← Nederland

ECLI:NL:RBGEL:2025:12039

RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Arnhem Parketnummer: 05.930177.06 Datum uitspraak: 4 juli 2025 Beslissing van de meervoudige kamer als bedoeld in artikel 6:6:10 van het Wetboek van Strafvordering in de zaak van de officier van justitie tegen [betrokkene] , hierna: betrokkene, geboren op [geboortedag] 1945 te [geboortedag] , verblijvende bij [instelling] , [adres] [verblifplaats] , onder verantwoordelijkheid van de kliniek FPC [kliniek] te [locatie] (hierna: de kliniek). Raadsman: mr. F.G.W.M. Huijbers, advocaat te Nijmegen. Procedure Betrokkene is op 24 mei 2007 bij vonnis van de rechtbank Arnhem veroordeeld vanwege de misdrijven seksueel misbruik van een minderjarige en ontucht met een minderjarige tot 12 maanden gevangenisstraf en terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege. Deze maatregel is ingegaan op 8 juni 2007 en het laatst verlengd bij beslissing van de rechtbank van 30 juni 2023 met twee jaren. Bij vordering van 22 april 2025, ingekomen op dezelfde datum, heeft de officier van justitie gevorderd dat deze maatregel wordt verlengd voor de duur van twee jaren. De rechtbank heeft verder kennisgenomen van de volgende processtukken: het advies van psychiater I. Maksimovic van 20 januari 2025, waarin wordt geadviseerd de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege te verlengen met twee jaren; het advies van GZ-psycholoog A.J. Klumpenaar van 5 februari 2025, waarin wordt geadviseerd de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege te verlengen met twee jaren; het adviesrapport van de kliniek van 4 april 2025, waarin wordt geadviseerd de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege te verlengen met twee jaren; een afschrift van de wettelijke aantekeningen. Ter zitting van 20 juni 2025 zijn gehoord: betrokkene met behulp van een videoverbinding; zijn raadsman mr. F.G.W.M. Huijbers; de deskundige drs. I.K.D. Beekhuis, GZ-psycholoog en hoofdbehandelaar, en; de officier van justitie, mr. G. Steeghs. De standpunten De officier van justitie heeft ter zitting de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling met twee jaar gehandhaafd, nu aan de voorwaarden voor verlenging is voldaan. De officier van justitie heeft daarnaast aangevoerd dat het op dit moment goed gaat met betrokkene op de plek waar hij verblijft. De raadsman van betrokkene heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank, omdat hij de belangen van betrokkene in het oog wil houden. De raadsman ziet dat het goed gaat met betrokkene binnen [instelling] . Andere mogelijkheden lijken geen verschil uit te maken voor de belangen van betrokkene. Plaatsing op een andere plek zou voor betrokkene, gelet op zijn toestand, niet meer vrijheden inhouden. Betrokkene kan niet zelfstandig wonen en heeft zorg nodig. De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat, gelet op het voorgaande, veranderingen zo veel mogelijk vermeden dienen te worden. De beoordeling Indexdelict De terbeschikkingstelling is opgelegd vanwege het met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam en met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen. De rechtbank overweegt dat de maatregel van terbeschikkingstelling is opgelegd in verband met een veroordeling voor een misdrijf dat gericht was tegen of gevaar veroorzaakte voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De maatregel is dus niet gemaximeerd. Stoornis Uit de rapporten van de kliniek, de psychiater en de psycholoog blijkt dat betrokkene lijdt aan een matige verstandelijke beperking dan wel een ontwikkelingsstoornis, een pedofiele stoornis en een stoornis in alcoholgebruik, in langdurende remissie in een gereguleerde omgeving. Er zijn daarnaast steeds meer aanwijzingen voor een neurocognitieve stoornis, te weten een dementieel proces. De stoornissen zijn nog altijd aanwezig. Verloop van de maatregel Betrokkene is al sinds 2013 woonachtig bij [instelling] in [verblifplaats] en functioneert hier over het algemeen stabiel. Betrokkene heeft zich de afgelopen periode begeleidbaar opgesteld. Er hebben in deze afgelopen periode geen grote ontregelingen plaatsgevonden. Betrokkene kan soms mopperen en negatief aanwezig zijn, waardoor een aantal medebewoners heeft aangegeven dat ze liever geen contact meer met hem willen hebben. Betrokkene lijkt hier zelf geen last van te ervaren. Op 30 juni 2023 is betrokkene voor een korte tijd tijdelijk teruggeplaatst naar [kliniek] , locatie [locatie] . Betrokkene maakte een verwarde indruk en er was sprake van een delirant beeld als gevolg van dehydratie. Betrokkene was niet meer in contact met de begeleiding waardoor hij niet meer luisterde. Na overleg tussen de betrokken partijen is besloten betrokkene tijdelijk op te nemen in de kliniek. Betrokkene heeft op 4 juli 2023 zijn verblijf bij [instelling] weer voortgezet. De bejegeningswijze is voortgezet zoals eerder ook vormgegeven. Er is wel geadviseerd om extra aandacht te besteden aan het bijhouden van de vochtbalans en voldoende eten en drinken. De inschatting is dat op deze wijze de risico’s op aanvaardbaar