RECHTBANK Gelderland Civiel recht Zittingsplaats Arnhem Zaaknummer: C/05/419164 / HA ZA 23-213 Vonnis van 10 april 2024 in de zaak van [eis. in conv. + ged. in reconv.] , te [plaats] , eisende partij in conventie, gedaagde in reconventie, hierna te noemen: [eis. in conv. + ged. in reconv.] , advocaat: mr. K. Dirlik te Alkmaar, tegen NICOLETTE [ged. in conv. + eis. in reconv.], te [plaats] , gedaagde partij in conventie, eisende partij in reconventie, hierna te noemen: [ged. in conv. + eis. in reconv.] , advocaat: mr. H.J.R.M. Boersma te Wadenoijen. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 23 augustus 2023, waarin mondelinge behandeling is bevolen; de conclusie van antwoord in reconventie, tevens wijziging van eis in conventie en overlegging producties van [eis. in conv. + ged. in reconv.] ; de akte vermeerdering van eis in reconventie met producties van [ged. in conv. + eis. in reconv.] ; de akte overlegging producties van [eis. in conv. + ged. in reconv.] ; en het verkort proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 6 december 2023. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. [eis. in conv. + ged. in reconv.] en [ged. in conv. + eis. in reconv.] zijn in 2008 met elkaar getrouwd in de wettelijke gemeenschap van goederen. Zij hebben samen een dochter. Tijdens het huwelijk waren zij gezamenlijk vennoten van de vennootschap onder firma [handelsnaam] (hierna: de vof). [eis. in conv. + ged. in reconv.] voerde de gevelrenovatiewerkzaamheden uit en [ged. in conv. + eis. in reconv.] was verantwoordelijk voor de (financiële) administratie. 2.2. De rechtbank Rotterdam heeft op 18 januari 2021 de echtscheiding tussen partijen uitgesproken. Het door partijen gesloten echtscheidingsconvenant, vastgelegd in de vaststellingsovereenkomst van 7 december 2020 (hierna: de vaststellingsovereenkomst), maakt deel uit van de echtscheidingsbeschikking. 2.3. De vaststellingsovereenkomst vermeldt, voor zover relevant: “j. Ten aanzien van de vermogensrechtelijke aspecten van deze overeenkomst heeft de overeenkomst het karakter van een vaststellingsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:900 e.v. BW nu over alle gevolgen van de beëindiging van het huwelijk tussen mevrouw [ged. in conv. + eis. in reconv.] en de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] onzekerheid en geschillen bestonden die zij door middel van deze overeenkomst willen opheffen en beslechten. k. Ter beëindiging en of voorkoming van onzekerheid omtrent hetgeen tussen mevrouw [ged. in conv. + eis. in reconv.] en de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] geldt, verklaren zijn hetgeen in deze overeenkomst onder artikel 1 Algemeen, onder artikel 2 Financieel en artikel 3 Ouderschapsregeling, is opgenomen met elkaar te zijn overeengekomen en tussen hen bindend vast te stellen. (…) 2.8 V.O.F. naar eenmanszaak 2.8.1 De onderneming [handelsnaam] , met KvK nummer [nummer] , gedreven voor rekening en risico van de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] en mevrouw [ged. in conv. + eis. in reconv.] , zal worden omgezet naar een eenmanszaak en zal in zijn geheel, alle activa en passiva, worden toebedeeld aan de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] (zie bijlage 4). Betreffende het boekjaar 2020 vallen alle kosten en baten onder de verantwoording van beide partijen. Per 01-01-2021 zullen alle kosten en baten ten goede vallen aan de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] . 2.8.2 Mevrouw [ged. in conv. + eis. in reconv.] en de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] hebben de waarde van de onderneming in onderling overleg vastgesteld. Beiden zijn in het bezit van het document waarin de waarde van de onderneming is vastgesteld. Partijen hebben afgezien van een onafhankelijke waarde bepaling en hebben besloten de jaarstukken van 2019 te hanteren voor de waarde (zie bijlage 4). 2.8.3 Mevrouw [ged. in conv. + eis. in reconv.] en de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] zijn overeengekomen dat mevrouw [ged. in conv. + eis. in reconv.] gedurende 5 jaar vanaf ondertekening van deze vaststellingsovereenkomst in dienst zal blijven van de onderneming [handelsnaam] . (…) 2.8.5 Mevrouw [ged. in conv. + eis. in reconv.] en de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] zijn een aantal afspraken overeengekomen betreffende onderneming [handelsnaam] , welke schriftelijk zijn vastgelegd en ondertekend door beide partijen (zie bijlage 5).” 