← Nederland

ECLI:NL:RBGEL:2016:4941

vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaaknummer / rolnummer: C/05/282489 / HA ZA 15-248 Vonnis van 7 september 2016 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [eiseres] , gevestigd te [plaats 1] , eiseres in conventie, verweerster in reconventie, advocaat mr. M.E. Muller te Gouda, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde] , gevestigd te [plaats 2] , gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, advocaat mr. P.A.C. de Vries te Arnhem. Partijen zullen hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd worden. 1De procedure 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 29 juni 2016 de akte aan de zijde van [eiseres] de antwoordakte tevens akte n.a.v. rechterswisseling met het verzoek een nadere mondelinge behandeling te gelasten aan de zijde van [gedaagde] de akte van antwoord aan de zijde van [eiseres] . 1.
  2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De verdere beoordeling in conventie en in reconventie 2.
  3. Op 19 november 2015 heeft er ten overstaan van de rechter mr. P.J. Elferink (verder: de eerste rechter) een mondelinge behandeling in de vorm van een comparitie van partijen plaatsgevonden (verder: de comparitie). In het verkorte proces-verbaal van de comparitie is hetgeen tijdens de comparitie is besproken niet uitgewerkt. Op 3 februari 2016 heeft de eerste rechter een tussenvonnis gewezen. Daarin is beslist op de (meeste) geschilpunten die bij de comparitie ter sprake zijn gekomen en is, in conventie, bewijslevering opgedragen aan [gedaagde] . De beslissing in reconventie over (de hoogte van) de door [gedaagde] gevorderde schade is echter aangehouden. Na 3 februari 2016, heeft er om organisatorische redenen een rechterswisseling plaatsgevonden. Op basis van het tussenvonnis van 3 februari 2016 en de door partijen respectievelijk genomen akte tot overlegging van bewijsstukken en antwoordakte heeft de nieuwe rechter een tussenvonnis van 29 juni 2016 gewezen, zonder dat daaraan een nieuwe mondelinge behandeling is voorafgegaan en zonder dat partijen vooraf van de rechterswisseling op de hoogte zijn gesteld. In dat tussenvonnis is tevens een beslissing genomen ten aanzien van de door [gedaagde] in reconventie gevorderde schade. De zaak is naar de rol verwezen voor een akte aan de zijde van [eiseres] . Na de door [eiseres] genomen akte heeft [gedaagde] bij antwoordakte verzocht om een nadere mondelinge behandeling. [eiseres] heeft zich hiertegen in haar akte van antwoord verzet. 2.
  4. Uit het arrest van de Hoge Raad van 15 april 2016 (ECLI:NL:HR:2016:662) volgt dat de verplichting van een gerecht om na een mondelinge behandeling aan partijen mededeling te doen van een rechterswisseling vervalt na de eerste door de oorspronkelijke rechter gewezen uitspraak die op de mondelinge behandeling volgt. Echter, ook indien deze verplichting is vervallen kan een partij een verzoek doen om een nadere mondelinge behandeling, zoals in deze door [gedaagde] is gedaan. Uit het arrest van 15 april 2016 en het arrest van de Hoge Raad van 31 oktober 2014 (ECLI:NL:HR:2014:3076, NJ 2015/181) volgt, onder andere, als uitgangspunt dat een dergelijk verzoek niet kan worden afgewezen als geen (uitgewerkt) proces-verbaal is opgemaakt, voor zover op het na de mondelinge behandeling door de oorspronkelijke rechter gewezen vonnis niet is beslist op (alle) tijdens de mondelinge behandeling besproken geschilpunten. Dit brengt met zich dat, nu van de comparitie geen volledig proces-verbaal is opgemaakt en in het daarop gevolgde tussenvonnis van de eerste rechter niet is beslist op het geschilpunt ten aanzien van (de hoogte van) de door [gedaagde] in reconventie gevorderde schade - waarvan niet in geschil is dat dat tijdens die mondelinge behandeling aan de orde is gekomen -, de rechtbank het verzoek van [gedaagde] zal toewijzen. 2.
  5. De rechtbank zal een comparitie bevelen om inlichtingen over de zaak te vragen en om te onderzoeken of partijen het op een of meer punten met elkaar eens kunnen worden. Nu er ten overstaan van de eerste rechter reeds een comparitie heeft plaatsgevonden waarop een tussenvonnis is gevolgd waarin door de eerste rechter is beslist op de meeste geschilpunten die bij de comparitie ter sprake zijn gekomen, maar niet ten aanzien van (de hoogte van) de door [gedaagde] in reconventie gevorderde schade, zal de behandeling zien op dat geschilpunt en daartoe zo ver mogelijk worden beperkt. 2.
  6. De rechtbank wijst erop dat zij uit een niet verschijnen van een partij ter comparitie de gevolgtrekkingen - ook in het nadeel van die partij - kan maken die zij geraden zal achten. 2.
  7. De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan. 3De beslissing De rechtbank in conventie en in reconventie 3.
  8. beveelt een verschijning van partijen, bijgestaan door hun advocaten, voor het geven van inlichtingen en ter beproeving van een minnelijke regeling op de terechtzitting van mr. T.P.E.E. van Groeningen in het gerechtsgebouw te Arnhem aan Walburgstraat 2 - 4 op een door de rechtbank vast te stellen datum en tijd, 3.
  9. bepaalt dat de partijen dan vertegenwoordigd moeten zijn door iemand die van de zaak op de hoogte is en hetzij rechtens hetzij op grond van een bijzondere schriftelijke volmacht bevoegd is haar te vertegenwoordigen, 3.
  10. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 21 september 2016 voor het opgeven van de verhinderdagen van de partijen en hun advocaten op de woensdagen in de maanden oktober 2016 tot en met januari 2017, waarna dag en uur van de comparitie zullen worden bepaald, 3.
  11. bepaalt dat bij gebreke van de gevraagde opgave(n) de rechtbank het tijdstip van de comparitie zelfstandig zal bepalen, 3.
  12. bepaalt dat na de vaststelling van het tijdstip van de comparitie dit in beginsel niet zal worden gewijzigd, 3.
  13. wijst partijen er op, dat voor de zitting anderhalf uur zal worden uitgetrokken, 3.
  14. houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. T.P.E.E. van Groeningen en in het openbaar uitgesproken op 7 september 2016.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.