← Nederland

ECLI:NL:RBGEL:2015:5996

RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Arnhem Parketnummer : 05/136136-14, 05/162467-14, 05/257427-14, 05/009524-15, 05/024735-15 en 05/740225-15 Datum uitspraak : 24 september 2015 Tegenspraak vonnis van de meervoudige kamer in de zaak van de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland tegen [verdachte] geboren op [geboortedatum 1] 1990 te [geboorteplaats] , wonende te [adres 1] , [woonplaats 1] , raadsman: J.F. Schouwenaar, advocaat te Velp. Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 9 maart 2015 (politierechter) en 10 september 2015. 1De inhoud van de tenlastelegging Aan verdachte is onder parketnummer 05/136136-14 ten laste gelegd dat: 1. hij op of omstreeks 23 juni 2014 te Velp, gemeente Rheden [slachtoffer 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 1] meermalen, althans eenmaal dreigend de woorden toegevoegd :"Ik maak je af", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking; 2. hij op of omstreeks 23 juni 2014 te Velp, gemeente Rheden opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 1] ), meermalen, althans eenmaal (met kracht) aan/bij de arm heeft vastgepakt/vastgegrepen en/of die [slachtoffer 1] (met kracht)aan haar haren heeft getrokken, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden; 3. hij op of omstreeks 23 juni 2014 te Velp, gemeente Rheden opzettelijk en wederrechtelijk een (mobiele)telefoon, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt; Aan verdachte is onder parketnummer 05/162467-14 ten laste gelegd dat: 1. hij op of omstreeks 18 april 2014 te Arnhem opzettelijk mishandelend zijn levensgezel, althans een persoon, te weten [slachtoffer 1] , meermalen, althans eenmaal, bij/ aan de arm(

  1. en)heeft gepakt en/of (vervolgens) (van de trap) heeft gewuwd en/of getrokken en/of een lowkick heeft gegeven, althans heeft geschopt en/of getrapt en/of (met een handdoek) in/op/tegen de schouder(
  2. s)en/of het gezicht en/of een/de hand(
  3. en)heeft gestompt en/of geslagen en/of bij de keel heeft vastgepakt en/of -gegrepen, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden; 2. hij op of omstreeks 18 april 2014 te Arnhem opzettelijk (een) ambtena(a)r(en), te weten [slachtoffer 2] (brigadier Politie Gelderland-Midden) en/of [slachtoffer 3] (aspirant Politie Gelderland-Midden), gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefingen van zijn/haar/hun bediening, in diens/dier tegenwoordigheid mondeling heeft toegevoegd de woorden "kankerlijer(s)" en/of "klootzak(ken)" en/of "motherfucker(s)" , althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking; Aan verdachte is onder parketnummer 05/009524-15 ten laste gelegd dat: hij, op een of meer tijdstip(pen), op of omstreeks 15 januari 2015 in de gemeente Nijmegen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen - een creme (nivea), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Albert Heijn ( [straat] ) en/of - drie doosjes medicijnen (Advil) en/of en/of twee opladers, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Kruidvat ( [straat] ), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte; Aan verdachte is onder parketnummer 05/257427-14 ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 27 oktober 2014 te Nijmegen met het oogmerk om zich en/of (een) ander(
  4. en)wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 4] , werkzaam bij de fietsenstalling van de gemeente Nijmegen, op of aan de Bisschop Hamerstraat, heeft bewogen tot de afgifte van een damesfiets, merk Gazelle, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid die [slachtoffer 4] medegedeeld dat hij, verdachte zijn fietssleutel was verloren en dat hij, verdachte nu zijn fiets kwam ophalen en/of (vervolgens) heeft hij, verdachte, een damesfiets, merk Gazelle, meegenomen, als ware hij, verdachte de eigenaar van die fiets, waardoor [slachtoffer 4] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt: hij op of omstreeks 27 oktober 2014 te Nijmegen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een damesfiets, merk Gazelle, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte; Aan verdachte is onder parketnummer 05/024735-15, na een door de rechtbank toegewezen vordering wijziging tenlastelegging, ten laste gelegd dat: 1. hij op of omstreeks 7 februari 2015 te Nijmegen zich met geweld en/of bedreiging met geweld, heeft verzet tegen een of