RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Arnhem Parketnummer: 05/158402-20 Datum uitspraak : 4 juli 2022 Tegenspraak vonnis van de meervoudige militaire kamer in de zaak van de officier van justitie tegen [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1987 in [geboorteplaats] , wonende aan het [adres] . Raadsman: mr. M.P.K. Ruperti, advocaat in Amsterdam. Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 30 mei 2022 en 20 juni 2022. 1De inhoud van de tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat: hij in of omstreeks de periode van 25 mei 2019 tot en met 20 juli 2019 te Assen en/of Darp en/of Groningen en/of Leeuwarden en/of Eersel, in elk geval in Nederland, (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad een of meerdere hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaïne en/of MDMA (zogenoemde XTC-tablet(ten) en/of amfetamine, zijnde cocaïne en/of MDMA en/of amfetamine (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet. 2De standpunten De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden en heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete ter hoogte van 300 euro, te vervangen door 6 dagen hechtenis. De officier van justitie heeft hiertoe aangevoerd dat in de Whatsappberichten in het dossier sprake is van spreektaal, verwijzingen naar Dominator en Sos te vinden zijn en dat de modus operandi van de gesprekken overeenkomt met die in de andere zaken. Daarnaast acht de officier van justitie de verklaring van verdachte dat het ‘geouwehoer en grootspraak’ zou zijn, ongeloofwaardig en heeft zij het standpunt ingenomen dat er hiermee sprake is van het delen van gebruikerservaring door verdachte. Gelet op het voorgaande komt de officier van justitie tot een bewezenverklaring. De verdediging heeft voor vrijspraak gepleit. 3Overwegingen ten aanzien van het bewijs Het onderzoek naar het handelen van verdachte maakt deel uit van een groter onderzoek naar drugsgebruik en het voorhanden hebben en afleveren van harddrugs door tien andere verdachten. Anders dan bij de andere verdachten, bevat dit dossier geen getuigenverklaringen waarin het harddrugsgebruik of -bezit van verdachte naar voren komt. Het dossier bevat enkel whatsappgesprekken die over harddrugs zouden kunnen gaan. Vanwege het ontbreken van overige bewijsmiddelen is daarmee onvoldoende komen vast te staan dat verdachte in de periode zoals deze ten laste is gelegd harddrugs in zijn bezit zou hebben gehad. Gelet hierop zal de militaire kamer verdachte vrijspreken van het tenlastegelegde feit. 4De beslissing De militaire kamer spreekt verdachte vrij van het tenlastegelegde. Dit vonnis is gewezen door mr. Y.H.M. Marijs (voorzitter) en mr. Y. van Wezel, rechters en Kolonel mr. C.E.W. van de Sande, militair lid, in tegenwoordigheid van mr. M.M. Taekema, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 4 juli 2022.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.