vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Zutphen zaaknummer / rolnummer: C/05/356568 / HZ ZA 19-35 Vonnis van 25 maart 2020 in de zaak van 1. de rechtspersoon naar het recht van Nieuw-Zeeland AFFCO NEW ZEALAND LTD, gevestigd te Hamilton, Nieuw Zeeland 2. de rechtspersoon naar het recht van Nieuw-Zeeland SOUTH PACIFIC MEATS LTD, gevestigd te Hamilton, Nieuw Zeeland 3. de rechtspersoon naar het recht van Nieuw-Zeeland ACTIVE REFRIGERATION NORTH ISLAND LTD, gevestigd te Auckland, Nieuw-Zeeland eiseressen, advocaten mrs. L.P. Kortmann en V.G.M. Leferink te Amsterdam, tegen [gedaagde] wonende te [woonplaats], gedaagde, advocaat mr. H.J. Ligtenbarg te Velp, gemeente Rheden, en in de zaak met zaaknummer / rolnummer C/05/356572 / HZ ZA 19-36 van 1. de rechtspersoon naar het recht van Nieuw-Zeeland AFFCO NEW ZEALAND LTD, gevestigd te Hamilton, Nieuw Zeeland 2. de rechtspersoon naar het recht van Nieuw-Zeeland SOUTH PACIFIC MEATS LTD, gevestigd te Hamilton, Nieuw Zeeland 3. de rechtspersoon naar het recht van Nieuw-Zeeland ACTIVE REFRIGERATION NORTH ISLAND LTD, gevestigd te Auckland, Nieuw-Zeeland eiseressen, advocaten mrs. L.P. Kortmann en V.G.M. Leferink te Amsterdam, tegen [gedaagde 2] , wonende te [woonplaats], gedaagde, advocaat mr. F.J. Hordijk te Naaldwijk, gemeente Westland. Partijen zullen hierna Affco c.s. voor eisers gezamenlijk en Affco, SPM en Arni voor eiseressen 1, 2 en 3 afzonderlijk en [gedaagde] en [gedaagde 2] genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 30 oktober 2019 de akte overlegging bewijsstukken en wijziging eis ex art. 130 Rv van Affco c.s. het proces-verbaal van comparitie van 30 januari 2020 de reactie op het proces-verbaal van mr. Hordijk van 10 februari 2020. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. Affco is een grote vleesproducent in Nieuw-Zeeland die ook eigenaar is van meerdere slachthuizen en vleesverwerkingslocaties. SPM is een dochtervennootschap van Affco die producten onder eigen merk op de markt brengt. Arni is een Nieuw-Zeelandse ontwikkelaar en bouwer van industriegerelateerde koelsystemen en airconditioning. 2.2. Advanced Cooling and Freezing Systems B.V., hierna te noemen: Advanced Cooling, was een onderneming die zich bezig hield met de ontwikkeling, design en verkoop van koel- en vriessystemen voor de voedselverwerkende industrie. Bestuurder en enig aandeelhouder van Advanced Cooling was [gedaagde 2] Investment en Management B.V., van welke vennootschap [gedaagde 2] bestuurder en enig aandeelhouder was. Advanced Cooling is op 23 januari 2018 in staat van faillissement verklaard. 2.3. Advanced Food Systems B.V., hierna te noemen: Advanced Food, was een onderneming die zich bezig hield met de productie, montage en het onderhoud van koel- en vriessystemen. Circle Investment & Management B.V., hierna te noemen: Circle, was bestuurder van Advanced Food en hield 62% van de aandelen in die laatste vennootschap. [gedaagde 2] is bestuurder en enig aandeelhouder van Circle. De andere 38% van de aandelen in Advanced Food werd gehouden door Temaco B.V., een vennootschap waarvan [gedaagde] bestuurder en enig aandeelhouder is. Op 2 februari 2018 is Advanced Food in staat van faillissement verklaard. 2.4. In juni 2017 is Advanced Chilling and Freezing Systems B.V., hierna te noemen: Advanced Chilling, opgericht, welke vennootschap zich bezig hield met de groothandel in machines voor de voedings- en genotmiddelenindustrie. Van Advanced Chilling was Square Investment & Management B.V., hierna te noemen: Square, bestuurder en enig aandeelhouder. Bestuurder en enig aandeelhouder van Square is Circle, van welke vennootschap [gedaagde 2] dus bestuurder en enig aandeelhouder is. Advanced Chilling is op 21 mei 2019 geturboliquideerd. 