beschikking RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaakgegevens 8572158 \ HA VERZ 20-105 \ 498 uitspraak van 18 augustus 2020 beschikking in de zaak van [verzoekende partij] wonende te [woonplaats] verzoekende partij gemachtigde mr. D.M. Gijzen procederende krachtens toevoegingsnummer [nummer] en de besloten vennootschap Max Infra B.V. gevestigd te Den Bosch en kantoorhoudende te Velddriel verwerende partij gemachtigde mr. J.A.A. van der Weijst en mr. E. de Fretes Partijen worden hierna [verzoekende partij] en Max Infra genoemd. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift van 11 juni 2020; - het verweerschrift, tevens houdende een zelfstandig (tegen)verzoek; - de aantekeningen van de mondelinge behandeling van 28 juli 2020, waar beide partijen, bijgestaan door hun gemachtigden, zijn verschenen en het woord hebben gevoerd, mede aan de hand van de pleitnotitie van de gemachtigde van Max Infra. 2De feiten 2.1. [verzoekende partij] is op basis van een schriftelijke arbeidsovereenkomst met ingang van 15 april 2020 in dienst getreden bij Max Infra op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in de functie van machinist. De arbeidsovereenkomst is aangegaan voor de duur van een half jaar, derhalve tot 14 oktober 2020. Het overeengekomen salaris van [verzoekende partij] bedroeg € 2.579,21 bruto per maand, te vermeerderen met vakantietoeslag van 8%. In de arbeidsovereenkomst is proeftijd opgenomen vanaf één maand. 2.2. Voorafgaand aan zijn indiensttreding bij Max Infra is [verzoekende partij] als ZZP-er werkzaam geweest in dezelfde branche als die waarop de activiteiten van Max Infra gericht zijn. 2.3. [verzoekende partij] heeft middels een – ter zitting door Max Infra voorgelezen – WhatsApp bericht van 19 mei 2020 in de ochtend laten weten dat hij niet zou komen werken vanwege ‘slaapapneu en een zware burn-out’. 2.4. De advocaat van Max Infra heeft bij aangetekend verzonden brief van 19 mei 2020 het volgende aan [verzoekende partij] geschreven: “(…) Cliënte informeert dat u sedert zeer kort in dienst bent. Bij schriftelijke arbeidsovereenkomst van 14 april 2020 bent met ingang van 15 april 2020 in dienst getreden. Als machinist. De arbeidsovereenkomst is door u op 14 april 2020 ondertekend. Er is een proeftijd overeengekomen van één maand, te rekenen vanaf datum indiensttreding. De proeftijd liep derhalve op 15 mei 2020 af. Dat was afgelopen vrijdag. Cliënte meldt mij dat u zich met ingang van heden 19 mei 2020 ziek gemeld hebt. Met reden: slaapapneu en een zware burn-out. U deelde mijn cliënte naar ik van haar verneem mede: dat u voorheen werkzaam was als ZZP-er; dat u het erg naar uw zin had bij cliënte; en van mijn cliënte verneem ik dat u tot en met gisteren hebt gewerkt. Cliënte voelt zich bij de neus genomen door u. Zwaar bij de neus genomen. Men ontwikkelt niet binnen één maand een zware burn-out. Evenmin een slaapapneu. Met andere woorden. Als u stelt dat u een zware burn-out hebt en als u stelt dat u slaapapneu hebt, dan hebt u dat in ieder geval voor mijn cliënte verzwegen. Dat constitueert bedrog. Immers. Een ZZP-er is gewend om hard te werken. Een ZZP-er weet waarvoor een werkgever staat en wat de risico’s zijn die een werkgever loopt. Naar de mening van cliënte bent u met voorbedachte rade bij haar in dienst getreden om u direct na afloop van de proeftijd ziek te melden en te profiteren van de sociale voorzieningen die wel voor een werknemer gelden, maar niet voor een ZZP-er. Ik sommeer u om mij binnen zeven dagen na heden aan te tonen of u en hoe u dan verzekerd was tegen ziektekosten. Indien u een dergelijke polis met betalingsbewijs daarop niet kunt of wilt overleggen, dan houdt mijn cliënte het ervoor dat u niet (eens) verzekerd was tegen ziektekosten. Dat maakt het misbruik aldus allengs zichtbaar. De reden voor het schrijven van deze brief is de volgende. De gehele gang van zaken maakt dat er door uw toedoen sprake is voor mijn cliënte van een directe en onherstelbaar vertrouwensbreuk met u. En, u bent daarvoor verantwoordelijk. Niet mijn cliënte. Dit klemt temeer, aangezien het volstrekt ongeloofwaardig is dat zowel een slaapapneu als een zware burn-out zomaar