vonnis RECHTBANK HAARLEM 184360 / HA ZA 11-92914 november 2012 Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 184360 / HA ZA 11-929 Vonnis van 19 december 2012 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [eiser] B.V., gevestigd te [plaats 1] , eiseres, advocaat mr. E. Hoekstra te Alkmaar, tegen 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid LIGHT INTERNATIONAL B.V., gevestigd te Amsterdam en kantoorhoudende te Purmerend, 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid B.B.C. FOUNDATION B.V., gevestigd te [plaats 2] , 3. [gedaagde], wonende te [plaats 2] , 4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid D AND C TECHNOLOGIES B.V., gevestigd te Purmerend, gedaagden, advocaat mr. H. Oomen te Haarlem. Partijen zullen hierna gezamenlijk [eiser] en Light International c.s. worden genoemd. Gedaagden zullen afzonderlijk Light International, BBC, [gedaagde] en D&C worden genoemd. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 19 oktober 2011; het proces-verbaal van comparitie, gehouden op 10 februari 2012 en de daarin genoemde stukken; het proces-verbaal van de pleidooizitting van 27 september 2012 en de daarin genoemde stukken. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2. De feiten 2.1. De heer [eiser] (verder te noemen: [eiser] ) is enig aandeelhouder en bestuurder van [eiser] . [gedaagde] is enig aandeelhouder en bestuurder van BBC. 2.2. [eiser] en BBC zijn aandeelhouders van Light International. BBC houdt 55% van de aandelen, [eiser] 45%. BBC is enig bestuurder van Light International. 2.3. De voornaamste handelsactiviteiten van Light International zijn de inkoop, verkoop, import, export en het onderhoud van lichtarmaturen. Light International hield zich voorts onder meer bezig met de handel in zogenaamde ‘special products’ (verder te noemen: special products), dat wil zeggen speciale, op maat gemaakte, licht- en staaloplossingen voor buitengebruik. 2.4. [eiser] is in loondienst bij Light International. Hij houdt zich hoofdzakelijk bezig met verkoop. 2.5. Eind 2009 is onenigheid ontstaan tussen [gedaagde] en [eiser] . Gaandeweg bekoelde de verstandhouding tussen hen. 2.6. Begin 2010 heeft [eiser] aan [gedaagde] aangegeven dat hij belangstelling had voor overname van de aandelen van BBC in Light International. [gedaagde] heeft hierop bij brief van 8 april 2010 als volgt gereageerd: (…) BBC Foundation B.V. is bereid haar 55% belang in Light International B.V. aan te bieden onder de volgende voorwaarden en condities: Vraagprijs 55% belang van de aandelen Light International B.V. per 31 december 2009 bedraagt € 2.000.000 Het 55% aandeel van BBC Foundation B.V. in de algemene reserve van Light International B.V. per 31 december 2009 komt toe aan BBC Foundation B.V. Het aandeel van BBC Foundation B.V. in het resultaat na belasting over de periode 1 januari 2010 tot en met de overnamedatum wordt op de overnamedatum als dividend uitgekeerd aan BBC Foundation B.V. De aanwezige rekening courant vordering van Light International B.V. op BBC Foundation B.V. zal worden verrekend met de koopprijs aandelen. Graag verneem ik uw schriftelijke reactie binnen twee weken na dagtekening van deze aanbiedingsbrief of u gebruik wil maken van het aanbod het 55% aandelenbelang van BBC Foundation B.V. in Light International B.V. van BBC Foundation B.V. over te nemen. (…) 2.7. Er is geen reactie gevolgd van [eiser] . 2.8. Op 8 september 2010 heeft een algemene vergadering van aandeelhouders (verder te noemen: ava) plaatsgevonden. [eiser] is voor deze ava opgeroepen, maar heeft zich afgemeld. De notulen van de ava luiden, voor zover van belang: (…) Uit efficiencyoverwegingen en om commerciële redenen zal een reorganisatie plaatsvinden binnen Light International B.V. De ontwikkeling en verkoop van alle ‘special products’ oftewel niet standaard leverbare producten zullen in een afzonderlijke – nieuw op te richten – vennootschap worden ondergebracht. De naam van deze vennootschap zal ‘D and C technologies B.V.’ luiden. Het oprichten van deze vennootschap is inmiddels in gang gezet. In het kader van deze reorganisatie zal Light International B.V. alle ‘special products’ onderbrengen in D and C technologies B.V. Alle standaard leverbare producten zullen ondergebracht worden in Light International B.V. (…) 2.9. Eind oktober 2010 heeft [eiser] op zijn verzoek een bespreking gehad met [gedaagde] . [eiser] gaf daarbij te kennen dat hij niet langer aandeelhouder wilde zijn. Hij verzocht [gedaagde] zijn aandelen in Light International van hem over te nemen. 