RECHTBANK GELDERLAND Familie- en Jeugdrecht Locatie Zutphen Zaaknummer: C/05/448564 / FZ RK 25-550 Datum uitspraak: 17 maart 2025 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie voor [naam betrokkene] , geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] , hierna te noemen betrokkene, wonend in [woonplaats] , advocaat mr. A.M.G. de Groot te Hilversum. 1Het verloop van de procedure 1.
- De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 7 maart
- 1.
- De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 17 maart
- Daarbij zijn gehoord: - betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat; de heer [naam 1] , als verpleegkundig specialist/zorgverantwoordelijke verbonden aan GGZ Centraal; mevrouw [naam 2] , als mentor verbonden aan HBCM Laren B.V. 2Wat vaststaat 2.
- De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 18 april
- Voor betrokkene zijn vanaf 24 februari 2021 tot de huidige zorgmachtiging onafgebroken zorgmachtigingen verleend. 2.
- Betrokkene verblijft op de open klinische afdeling [naam afdeling] van GGZ Centraal. 2.
- Voor betrokkene is mentorschap ingesteld. 3Het verzoek 3.
- De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging voor de duur van twaalf maanden te verlenen. 4De beoordeling 4.
- Betrokkene wordt op de zitting bijgestaan door zijn (stam)advocaat mr. A.M.G. de Groot. Betrokkene geeft tijdens de zitting te kennen niet meer door zijn advocaat te willen worden bijgestaan en zelf zijn verdediging te willen voeren. De advocaat is verrast en is hiervan niet op de hoogte, terwijl de advocaat het verzoek wel heeft voorbesproken met betrokkene. De rechtbank wijst betrokkene tijdens de mondelinge behandeling erop dat mr. De Groot betrokkene eerder heeft bijgestaan en kennis van zaken heeft. De rechtbank heeft betrokkene meermaals gevraagd of hij toch niet bijgestaan wil worden door mr. De Groot. Betrokkene gaf hierop duidelijk aan dit niet te willen. De rechtbank oordeelt dat de betrokkene zijn wil tot afstand van de advocaat in vrijheid heeft kunnen bepalen en dat hij zich realiseert dat het gevolg is dat hij geen juridische bijstand krijgt tijdens de zitting. De rechtbank heeft deze wil ondubbelzinnig vastgesteld, mede gelet op een mogelijke stoornis, en het doen van afstand in dit geval in verhouding staat tot het belang van het recht dat daarmee wordt prijsgegeven. 4.
- De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 4.
- De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofrenie, gestabiliseerd met medicatie maar met blijvende cognitieve defecten en desorganisatie. 4.
- Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit: - levensgevaar; - ernstig lichamelijk letsel; - ernstige verwaarlozing; - maatschappelijke teloorgang. 4.
- Betrokkene is slecht verzorgd en woont in een enigszins vuile en sober ingerichte woning op het terrein van GGNet. Hij kan zelf niet voor een zinvolle dagbesteding zorgen. Betrokkene heeft chronisch ernstige psychotische klachten. Bij psychotische onbalans verwaarloost hij zichzelf en heeft hij een ongezond eenzijdig voedingspatroon. Betrokkene beschadigde zichzelf eerder na paranoïde waanbeelden. Betrokkene heeft wanen over de holocaust en de concentratiekampen waarin hij gezeten zou hebben. Vorige maand gooide hij een ruit in op zijn kamer. Ook uitte hij bedreigingen naar de onderzoekend psychiater. 4.
- Om een crisissituatie en het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid en de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 4.
- Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene heeft geen ziektebesef en ziekte-inzicht en is zorg mijdend. Hij is ambivalent over medicatiegebruik. De zorgmachtiging is nodig om de huidige stabiele toestand van betrokkene voort te kunnen zetten en het ontstaan van een gevaarlijke katatone toestand te voorkomen. Daarom is verplichte zorg nodig. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn: - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening; het beperken van de bewegingsvrijheid; - opnemen in een accommodatie. 4.
- Anders dan de officier van justitie heeft verzocht bleek tijdens de zitting dat de verzochte vormen van verplichte zorg ‘het toedienen van vocht en voeding’ en ‘aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen’ niet noodzakelijk zijn om het ernstige nadeel af te wenden. De rechtbank wijst die vormen van verplichte zorg daarom af. 4.
- Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Betrokkene woonde eerder zelfstandig, maar de ingezette (extra) ambulante begeleiding kon niet voorkomen dat betrokkene onvoldoende aandacht besteedde aan zelfzorg, gezondheid, medicatie en het huishouden. 4.
- De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst, zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. Betrokkene wil graag (begeleid) zelfstandig wonen in [plaatsnaam] . De hulpverlening gaat in gesprek met betrokkene over de mogelijkheden hiervoor, maar is daarbij afhankelijk van andere zorgverleners. 5De beslissing De rechtbank: 5.
- verleent een zorgmachtiging voor [naam betrokkene] , geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] , inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen als genoemd in 4.
- kunnen worden getroffen; 5.
- bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 17 maart 2026; 5.
- wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 17 maart 2025 door mr. T. Hermans, rechter, in aanwezigheid van A.G. Wisselink, griffier en op schrift gesteld op 24 maart
- Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.