meer ambtenaren, [slachtoffer 6] (brigadier politie Eenheid Oost-Nederland) en/of [slachtoffer 7] (hoofdagent politie Eenheid Oost-Nederland), werkzaam in de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, door zijn armen in tegengestelde richting te bewegen en/of te schoppen in de richting van die [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] en/of zijn hoofd in de richting te bewegen (een kopstoot in de richting) van die [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] ; 2. hij op of omstreeks 7 februari 2015 te Nijmegen opzettelijk beledigend (een) ambtena(a)r(en), [slachtoffer 6] (brigadier politie Eenheid Oost-Nederland) en/of [slachtoffer 7] (hoofdagent politie Eenheid Oost-Nederland), gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, in zijn/haar/hun tegenwoordigheid, mondeling opzettelijk heeft toegevoegd de woorden "stelletje kankerlijers" en/of "kankermongolen" en/of "kankerhonden", althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking; Aan verdachte is onder parketnummer 05/740225-15 ten laste gelegd dat: hij op of omstreeks 24 april 2015 te Arnhem zijn levensgezel, althans een persoon, [slachtoffer 1] heeft mishandeld door: - meerdere malen, althans éénmaal (met de vuist) op/tegen het lichaam te slaan/stompen en/of - meerdere malen, althans éénmaal (met geschoeide voet) op/tegen het/de (onder)be(e)n(
  5. en)en/of de (rechter) heup, althans het lichaam, te schoppen en/of - meerdere malen, althans éénmaal met een (broeks)riem op/tegen de rug, althans het lichaam te slaan en/of - een bed (waar deze [slachtoffer 1] onder lag) meerdere malen, althans éénmaal op te tillen en vervolgens weer los te laten en/of - bij/aan de enkel(s), althans aan het lichaam vast te pakken en/of - ( vervolgens) (liggend over de grond) in een richting te trekken en/of te duwen 2Overwegingen ten aanzien van het bewijs Ten aanzien van parketnummer 05/136136-14 : Ten aanzien van feit 1: Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot een bewezenverklaring van dit feit gelet op de bewijsmiddelen in het dossier. Het standpunt van de verdediging Door de verdediging is geen verweer gevoerd ten aanzien van dit feit. Beoordeling door de rechtbank Getuige [getuige] (die het voorval van feit 2 heeft gezien) heeft verklaard dat hij op 23 juni 2014 in Velp zag dat een man en vrouw erge ruzie met elkaar hadden. Ze waren aan het schreeuwen en aan het duwen en trekken aan elkaar. [getuige] hoorde de man een paar keer tegen de vrouw zeggen: “Ik maak je af”. Aangeefster [slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte inderdaad tegen haar heeft gezegd: “Ik maak je af”. De rechtbank acht gelet op het vorenstaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte [slachtoffer 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht. Ten aanzien van feit 2: Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot een bewezenverklaring van dit feit gelet op de bewijsmiddelen in het dossier. Het standpunt van de verdediging Verdachte heeft verklaard dat er over en weer wat is geduwd en getrokken. Beoordeling door de rechtbank Aangeefster [slachtoffer 1] heeft verklaard dat verdachte haar op 23 juni 2014 in Velp met kracht bij haar arm heeft gepakt. Ze had daar nog een oude wond zitten die door het vastpakken weer open was gegaan. Ze zag dat het bloedde. Hij pakte haar met een hand vast bij haar haren en trok er met kracht aan. Ze voelde pijn. Hij heeft haar meerdere keren stevig bij haar bovenarm gepakt. Daar zit nu ook een blauwe plek die ze daarvoor nog niet had. Getuige [getuige] heeft verklaard dat hij zag dat een man en vrouw bij een lichtblauwe Peugeot erge ruzie met elkaar hadden. Ze waren aan het duwen en trekken aan elkaar. Er ontstond een best felle worsteling. [getuige] zag dat de vrouw bloed op haar arm had. Verdachte heeft verklaard dat er over en weer wat is geduwd en getrokken en dat het kan zijn dat hij aangeefster aan haar haren heeft getrokken. De rechtbank acht op grond van het vorenstaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte aangeefster heeft mishandeld door haar met kracht bij de arm te pakken en aan haar haren te trekken. Ten aanzien van feit 3: Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1] , p. 16 en - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 10 september 2015. Ten aanzien van parketnummer 05/162467-14 : Ten aanzien van feit 1: De feiten Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld. Verdachte heeft op of omstreeks 18 april 2014 in Arnhem [slachtoffer 1] bij de arm gepakt en vervolgens van de trap getrokken. Hiervan heeft ze blauwe plekken op haar bovenarm. Verder heeft verdachte haar nog bij haar keel gepakt en met een handdoek geslagen. Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot een bewezenverklaring van dit feit gelet op de bewijsmiddelen in het dossier. Het standpunt van de verdediging Door de verdediging is geen verweer gevoerd. Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij haar niet tegen haar scheenbeen heeft getrapt en dat hij haar wel met de handdoek heeft geslagen, maar niet in haar gezicht. Beoordeling door de rechtbank Aangeefster heeft verklaard dat verdachte haar een lowkick gaf, waardoor ze pijn had aan haar rechter scheenbeen en dat ook bloedde. Hij heeft haar met de handdoek op haar gezicht en handen geslagen. Daar heeft ze een bloedneus aan overgehouden. De rechtbank overweegt dat de verklaring van aangeefster grotendeels door de verklaring van verdachte wordt ondersteund. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij een kort lontje heeft en snel boos wordt. De rechtbank ziet, mede gelet op het feit dat verdachte snel agressief wordt en de samenhang met de andere feiten, geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de verklaring van aangeefster. De rechtbank acht daarom niet enkel de onder de vaststaande feiten genoemde handelingen bewezen, maar ook dat verdachte aangeefster een lowkick heeft gegeven en dat hij haar (met de handdoek) tegen haar gezicht en handen heeft geslagen. Ten aanzien van feit 2: Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot een bewezenverklaring van dit feit gelet op de bewijsmiddelen in het dossier. Het standpunt van de verdediging Verdachte ontkent deze woorden te hebben geuit. Door de raadsman is opgemerkt dat de belediging plaatsvond op de cellengang, niet in de openbaarheid. Beoordeling door de rechtbank De rechtbank acht dit feit wettig en overtuigend bewezen gelet op het op ambtseed opgemaakte proces-verbaal van aanhouding, waarin [slachtoffer 2] (brigadier Politie Gelderland-Midden) en [slachtoffer 3] (aspirant Politie Gelderland-Midden) verklaren dat verdachte hen op 18 april 2014 in Arnhem beledigde door te roepen: “Kankerlijers”, “klootzakken”, “motherfuckers” en “stront”. Dat deze woorden in de cellengang werden geuit doet hier niet aan af, nu uit het proces-verbaal van aanhouding blijkt dat de beledigende woorden zijn geroepen in aanwezigheid van derden. Ten aanzien van parketnummer 05/009524-15 : Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 1] namens benadeelde partij Kruidvat, p. 3; - het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 2] p. 8, met bijlage, p.10; en - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 10 september 2015. Ten aanzien van parketnummer 05/257427-14 : Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 4] , namens benadeelde [slachtoffer 5] , p. 4 tot en met 6; - het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 5] , p. 9 en 10 en - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 10 september 2015. Ten aanzien van parketnummer 05/024735-15 : Ten aanzien van feit 1: Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aanhouding, p. 5 en 6 en - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 10 september 2015. Ten aanzien van feit 2: Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aanhouding, p. 5 en 6 en - het proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 9. Ten aanzien van parketnummer 05/740225-15 : Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1] , p. 37 tot en met 39; - het proces-verbaal van sporenonderzoek, p. 75 en 76 en - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 10 september 2015. 3Bewezenverklaring Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: Ten aanzien van parketnummer 05/136136-14: 1. hij op of omstreeks 23 juni 2014 te Velp, gemeente Rheden [slachtoffer 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 1] meermalen, althans eenmaal dreigend de woorden toegevoegd :"Ik maak je af", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking; 2. hij op of omstreeks 23 juni 2014 te Velp, gemeente Rheden opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 1] ), meermalen, althans eenmaal (met kracht) aan/bij de arm heeft vastgepakt/vastgegrepen en/of die [slachtoffer 1] (met kracht) aan haar haren heeft getrokken, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden; 3. hij op of omstreeks 23 juni 2014 te Velp, gemeente Rheden opzettelijk en wederrechtelijk een (mobiele)telefoon, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt; Ten aanzien van parketnummer 05/162467-14: 1. hij op of omstreeks 18 april 2014 te Arnhem opzettelijk mishandelend zijn levensgezel, althans een persoon, te weten [slachtoffer 1] , meermalen, althans eenmaal, bij/ aan de arm(