2.10. Partijen hebben vervolgens onderhandeld en overeenstemming bereikt over de koopprijs. De koopprijs zou € 299.999,- bedragen. In de zijdens [gedaagde] opgestelde conceptverkoop- en arbeidsovereenkomst waren voorts non-concurrentiebedingen opgenomen. [eiser] heeft de overeenkomsten niet ondertekend. Hij gaf aan bezwaar te hebben tegen de non-concurrentiebedingen. 2.11. Bij e-mail van 3 november 2010 heeft [gedaagde] [eiser] , onder meer, als volgt bericht: (…) Zoals je heb kunnen lezen de in notulen van de AVA welke heeft plaatsgevonden waar jij helaas niet op aanwezig kon zijn, wil ik je alvast het een en ander meedelen! De nieuwe bv D&C technologies bv gaat zich bezig houden met custom made goederen waaronder verlichting, hierdoor is er een overeenkomst getekend tussen Light International bv en D&C technologies, waarin is overeen gekomen dat D&C alle specials voor light gaat leveren, concreet houdt dit in dat Light dus vanaf 2011 geen specials meer maakt en alleen nog in en verkoop gaat doen. (…) Door de reorganisatie binnen Light en de oprichting van D&C, is besloten dat de tweede verdieping in gebruik genomen gaat worden door D&C, dit gaat al gebeuren op 1 december, dus bij deze het verzoek om per 1 dec je spullen te verplaatsen naar je nieuwe werkplek! Op woensdag 10 november 2010, om 16.00uur wordt door mij en [betrokkene 1] aan het voltallige personeel van light en van CSP volledig uitgelegd wat er gaat gebeuren en hoe de nieuwe structuur en de volledige aangepaste proces flow van Light er uit gaat zien! Mocht jij nog vooraf vragen hebben, ben ik altijd bereid om deze mondeling toe te lichten of te beantwoorden. (…) 2.12. [eiser] heeft niet op deze e-mail gereageerd. 2.13. Op 9 november 2010 heeft een extern adviesbureau een presentatie gegeven aan de werknemers van Light International over de voorgenomen reorganisatie. [eiser] was hierbij aanwezig. Er zijn geen bezwaren tegen de plannen naar voren gebracht. 2.14. D&C is opgericht op 10 november 2010. [gedaagde] is enig aandeelhouder en bestuurder van D&C. 2.15. Op 31 januari 2011 zond de juridisch adviseur van [eiser] , de heer [betrokkene 2] (verder te noemen: [betrokkene 2] ), de advocaat van Light International c.s. een e-mail met, voor zover van belang, de volgende inhoud: (…) Met de heer [eiser] sprak ik eind vorige week over de huidige situatie bij genoemde onderneming. Naar ik begreep bent u met enige regelmaat advocaat voor de onderneming en/of diens mede aandeelhouder, de heer [gedaagde] . Tussen de betrokkenen zijn gedurende het afgelopen jaar enkele gesprekken geweest over de overdracht van aandelen. Tot overeenstemming is het niet gekomen. Mijn vraag is of het zinvol zou zijn eens met elkaar in gesprek te komen (u en ik in eerste instantie) om te bezien of het alsnog tot een overdracht zou kunnen komen en zo ja, tegen welke voorwaarden. (…) 2.16. Op 14 februari 2011 heeft een bespreking plaatsgevonden tussen [betrokkene 2] en de advocaat van Light International c.s. Tijdens deze bespreking is afgesproken dat [betrokkene 2] met een aangepast schriftelijk voorstel zou komen voor de verkoop en overname van de aandelen van [eiser] . Dit is gebeurd bij brief van 9 maart 2011. De betreffende brief luidt, voor zover van belang: (…) Vrij recent (september 2010) is (…) gebleken dat de activiteiten van Light International B.V. ‘licht’ worden gemaakt, door een belangrijk deel van de omzet (de zogenoemde ‘specials’) uit die entiteit te halen. Daarvoor is een separate entiteit opgericht, D and C Technologies B.V., waarvan de heer [gedaagde] aandeelhouder is door tussenkomst van B.B.C. Foundation B.V. Feitelijk loopt daardoor naar schatting 65% van de omzet (en dus winst) weg uit de Light International B.V. Dat betekent uiteindelijk: een lagere waarde van de aandelen van die BV en een lagere winst (althans dividendpotentieel). Daar komt bij dat de heer [eiser] te kennen is gegeven dat zijn functie wijzigt (van commercieel directeur naar hoofd buitendienst) en dat hij plots een heel scala aan richtlijnen voor de kiezen heeft gekregen die er voorheen (sinds 1997) niet waren. Dat komt de werksfeer niet ten goede, om het zacht uit te drukken. Twee recente ontwikkelingen, kortom, die maken dat er op korte termijn een oplossing gevonden moet worden. (…) De handelwijze van uw cliënt, met name ten aanzien van het weghalen van een belangrijk deel van de omzet uit Light International B.V., heeft m.i. de volgende consequenties. Laat ik vooropstellen dat het