vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaaknummer / rolnummer: C/05/262329 / HA ZA 14-196 Vonnis van 3 december 2014 in de zaak van 1 [eiser], wonende te Nijmegen, 2. [eiser], wonende te Nijmegen, 3. [eiser] wonende te Nijmegen, 4.[eiser] wonende te Nijmegen, eisers, advocaat mr. W.J.B.M. Alkemade te Nijmegen, tegen de publiekrechtelijke rechtspersoon GEMEENTE NIJMEGEN, zetelend te Nijmegen, gedaagde, advocaten mr. R.D. Boesveld en mr. S.A.J. van der Horst te Haarlem. Partijen zullen hierna [eiser] c.s. (in mannelijk enkelvoud) en de Gemeente genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 9 juli 2014; de brief van 29 september 2014 met producties van de zijde van [eiser] c.s.; het proces-verbaal van comparitie van 22 oktober 2014. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. [eiser] en zijn echtgenote, [eiser], wonen te Nijmegen aan de [adres]; [eiser]en zijn echtgenote, [eiser] wonen aan de[adres] . [eiser] c.s. heeft het plan opgevat om een ‘woongroep’ op te richten en is sinds medio 2007 op zoek naar een geschikte locatie. [eiser] c.s. heeft zich daarbij laten adviseren door een notaris. 2.2. [eiser] c.s. is omstreeks september 2009 door een makelaar gewezen op het perceel[adres] [eiser] c.s. heeft na bezichtiging van het perceel een eerste schetsontwerp van de op te richten woning aan de Gemeente toegezonden en heeft in dat kader overleg gevoerd met de Commissie Beeldkwaliteit van de Gemeente. 2.3. De door [eiser] c.s. ingeschakelde architect,[naam], heeft op 19 januari 2010 per e-mail, onder meer, het volgende aan [eiser] c.s. geschreven. (…) Ik heb onze contactpersoon bij de gemeente gebeld en jullie vraag voorgelegd. Zoals ik al dacht kon hij daar ook niet direct een antwoord opgeven. Hij heeft geadviseerd die vraag voor te leggen via het mailadres: bestemmingsplaninfo@nijmegen.nl In het bestemmingsplan heb ik nog even gekeken en daar staan definities genoemd: “een gebouw ten behoeve van het wonen” is: een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van (het huishouden van) personen, al dan niet in gezinsverband, waaronder ook begrepen kamerbewoning. Onder de bestemmingscategorie I-WO staat dat op de gronden zijn bestemd voor de oprichting van bebouwing ten behoeve van het wonen (vrijstaande woningen). Op deze gronden zijn toegestaan: - gebouwen - bouwwerken geen gebouwen zijnde - werken als groenvoorzieningen, tuinen, erven en verhardingen Ik heb het bestemmingsplan toegevoegd als bijlage. Ik heb de relevante onderdelen van het bestemmingsplan gescand en toegevoegd als bijlage. Dus je moet de vraag die je mij in mail hebt gesteld voorleggen aan de gemeente en in ieder geval vragen om een snelle reactie i.v.m. de hypotheek. Volgens mij kunnen jullie nu beter zelf actie ondernemen, omdat dat waarschijnlijk sneller gaat. (…) 2.4. [eiser] c.s. heeft op 20 januari 2010 een e-mail gezonden aan de afdeling Bestemmingsplaninfo van de Gemeente. In de e-mail staat, voor zover van belang, het volgende. (…) We hebben van onze architect het bovengenoemde emailadres doorgekregen. We willen graag een reactie van u over het volgende; We zijn met twee gezinnen bezig met de aankoop van het [adres] te Nijmegen. We willen op het kavel één huis bouwen wat door twee gezinnen bewoond gaat worden (geen splitsing van het kavel). De juridische constructie die we toe willen passen is het zogenoemde “appartement recht”. Van de notaris hebben we begrepen dat de gemeente met deze constructie akkoord moet gaan. Deze juridische constructie heeft veel invloed op de snelheid waarmee we de hypotheek (financiering) kunnen regelen. Voor ons is het belangrijk snel uitsluitsel (bij voorkeur nog deze week) te krijgen of we deze appartement constructie toe kunnen passen, dus of de gemeente daarmee akkoord gaat. (…) 2.5. Namens de afdeling Bestemmingsplaninfo heeft mevrouw[naam], administratief juridisch assistente bij Bureau