2.5. Op 1 september 2017 is een overeenkomst tot stand gekomen tussen Affco, Arni en Advanced Cooling, welke overeenkomst namens die laatste vennootschap is getekend door [gedaagde 2]. De overeenkomst had betrekking op de bouw van een koelsysteem, de Carton Freezing Tunnel, ten behoeve van Affco en SPM, waarvoor Advanced Cooling de Carton Box Freezer zou leveren. De Carton Box Freezer kostte € 2.000.000,-- en zou op 30 maart 2018 worden opgeleverd aan Arni. Affco zou dit bedrag voldoen. In de overeenkomst is bepaald dat een boete van Nieuw-Zeelandse Dollars 2,500 per dag moet worden betaald als niet op 30 maart 2018 wordt opgeleverd. Voorts is in die overeenkomst vastgelegd dat Affco binnen 5 dagen na ondertekening 20% van de koopprijs als aanbetaling zou voldoen. In artikel 5.6 van appendix 2 van deze overeenkomst is bepaald: “Claims for compensation for damages against us [Advanced Cooling, rb] under the contract or under the law are restricted to intention and gross negligence. In case of gross negligence, we can only be made liable up to a maximum of 100% of the contract value. A liability for loss of production and loss of profit is excluded.” 2.6. Daarnaast is een overeenkomst van onderaanneming, een Subcontract, gesloten tussen Arni en Advanced Cooling. Deze overeenkomst is door [gedaagde] ondertekend als “Managing Director” van Advanced Cooling. 2.7. Omdat Advanced Cooling geen bankgarantie kon of wilde stellen, hebben SPM, Arni en Advanced Cooling op 25 september 2017 een ‘Bailment Deed’ gesloten, die namens de laatste vennootschap door [gedaagde] als “Director” is ondertekend. In die Bailment Deed is bepaald dat Affco eigenaar wordt van alle onderdelen van de Carton Box Freezer waarop haar termijnbetaling ziet. Onder het kopje Introduction in het contract staat: “(…) C. The Contract provides that the Principal [SPM, rb] will make advance payments to the Contractor [Arni, rb] (or the Sub-Contractor [Advanced Cooling, rb]) to purchase and construct certain plant and materials, including the Freezer, for the Contract Works, whether or not such plant and materials are on or off site, (such latter plant and materials being referred to in this Deed as the “Off-Site Plant and Materials”). (…) 1.1 Bailment: Upon payment being made by the Principal to the Contractor (and notification of such payment being made to the Contractor) or by the Principal to the Sub-Contractor or Contractor to the Sub-Contractor (and notification of such payment being made to the Sub-Contractor) for any Off-Site Plant and Materials in accordance with the provisions of the Contract or Sub-Contract: (…) 1.2 c. Allow Acces: Upon receiving prior written notice from the Principal allow, and where required, use its best endeavors to obtain all necessary authorizations and consents necessary to allow the Principal, its agents, employees and authorized subcontractors to enter onto their premises (or any premises where they have stored such Off-Site Plant and Materials) (…) 3.1 Representations and Warranties: The Contractor and Sub-Contractor, in respect of and while any Off-Site Plant and Materials are in their possession of control represent and warrant to the Principal that: (…)” 2.8. Op 30 augustus 2017 heeft [gedaagde], volgens de ondertekening als Managing Director van Advanced Cooling, aan [naam] van Affco per e-mail laten weten: “Following our discussion earlier today, I’ve put together the down-payment bailment letter. The letter states the usage of the € 400.000,-- down-payment for the items according to our order confirmation. For the first payment there is a limit for product to be claimed to a maximum of the down-payment. (…)”. Achter die e-mail zit een e-mail van [gedaagde] namens Advanced Cooling aan SPM waarin is opgesomd waarop de aanbetaling van € 400.000,-- ziet. 2.9. [gedaagde 2] heeft als CEO van Advanced Cooling eveneens op 30 augustus 2017 aan Affco/SPM laten weten dat de vennootschap niet “in a position” is om een bankgarantie af te geven, zoals reeds met [gedaagde] is besproken. “As an alternative we could split the first down of 400k into a 50-50 option. It means a further first down of 200k and the next 200k against shipping docs from the first shipment. We will present a weekly update on the progress of production and goods can be even inspected before shipment at your upcoming visit. (…)”. 