besluit van 8 september 2010 waarin (kort weergegeven) werd besloten over te gaan tot oprichting van een aparte entiteit om daarin de specials onder te brengen niet door cliënt kan worden aanvaard. Langs deze weg vernietig ik dat besluit dan ook namens [eiser] B.V. op grond van artikel 2:15 BW. (…) Verder zal de met het besluit ingezette koers gestaakt en teruggedraaid moeten worden. Dat betekent dat de omzet niet langer via D and C Technologies B.V. mag lopen en dat bovendien de omzet (en winst) alsnog en met terugwerkende kracht via Light International B.V. zal moeten worden geadministreerd. (…) De handelwijze van de heer [gedaagde] impliceert voorts dat hij persoonlijk aansprakelijk kan worden gesteld op grond van onrechtmatige daad. Hij moet immers hebben begrepen dat het besluit voor mijn cliënt (en de vennootschap) zeer grote gevolgen zal hebben. Desondanks heeft hij deze handeling willens en wetens doorgezet. (…) De enige echte oplossing die cliënt op dit moment ziet, is uitkoop door de heer [gedaagde] . Mijn voorstel is dat uw cliënt, rekening houdend met bovenstaande, komt tot een concreet en realistisch voorstel. Het voorstel zal dan in moeten houden dat de aandelen over worden gedragen en de dienstbetrekking op een redelijke termijn eindigt. (…) 2.17. De advocaat van Light International c.s. heeft bij brief van 11 maart 2011 aangegeven dat de inhoud en toonzetting van de brief verkeerd zijn gevallen bij [gedaagde] . De brief van [betrokkene 3] luidt voorts, voor zover van belang: (…) Cliënte is in een allerlaatste poging om de onderhavige kwestie in der minne te regelen bereid tot het houden van een bespreking. Indien uw cliënte hiertoe bereid is en/of een aangepast voorstel wenst te doen, dan hoor ik dat graag. Cliënte zal geen tegenvoorstel doen. Mocht uw cliënte besluiten gerechtelijke procedures te starten, dan kunt u de dagvaarding aan mijn kantooradres laten betekenen. (…) 2.18. Na verdere correspondentie tussen partijen, heeft op 26 mei 2011 een bespreking plaatsgevonden tussen partijen en hun raadslieden. Deze bespreking heeft niet geleid tot gewijzigde standpunten. Op 1 augustus 2011 heeft [eiser] de dagvaarding uitgebracht waarmee de onderhavige procedure is ingeleid. 2.19. Op 17 januari 2012 zijn de aandelen van D&C geleverd aan Light International. D&C is daarmee met terugwerkende kracht een 100%-dochtervennootschap van Light International geworden. 3Het geschil 3.1. [eiser] vordert – zakelijk weergegeven – dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad: primair I. primair: op grond van artikel 2:15, eerste lid sub a en/of b, van het Burgerlijk Wetboek (BW) nietig verklaart, althans vernietigt, het besluit van de ava van 8 september 2010 zoals vervat in de notulen, waarin is opgenomen het (voortaan) onderbrengen van de ontwikkeling en verkoop van alle special products van Light International in D&C; subsidiair: op grond van artikel 2:15, eerste lid sub b, BW nietig verklaart, althans vernietigt, het bestuursbesluit waarvan mededeling is gedaan in de notulen van de ava van 8 september 2010 en welk besluit inhoudt het (voortaan) onderbrengen van de ontwikkeling en verkoop van alle special products van Light International in D&C; meer subsidiair: het betreffende bestuursbesluit nietig verklaart, althans vernietigt, op grond van artikel 2:256 BW; II. voor recht verklaart dat de gevolgen van de sub I omschreven besluiten en de daarmee samenhangende rechtshandelingen teruggedraaid moeten worden onder een aantal bepalingen als nader in het petitum omschreven; subsidiair, indien het gevorderde sub I en/of II wordt afgewezen en/of wordt vastgesteld dat ten opzichte van [eiser] onrechtmatig is gehandeld, III. [gedaagde] , BBC en D&C hoofdelijk veroordeelt om aan [eiser] een schadevergoeding te betalen, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf de dag van oprichting van D&C tot de dag van volledige betaling; IV. BBC verplicht om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis op de voet van artikel 2:343 BW alle aandelen die [eiser] houdt in Light International van [eiser] over te nemen tegen een door de rechtbank te bepalen koopprijs, een en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,- per dag dat BBC in gebreke blijft en onder veroordeling van BBC in de kosten van de overdracht; primair en subsidiair [gedaagde] , BBC en D&C veroordeelt tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten, de proceskosten, de nakosten en de wettelijke handelsrente over voornoemde kosten. 