Bouwrecht en Beleid van de Gemeente, op 21 januari 2010 per e-mail gereageerd. (…) De gemeente Nijmegen hoeft alleen maar aan te geven of de door u gewenste constructie in het bestemmingsplan past. Bijgevoegd treft u de begripsbepaling aan van wonen. Deze definitie laat splitsing in appartementsrechten toe. (…) 2.6. [eiser] c.s. heeft op 23 januari 2010 de koopovereenkomst met betrekking tot de onroerende zaak, staande en gelegen aan de [adres] te Nijmegen ondertekend. In de koopovereenkomst zijn, voor zover van belang, ontbindende voorwaarden terzake de financiering en (bodem-)verontreiniging opgenomen. De onroerende zaak is op 28 april 2010 (notarieel) geleverd aan [eiser] c.s. 2.7. Op 18 mei 2010 heeft de architect van[eiser] c.s. een e-mail aan mevrouw[naam], als juriste werkzaam bij de Gemeente, verzonden. In die e-mail staat onder meer het volgende. (…) Volgens afspraak van hedenochtend stuur ik u de mail door die ik van mijn opdrachtgevers heb ontvangen. Mijn opdrachtgevers hebben begin januari zelf contact gezocht met de gemeente Nijmegen met de vraag of een villa bewoond door twee gezinnen mogelijk zou zijn. Op 21 januari hebben ze daar een positieve reactie opgekregen, middels onderstaande mail van mevrouw [naam] van de gemeente Nijmegen. (…) Inmiddels hebben de opdrachtgevers op basis van de toezeggingen de bestaande woning gekocht. (…) 2.8. Mevrouw [naam] heeft op 19 mei 2010 per e-mail gereageerd. (…) Na overleg met [naam] en [naam]is besloten dat er geen strijdigheid meer is ten aanzien van het gebruik. (…) 2.9. Op 11 januari 2011 heeft de Gemeente een reguliere bouwvergunning fase 1 aan [eiser] c.s. verleend. 2.10. Omwonenden van het perceel [adres] te Nijmegen hebben bezwaar gemaakt tegen de verleende bouwvergunning fase 1. Op 22 maart 2011 heeft een hoorzitting in het kader van de bezwarenbehandeling plaatsgevonden. 2.11. De Gemeente heeft bij beslissing op bezwaar van 7 juli 2011 de bezwaren gegrond verklaard, het bestreden besluit herroepen en de bouwvergunning alsnog geweigerd. 2.12. [eiser] c.s. heeft bij de rechtbank Arnhem beroep ingesteld. Bij uitspraak van 26 juni 2012 heeft de rechtbank onder meer geoordeeld dat de Gemeente de bouwvergunning heeft mogen weigeren. Daartoe heeft de rechtbank onder meer overwogen: (…) Het perceel heeft de bestemming “Woondoeleinden (WO)”. Gronden welke op de kaart zijn aangewezen voor “Woondoeleinden (WO)” zijn in het bestemmingsplan bestemd voor de oprichting van bebouwing ten behoeve van het wonen (vrijstaande woningen). Eisers betogen dat het bouwplan ziet op bebouwing ten behoeve van het wonen. In artikel 1 van de planvoorschriften van het bestemmingsplan, in samenhang gelezen, wordt onder bebouwing immers begrepen een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van (het huishouden van) personen, al dan niet in gezinsverband, waaronder ook begrepen kamerbewoning. De woning die met het bouwplan wordt beoogd, voldoet daaraan, aldus eisers. De rechtbank is evenwel met verweerder van oordeel dat ook aan de tussen haakjes gestelde term vrijstaande woningen betekenis toekomt. De rechtbank legt de planvoorschriften ter zake zo uit dat op de bestemming “Woondoeleinden (WO)” alleen vrijstaande woningen ten behoeve van het wonen mogen worden opgericht. Daarbij betrekt de rechtbank dat het bestemmingsplan bij alle bestemmingen steeds specifiek omschrijft welke woningen mogelijk zijn en daar de termen vrijstaande woningen, twee-onder-één-kap woningen en appartementen hanteert. Met verweerder is de rechtbank van oordeel dat het bouwplan niet in een vrijstaande woning voorziet. Het betreft weliswaar een vrijstaand gebouw met één ingang, doch feitelijk beoogd gebruik is twee woningen onder één dak. Het bouwplan voorziet in twee afzonderlijke wooneenheden, met alle bijbehorende voorzieningen, in één gebouw. Dat wordt in het normale spraakgebruik, dat doorslaggevend is, nu geen definitie