beslissing RECHTBANK GELDERLAND, locatie Arnhem Verschoningskamer zaaknummer: C/05/407608 / KG RK 22-598 Beslissing van 17 augustus 2022 van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek van mr. D.T. Boks, rechter in deze rechtbank hierna te noemen: de rechter. in haar hoedanigheid van rechter in de zaak met zaaknummer C/05/398368 HA ZA 22/8 tussen [verzoeker] e.a. en [verweerder] . 1De procedure De rechter heeft op 16 augustus 2022 een verschoningsverzoek ingediend. Een afschrift van het verzoek zal tegelijk met het afschrift van deze beslissing aan de partijen worden verzonden. 2Het verschoningsverzoek De rechter heeft aan haar verschoningsverzoek ten grondslag gelegd dat zij eerder betrokken is geweest bij een kort geding tussen dezelfde partijen over hetzelfde onderwerp. In dat kort geding heeft de rechter [verweerder] in het gelijk gesteld. Deze uitspraak is in hoger beroep vernietigd. Bij [verzoeker] bestaat de vrees dat de rechter niet meer onbevangen een oordeel kan vormen over het geschil en daarom heeft [verzoeker] verzocht om de samenstelling van de (meervoudige) kamer in heroverweging te nemen, aldus de rechter. 3De beoordeling 3.
- Op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden, kan elk van de rechters die een zaak behandelen verzoeken zich te mogen verschonen. 3.
- Bij de beoordeling van een verschoningsverzoek dient uitgangspunt te zijn dat de rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich een uitzonderlijke omstandigheid voordoet, die een zwaarwegende aanwijzing oplevert voor het oordeel dat een rechter jegens een partij bij een geding een vooringenomenheid koestert (de subjectieve toets). Daarnaast kan er onder omstandigheden reden zijn voor verschoning, als geheel afgezien van de persoonlijke opstelling van de rechter in de zaak de bij een partij bestaande vrees voor onpartijdigheid van die rechter objectief gerechtvaardigd is, waarbij rekening moet worden gehouden met uiterlijke schijn (de objectieve toets). Het subjectieve oordeel van een partij is niet doorslaggevend. 3.
- De verschoningskamer stelt voorop dat de rechter niet heeft aangevoerd dat zij van oordeel is dat zij door de voor verschoning aangevoerde grond de zaak niet meer onpartijdig zou kunnen behandelen. De verschoningskamer ziet daar ook geen aanwijzingen voor. 3.
- Uit het verschoningsverzoek blijkt dat de rechter (geobjectiveerde) redenen voor [verzoeker] ziet om aan haar onpartijdigheid te twijfelen. De verschoningskamer ziet hierin, rekening houdend met de eerder genoemde uiterlijke schijn, een grond voor verschoning. Het verschoningsverzoek zal daarom worden toegewezen. 4De beslissing De verschoningskamer van de rechtbank wijst het verzoek tot verschoning van mr. D.T. Boks toe, en verstaat dat in de zaak een andere rechter zal worden aangewezen. Deze beslissing is gegeven door mr. S.J. Peerdeman, voorzitter, mr. A.F. Germs-de Goede en mr. Y.H.M. Marijs leden, in tegenwoordigheid van de griffier […] en in openbaar uitgesproken op 17 augustus
- de griffier de voorzitter Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.