3.2. Light International c.s. voeren verweer. 3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling Bevoegdheid 4.1. Ter comparitie en ter zitting van 27 september 2012 hebben Light International c.s. de vraag aan de orde gesteld of de rechtbank Haarlem bevoegd is om kennis te nemen van dit geschil, omdat Light International statutair gevestigd is in Amsterdam en de rechtbank aldaar daarom bij uitsluiting bevoegd is om kennis te nemen van de subsidiaire vordering ex artikel 2:343 BW. 4.2. Dit verweer is echter niet vóór alle weren ten gronde gevoerd in de zin van artikel 110, eerste lid, van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv), maar eerst ter comparitie en (dus) nadat de conclusie van antwoord was genomen. Op grond van het bepaalde in voornoemd artikel, is het recht om dit verweer te voeren dan ook komen te vervallen. De rechtbank zal zich daarom niet relatief onbevoegd verklaren om van de vorderingen van [eiser] kennis te nemen. Primaire vorderingen: Nietigverklaring/vernietiging besluit? 4.3. Bij de beoordeling van de primaire vorderingen van [eiser] stelt de rechtbank voorop dat de wetsartikelen waarop [eiser] haar vorderingen baseert, enkel voorzien in de mogelijkheid van vernietiging van een besluit van een rechtspersoon, terwijl het gestelde feitencomplex ook anderszins niet tot nietigheid leidt. De gevorderde nietigheid komt dan ook niet voor toewijzing in aanmerking. 4.4. [eiser] stelt zich primair op het standpunt dat de mededeling in de notulen van de ava van 8 september 2010 ten aanzien van het (voortaan) onderbrengen van de ontwikkeling en verkoop van alle special products in een afzonderlijke vennootschap, niet anders kan worden gezien dan c.q. gelijk dient te worden gesteld aan een aandeelhoudersbesluit. Light International c.s. betwist dat. 4.5. De rechtbank overweegt als volgt. Het enkele feit dat het (voortaan) onderbrengen van de special products in een andere vennootschap in de ava aan de orde is geweest, maakt niet dat het als aandeelhoudersbesluit kan worden aangemerkt. In de notulen van de ava is dit onderbrengen bovendien uitdrukkelijk als mededeling opgenomen, niet als besluit. Uit de betreffende mededeling is op te maken dat het besluit om de special products elders onder te brengen, al vóór de ava is genomen en dat hieraan al (deels) uitvoering is gegeven. Zo is in de mededeling de naam van de op te richten vennootschap opgenomen en is voorts te lezen: “(…) Het oprichten van deze vennootschap is inmiddels in gang gezet. (…)”. 4.6. In het licht van hetgeen in de notulen is opgenomen, heeft [eiser] onvoldoende (gemotiveerd) gesteld dat en waarom sprake is van een aandeelhoudersbesluit. De primaire vordering sub I primair zal dan ook worden afgewezen. 4.7. Tussen partijen is niet in geschil dat de beslissing om de special products onder te brengen in D&C (in ieder geval) kan worden aangemerkt als bestuursbesluit, dat op enig moment vóór de ava is genomen. [eiser] heeft vernietiging gevorderd van dit besluit op grond van artikel 2:15, eerste lid sub b, BW wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid als bedoeld in artikel 2:8 BW. 4.8. De rechtbank overweegt als volgt. Het is evident dat wanneer één van de kernactiviteiten uit een onderneming wordt gehaald, dit op de een of andere wijze het samenwerkingsverband tussen en de (financiële) belangen van de aandeelhouders onderling en met de vennootschap, raakt. Hieruit volgt echter niet zonder meer dat het betreffende besluit ook in strijd moet worden geacht met de redelijkheid en billijkheid. Het is aan [eiser] om onderbouwd te stellen dat hiervan sprake is; dat BBC/ [gedaagde] als (in)direct bestuurder bij afweging van alle bij het besluit betrokken belangen (waaronder die van [eiser] ) in redelijkheid en naar billijkheid niet tot dit besluit heeft kunnen komen. 4.9. [eiser] heeft aan haar vordering tot vernietiging van het besluit ten grondslag gelegd dat BBC en [gedaagde] met hun besluit bewust en opzettelijk hebben bewerkstelligd dat Light International is leeggehaald ten faveure van D&C, met als enige doelen winstbejag en eigenbelang. [eiser] stelt zich in dit verband op het standpunt dat, door de oprichting van D&C, sinds het najaar van 2010 circa 65% van de omzet wegvloeit uit Light International, terwijl de inkoop en kosten met betrekking tot D&C onverkort ten laste van Light International worden gebracht. Volgens [eiser] heeft het besluit tot gevolg gehad dat de waarde van (haar aandelen
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.