RECHTBANK GELDERLAND Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Apeldoorn Zaaknummer: 11623033 \ CV EXPL 25-955 Vonnis van 29 oktober 2025 in de zaak van [eiser] , te [woonplaats] , eisende partij, hierna te noemen: [eiser] , gemachtigde: mr. M.R. de Kok, procederend krachtens toevoeging met kenmerk [kenmerk] , tegen ACHMEA SCHADEVERZEKERINGEN N.V., tevens handelend onder de naam CENTRAAL BEHEER, te Apeldoorn, gedaagde partij, hierna te noemen: Achmea, gemachtigde: mr. R.H.J. Wildenburg. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding- de conclusie van antwoord- de conclusie van repliek- de conclusie van dupliek. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. Op 6 januari 2024 heeft [eiser] bij Achmea een WA-bromfietsverzekering (hierna: de verzekering) afgesloten ten behoeve van zijn bromfiets. 2.2. Op de rechtsverhouding van partijen zijn de Verzekeringsvoorwaarden Bromfietsverzekering (hierna: de Verzekeringsvoorwaarden) van toepassing. Artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden luidt als volgt: “ Wanneer is schade door de bromfiets niet verzekerd? (…) Opzet. ● U heeft geen dekking als verzekerde in strijd met het recht met opzet iets doet of niet doet waardoor schade ontstaat. ● De in feite toegebrachte schade is hierbij een te verwachten of normaal gevolg van wat verzekerde doet of niet doet. (…) In welke gevallen geldt de opzetuitsluiting? ● De uitsluiting geldt als verzekerde zich maatschappelijk ongewenst of crimineel gedraagt. - Dat is in ieder geval zo bij gedragingen die een gevaar voor personen of zaken kunnen opleveren, zoals: - Brandstichting, vernieling en beschadiging. - Afpersing, bedrog, oplichting, bedreiging, beroving, verduistering, diefstal en inbraak. Ook als u dat met een computer of ander (technisch) hulpmiddel doet. - Geweldpleging, mishandeling, doodslag en moord. Er is sprake van opzet, als verzekerde iets doet of niet doet waarbij verzekerde: (…) ● Niet de bedoeling heeft schade te veroorzaken, maar verzekerde de aanmerkelijke kans dat er schade ontstaat voor lief neemt. - En toch handelt verzekerde (niet) zo (voorwaardelijk opzet). ● Opzet wordt objectief uit de feiten, omstandigheden en/of gedragingen van verzekerde afgeleid. (…)” 2.3. Op 9 mei 2024 heeft een incident plaatsgevonden, waarbij [eiser] een stopteken van de politie heeft genegeerd en op de vlucht is geslagen. In reactie daarop heeft de politie de achtervolging ingezet. 2.4. In het Mutatierapport d.d. 17 mei 2024 heeft de betreffende verbalisant het volgende vermeld over het incident: “(…) Op donderdag 9 mei 2024, omstreeks 21.30 uur, achtervolging gehad van scooter voorzien van kenteken (…). Bestuurder bleek later [eiser] te zijn. Achtervolging begon na een wheelie op de Hoeksekade. Rapporteur [naam 1] reed in een herkenbaar politiedienstmotorvoertuig samen met BOA’s van Staatsbosbeheer (…) Hierna de volgende route: Anthony Lionweg, Anthony Lionweg t.h.v. 22 rechtsaf via zandpad het stekelzwampad op, hierna richting het Ridderzwampad. Bij kruising Stekelzwampad x Ridderzwampad kwam scooter en bestuurder ten val na aantikken dienstvoertuig. Hierdoor kleine schade ontstaan aan voorzijde dienstvoertuig. [eiser] aangehouden ter zake negeren stopteken. (…)” 2.5. De politie heeft de bromfiets van [eiser] in beslag genomen. In de Kennisgeving van inbeslagneming/eerste beslissing heeft de betreffende verbalisant het volgende vermeld: “(…) Tijdens de achtervolging werden snelheden richting de 90 kilometer per uur gehaald. Echter kon dit niet goed gemeten worden in verband met wisselende snelheden. (…) Na technisch onderzoek door specialisten van team verkeer bleek de scooter ook nog de volgende gebreken te hebben: (…) - er werd geen snelheidsbegrenzer aangetroffen maar gezien de uiterlijke kenmerken is het aanemelijk dat er een motor met meer vermogen was gemonteerd dan toegestaan (70 cc in plaats van 50 cc), - de rollenbank was niet gekeurd en hierom is een rijproef uitgevoerd waarbij met een lasersnelheidsmeter na correctie 68 kilometer per uur werd gemeten terwijl maximaal 45 is toegestaan. De verbalisant welke de rijproef uitvoerde voelde dat de scooter nog meer vermogen had maar vond scooter in zodanige onveilige staat dat sneller gaan onverantwoord was. (…)” 2.6. Op 2 oktober 2024 heeft Achmea van Accident Management Services (hierna: AMS) een aansprakelijkheidstelling ontvangen voor de schade aan het dienstvoertuig. De schade aan het voertuig is vastgesteld op € 1.519,32. 