van vrijstaande woning in het bestemmingsplan is opgenomen, niet als een vrijstaande woning gezien. Daaronder wordt verstaan een vrijstaand gebouw, gebruikt voor bewoning door één gezin. De rechtbank is dan ook van oordeel dat verweerder de bouwvergunning in bezwaar terecht heeft geweigerd wegens strijd met het bestemmingsplan. Eisers hebben voorts betoogd dat aanleiding bestaat voor verweerder om van het bestemmingsplan af te wijken. Verweerder heeft gesteld dat niet te doen. Ter plaatse is het beleid van verweerder conserverend (…) Alhoewel met eisers dient te worden vastgesteld dat het bouwplan niet in een significant omvangrijkere bebouwing voorziet dan thans ter plaatse aanwezig is en ook bestemd, heeft verweerder, gelet op zijn ruime beoordelingsmarge, in redelijkheid de intensivering van het gebruik, ertoe strekkende dat het perceel door twee gezinnen wordt gebruikt en bewoond, aan het besluit tot weigering van het bestemmingsplan af te wijken, ten grondslag kunnen leggen. Op basis daarvan heeft verweerder medewerking aan het bouwplan aldus in redelijkheid kunnen weigeren. (…) 2.13. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 22 mei 2013 de aangevallen uitspraak bevestigd. 2.14. Bij brief van 18 juni 2013 heeft de Gemeente, onder meer, het volgende aan[eiser] c.s. geschreven. (…) De gemeenteraad heeft op 17 april jl. het bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud-Kwakkenberg (gewijzigd) vastgesteld. Op deze avond heeft het college toegezegd nogmaals naar uw situatie te kijken waarbij de uitspraak (in hoger beroep) van de Raad van State een belangrijk aanknopingspunt zou zijn. De uitspraak van de Raad van State van 22 mei 2013 geeft echter geen aanleiding om alsnog af te wijken van het recent vastgestelde bestemmingsplan. In het bestemmingsplan is het perceel[adres] bestemd als Wonen-1. Binnen de bestemming zijn (vrijstaande) eengezinswoningen toegestaan. Een eengezinswoning is volgens de definitiebepalingen van het bestemmingsplan: “een woning die bedoeld is voor bewoning door een persoon en zijn/haar gezin”. Omdat uw bouwplan voor het perceel voorzien in de bouw van een villa met twee afzonderlijke wooneenheden, past het bouwplan niet in het bestemmingsplan. (…) 2.15. Bij brief van 22 juli 2013 heeft [eiser] c.s. de Gemeente aansprakelijk gesteld voor de door hem geleden schade. 3De vordering en het verweer 3.1. [eiser] c.s. vordert dat de rechtbank, uitvoerbaar bij voorraad, 1. voor recht zal verklaren dat de Gemeente met het verstrekken van onjuiste, althans onvolledige, informatie over de mogelijkheden die het bestemmingsplan “Kwakkenberg 1994” aan [eiser] c.s. bood, onrechtmatig jegens [eiser] c.s. heeft gehandeld; 2. de Gemeente zal veroordelen om aan [eiser] c.s. te voldoen de schade nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet; 3. de Gemeente zal veroordelen in de proceskosten. 3.2. [eiser] c.s. legt, samengevat, aan zijn vorderingen ten grondslag dat de Gemeente onrechtmatig jegens hem heeft gehandeld. De onrechtmatige gedraging bestaat daaruit dat de Gemeente op vragen daartoe van [eiser] c.s. informatie heeft verstrekt, die, naar achteraf (nadat een bestuursrechtelijke rechtsgang is gevolgd) is gebleken, onjuist is, terwijl daardoor bij[eiser] c.s. ten onrechte het gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat de door hem gekozen opzet (splitsing in appartementsrechten) paste binnen het bestemmingsplan en dat hij zijn daarop gebaseerde bouwplan zou kunnen realiseren, en dat de voor dit bouwplan aan te vragen bouwvergunning niet vanwege het aspect van de appartementenopzet zou worden geweigerd wegens strijd met het bestemmingsplan. Naar aanleiding van die op 21 januari 2010 verstrekte informatie heeft [eiser] c.s. besloten tot de koop van het perceel [adres] te Nijmegen. Dat hij gerechtvaardigd op de (juistheid van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.