ineens worden vastgesteld, laat staan ontwikkeld worden. Daar gaan maanden aan bezoekjes en afspraken met gespecialiseerde artsen aan vooraf. Daarover hebt u niet voor of uiterlijk tijdens uw sollicitatie gesproken. Dat is bedrog. U rept in uw What’sapp berichten zelf over het feit dat ‘de dokter alles onderzocht heeft en specialisten heeft ingeschakeld voor de slaap apneu en een zware burn-out’ en dat u zware medicatie zoals ‘oczopan’ ( u zult bedoeld hebben: oxazepam) en slaaptabletten voorgeschreven hebt gekregen. Ook dat gebeurt niet van de ene op de andere dag. U mag niet eens autorijden indien u die medicijnen gebruikt. Ik sommeer u mij binnen zeven dagen heden een foto van het etiket van die medicatie met uw naam daarop toe te zenden. Dat kan op het e-mailadres (…) Alle omstandigheden op zichzelf beschouwd, dan wel een onderlinge samenhang bezien, maken dat mijn cliënte geen enkel vertrouwen meer in u als werknemer heeft. Juist het zich ziek melden nagenoeg direct na ommekomst van de proeftijd maakt dat u misbruik maakt van de situatie, alsook dat u in uw eigen stellingen voor de werkgever zeer relevante omstandigheden verzwegen hebt. Een brandend huis kan men ook niet verzekeren. Door het verzwijgen van een zo belangrijk feit voor mijn cliënte, maakt dat u blijk heeft gegeven van zodanige daden, eigenschappen of gedragingen dat van mijn cliënte als werkgever in redelijkheid niet langer gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst met u nog een dag langer te continueren. Dit feitensubstraat levert voor mijn cliënte tevens dwaling op. Immers, was mijn cliënte vooraf of uiterlijk tijdens het sollicitatiegesprek door u op de hoogte gesteld van de omstandigheid dat u slaapapneu en/of een zware burn-out had en/of dat u medicatie slikt die u slikt, dan was Max Infra B.V. niet een arbeidsovereenkomst met u aangegaan. Hierdoor vernietiging primair dan ook de arbeidsovereenkomst met u zoals die met ingang van 14/15 april 2020 is aangegaan wegens een wilsgebrek, te weten: bedrog en/of dwalingen/verzwijging en/of misbruik van omstandigheden. Dat betekent dat de arbeidsovereenkomst met terugwerkende kracht niet eens bestaan heeft. U hebt derhalve ook geen aanspraak op loon. Tevens geef ik u hierdoor subsidiair ontslag op staande voet wegens voormelde omstandigheden. Dat u op de hoogte was van die voor een werkgever relevante omstandigheden en dat u dergelijke ‘gevoelige’ feiten het verzwegen en dus opzettelijk niet het medegedeeld aan mijn cliënte, blijkt uit uw eigen stellingen. Buitengerechtelijke vernietiging van arbeidsovereenkomst Door een middel van deze brief vernietigt Max infra B.V. dan met terugwerkende kracht arbeidsovereenkomst met u. Stopzetting loon & voorwaardelijk ontslag op staande voet U hebt geen recht op loon subsidiair geldt dat u met ingang van heden geen recht meer hebt op loon wegens het subsidiair ontslag op staande voet. Tevens geeft u werkgever u middels deze brief u per direct ontslag op staande voet. (…)” 2.5. Max infra heeft op 19 mei 2020 de door haar ter beschikking gestelde bestelbus die [verzoekende partij] voor woon-werkverkeer gebruikte bij hem thuis opgehaald. 2.6. [verzoekende partij] heeft bij e-mail van 20 mei 2020 gereageerd en de advocaat van werkgever het volgende geschreven: “(…) Ik ben enorm geschrokken van deze brief. Ik snap ook niet waarom ze mij hiervoor willen ontslaan. Ik ben met vandaag mee 2 dagen in de ziektewet om even tot rust te komen, en wat onderzoeken te laten doen. Mijn plan was zoveel mogelijk afsprakenplannen in deze week zodat ik maandag weer kon gaan werken. Ten eerste zijn u argumenten erg zwak om zomaar aannames te doen, en zonder u te laten informeren over mijn gezondheid dat ik maar bedrog moet zijn. Omdat ik zoveel reisuren en overuren hebben gemaakt in korte tijd dat ik voor Max infra werk, die overigens niet eens uit betaald worden, en het opzeggen van mijn eigen bedrijf heb ik gezondheidsklachten gekregen. De dokter noemt dit een burn-out. Deze is zoals een brief doet geloven NIET in 1 maand ontstaan, maar ergens de laatste paar dagen erin ingeslopen. De slaap apneu zoals je weer in de brief omschrijft is ook NIET in 1 maand ontstaan. Hier