2.4. In bijlage 5 bij de vaststellingsovereenkomst is opgenomen: “ Bijlage 5 Afspraken betreft onderneming [handelsnaam] Mevrouw [ged. in conv. + eis. in reconv.] en de heer [eis. in conv. + ged. in reconv.] wensen de volgende afspraken vast te leggen en komen overeen dat deze bindend zijn: - Indien de bedrijfsloods aan de [adres+plaats] , wordt verkocht aan een derde partij, zal met de verkregen overwaarde de lopende hypotheek en leningen van de onderneming worden afgelost. Mocht er na deze betaling nog waarde resteren dan zullen daar de belastingschulden mee worden afgelost. Het restant van de waarde zal in de onderneming als vermogen worden opgenomen.” 2.5. Kort na het sluiten van de vaststellingsovereenkomst is de eenmanszaak [handelsnaam] ingeschreven in het register van de Kamer van Koophandel. De ondernemingsactiviteiten van de vof zijn voortgezet in deze eenmanszaak. De eenmanszaak maakt gebruik van de bankrekening van de vof. In de vof zijn de activa achtergebleven, te weten twee bedrijfsbussen en een bedrijfsloods in [plaats] . 2.6. [ged. in conv. + eis. in reconv.] heeft na het sluiten van de overeenkomst nog administratieve werkzaamheden verricht voor de onderneming [handelsnaam] . [ged. in conv. + eis. in reconv.] heeft van de zakelijke rekening bedragen overgeschreven naar haar privérekening en gebruikt om privékosten te betalen. [ged. in conv. + eis. in reconv.] heeft op 14 maart 2023 een bedrag van € 17.740,41 overgemaakt van de zakelijke rekening van de onderneming [handelsnaam] naar haar privérekening. 2.7. Bij brief van 21 maart 2023 heeft de advocaat van [eis. in conv. + ged. in reconv.] , [ged. in conv. + eis. in reconv.] (onder andere) gesommeerd om het bedrag van € 17.740,41 terug te storten binnen een termijn van drie dagen. Bij brief van 30 maart 2023 heeft de advocaat van [ged. in conv. + eis. in reconv.] (onder andere) bericht dat zij niet overgaat tot betaling van enig bedrag, voordat inzicht bestaat op gang van zaken met betrekking tot de vaststellingsovereenkomst en de vraag of [ged. in conv. + eis. in reconv.] bij de totstandkoming heeft gedwaald. 2.8. Na daartoe verkregen verlof heeft [eis. in conv. + ged. in reconv.] conservatoir beslag doen leggen op de koopsom voor de auto van [ged. in conv. + eis. in reconv.] onder het garagebedrijf. 3Het geschil In conventie 3.1. [eis. in conv. + ged. in reconv.] vordert in conventie na wijziging van eis – samengevat – dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: [ged. in conv. + eis. in reconv.] veroordeelt tot betaling van een bedrag van € 66.424,60 te vermeerderen met wettelijke rente; [ged. in conv. + eis. in reconv.] gebiedt medewerking te verlenen tot uitschrijving uit de Kamer van Koophandel op straffe van een dwangsom; [ged. in conv. + eis. in reconv.] gebiedt het bankrekeningnummer waar haar levensverzekering vanaf wordt geschreven aan te passen in haar eigen bankrekeningnummer op straffe van een dwangsom; [ged. in conv. + eis. in reconv.] veroordeelt tot betaling van een bedrag van € 73,23 per maand aan kosten voor de levensverzekering van [ged. in conv. + eis. in reconv.] vanaf april 2023; en [ged. in conv. + eis. in reconv.] veroordeelt in de kosten van dit geding. 3.2. [eis. in conv. + ged. in reconv.] legt aan zijn vorderingen het volgende ten grondslag. Partijen hebben in de gesloten vaststellingsovereenkomst vastgelegd dat per 1 januari 2021 alle kosten en baten van de onderneming [handelsnaam] ten gunste komen van [eis. in conv. + ged. in reconv.] . [ged. in conv. + eis. in reconv.] heeft in de periode van 1 januari 2021 tot en met maart 2023 zonder zijn toestemming een bedrag van € 66.424,60 van de zakelijke rekening onttrokken ten behoeve van haarzelf en hun dochter. [ged. in conv. + eis. in reconv.] is gehouden om dit bedrag aan [eis. in conv. + ged. in reconv.] terug te betalen. 