2.10. Vervolgens heeft [gedaagde] namens Advanced Cooling op 4 september 2017 een e-mail gestuurd aan Affco/SPM met cc aan [gedaagde 2]: “Dear [naam], Please find in the attached file the letter that we discussed on the bailment. Also enclosed I’ve added the revised invoice on the downpayment.” De aangehechte factuur ter hoogte van € 200.000,-- is gericht aan SPM en gestuurd op briefpapier van Advanced Chilling. Deze factuur is door SPM betaald door storting van genoemd bedrag op de bankrekening van Advanced Chilling. 2.11. Op 5 oktober 2017 is een tweede factuur ter hoogte van € 200.000,-- gestuurd aan Affco/SPM, ook op briefpapier van Advanced Chilling. Ook deze factuur is door SPM betaald door storting van genoemd bedrag op de bankrekening van Advanced Chilling. Achter die factuur zit een Equipment list for bailment, met daarop vermeld diverse onderdelen met een totale waarde van € 332.850,--, en een Photo documentation for bailment list voor SPM met foto’s van onderdelen waarop een briefje zit met ‘Advanced’ en ‘Client: South Pacific Meats Ltd. Invercargill, New Zealand’. 2.12. Op 16 november 2017 heeft [gedaagde] op briefpapier van Advanced Opti Freeze aan Affco/SPM verzocht om een derde aanbetaling van € 200.000,--: “As discussed earlier this week, during our telephone conversation, we talked about invoicing SPM for a further amount of 10% of the total project value. At present moment we’ve got parts up until a level of over €550.000,-- in the bailment list. Therefore we’re asking SPM to make a next payment of €200.000,--. We’re producing parts as per the agreement and will have the 50% of the fabrication work and having materials in the workshop for the next payment. (…)” Achter deze e-mail, die niet in cc aan [gedaagde 2] is gestuurd, bevindt zich een factuur van € 200.000,-- op briefpapier van Advanced Chilling. Affco/SPM heeft deze factuur niet voldaan. 2.13. [gedaagde] heeft per e-mail van 12 december 2017 – welke e-mail niet in cc aan [gedaagde 2] is gestuurd – aan Affco/SPM het volgende laten weten: “Please find in the attached file the revised bailment list, where we declared 50% of the total value of materials. As discussed (…) all component parts are in production now. (…) We would appreciate the payment of our next invoice, representing 20% of the total contract value, this invoice is also attached. (…)” De bailment list sluit op € 907.700,--. 2.14. Eind 2017 – [gedaagde 2] en [gedaagde] verschillen van mening over de begindatum – is [gedaagde 2] wegens ziekte uitgevallen. [gedaagde] heeft toen de operationele activiteiten in Advanced Cooling van [gedaagde 2] overgenomen. 2.15. Vervolgens heeft [gedaagde] per e-mail van 28 december 2017 aan Affco/SPM een herziene factuur gestuurd, op verzoek van Affco/SPM: “The bank account has changed since the last payment, so please make SPM aware that the payment has to be done in the orange marked section! 1. IBAN: NL 68 KNAB 0256 9164 70 (…)” Opnieuw heeft Affco/SPM niet betaald. 2.16. [gedaagde] heeft Wirtenberger van Affco op 19 januari 2018 het volgende whatsapp-bericht gestuurd: “[naam] a thought. You bring the contract under by Dutch Freezer Service. (This is a Secured Company outside the Advanced structure) DFS can buy the materials from the bailment list from AFS. So your materials are secured. This give you a Garantie that the materials are for SPM. (…)” Iets later in de tijd heeft [gedaagde] aan Wirtenberger geappt op diens vraag of de goederen onder de Bailment Deed veilig zijn: “As I wrote to you, Advanced has them under its custody.” 