RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Arnhem Promis II Parketnummer : 05/740049-14 Datum zitting : 07 oktober 2014 Datum uitspraak : 21 oktober 2014 TEGENSPRAAK Vonnis van de meervoudige kamer in de zaak van de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland tegen naam : [verdachte] geboren op :[geboortedatum] te [geboorteplaats] adres :[adres] plaats : [woonplaats] raadsman : mr. B.J. Driessen, advocaat te Nijmegen. 1De inhoud van de tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat: Primair hij in of omstreeks de periode van 27 maart 2012 tot en met 28 maart 2012 te Millingen aan de Rijn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] van het leven te beroven, met dat opzet een vacuümslang/remslang (verbindt de motor met de rembekrachtiging) van het remsysteem van de personenauto van die [slachtoffer 1] heeft verwijderd en/of een vacuümslag/remslang op een ongebruikelijke plaats heeft geklemd/geplaatst en/of een vacuümslang/remslang heeft ingesneden over een lengte van circa 3 centimeter, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt: Subsidiair hij in of omstreeks de periode van 27 maart 2012 tot en met 28 maart 2012 te Millingen aan de Rijn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een persoon genaamd [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2], opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet een vacuümslang/remslang (verbindt de motor met de rembekrachtiging) van het remsysteem van de personenauto van die [slachtoffer 1] heeft verwijderd en/of een vacuümslag/remslang op een ongebruikelijke plaats heeft geklemd/geplaatst en/of een vacuümslang/remslang heeft ingesneden over een lengte van circa 3 centimeter, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid. 2Het onderzoek ter terechtzitting De zaak is op 07 oktober 2014 ter terechtzitting onderzocht. Daarbij is verdachte verschenen. Verdachte is bijgestaan door mr. B.J. Driessen, advocaat te Nijmegen. Als benadeelde partij heeft zich schriftelijk in het geding gevoegd en is ter terechtzitting verschenen: [slachtoffer 1], bijgestaan door mr. A.R. Mes en een medewerkster van Slachtofferhulp. De officier van justitie, mr. A.E. Postma, heeft gerekwireerd tot vrijspraak. Verdachte en zijn raadsman hebben het woord ter verdediging gevoerd en gepleit tot vrijspraak. 3De beslissing Na onderzoek aan de auto van aangeefster [slachtoffer 1] is vastgesteld dat de remvoorziening van het voertuig niet meer werkte. De slang die aan de rembekrachtiger bevestigd hoort te zijn, was los. De monteur die de auto heeft onderzocht, heeft verklaard dat de slang onmogelijk uit zichzelf los heeft kunnen gaan. Het vermoeden is ontstaan dat de slang door een persoon los gemaakt moet zijn. Vast staat dat de remmen van de auto van aangeefster bewust onklaar zijn gemaakt. De rechtbank is echter van oordeel dat op grond van het opsporingsdossier niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat het verdachte is geweest die de remmen heeft gesaboteerd. De rechtbank zal verdachte vrijspreken. De rechtbank: Spreekt verdachte vrij van het tenlastegelegde feit. Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk in de vordering, nu er geen straf of maatregel is opgelegd. Aldus gewezen door: mr. M.G.J. Post (voorzitter), mr. L.C.P. Goossens en mr. J. Barrau, rechters, in tegenwoordigheid van E. Terlouw-Boeijink, griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 21 oktober 2014.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.