3.3. [eis. in conv. + ged. in reconv.] maakt daarnaast aanspraak op een bedrag van € 73,23 per maand vanaf april 2023 voor de kosten voor de levensverzekering van [ged. in conv. + eis. in reconv.] . Deze premiekosten worden ten onrechte van de zakelijke rekening afgeschreven en zijn slechts tot en met maart 2023 meegenomen in het gevorderde bedrag van € 66.424,60. Ook dient [ged. in conv. + eis. in reconv.] het bankrekeningnummer waar haar premie vanaf wordt geschreven te wijzigen in haar eigen bankrekeningnummer. 3.4. Tot slot dient [ged. in conv. + eis. in reconv.] medewerking te verlenen aan de uitschrijving van de vof uit de Kamer van Koophandel. 3.5. [eis. in conv. + ged. in reconv.] baseert zijn vorderingen tot betaling van € 66.424,60 (vordering 1) en € 73,23 per maand vanaf april 2023 (vordering 4) primair op onverschuldigde betaling, subsidiair op ongerechtvaardigde verrijking en meer subsidiair op onrechtmatige daad dan wel wanprestatie. Vorderingen 2 en 3 zijn klaarblijkelijk gebaseerd op nakoming van de vaststellingsovereenkomst. 3.6. [ged. in conv. + eis. in reconv.] voert verweer. [ged. in conv. + eis. in reconv.] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eis. in conv. + ged. in reconv.] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eis. in conv. + ged. in reconv.] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [eis. in conv. + ged. in reconv.] in de kosten van deze procedure. In reconventie 3.7. [ged. in conv. + eis. in reconv.] vordert in reconventie na wijziging van eis – samengevat – dat de rechtbank bij vonnis: de vaststellingsovereenkomst d.d. 7 december 2020 vernietigt; primair: [eis. in conv. + ged. in reconv.] veroordeelt tot het verstrekken van de volgende gegevens binnen een maand na het vonnis op straffe van een dwangsom: 1. een recent taxatierapport van de loods aan de [adres+plaats] uitgebracht door een beëdigde regionaal werkende NVM Makelaar; 2. opgave van de restant hypotheekschuld van het onder 1. genoemde pand per 7 december 2020; 3. kentekens van de twee bussen op naam van de vof met de waarde per 7 december 2020 (verklaringen van erkende BOVAG-garages) en de restant leaseschuld per 7 december 2020; 4. gegevens (tenaamstelling, verifieerbare waarde) van de drie panden/percelen, al dan niet (mede) op naam van [betrokkene 1] aan de adressen: a. [adres+plaats] , aankoop 5 juni 2014; b. Idem, aankoop 22 oktober 2019; c. [adres+plaats] , aankoop 9 december 2020; en 5. gegevens (jaarrekeningen en waarde) [bedrijf 1] , gevestigd te Hongarije. - subsidiair: [eis. in conv. + ged. in reconv.] veroordeelt tot betaling van € 100.000,= als zijnde het bedrag waarvoor [ged. in conv. + eis. in reconv.] bij gebreke van het verstrekken van verificatoire bewijsstukken door [eis. in conv. + ged. in reconv.] , geacht kan worden bij de totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst te zijn benadeeld. 3.8. [ged. in conv. + eis. in reconv.] legt aan haar eerste vordering ten grondslag dat zij heeft gedwaald omtrent de waarde van de te verdelen goederen en schulden en dat zij bij de totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst voor ten minste één vierde gedeelte is benadeeld ex artikel 3:196 BW. [ged. in conv. + eis. in reconv.] was nauwelijks betrokken bij de totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst en heeft niet begrepen wat werd afgesproken toen zij de vaststellingsovereenkomst ondertekende. De vordering strekkende tot het verstrekken van gegevens is gegrond op artikel 843a Rv. 3.9. [eis. in conv. + ged. in reconv.] voert verweer. [eis. in conv. + ged. in reconv.] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [ged. in conv. + eis. in reconv.] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [ged. in conv. + eis. in reconv.] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [ged. in conv. + eis. in reconv.] in de kosten van deze procedure. 3.10. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 4De beoordeling In reconventie 4.1. Aangezien de vorderingen van [eis. in conv. + ged. in reconv.] in conventie gebaseerd zijn op de tussen partijen gesloten vaststellingsovereenkomst zal de rechtbank eerst de reconventionele vordering van [ged. in conv. + eis. in reconv.] tot vernietiging van de vaststellingsovereenkomst beoordelen op grond van dwaling. Beroep vernietiging artikel 3:196 BW 4.2. Artikel 3:196 BW bevat een bijzondere regeling voor de vernietigbaarheid van overeenkomsten over verdelingen wegens dwaling. In artikel 3:196 lid 1 BW is bepaald dat een verdeling vernietigbaar is wanneer een deelgenoot over de waarde van een of meer te verdelen goederen of schulden heeft gedwaald en daardoor voor meer dan een vierde gedeelte is benadeeld. Wanneer een benadeling voor meer dan een vierde is bewezen, wordt de benadeelde vermoed over de waarde van een of meer van de te verdelen goederen en schulden te hebben gedwaald. Een verdeling is niet op grond van dwaling vernietigbaar, indien de benadeelde de toedeling te zijnen bate of schade heeft aanvaard, aldus lid 4 van artikel 3:196 BW. 4.3. Op [ged. in conv. + eis. in reconv.] rust de stelplicht ex artikel 150 Rv dat zij heeft gedwaald over één of meer goederen én voor meer dan een vierde gedeelte is benadeeld. [eis. in conv. + ged. in reconv.] heeft betwist dat [ged. in conv. + eis. in reconv.] voor een vierde is benadeeld. [ged. in conv. + eis. in reconv.] heeft ter onderbouwing van haar vordering enkel verwezen naar de (over)waarde van de loods van de vof en een tweetal bedrijfsbussen op naam van de vof. [ged. in conv. + eis. in reconv.] heeft daarmee niet aan haar stelplicht voldaan. [ged. in conv. + eis. in reconv.] had de rechtbank handvatten moeten geven voor de schatting van de waarde van de goederen en schulden ten tijde van de verdeling. [ged. in conv. + eis. in reconv.] heeft ook niet becijferd voor hoeveel zij is benadeeld. Ook op dit punt heeft zij niet aan haar stelplicht voldaan. 4.4. Nu [ged. in conv. + eis. in reconv.] niet aan haar stelplicht heeft voldaan, zal de rechtbank haar vordering afwijzen. De rechtbank overweegt dat voor zover [ged. in conv. + eis. in reconv.] al voldoende zou hebben gesteld en zou hebben kunnen onderbouwen dat zij voor meer dan een vierde is benadeeld, het volgende geldt. Dwaling bij sluiten vaststellingsovereenkomst 4.5. Tussen partijen is niet in geschil dat zij een vaststellingsovereenkomst hebben gesloten. Zulks vloeit overigens ook voort uit het bepaalde in de considerans onder j en k van de vaststellingsovereenkomst. [eis. in conv. + ged. in reconv.] stelt dat nu sprake is van een vaststellingsovereenkomst, [ged. in conv. + eis. in reconv.] geen beroep kan doen op dwaling. 4.6. Indien over de waarde van een bepaald goed wordt getwist, kunnen deelgenoten hun geschil beslechten in een vaststellingsovereenkomst ex artikel 7:900 BW. In beginsel kan ten aanzien van een vaststellingsovereenkomst geen beroep worden gedaan op dwaling ter zake van hetgeen waarover werd getwist of waarover onzekerheid bestond (ECLI:NL:PHR:1985:AC4400). Ter beëindiging van dat geschil of die onzekerheid is immers juist een vaststellingsovereenkomst gesloten. Blijkt evenwel een misvatting te bestaan ten aanzien van hetgeen partijen als zeker en onbetwist aan hun overeenkomst ten grondslag hebben gelegd, dan kan een beroep op dwaling wel gerechtvaardigd zijn (ECLI:NL:HR:2008:BD3940). 4.7. In artikel 2.8.2 is in de vaststellingsovereenkomst opgenomen dat partijen de waarde van de onderneming in onderling overleg hebben vastgesteld en dat zij allebei in het bezit zijn van het document waarin de waarde van de onderneming is vastgesteld (bijlage 4 bij de vaststellingsovereenkomst). Partijen hebben daarbij afgezien van een onafhankelijke waardebepaling en hebben besloten de jaarstukken van 2019 te hanteren voor de waarde. In bijlage 5 bij de overeenkomst zijn aanvullende afspraken opgenomen over de overwaarde van de loods bij verkoop. 4.8. Ter onderbouwing van het standpunt dat [ged. in conv. + eis. in reconv.] heeft gedwaald, verwijst zij naar de waarde van de loods en de bedrijfsbussen. Door [ged. in conv. + eis. in reconv.] is niet gesteld dat sprake is van een misvatting ten aanzien van hetgeen partijen als zeker en onbetwist aan hun overeenkomst ten grondslag hebben gelegd. Juist over deze onderwerpen is de vaststellingsovereenkomst gesloten en staat artikel 7:900 BW een beroep op dwaling in de weg. 4.9. Op grond van het voorgaande zal de rechtbank de vordering van [ged. in conv. + eis. in reconv.] tot vernietiging van de vaststellingsovereenkomst wegens dwaling afwijzen. Vordering artikel 843a Rv 4.10. Ten aanzien van de artikel 843a vordering overweegt de rechtbank dat een dergelijke vordering alleen kan worden toegewezen als aan de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.