geboren op [2003], bestaande die ontucht hierin dat hij, verdachte, meermalen, althans eenmaal, - de schaamstreek en/of vagina en/of penis en/of hals/nek en/of schouders en/of buik en/of billen van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft betast en/of bevoeld en/of gestreeld en/of gelikt en/of - die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 3] heeft getongzoend en/of op het lichaam (nek en/of hals en/of buik) en/of in het gezicht van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] heeft gezoend en/of - de onderbroek van die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] heeft laten uittrekken en/of - op het lichaam van die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] is gaan en/of blijven liggen en/of - met zijn, verdachtes (stijve) penis "rijdende bewegingen" tegen het lichaam (billen en/of schaamstreek en/of vagina) en/of in/in de richting het gezicht van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft gemaakt, althans zijn, verdachtes, (stijve) penis tegen het lichaam (billen en/of schaamstreek en/of vagina) en/of in/in de richting van het gezicht van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft geduwd en/of gebracht - zijn, verdachtes, (stijve) penis door die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft laten vastpakken en/of betasten, en/of - zich met zijn, verdachtes, (stijve) penis in de onmiddellijke nabijheid van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft begeven en/of - die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft gedwongen om naar zijn, verdachtes, (stijve) penis te kijken, althans zijn, verdachtes, (stijve) penis aan die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft getoond en/of - die [slachtoffer 1] (aan) zijn, verdachtes, penis heeft laten likken en/of zuigen; Parketnummer: 11/710798-09 Vonnis d.d. 17 mei 2011

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.