  6. en)heeft gepakt en/of (vervolgens) (van de trap) heeft geduwd en/of getrokken en/of een lowkick heeft gegeven, althans heeft geschopt en/of getrapt en/of (met een handdoek) in/op/tegen de schouder(
  7. s)en/of het gezicht en/of een/de hand(
  8. en)heeft gestompt en/of geslagen en/of bij de keel heeft vastgepakt en/of -gegrepen, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden; 2. hij op of omstreeks 18 april 2014 te Arnhem opzettelijk (een) ambtena(a)r(en), te weten [slachtoffer 2] (brigadier Politie Gelderland-Midden) en/of [slachtoffer 3] (aspirant Politie Gelderland-Midden), gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefeningen van zijn/haar/hun bediening, in diens/dier tegenwoordigheid mondeling heeft toegevoegd de woorden "kankerlijer(s)" en/of "klootzak(ken)" en/of "motherfucker(s)" , althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking; Ten aanzien van parketnummer 05/009524-15: hij, op een of meer tijdstip(pen), op of omstreeks 15 januari 2015 in de gemeente Nijmegen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen - een crème (nivea), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Albert Heijn ( [straat] ) en/of - drie doosjes medicijnen (Advil) en/of en/of twee opladers, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Kruidvat ( [straat] ), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte; Ten aanzien van parketnummer 05/257427-14: hij op of omstreeks 27 oktober 2014 te Nijmegen met het oogmerk om zich en/of (een) ander(
  9. en)wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 4] , werkzaam bij de fietsenstalling van de gemeente Nijmegen, op of aan de Bisschop Hamerstraat, heeft bewogen tot de afgifte van een damesfiets, merk Gazelle, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid die [slachtoffer 4] medegedeeld dat hij, verdachte zijn fietssleutel was verloren en dat hij, verdachte nu zijn fiets kwam ophalen en/of (vervolgens) heeft hij, verdachte, een damesfiets, merk Gazelle, meegenomen, als ware hij, verdachte de eigenaar van die fiets, waardoor [slachtoffer 4] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte; Ten aanzien van parketnummer 05/024735-15: 1. hij op of omstreeks 7 februari 2015 te Nijmegen zich met geweld en/of bedreiging met geweld, heeft verzet tegen een of meer ambtenaren, [slachtoffer 6] (brigadier politie Eenheid Oost-Nederland) en/of [slachtoffer 7] (hoofdagent politie Eenheid Oost-Nederland), werkzaam in de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, door zijn armen in tegengestelde richting te bewegen en/of te schoppen in de richting van die [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] en/of zijn hoofd in de richting te bewegen (een kopstoot in de richting) van die [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] ; 2. hij op of omstreeks 7 februari 2015 te Nijmegen opzettelijk beledigend (een) ambtena(a)r(en), [slachtoffer 6] (brigadier politie Eenheid Oost-Nederland) en/of [slachtoffer 7] (hoofdagent politie Eenheid Oost-Nederland), gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, in zijn/haar/hun tegenwoordigheid, mondeling opzettelijk heeft toegevoegd de woorden "stelletje kankerlijers" en/of "kankermongolen" en/of "kankerhonden", althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking; Ten aanzien van parketnummer 05/740225-15: hij op of omstreeks 24 april 2015 te Arnhem zijn levensgezel, althans een persoon, [slachtoffer 1] heeft mishandeld door: - meerdere malen, althans éénmaal (met de vuist) op/tegen het lichaam te slaan/stompen en/of - meerdere malen, althans éénmaal (met geschoeide voet) op/tegen het/de (onder)be(e)n(