2.17. Op 22 januari 2018 heeft [gedaagde] vervolgens aan Affco per e-mail laten weten: “As discussed last week, we’ve checked the status of the parts that are mentioned in the so-called bailment list. To be able to get these materials to the “safe side” we need to receive a minimal payment of € 75.000,--. This money will be spent on payments towards suppliers, that are “holding” the goods at present moment. By doing these payments we’ll be able to get all materials into the DFS warehouse. (…)” Van deze e-mail heeft [gedaagde 2] geen kopie gekregen. 2.18. [gedaagde] heeft op 23 januari 2018 aan Graeme Malone van SPM ge-e-maild: “It’s a fact that Advanced Cooling & Freezing Systems BV most likely will be declared bankrupt today (…). The company Advanced Food Systems BV is the production company in the group and is not paid in full for all the work that has been done in several projects. This caused the projects to be on hold and sub-suppliers not to be paid in full for their work. Items on the bailment list have been reserved for AFFCO/SPM and the goods are still at the different sub-suppliers. They claim that title of goods doesn’t pass until the goods have been paid in full. Currently we’re looking for security of payment towards us and our suppliers. Meaning that the last payments need to be done in order to secure the bailment of the goods in a good way. Nobody in The Netherlands will open the doors and release goods that aren’t paid for in full. You have to find a way to secure the goods that are on the bailment list as Advanced Food Systems BV will have huge financial issues when Advanced Cooling & Freezing Systems BV will go bankrupt. Also the fact that Mr. [gedaagde 2] has extracted huge amounts of money out of the company over the past years is to be considered in this case. Still open for any discussions to resolve this issue for everyone in a satisfactory way. There are negotiations going on with a 3rd party, that can and will finalize the project. The amount still due in the project, together with the “to be secured goods” will allow the project to be finalized completely.” 2.19. Na het faillissement van Advanced Cooling en Advanced Food hebben leveranciers van Advanced Food zich beroepen op hun retentierecht op de onderdelen voor de Carton Box Freezer. 2.20. [gedaagde] heeft per e-mail van – waarschijnlijk – 5 maart 2018 in dat kader aan de raadsman van Affco c.s. laten weten: “(…) Mr. [gedaagde 2] (owner of Advanced Cooling & Freezing Systems BV) has a problem with a client in Russia, that had cancelled the order for the carton box freezer delivery. He demanded that the parts that were produced would be used in another project the fastest possible way, because the financial losses would mean the end of the company. This implicates that we all (staff of Advanced Food Systems BV) would be out of jobs. As per the above mentioned reason, parts that were produced for this order have been brought into the project for AFFCO-SPM and ARNI. We’re clearly talking about the elevator system, moving the product carriers up and down and also pushing and receiving the product carriers, to load and unload the holding structure. Modifications are needed, to complete the materials, to be able to use them properly in the AFFCO-SPM project. These modifications haven’t taken place up until now. Also parts of the in- and out-feed system, which were produced for the same client in Russia have been inserted in the project for AFFCO-SPM and ARNI. We’re talking about conveyors, pushers and a spiral upward conveyor. (…)” 2.21. De raadsman van Affco c.s. heeft [gedaagde 2] en [gedaagde] separaat bij brief van 9 maart 2018 aangeschreven en hen verzocht het door Affco/SPM betaalde bedrag van € 400.000,-- terug te betalen. Voorts heeft hij verzocht om nadere informatie om de schade zoveel mogelijk te beperken: “(…) Contrary to the (false and fraudulent) information [gedaagde] and you have provided to my clients in the past, Advanced Cooling was never able to build a Carton Box Freezer (since it was a sales contract vehicle only), and neither Cooling nor Food ever held any parts and materials as bailee for AFFCO, since