heb ik al jaren last van en dit mag u navragen bij mijn huisarts. Dit is niet de reden van mijn ziekmelding zoals u in de brief weergeeft. De slaap apneu is nu zo erg geworden door mijn stress dat ik verplicht ben er NU wat aan te doen, voordat ik steek in mijn slaap. U zegt in de brief dat ik in de sollicitatie van toen er niks over gezegd had. Dat klopt, mijn slaap apneu was toen nog niet zo erg, de burn-out was toen ook nog geen sprake van Ook gaat u er in de brief van uit dat ik geen zorgverzekering zou hebben en wil profiteren van sociale voorzieningen die ik als werknemer zou hebben en niet als zzp’er. Dat ik nu in loondienst ben en geen eigen bedrijf meer heb staat hier toch helemaal los van? Maar om u vraag te beantwoorden. Ik was toen nog zelfstandige was verzekerd en dat ben ik nu ook. Dus nee - het is niet op voorbedachte raden!!!! In de bijlage zette bewijs van betaling van mijn zorgverzekering. U en Max infra kunnen vrijdag een brief verwachten van onze advocaat. Want dit laat ik niet zomaar gebeuren. U bent te allen tijde welkom om mijn gezondheid te controleren bij mijn behandelen artsen. U of Max Infra willen mij in ontslaan terwijl dit helemaal niet mag. Wat Max infra doet zoals de uren die ik de gemaakt heb niet uit te betalen e.d. dat is wat niet mag. Maar daar hoort u zeker meer van.” 2.7. De advocaat van [verzoekende partij] heeft vervolgens bij brief van 24 mei 2020 aan de advocaat van Max Infra, samengevat, bestreden dat van bedrog/dwaling/misbruik van omstandigheden sprake is, het ontslag op staande voet onregelmatig gegeven is. Namens [verzoekende partij] wordt aanspraak gemaakt op de transitievergoeding, gefixeerde schadevergoeding en een billijke vergoeding. Voorts wordt het loon tot 19 mei 2020, zijnde een bedrag van € 2.785,55 bruto gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke verhoging, rente en buitengerechtelijke incassokosten. 2.8. Bij brief van 29 mei 2020 heeft het UWV aan Max Infra, voor zover van belang, geschreven: “Uw (ex-) werknemer de heer [verzoekende partij] heeft met ingang van 15-05-2020 een ziektewetuitkering aangevraagd. (…). ” 2.9. Op het zogenoemde formulier ‘Aanvullende informatie bij aanvraag ziektewetuitkering bij einde dienstverband’ van het UWV staat als eerste ziektedag vermeld 19 mei 2020. 3.1. Het verzoek van [verzoekende partij] verzoekt bij beschikking, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, samengevat: voor recht te verklaren dat de arbeidsovereenkomst niet nietig is als gevolg van de vernietigingsverklaring van 19 mei 2020 en vast te stellen dat deze onregelmatig is opgezegd; ten laste van Max Infra een transitievergoeding van € 86,43 toe te kennen, althans een door de kantonrechter te bepalen bedrag; ten laste van Max Infra een billijke vergoeding van € 13.927,73 toe te kennen, althans een door de kantonrechter te bepalen bedrag; Max Infra te veroordelen tot betaling van de gefixeerde schadevergoeding ten bedrage van € 13.927,73, het loon tot de datum van opzegging van de arbeidsovereenkomst zijnde bedrag van € 2.785,55 bruto, de wettelijke verhoging van 50%, zijnde € 1.392,77, de buitengerechtelijke kosten van € 1.326,40, alle bedragen te vermeerderen met de wettelijke rente; Max Infra te veroordelen tot afgifte van deugdelijke salarisspecificaties over de nog te betalen loonsom, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 100,- per dag, met veroordeling van Max Infra in de kosten van de procedure, inclusief de nakosten te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de 15e dag na uitspraak tot de dag der algehele voldoening. 3.2. Het verweer van Max Infra Max Infra heeft geconcludeerd [verzoekende partij] niet-ontvankelijk te verklaren in zijn verzoeken, dan wel deze af te wijzen, althans te bepalen dat [verzoekende partij] mede schuld heeft in de zin van artikel 6:101 BW, althans over te gaan tot matiging van de verzochte bedragen met veroordeling van [verzoekende partij] in de kosten van de procedure, met inbegrip van de nakosten en salaris gemachtigde. 