niveau zijn en blijven. Betrokkene heeft een machtiging voor transmuraal verlof. Betrokkene praktiseert enkel begeleide vrijheden, omdat hij tijdens de begeleide verloven delictgerelateerde gedragingen laat zien wanneer er kinderen in de buurt zijn. Betrokkene kan dan naar de kinderen gaan staren of in de richting van de kinderen lopen. Wanneer betrokkene deze gedragingen laat zien, acteert de begeleiding hierop en leidt betrokkene af of gaat met betrokkene weg. Dit is een blijvend punt van aandacht tijdens elke (evaluatie)bespreking. Hoewel betrokkene nu goed op zijn plek zit bij [instelling] , kan vermindering van de fysieke gesteldheid van betrokkene ertoe leiden dat hij niet meer bij [instelling] kan verblijven. Indien dit zich voordoet, levert dit een dilemma op gelet op de stoornissen van betrokkene en het recidiverisico. Wanneer er sprake zal zijn van een overplaatsing van betrokkene vanwege verdere achteruitgang of complicaties op lichamelijk gebied, is forensisch toezicht en intensieve begeleiding noodzakelijk om het risico op recidive hanteerbaar te houden. In dit verband zijn ook de signalen van een zich ontwikkelend dementieel beeld bij betrokkene relevant, nu dat gevolgen kan hebben voor zijn toekomstperspectief en het hierna te noemen recidiverisico. Recidivegevaar Betrokkene is gedurende de tbs-behandeling weinig leerbaar gebleken en is niet in staat te reflecteren op zijn handelen. Zijn denken is puur associatief en zijn handelen is impulsief. Het probleembesef en -inzicht van betrokkene is blijvend beperkt. Hierdoor is betrokkene blijvend aangewezen op 24-uurs professionele begeleiding, structuur en toezicht. De behandelingen hebben een beperkt effect op betrokkene, omdat hij een zeer laag leervermogen heeft. Ondanks de hoge leeftijd van betrokkene is zijn preoccupatie en impulsiviteit jegens jonge meisjes blijvend aanwezig. Dit maakt dat het risico op recidive onverminderd hoog blijft wanneer er geen sprake zou zijn van intensieve begeleiding, toezicht en begrenzing. De risico’s op recidive hangen bij betrokkene volledig samen met zijn pedofiele stoornis in samenhang met zijn lage functioneren op zowel cognitief als sociaal-emotioneel gebied. Betrokkene lijkt enig besef te hebben van de onjuistheid en ongepastheid van zijn handelen, maar heeft onvoldoende zelfcontrole om delicten te voorkomen. In die zin is hij afhankelijk van externe structuur, begeleiding en toezicht. Betrokkene mag op dit moment enkel vrij rondlopen op het terrein van de kliniek. Alle bewegingen buiten het terrein zijn begeleid. Binnen deze kaders zijn de risico’s op recidive laag. Als betrokkene zich zelfstandig staande zou moeten houden in de maatschappij zou dit een vergroting van de risico’s betekenen. Bij de begeleide verloven wordt gezien dat betrokkene nog steeds delictgedragingen vertoont zodra er zicht is op jonge meisjes. Bij het volledig wegvallen van alle zorg en toezicht is de kans op recidive onverminderd hoog. De huidige kaders zijn om die reden het maximaal haalbare qua vrijheden. Er wordt gestreefd naar een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven binnen deze strakke kaders om recidive te voorkomen. Hieruit blijkt dat de kans op herhaling bij onmiddellijke beëindiging van de terbeschikkingstelling onverminderd groot is. Conclusie Betrokkene blijft vanwege zijn stoornissen, zeer beperkte leervermogen en laag emotioneel ontwikkelingsniveau levenslang afhankelijk van intensieve begeleiding, toezicht en begrenzing. De plek waar betrokkene op dit moment verblijft biedt betrokkene de kaders waardoor hij stabiel kan functioneren en het recidiverisico op een aanvaardbaar niveau blijft. De gelijkluidende adviezen van de kliniek, psychiater en psycholoog concluderen dat voor betrokkene het verblijf bij [instelling] op dit moment het meest passend is. Op dit moment krijgt betrokkene de 24-uurszorg, structuur, begeleiding en het toezicht dat hij nodig zal blijven hebben gezien de extreme afhankelijkheid van de context en chroniciteit van de problematiek van betrokkene. De rechtbank is ervan overtuigd dat de plek waar betrokkene op dit moment verblijft daarmee de juiste plek is voor hem. De rechtbank plaatst daarbij de kanttekening dat de fysieke en cognitieve gesteldheid van betrokkene mogelijk in de toekomst zou kunnen betekenen dat overplaatsing van betrokkene onontkoombaar is. In dat geval blijft forensisch toezicht en intensieve begeleiding noodzakelijk om het risico op recidive hanteerbaar te houden. Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen de verlenging van de maatregel vereist. De rechtbank zal de terbeschikkingstelling, overeenkomstig de vordering en het advies, met twee jaren verlengen. De beslissing De rechtbank: verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van [betrokkene] met 2 (twee) jaren. Deze beslissing is gegeven door mr. H.C. Leemreize, als voorzitter, mr. W. Bruins en mr. I. de Bruin, als rechters in tegenwoordigheid van mr. V. Buscop, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 4 juli 2025. De griffier is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.