all parts and materials are still with third party suppliers. Food ordered these parts and materials from suppliers in its own name but for the account of AFFCO and ARNI (as part of the project of SPM in New Zealand). It is completely unclear what arrangements were made between the various Advanced Freezers companies to ensure that Cooling could perform under the contract with AFFCO and ARNI. (…)” 3De vordering in beide zaken 3.1. Affco c.s. vordert, na wijziging eis, dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis [gedaagde] en [gedaagde 2] hoofdelijk zal veroordelen tot vergoeding van; de door Affco c.s. geleden schade van € 6.627.798,28, althans een door de rechtbank te bepalen bedrag, te vermeerderen met incassokosten te berekenen volgens het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente, waarbij de betalingsverplichting geldt jegens Affco en SPM, maar waarbij betaling aan Affco ook bevrijdend zal werken ten aanzien van SPM en waarbij betaling aan SPM ook bevrijdend zal werken ten aanzien van Affco; de door Arni geleden schade van € 925.671,16, althans een door de rechtbank te bepalen bedrag, te vermeerderen met incassokosten te berekenen volgens het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten en wettelijk rente; de kosten van deze procedure, daaronder begrepen de nakosten, onder bepaling dat de proceskosten dienen te zijn voldaan binnen 14 dagen na het vonnis en, ingeval voldoening binnen deze termijn niet plaatsvindt, te vermeerderen met de wettelijke rente te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening. 3.2. Affco c.s. legt, tegen de achtergrond van de vaststaande feiten, de volgende stellingen ten grondslag aan haar vorderingen. [gedaagde] en [gedaagde 2] hebben samen een onderneming gedreven waarbij zij gebruik hebben gemaakt van een structuur van vennootschappen, bedrieglijke informatie hebben verschaft en overeenkomsten zijn aangegaan terwijl zij wisten dat deze niet konden worden nagekomen. Dit zodat zij zelf betalingen in ontvangst konden nemen en deze betalingen aan mogelijk verhaal door schuldeisers werden onttrokken. Als gevolg van het onrechtmatig handelen van [gedaagde] en [gedaagde 2] heeft Affco c.s. schade geleden. Advanced Cooling en Advanced Food zijn failliet en de boedel is ontoereikend om de schade van Affco c.s. te betalen. Advanced Chilling is, ondanks sommatie, niet in staat om de ontvangen € 400.000,-- terug te betalen omdat zij dit bedrag kort na ontvangst heeft overgeboekt naar andere groepsvennootschappen. De eerste grondslag betreft onrechtmatig handelen zoals vormgegeven in het leerstuk van bestuurdersaansprakelijkheid. [gedaagde 2] was statutair bestuurder van Advanced Cooling en Advanced Chilling. [gedaagde] moet worden aangemerkt als feitelijk bestuurder van die vennootschappen. Hij presenteerde zich als managing director, oefende bestuurstaken uit, voerde de onderhandelingen, had met een derde de zeggenschap over de bankrekeningen van deze vennootschappen en heeft expliciet met [gedaagde 2] afgesproken dat hij het bestuur van Cooling zou overnemen. De tweede grondslag betreft aansprakelijkheid op grond van directe onrechtmatige daad (anders dan bestuurdersaansprakelijkheid). [gedaagde] heeft in te staan voor het ontbreken van een toereikende volmacht, mocht worden geoordeeld dat hij geen feitelijk bestuurder van Advanced Cooling was. 4Het verweer in beide zaken 4.1. [gedaagde 2] en [gedaagde] concluderen dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis Affco c.s. in haar vorderingen niet-ontvankelijk zal verklaren, althans deze vorderingen zal afwijzen met veroordeling van Affco c.s. in de (na)kosten van de procedure. 