← Nederland

ECLI:NL:RBGEL:2021:1139

beschikking RECHTBANK GELDERLAND Familie- en jeugdrecht Zittingsplaats: Zutphen Zaakgegevens: C/05/384281 / FA RK 21-653 Datum mondelinge uitspraak: 26 februari 2021 Beschikking wijziging machtiging verplichte zorg Wvggz naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het wijzigen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 8:12 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van: [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , wonende te [woonplaats] , verblijvende te: Pro Persona, locatie [adres] , op grond van een zorgmachtiging tot en met 10 maart 2021, hierna te noemen: betrokkene, advocaat: mr. S.C.M. Wouda-van Velzen te Arnhem. 1Procesverloop 1.

  1. Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 23 februari 2021, heeft de officier van justitie verzocht om wijziging van de zorgmachtiging, zoals die op 11 september 2020 ten aanzien van betrokkene is afgegeven. 1.
  2. De mondelinge behandeling heeft vanwege de situatie rondom het virus COVID-19 via beeldbellen plaatsgevonden op 26 februari
  3. 1.
  4. Tijdens de mondelinge behandeling zijn gehoord: betrokkene, bijgestaan door haar advocaat; [naam] , als waarnemend psychiater verbonden aan Pro Persona; [naam] , als afdelingsarts en geriater in opleiding verbonden aan Pro Persona; 1.
  5. Omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig is, is de officier van justitie niet verschenen tijdens de mondelinge behandeling. 2Beoordeling 2.
  6. Ten aanzien van de wijze waarop de procedure mondeling is behandeld, overweegt de rechtbank als volgt. Vanwege de maatregelen van de overheid ter bestrijding van het coronavirus (COVID-19) is het niet toegestaan betrokkene persoonlijk te bezoeken. Dit levert voor betrokkene en andere aanwezigen een onaanvaardbaar besmettingsgevaar op. Om die reden is besloten betrokkene via beeldbellen te horen. 2.
  7. Ten aanzien van betrokkene is op 11 september 2020 een zorgmachtiging afgegeven. Uit de aanvraag van de zorgverantwoordelijke, die door de geneesheer-directeur is ingediend vergezeld van zijn advies hierover, blijkt dat de in deze zorgmachtiging genoemde vormen van verplichte zorg niet (langer) volstaan, waardoor er sprake is van een (dreigende) noodsituatie als bedoeld in artikel 8:11 Wvggz. Betrokkene rookt op haar kamer, zowel overdag als ’s nachts zonder dat er sprake is van toezicht. De afdelingsarts heeft tijdens de mondelinge behandeling toegelicht dat betrokkene soms erg versuft is en dan een (brandende) sigaret laat vallen. Er is hierdoor sprake van gevaar voor zowel betrokkene als andere personen in het gebouw. Betrokkene heeft daarnaast waanideeën waarbij zij denkt dat ze in brand wordt gestoken of dat er ergens brand ontstaat. Gezien de onvoorspelbaarheid in het gedag van betrokkene bij de huidige psychotische ontregeling en betrokkene hierin wisselend coöperatief is, zijn de aanvullende verzochte vormen van verplichte zorg noodzakelijk. 2.
  8. Teneinde deze noodsituatie af te wenden heeft de zorgverantwoordelijke, bij wijze van tijdelijke maatregel, de volgende vormen van verplichte zorg toegepast: onderzoek aan kleding of lichaam; onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen. 2.
  9. Gebleken is dat deze vormen van zorg, die niet zijn opgenomen in de zorgmachtiging, ook na verloop van drie dagen moeten worden voortgezet. 2.
  10. Betrokkene verzette zich in eerste instantie tegen deze (aanvullende) vormen van verplichte zorg. Tijdens de mondelinge behandeling heeft zij echter aangegeven wel te snappen dat deze vormen van zorg noodzakelijk zijn. De advocaat van betrokkene heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Gezien de psychotische ontregeling laat betrokkene echter een wisselend beeld zien waardoor de vormen van verplichte zorg noodzakelijk zijn. 2.
  11. Gebleken is dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn die hetzelfde met de zorgmachtiging beoogde effect hebben. De voorgestelde gewijzigde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief en veilig. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van deze zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. 2.
  12. Gelet op het voorgaande is met de voorgestelde wijziging voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. Het verzoek zal dan ook worden toegewezen, aldus dat de vormen van verplichte zorg worden uitgebreid met:  onderzoek aan kleding of lichaam;  onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen; alle voor de duur van de lopende zorgmachtiging die geldt tot en met 10 maart
  13. 3Beslissing De rechtbank: 3.
  14. wijzigt de zorgmachtiging die op 11 september 2021 is verleend ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , in die zin dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen kunnen worden getroffen als vermeld onder 2.7.; 3.
  15. bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 10 maart
  16. Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 26 februari 2021 door mr. E. van Dusschoten, rechter, in tegenwoordigheid van L. Stoevenbelt, griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 26 februari
  17. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.