← Nederland

ECLI:NL:RBGEL:2023:2323

RECHTBANK GELDERLAND Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Arnhem Zaaknummer: 10215214 \ CV EXPL 22-8450 \ 520 \ 44356 Vonnis van 19 april 2023 in de zaak van NOUTA WESTLAND GERECHTSDEURWAARDERSKANTOOR B.V., T.H.O.D.N. PUURNOUTA, te Wateringen, eisende partij, hierna te noemen: Nouta, gemachtigde: Nouta Westland Gerechtsdeurwaarders, tegen 1. [gedaagde 1], te [woonplaats] , gemachtigde: MKB Juridische Dienstverlening,2. [gedaagde 2], te [woonplaats] , gedaagde partijen, hierna samen te noemen: [gezamenlijke gedaagden] . gemachtigde: A.J. Vleugel 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding - de conclusie van antwoord - de conclusie van repliek - de conclusie van dupliek. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2Het geschil en de beoordeling daarvan 2.1. Nouta vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, des dat de een betalende de ander voor dat deel zal zijn bevrijd, [gezamenlijke gedaagden] hoofdelijk te veroordelen om aan haar te voldoen een bedrag van € 3.347,60, bestaande uit een hoofdsom van € 2.635,08, de contractuele rente tot 25 oktober 2022 van € 324,01 en de buitengerechtelijke incassokosten van € 388,51, te vermeerderen met de contractuele rente van 1% per maand vanaf 25 oktober 2022, althans vanaf de datum van de dagvaarding tot de dag van volledige betaling. 2.2. Nouta legt aan haar vorderingen ten grondslag dat zij in opdracht van [gezamenlijke gedaagden] werkzaamheden heeft verricht ten einde een vijftal geldbedragen te incasseren. [gezamenlijke gedaagden] schiet toerekenbaar tekort in de nakoming van haar betalingsverplichtingen uit hoofde van deze overeenkomst(

  1. en)door de overeengekomen vergoedingen niet tijdig te voldoen. 2.3. Ter onderbouwing van haar vordering heeft Nouta de algemene voorwaarden en de facturen overgelegd. Op grond hiervan kan niet worden vastgesteld welke prijs partijen zijn overeengekomen voor de werkzaamheden van Nouta. De kantonrechter ziet aanleiding om Nouta – ex artikel 22 Rv – te bevelen de onderliggende overeenkomst(
  2. en)van opdracht en overige schriftelijke stukken van de (nadien) gemaakte (prijs)afspraken, zoals bijvoorbeeld de toestemming voor het opstarten van een gerechtelijke procedure, in het geding te brengen. 2.4. Voorts stelt Nouta dat [gezamenlijke gedaagden] via een online portaal de ontwikkelingen van het incassotraject kan volgen en via die weg ook instructies kan geven. Dit wordt door [gezamenlijke gedaagden] betwist. De kantonrechter ziet aanleiding om Nouta – wederom ex artikel 22 Rv – te bevelen stukken in het geding te brengen waaruit blijkt dat [gezamenlijke gedaagden] voor elk incassotraject toegang had tot dit portaal. 2.5. Iedere beslissing wordt aangehouden. 3De beslissing De kantonrechter 3.1. beveelt Nouta om nadere stukken – zoals in r.o. 2.3. en 2.4. is overwogen – bij akte in het geding te brengen; 3.2. verwijst de zaak daartoe naar de rolzitting van vier weken na de datum van dit vonnis; 3.3. houdt iedere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken op 19 april 2023.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.