4.2. [gedaagde 2] voert, tegen de achtergrond van de vaststaande feiten, de volgende verweren aan. Advanced Cooling heeft, na daartoe verkregen opdracht van Affco c.s., op haar beurt de Carton Box Freezer besteld bij Advanced Food, van welke vennootschap [gedaagde] bestuurder was. Advanced Food is er niet in geslaagd de Carton Box Freezer op tijd te produceren en te leveren. Daarvan valt [gedaagde 2] als bestuurder van Advanced Cooling echter geen persoonlijk ernstig verwijt te maken. De door Advanced Chilling ontvangen bedragen zijn doorgestort naar een rekening van Square en zijn daarna aangewend ten behoeve van de bedrijfsactiviteiten van Advanced Food. Dat betekent dat met het van Affco c.s. ontvangen geld voornamelijk crediteuren van Advanced Food zijn betaald. Uit niets blijkt dat [gedaagde 2] ten tijde van het aangaan van de overeenkomst met Affco c.s. wist of behoorde te weten dat Affco c.s. haar verplichtingen uit hoofde van die overeenkomst niet zou nakomen. De orderportefeuille was per 1 september 2017 goed gevuld. [gedaagde 2] is vanaf oktober/november 2017 nagenoeg geheel afgesloten geweest van alle informatie over Advanced Cooling. Doordat [gedaagde] de wachtwoorden van het e-mail account van [gedaagde 2] had gewijzigd en de feitelijke macht had over de bankrekeningen van in ieder geval Square en Advanced Chilling, had [gedaagde 2] niet langer de leiding over Advanced Cooling. [gedaagde] was de feitelijk bestuurder van die vennootschap in die periode en heeft getracht het bedrijfsdebiet van Advanced Cooling op onrechtmatige wijze over te nemen voorafgaand aan het faillissement. Voor [gedaagde 2] was er geen enkele indicatie dat Advanced Food haar verplichtingen niet zou (kunnen) nakomen. Advanced Food had een marge van 35% op de aanneemsom, het eigen vermogen van Advanced Food bedroeg eind 2016 € 734.588,-- en er werd dat jaar winst gemaakt van € 46.741,--. [gedaagde 2] kan dus geen persoonlijk ernstig verwijt worden gemaakt. Betwist wordt dat Affco c.s. schade heeft geleden. Ten aanzien van de verschillende schadeposten worden verweren opgeworpen die, voor zover van belang, hierna zullen worden besproken. 4.3. [gedaagde] voert, tegen de achtergrond van de vaststaande feiten, de volgende verweren aan. [gedaagde] was niet de feitelijk bestuurder van Advanced Cooling, met wie Affco c.s. de overeenkomst en de Bailment deed heeft gesloten. [gedaagde 2] was daarvan de statutair directeur zodat enkel hij op grond van bestuurdersaansprakelijkheid kan worden aangesproken. Advanced Food was de onderaannemer van Advanced Cooling en heeft in dat kader een begroting gemaakt waaruit bleek dat het project winstgevend was. [gedaagde] wist niet en kon niet weten dat Advanced Cooling de verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst met Affco c.s. en de Bailment Deed niet kon nakomen. Zelfs begin december 2017 liep het project nog volgens planning. Dat werd pas anders medio/eind december 2017 toen er een faillissementsaanvraag voor Advanced Cooling binnenkwam. De in de Bailment list van 4 september 2017 en 5 oktober 2017 genoemde goederen waren daadwerkelijk geproduceerd en voor die goederen was ook betaald. [gedaagde] kon dan ook in redelijkheid menen de Bailment list toe te kunnen zenden zonder dat daarmee door Advanced Cooling verplichtingen uit de Bailment Deed werden geschonden. Betwist wordt dat Affco c.s. schade heeft geleden. Ten aanzien van de verschillende schadeposten worden verweren opgeworpen die, voor zover van belang, hierna zullen worden besproken. 5De beoordeling in beide zaken Rechtsmacht en toepasselijk recht 5.1. Affco c.s. is gevestigd in Nieuw-Zeeland zodat de rechtbank eerst ambtshalve zal beoordelen of de Nederlandse rechter bevoegd is en welk recht van toepassing is op de vorderingen jegens gedaagden. In de overeenkomst en in de algemene voorwaarden is een arbitragebeding opgenomen maar nu geen van partijen daarop een beroep doet en de gang naar de rechter altijd open blijft staan, wordt ervan uitgegaan dat zij hiervoor niet hebben gekozen. In zaken die bij dagvaarding moeten worden ingeleid, heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht indien de gedaagde, zoals hier het geval is bij beide gedaagden, in Nederland zijn woonplaats