  10. en)en/of de (rechter) heup, althans het lichaam, te schoppen en/of - meerdere malen, althans éénmaal met een (broeks)riem op/tegen de rug, althans het lichaam te slaan en/of - een bed (waar deze [slachtoffer 1] onder lag) meerdere malen, althans éénmaal op te tillen en vervolgens weer los te laten en/of - bij/aan de enkel(s), althans aan het lichaam vast te pakken en/of - ( vervolgens) (liggend over de grond) in een richting te trekken. en/of te duwen Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad. Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. 4De kwalificatie van het bewezenverklaarde Het bewezenverklaarde levert op: Ten aanzien van parketnummer 05/136136-14 feit 1: Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht. Ten aanzien van parketnummer 05/136136-14 feit 2 en 05/162467-14 feit 1 telkens: Mishandeling. Ten aanzien van parketnummer 05/136136-14 feit 3: Opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen. Ten aanzien van parketnummer 05/162467-14 feit 2 en parketnummer 05/024735-15 feit 2 telkens: Eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of terzake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, meermalen gepleegd. Ten aanzien van parketnummer 05/009524-15: Diefstal, meermalen gepleegd. Ten aanzien van parketnummer 05/257427-14: Oplichting. Ten aanzien van parketnummer 05/024735-15 feit 1: Wederspannigheid. Ten aanzien van parketnummer 05/740225-15: Mishandeling, begaan tegen zijn levensgezel. 5De strafbaarheid van het feit De feiten zijn strafbaar. 6De strafbaarheid van de verdachte Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. 7Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met als bijzondere voorwaarden een contactverbod met mevrouw [slachtoffer 1] en een locatieverbod voor de [adres 2] te Nijmegen, met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft primair verzocht om de zaak aan te houden opdat een reclasseringsrapport over verdachte kan worden opgemaakt. Subsidiair heeft de raadsman verzocht een lagere straf op te leggen dan door de officier van justitie geëist gelet op het eigen aandeel van aangeefster [slachtoffer 1] . Beoordeling door de rechtbank De rechtbank ziet geen aanleiding om de zaak aan te houden voor het laten opmaken van een reclasseringsrapport. De rechtbank acht zich reeds voldoende voorgelicht en overweegt verder dat de zaak op 9 maart 2015 onder meer voor het opmaken van een reclasseringsrapport is aangehouden. De reclassering heeft desondanks geen rapport kunnen opmaken, omdat verdachte niet bereikbaar voor hen was, zoals blijkt uit de verschillende retourzendingen die zich in het dossier bevinden. De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 30 juli 2015. Verdachte heeft zich aan veel strafbare feiten schuldig gemaakt. Hij heeft zijn (ex)-vriendin meerdere malen mishandeld en haar bedreigd. Ook heeft hij een telefoon vernield. Verdachte heeft haar meerder malen gestompt en geslagen, geschopt, aan haar armen en haren getrokken en zelfs met een broekriem geslagen. Huiselijk geweld, met name op de wijze zoals door verdachte is gepleegd, is zeer ernstig. Juist in de eigen woonomgeving dient men zich veilig te voelen. De lichamelijke integriteit van het slachtoffer is op ernstige wijze door verdachte aangetast. Verdachte heeft zich voorts schuldig gemaakt aan meerdere diefstallen en oplichting. Door deze feiten is financiële schade ontstaan voor de gedupeerden. Verder heeft verdachte zich verzet bij zijn aanhouding en verschillende keren agenten beledigd. Uit het aangehaalde uittreksel uit het algemeen documentatieregister blijkt voorts dat verdachte reeds eerder ter zake van met name vermogensdelicten onherroepelijk is veroordeeld. Alles afwegend ziet de rechtbank geen reden een lagere straf op te leggen dan door de officier van justitie geëist. De rechtbank ziet, gelet op verdachtes persoonlijke omstandigheden, aanleiding aan het voorwaardelijke deel van de gevangenisstraf de bijzondere voorwaarden te verbinden dat verdachte zich zal melden en zal blijven melden bij de reclassering en zich ook zal houden aan de aanwijzingen van de reclassering, geen contact met [slachtoffer 1] op zal nemen, zich niet in de [adres 2] te Nijmegen zal begeven en een agressieregulatietraining zal volgen, dat laatste indien de Reclassering dat nodig vindt. Nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet, zal de rechtbank – in overeenstemming met de standpunten van de officier van justitie en de raadsman – de teruggave gelasten van de na te melden voorwerpen aan de veroordeelde. 