2.7. Op 8 oktober 2024 heeft Achmea een bedrag van € 1.809,46, bestaande uit de voertuigschade, bedrijfsschade, administratiekosten, expertisekosten en wettelijke rente, aan AMS uitgekeerd. 2.8. Bij brief van 12 november 2024 heeft Achmea [eiser] verzocht het bedrag van € 1.809,46 aan haar te betalen. 2.9. Op 25 november 2024 heeft [eiser] het bedrag van € 1.809,46 aan Achmea betaald. 3Het geschil 3.1. [eiser] vordert dat de kantonrechter bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: 1. voor recht zal verklaren dat de schade van 9 mei 2024 aan het politievoertuig onder de dekking van de WA-Bromfietsverzekering met polisnummer [nummer] valt en dat hij het betaalde bedrag van € 1.809,46 onverschuldigd aan Achmea heeft betaald, 2. Achmea zal veroordelen tot betaling aan [eiser] van een bedrag van € 1.809,46, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 25 november 2024 tot de dag van de volledige betaling, althans een door de kantonrechter te bepalen bedrag, 3. Achmea zal veroordelen tot betaling aan [eiser] van een bedrag van € 271,42 aan buitengerechtelijke incassokosten, althans een door de kantonrechter te bepalen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf de dag van het vonnis tot de dag van de volledige betaling,alsmede Achmea zal veroordelen in de proceskosten. 3.2. Achmea voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiser] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure, te vermeerderen met de wettelijke rente. 3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 4De beoordeling 4.1. Kern van het geschil is de vraag of Achmea aan [eiser] dekking kon weigeren van de schade die door de aanrijding op 9 mei 2024 aan het dienstvoertuig van de politie is ontstaan. 4.2. Achmea heeft dekking van de schade geweigerd met een beroep op de opzetuitsluiting in artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden. 4.3. [eiser] heeft zich op het standpunt gesteld dat Achmea zich niet met succes op artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden heeft kunnen beroepen. Hij heeft daartoe in de eerste plaats aangevoerd dat een redelijke uitleg van artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden met zich brengt dat schade die is ontstaan door verkeersgedrag dat niet expliciet in dit artikel is genoemd niet kan worden uitgesloten van dekking. In artikel 17 zijn namelijk, zo stelt [eiser] , expliciet gedragingen opgesomd die strafbaar zijn gesteld in de Wegenverkeerswet 1994 en het niet opvolgen van een stopteken van de politie is daarbij niet genoemd. 4.4. Achmea heeft betwist dat alleen verkeersgedrag dat expliciet in artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden is genoemd van dekking is uitgesloten. 4.5. Partijen verschillen kennelijk van mening over de vraag hoe artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden moet worden uitgelegd. In dit geval is door partijen over de Verzekeringsvoorwaarden vooraf niet gesproken en niet onderhandeld. Daarom is de uitleg van dit artikel met name afhankelijk van objectieve factoren zoals de bewoordingen waarin deze bepaling is gesteld, gelezen in het licht van de polisvoorwaarden als geheel (zie in dit verband Hoge Raad 16 mei 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC2793). 4.6. Volgens de letterlijke tekst van artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden is schade die door de bromfiets is ontstaan, niet verzekerd wanneer zich één van de in dit artikel genoemde gedragingen of situaties voordoet óf wanneer de verzekerde de schade met opzet heeft veroorzaakt (de zogenoemde opzetuitsluiting). In dit geval beroept Achmea zich op deze opzetuitsluiting. Voor een succesvol beroep op de opzetuitsluiting is volgens de bewoordingen van artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden, anders dan [eiser] meent, niet vereist dat de gedraging of de situatie waardoor de schade is veroorzaakt ook nog eens expliciet in dit artikel is genoemd. Voor de in dit artikel genoemde gedragingen en situaties is opzet immers juist niet vereist. Door [eiser] zijn geen feiten en omstandigheden naar voren gebracht waaruit een van de tekst van de Verzekeringsvoorwaarden afwijkende betekenis blijkt. Aan de stellingen van [eiser] op dit punt wordt dan ook voorbijgegaan. 4.7. Beoordeeld moet worden of Achmea zich in dit geval met succes kan beroepen op de opzetuitsluiting van artikel 17 van de Verzekeringsvoorwaarden. Volgens de tekst van de opzetuitsluiting bestaat geen recht op dekking wanneer de verzekerde (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.