heeft. Ten aanzien van het toepasselijke recht geldt het volgende. In de Bailment Deed is bepaald dat die overeenkomst wordt beheerst door het recht van Nieuw-Zeeland. Diezelfde bepaling staat niet in de overeenkomst of in het Subcontract, althans daar is door partijen geen beroep op gedaan. Uit het feit dat Affco c.s. uitgaat van het toepasselijke Nederlandse recht en ook [gedaagde 2] en [gedaagde] hun verweren hebben gebaseerd op Nederlands recht, begrijpt de rechtbank dat partijen voor de toepasselijkheid van het Nederlandse recht hebben gekozen, wat in casu is toegestaan. Incident tot zekerheidsstelling ex artikel 224 Rv 5.2. [gedaagde 2] en [gedaagde] hebben gevorderd dat Affco c.s. als in Nieuw-Zeeland gevestigde rechtspersonen, op grond van het bepaalde in artikel 224 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) wordt veroordeeld om zekerheid te stellen voor de proceskosten tot een bedrag van € 13.167,00 ([gedaagde 2]) respectievelijk € 13.324,00 ([gedaagde]). Dat ziet op het betaalde griffierecht van € 1.599,00 en € 11.568,00 aan proceskosten, gelijk aan drie keer het toepasselijke liquidatietarief van € 3.856,00 volgens [gedaagde 2] en op het betaalde griffierecht van € 1.599,00 en € 11.725,00 aan proceskosten in het incident en de hoofdzaak volgens [gedaagde]. 5.3. Affco c.s. heeft bij conclusie van antwoord in het incident gesteld dat zij zonder meer bereid is om zekerheid te stellen en dat zij dit ook heeft gedaan door storting van het bedrag van € 13.324,00. 5.4. Uit de e-mail van 12 september 2019 namens de raadslieden van Affco c.s. (productie 48 bij conclusie van antwoord in het incident) blijkt dat voorgesteld wordt om het bedrag van € 13.324,00 tot zekerheid van voldoening van een eventuele proceskostenveroordeling ten gunste van [gedaagde] op de derdengeldrekening van het kantoor van de raadslieden te laten storten door Affco c.s. Daarop is dit voorstel namens [gedaagde] via zijn raadsman bij e-mail van 16 september 2019 aanvaard (productie 49 bij conclusie van antwoord in het incident). Door Affco c.s. is overgelegd een View payment waaruit blijkt van overmaking van het bedrag van € 13.324,00 naar de bankrekening van de raadslieden van Affco c.s. Dat betekent dat voldoende zekerheid is gesteld ten gunste van [gedaagde]. 5.5. Een dergelijke overmaking door Affco c.s. heeft niet plaatsgevonden ten gunste van [gedaagde 2], zodat op die vordering in het incident nog moet worden beslist. Gelet op het hierna volgende, zal de vordering in het incident worden afgewezen. De kosten aan de zijde van Affco c.s. gemaakt in het incident zullen ten laste komen van [gedaagde 2] en [gedaagde]. Kader van de bestuurdersaansprakelijkheid 5.6. Affco c.s. spreekt [gedaagde] en [gedaagde 2] primair aan uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid. Wanneer een rechtspersoon wanprestatie pleegt of onrechtmatig handelt kan, onder bijzondere omstandigheden, behalve de rechtspersoon zelf ook het bestuur of een bestuurder van die rechtspersoon aansprakelijk zijn voor de schade. Volgens de Hoge Raad gelden voor het aannemen van aansprakelijkheid van een bestuurder naast de rechtspersoon hogere eisen dan in het algemeen het geval is. Een hoge drempel voor aansprakelijkheid van een bestuurder tegenover een derde wordt gerechtvaardigd door de omstandigheid dat ten opzichte van de wederpartij primair sprake is van handelingen van de rechtspersoon en door het maatschappelijk belang dat wordt voorkomen dat bestuurders hun handelen in onwenselijke mate door defensieve overwegingen laten bepalen. 5.7. In het arrest van de Hoge Raad Ontvanger/Roelofsen (ECLI:NL:HR:2006:AZ0758 8 december 2006) is overwogen dat bij benadeling van een schuldeiser van een vennootschap door het onbetaald en onverhaald blijven van diens vordering, naast de aansprakelijkheid van de vennootschap grond kan zijn voor aansprakelijkheid van degene die als bestuurder
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.