3.3. Het (tegen)verzoek van Max Infra Max Infra verzoekt, bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad, samengevat: voor recht te verklaren dat de arbeidsovereenkomst op 19 mei 2020 door haar rechtsgeldig buitengerechtelijke vernietigd is wegens bedrog, dan wel dwaling en/of verzwijging, dan wel voor recht te verklaren dat het ontslag op staande voet per brief van 19 mei 2020 en/of per brief van 29 mei 2020 en/of per brief van 2 juni 2020 rechtsgeldig is gegeven en daarmee de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig en onverwijld is opgezegd vanwege een dringende reden en te bepalen dat [verzoekende partij] aan Max Infra de gefixeerde schadevergoeding verschuldigd is ten bedrage van € 13.927,73 vanwege het verschaffen van een dringende reden aan Max Infra om de arbeidsovereenkomst onverwijld op te zeggen, [verzoekende partij] te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 730,34 ter zake van verduisterde eigendommen, een bedrag van € 46,- ter zake van een gemaakte verkeersovertreding (boete), een bedrag van € 798,36 ter zake van veroorzaakte schade aan Ziggo, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het eerste mogelijke moment, en met veroordeling van [verzoekende partij] in de proceskosten, met inbegrip van de nakosten en salaris gemachtigde. 3.4. Het verweer van [verzoekende partij] heeft tijdens de mondelinge behandeling verweer gevoerd en geconcludeerd tot afwijzing, behoudens voor wat betreft de (mogelijk) verschuldigde boete wegens een gemaakte verkeersovertreding ten bedrage van € 46,-, met veroordeling van - zo heeft de kantonrechter begrepen - Max Infra in de kosten van de procedure. Op de standpunten van beide partijen wordt bij de beoordeling (nader) ingegaan. 4De beoordeling 4.1. Gelet op de nauwe samenhang tussen het verzoek van [verzoekende partij] en het tegenverzoek van Max Infra zullen deze gezamenlijk worden beoordeeld. 4.2. Max Infra heeft zowel haar primaire stelling dat de arbeidsovereenkomst nietig dan wel vernietigbaar is (welke nietigheid dan wel vernietigbaarheid bij brief van 19 mei 2020 is ingeroepen) als haar subsidiaire stelling dat sprake is van een dringende reden die het op 19 mei 2020 gegeven ontslag op staande rechtvaardigt, daarop gebaseerd dat, samengevat, [verzoekende partij] tijdens de sollicitatie medische informatie waarvan hij wist of had moeten weten dat die voor Max Infra bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst relevant was, heeft verzwegen. Want, zo stelt Max Infra, als een slaapapneu en burn out een maand na aanvang van het dienstverband tot uitval wegens ziekte leiden en hij - al langer - oxazepam slikt, dan kan het niet anders zijn dan dat [verzoekende partij] dat bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst ook al had. Dat had [verzoekende partij] moeten melden. Bovendien mag [verzoekende partij] met het gebruik van oxazepam geen autorijden, hetgeen hij wel, met de bestelbus van Max Infra, deed. [verzoekende partij] betwist dat hij ten tijde van de sollicitatie al (zodanige) klachten had en/of medicatie gebruikte dat hij wist, of had moeten weten, dat hij daarmee ongeschikt was om bij Max Infra te werken en zulks bij de sollicitatie had moeten melden. 4.3. Ter zake wordt als volgt overwogen. De pré-contractuele goede trouw brengt met zich dat als uitgangspunt heeft te gelden dat [verzoekende partij] die gezondheidsklachten heeft en/of medicatie gebruikt waarvan hij weet of behoort te weten dat deze hem ongeschikt maken voor de functie waarnaar hij solliciteert, de plicht heeft daarvan melding te maken. In dit geval is niet (voldoende) aannemelijk geworden, laat staan komen vast te staan, dat [verzoekende partij] op het moment dat hij solliciteerde zodanige gezondheidsklachten had en/of medicatie gebruikte dat hij wist of moest begrijpen dat deze hem ongeschikt zouden maken voor de functie van machinist bij Max Infra. Hoezeer voorstelbaar is dat Max Infra uit het feitelijke verloop en de mededeling per WhatsApp van [verzoekende partij] vraagtekens plaats bij de gezondheidstoestand van [verzoekende partij] bij aanvang van het dienstverband, is haar conclusie, als leek zonder raadpleging van de bedrijfsarts getrokken en gelet op de gemotiveerde betwisting door [verzoekende partij] , (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.