RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Arnhem Parketnummer : 05/700889-12 Datum zitting : 17 mei 2013 Datum uitspraak : 31 mei 2013 TEGENSPRAAK Vonnis van de meervoudige kamer in de zaak van de officier van justitie in het arrondissement Oost-Nederland tegen naam : [verdachte] geboren op : [geboortedag] te [geboorteplaats] adres : [adres] plaats : [woonplaats 1]. 1De inhoud van de tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat: 1. hij op of omstreeks 25 mei 2012 te Valburg, gemeente Overbetuwe, opzettelijk de eerbaarheid heeft geschonden door zich op of aan een plaats, voor het openbaar verkeer bestemd, te weten De Vang, met ontbloot geslachtsdeel te bevinden; 2. Primair hij op of omstreeks 20 mei 2012 te Elst, gemeente Overbetuwe, [slachtoffer], geboortedatum [geboortedatum2], van wie verdachte wist of moest redelijkerwijs had moeten vermoeden dat zij de leeftijd van zestien jaar nog niet had bereikt, met ontuchtig oogmerk heeft bewogen getuige te zijn van seksuele handelingen, immers heeft verdachte de aandacht van die [slachtoffer] getrokken en vervolgens die [slachtoffer] opzettelijk zijn, verdachtes, penis getoond en masturberende bewegingen gemaakt; althans, indien het vorenstaande onder 2 niet tot een veroordeling leidt: Subsidiair hij op of omstreeks 20 mei 2012 te Elst, gemeente Overbetuwe, opzettelijk de eerbaarheid heeft geschonden door zich op of aan een plaats, voor het openbaar verkeer bestemd, te weten Kloosterstraat, met ontbloot geslachtsdeel te bevinden en daarbij te masturberen. 2Het onderzoek ter terechtzitting De zaak is op 17 mei 2013 ter terechtzitting onderzocht. Daarbij is verdachte verschenen. Als officier van justitie is mr. T. Henniphof verschenen. Verdachte heeft het woord ter verdediging gevoerd. 3. De beslissing inzake het bewijs Ten aanzien van feit 1 Nu verdachte het bewezen verklaarde duidelijk en ondubbelzinnig heeft bekend en voorts geen vrijspraak is bepleit, is er sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering. Daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen: het proces-verbaal van aangifte door [naam], d.d. 25 mei 2012, pag. 3 e.v.; de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 17 mei 2013. Conclusie De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het hem onder feit 1 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat: hij op 25 mei 2012 te Valburg, gemeente Overbetuwe, opzettelijk de eerbaarheid heeft geschonden door zich op een plaats, voor het openbaar verkeer bestemd, te weten De Vang, met ontbloot geslachtsdeel te bevinden. Ten aanzien van feit 2 Nu verdachte het primair bewezen verklaarde duidelijk en ondubbelzinnig heeft bekend en voorts geen vrijspraak is bepleit, is er sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering. Daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen: het proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer], d.d. 1 juni 2012, pag. 6 e.v.; de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 17 mei 2013. De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het hem onder feit 2 primair ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat: hij op 20 mei 2012 te Elst, gemeente Overbetuwe, [slachtoffer], geboortedatum [geboortedatum2], van wie verdachte wist of moest redelijkerwijs had moeten vermoeden dat zij de leeftijd van zestien jaar nog niet had bereikt, met ontuchtig oogmerk heeft bewogen getuige te zijn van seksuele handelingen, immers heeft verdachte de aandacht van die [slachtoffer] getrokken en vervolgens die [slachtoffer] opzettelijk zijn, verdachtes, penis getoond en masturberende bewegingen gemaakt. Ten overvloede overweegt de rechtbank dat is voldaan aan artikel 167a van het Wetboek van Strafvordering aangezien, behalve uit het feit dat de minderjarige aangeefster over het voorval met haar ouders heeft gesproken, ook uit haar verklaring ten overstaan van de politie genoegzaam blijkt dat de confrontatie met verdachte belastend voor haar is geweest. In redelijkheid heeft de officier van justitie hieruit mogen begrijpen dat zij hecht aan strafvervolging van de verdachte en hoefde niet nader of anders aan het vereiste van het horen van deze minderjarige te worden voldaan. Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad. Hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. De beslissing dat verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Voor zover meer feiten bewezen zijn verklaard, worden de bewijsmiddelen alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarop deze betrekking hebben. 4De kwalificatie van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op: Ten aanzien van feit 1: schennis van de eerbaarheid op of aan een plaats, voor het openbaar verkeer bestemd Ten aanzien van de feiten 2: een persoon van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt met ontuchtig oogmerk ertoe bewegen getuige te zijn van seksuele handelingen De feiten zijn strafbaar. 5De strafbaarheid van verdachte Niet is gebleken van feiten of omstandigheden die de strafbaarheid van verdachte geheel uitsluiten. Verdachte is dus strafbaar. 6De motivering van de sanctie(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.