← Nederland

ECLI:NL:RBGEL:2018:5750

vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaakgegevens 6906385 \ CV EXPL 18-4944 \ 474 \ 858 uitspraak van vonnis in de zaak van de besloten vennootschap My-Teq Technologies & Supplies B.V., mede handelend onder de naam MyCity Online, tevens handelend onder de naam Villa Vrolijk, alsmede handelend onder de naam DreamKidz gevestigd te Arnhem eisende partij gemachtigde Bouma Zeiger Gerechtsdeurwaarders & Incasso tegen [naam eiser] , handelend onder de naam [handelsnaam eiser] wonende en kantoorhoudende te [woonplaats eiser] gedaagde partij gemachtigde mr. J.C. Hesen Partijen worden hierna Villa Vrolijk en [handelsnaam eiser] genoemd. 1De procedure Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding van 8 mei 2018 met producties - de conclusie van antwoord met een productie - de conclusie van repliek met een productie - de conclusie van dupliek met een productie. 2Het geschil en de beoordeling daarvan 2.

  1. Villa Vrolijk vordert dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [handelsnaam eiser] veroordeelt om aan haar te betalen een bedrag van € 698,47, bestaande uit € 592,90 aan hoofdsom, € 16,63 aan wettelijke rente tot 8 mei 2018 en € 88,94 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 592,90 vanaf 8 mei 2018 tot aan de dag van volledige betaling. Villa Vrolijk vordert tevens de veroordeling van [handelsnaam eiser] tot betaling van de proceskosten. 2.
  2. Villa Vrolijk legt aan haar vordering ten grondslag dat partijen een overeenkomst van opdracht hebben gesloten op grond waarvan Villa Vrolijk zich heeft verplicht de bedrijfsnaam en -gegevens van [handelsnaam eiser] te vermelden op een actieposter ten behoeve van de sponsoring van een cadeaubox voor kinderen. Villa Vrolijk stelt dat zij aan deze verplichting heeft voldaan; zij heeft diverse posters laten drukken en deze tezamen met de cadeauboxen gezonden naar de kinderafdelingen van vier zorginstellingen. 2.
  3. [handelsnaam eiser] concludeert tot afwijzing van de vordering, met veroordeling van Villa Vrolijk, uitvoerbaar bij voorraad, tot betaling van de proceskosten. [handelsnaam eiser] voert allereerst aan dat de vordering dient te worden afgewezen wegens een gebrekkige dagvaarding, nu deze niet voldoet aan het vereiste als gesteld in artikel 111 lid 3 Rv; de verweren van [handelsnaam eiser] zijn niet vermeld in de dagvaarding. Subsidiair voert [handelsnaam eiser] aan dat de gevorderde proceskostenveroordeling (gedeeltelijk) dient te worden afgewezen. Als inhoudelijk verweer voert [handelsnaam eiser] , zakelijk weergegeven, aan dat zij de overeenkomst heeft gesloten onder de voorwaarden dat zij een bewijsexemplaar van de poster toegestuurd krijgt en dat zij vooraf op de hoogte gesteld wordt waar de posters opgehangen gaan worden, zodat zij de mogelijkheid heeft dit te controleren. [handelsnaam eiser] voert aan dat Villa Vrolijk aan beide voorwaarden niet, althans niet tijdig, heeft voldaan. Voorts betwist [handelsnaam eiser] , bij gebrek aan wetenschap, dat de posters ook daadwerkelijk zijn opgehangen bij de vier, door Villa Vrolijk opgegeven, zorginstellingen. Tot slot voert [handelsnaam eiser] aan dat Villa Vrolijk, na afloop van de actie, heeft meegedeeld dat de posters op vier plekken zijn opgehangen, terwijl vooraf mondeling is meegedeeld dat de posters op tientallen openbare plekken in zorginstellingen zouden worden opgehangen. 2.
  4. De kantonrechter wijst de vordering af en veroordeelt Villa Vrolijk als de in het ongelijk gestelde partij tot betaling van de proceskosten. Motivering De kantonrechter gaat voorbij aan het formele verweer van [handelsnaam eiser] , nu schending van het gestelde in artikel 111 lid 3 Rv (oud), zo daar al sprake van zou zijn, ingevolge artikel 120 Rv (oud) niet leidt tot nietigheid van de dagvaarding en evenmin kan leiden tot afwijzing van de vordering. Naar het oordeel van de kantonrechter is [handelsnaam eiser] niet in haar verweer geschaad. De kantonrechter is van oordeel dat [handelsnaam eiser] slaagt in haar inhoudelijke verweer. Partijen verschillen van mening over de inhoud van de overeenkomst. Dat partijen zijn overeengekomen dat Villa Vrolijk cadeauboxen zou leveren aan de kinderafdelingen van enkele zorginstellingen en dat zij enkele posters (met bedrijfsgegevens van [handelsnaam eiser] ) zou ophangen in/bij deze zorginstellingen, is echter niet in geschil. Evenmin is in geschil dat [handelsnaam eiser] op 7 december 2017 het aanbod van Villa Vrolijk (van 7 december 2017) heeft aanvaard onder meer onder de (opschortende) voorwaarde dat “de poster daadwerkelijk op aangegeven plekken hangt rondom de plaats” waar haar bedrijf is gevestigd en dat zij na controle hiervan de factuur zal betalen. Niet gesteld of gebleken is dat Villa Vrolijk bezwaar heeft gemaakt tegen de voorwaarden als genoemd in de e-mail van 7 december 2017, zodat ervan uitgegaan moet worden dat partijen een nadere overeenkomst hebben gesloten, met inbegrip van de door [handelsnaam eiser] gestelde voorwaarden. Gelet op het verweer van [handelsnaam eiser] had het op de weg van Villa Vrolijk gelegen om bewijs te leveren van haar stelling dat de posters zijn opgehangen in/bij de door haar aangegeven zorginstellingen. Dat heeft zij naar het oordeel van de kantonrechter niet gedaan. Zij heeft weliswaar afleveringsbewijzen overgelegd bij repliek, maar daaruit volgt nog niet dat de posters “daadwerkelijk op aangegeven plekken” zijn opgehangen. Dit klemt te meer nu één van de door Villa Vrolijk aangegeven zorginstellingen (verwezen wordt naar het verzendbewijs in productie 4 bij repliek, eerste twee pagina’s) heeft verklaard dat zij geen posters met reclame voor bedrijven heeft ontvangen en dat zij niet is benaderd om poster op te hangen (verwezen wordt naar productie 2 bij dupliek). De kantonrechter is daarom van oordeel dat [handelsnaam eiser] zich terecht beroept op de (opschortende) voorwaarden, zodat zij niet gehouden was de factuur te voldoen. De vordering van Villa Vrolijk moet daarom worden afgewezen. 3De beslissing De kantonrechter 3.
  5. wijst de vordering af; 3.
  6. veroordeelt Villa Vrolijk in de proceskosten, tot deze uitspraak aan de kant van [handelsnaam eiser] begroot op € 200,00 aan salaris voor de gemachtigde; 3.
  7. verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. W.H. van Empel en in het openbaar uitgesproken op

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.