7a. De beoordeling van de civiele vorderingen, alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel [slachtoffer 1] De benadeelde partij [slachtoffer 1] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het onder parketnummer 05/740225-15 bewezenverklaarde feit. Gevorderd wordt een bedrag van (naar de rechtbank begrijpt) € 672,-. Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft verzocht de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot het bedrag van € 455,-, te vermeerderen met de wettelijke rente, waarbij tevens de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag. Voor het overige heeft de officier van justitie verzocht dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering. Het standpunt van de verdediging Door de verdediging is aangevoerd dat de vordering niet is onderbouwd voor wat betreft de eigen bijdrage voor de ambulancehulp en de kleding. Verder is er volgens de verdediging sprake van eigen schuld en moet daarmee rekening worden gehouden bij de beoordeling van de civiele vordering. Beoordeling door de rechtbank Naar het oordeel van de rechtbank is, op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en hetgeen verder ter terechtzitting met betrekking tot de vordering is gebleken, komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het (onder parketnummer 05/740225-15) bewezen verklaarde handelen tot een bedrag van € 325,- (te weten: € 282,- eigen bijdrage voor de ambulancehulp en een voorschot van € 43,- voor de kleding) schade heeft geleden, waarvoor verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk is. De vordering dient tot dit bedrag te worden toegewezen. Wat betreft het meer of anders gevorderde zal de benadeelde partij zal niet-ontvankelijk verklaard worden in haar vordering, nu de behandeling van dat deel van de vordering naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partij. [slachtoffer 5] De benadeelde partij [slachtoffer 5] heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het onder parketnummer 05/257427-14 bewezenverklaarde feit. Gevorderd wordt een bedrag van € 470,-, te vermeerderen met de wettelijke rente. Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft verzocht de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot het bedrag van € 470,-, te vermeerderen met de wettelijke rente, waarbij tevens de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht wordt opgelegd tot dit bedrag. Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de vordering, nu de onderbouwing volledig ontbreekt. Beoordeling door de rechtbank Naar het oordeel van de rechtbank is, op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en hetgeen verder ter terechtzitting met betrekking tot de vordering is gebleken, komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het (onder parketnummer 05/257427-14) bewezen verklaarde handelen tot het gevorderde bedrag schade heeft geleden, waarvoor verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk is. De vordering is voor toewijzing vatbaar. De gevorderde wettelijke rente is toewijsbaar vanaf 27 oktober 2014. Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partij. De gevorderde en toegewezen rente is daar niet bij inbegrepen. 8De toegepaste wettelijke bepalingen De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 14d, 24c, 27, 36f, 57, 180, 266, 267, 285, 300, 310, 326 en 350 van het Wetboek van Strafrecht. 9De beslissing De rechtbank:  verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;  verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;  verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;  verklaart verdachte hiervoor strafbaar;  veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot  een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden; bepaalt, dat een gedeelte van de gevangenisstraf groot 2 (twee) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarde(
  11. n)voor het einde van de proeftijd die op twee jaren wordt bepaald; de algemene voorwaarden dat de veroordeelde: - zich voor het einde daarvan niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit; - ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit zijn medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden; - zijn medewerking zal verlenen aan het door de Reclassering Nederland te houden toezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;  de bijzondere voorwaarde(
  12. n)dat de veroordeelde: - zich uiterlijk op binnen 5 dagen na het onherroepelijk worden van dit vonnis zal melden bij de Reclassering Nederland en gedurende de proeftijd zich zal blijven melden bij deze instelling, zo frequent en zolang de instelling dat noodzakelijk acht; - gedurende de proeftijd op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 1] (geboortedatum: [geboortedatum 2] , wonende te: [adres 2] ), zolang de reclassering dit noodzakelijk acht; - gedurende de proeftijd niet zal bevinden [adres 2] te Nijmegen, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht; - gedurende de proeftijd zal houden aan de aanwijzingen van de reclassering, ook als dat inhoudt het deelnemen aan een gedragsinterventie, bestaande uit een agressieregulatietraining; - Geeft opdracht aan de Reclassering Nederland tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarde(
  13. n)en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden (artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht).  beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;  gelast de teruggave van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen aan rechthebbende, te weten: o ten aanzien van parketnummer 05/009524-15: CD rom met camerabeelden, handschoenen, ondergoed, condooms, parfum, o ten aanzien van parketnummer 05/740225-15: riem en € 290,-;  veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de navolgende benadeelde partijen van de hierna genoemde bedragen, telkens vermeerderd met de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden steeds begroot op nihil. Benadeelde partij Bedrag 1. [slachtoffer 1] parketnummer 05/740225-15) € 325,-; 2. [slachtoffer 5] parketnummer 05/257427-14) € 470,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 27 oktober 2014. Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] voor het overige niet-ontvankelijk in haar vordering. Legt aan veroordeelde tevens de verplichting op aan de Staat ten behoeve van de navolgende benadeelde partij(
  14. en)te betalen, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal hechtenis zal kunnen worden toegepast van na te melden duur zonder dat de betalingsverplichting vervalt. Benadeelde partij Bedrag Vervangende hechtenis 1. [slachtoffer 1] parketnummer 05/740225-15) € 325,- 6 dagen; 2. [slachtoffer 5] parketnummer 05/257427-14) € 470,- 9 dagen. Bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen. Dit vonnis is gewezen door mr. W.A. Holland (voorzitter), mr. J.M. Klep en mr. G. Noordraven, rechters, in tegenwoordigheid van mr. B.C.C. van den Bosch, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 24 september 2015. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 1] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL078C-2014067880, gesloten op 6 juli 2014 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige] , p. 28 en 29. Proces-verbaal van verhoor van aangeefster [slachtoffer 1] , p. 18. Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 1] , p. 16. Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige] , p. 28 en 29. Verklaring van verdachte ter terechtzitting van 10 september 2015. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 2] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL078C-2014042636, gesloten op 22 april 2014 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 1] , p. 12. Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 1] , p. 12. Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 1] , p. 12. Verklaring van verdachte ter terechtzitting van 10 september 2015. Proces-verbaal van aanhouding, p. 4 en 5. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 3] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Zuid, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2015036215, gesloten op 21 januari 2015 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 4] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Zuid, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0800-2014107520, gesloten op 18 november 2014 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 5] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Zuid, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2015065698, gesloten op 8 februari 2015 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 6] van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Zuid, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2015198965, gesloten op 24 mei 2015 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.