RECHTBANK HAARLEM Sector bestuursrecht, meervoudige belastingkamer Zaaknummer: AWB 11/2291 Uitspraakdatum: 14 maart 2012 Uitspraak in het geding tussen [X] B.V., gevestigd te [Z], eiseres, gemachtigde: [A], en de inspecteur van de Belastingdienst/[P], verweerder. 1. Ontstaan en loop van het geding 1.1. Eiseres heeft omzetbelasting voldaan op aangifte over juli 2008. 1.2. Verweerder heeft bij uitspraak op bezwaar van 24 december 2010 het bezwaar tegen de voldoening op aangifte genoemd onder 1.1 afgewezen. 1.3. Eiseres heeft daartegen beroep ingesteld. 1.4. Verweerder heeft op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend. 1.5. Eiseres heeft een conclusie van repliek ingediend. 1.6. Verweerder heeft een conclusie van dupliek ingediend. 1.7. Eiseres heeft vóór de zitting nadere stukken met een DVD ingediend. Deze stukken en DVD zijn in afschrift verstrekt aan verweerder. 1.8. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 februari 2012. Namens eiseres is verschenen [B], directeur, bijgestaan door gemachtigde voornoemd en [C] MSc. Namens verweerder zijn verschenen mr. A.E.H. Berkhuizen-van Egmond, C.T.M. Heijnis-Bon en W.H. Beekman. 2. Tussen partijen vaststaande feiten 2.1. In juni 2006 is [D] C.V. opgericht. [D] C.V. heeft haar concepthandelwijze per brief van 16 oktober 2006 aan de Belastingdienst voorgelegd. 2.2. De Belastingdienst Rivierenland/[..] heeft daaraan goedkeuring verleend in een brief van 14 november 2006. 2.3. Begin 2007 heeft [D] C.V. haar algemene voorwaarden aangepast en deze wijziging doorgegeven aan de Belastingdienst. De Belastingdienst Rivierenland/[..] heeft per brief van 13 maart 2007 aangegeven zich te kunnen vinden in de beschrijving van de fiscale gevolgen van de handelwijze van [D] C.V. 2.4. Op 31 mei 2007 is eiseres opgericht. De activiteiten van [D] C.V. zijn ondergebracht in eiseres. [B] heeft middellijk 41% van de aandelen in eiseres in handen en voert de directie. 2.5. Eiseres verzorgt teruggaven van omzetbelasting, die toeristen, woonachtig buiten het omzetbelastinggebied van de Europese Unie op hun aankopen in Nederland betalen. De methode werkt als volgt: - de toerist registreert zich op de website van eiseres als gebruiker en is daarmee gemachtigd om namens eiseres goederen te kopen; - de toerist koopt een goed bij de winkelier en betaalt de prijs inclusief omzetbelasting; - de toerist vraagt aan de winkelier een factuur op te maken met eiseres als afnemer; - de toerist print via de website van eiseres een factuur met eiseres als leverancier met 0% omzetbelasting; - de toerist laat de goederen zien bij de balie van eiseres op [Z]; - de toerist laat de factuur met eiseres als leverancier bij uitgaan uit de Europese Unie afstempelen door de douane aldaar; - eiseres brengt de omzetbelasting op de factuur van de winkelier in aftrek op haar aangifte; - eiseres betaalt de omzetbelasting minus een provisie terug aan de toerist. Deze handelwijze heeft eiseres tevens zichtbaar gemaakt op de zich in het dossier bevindende DVD. 2.6. Eiseres heeft algemene voorwaarden opgesteld die van toepassing zijn op iedere (rechts)betrekking tussen eiseres en haar cliënten. De algemene voorwaarden van eiseres luiden als volgt: “Algemene voorwaarden Acceptatie van de voorwaarden Door u te registreren op [D] website als member gaat u akkoord met de volgende algemene voorwaarden. Als u niet akkoord gaat met deze algemene voorwaarden dan bent u niet gerechtigd om gebruik te maken van de service die [D] biedt. (…) Artikel 1 Algemeen 1.1 [D] stelt de klant die member is geworden in staat producten in te kopen namens [D] bij winkeliers in Nederland. Na aflevering van die producten bij [D], registratie en controle, levert [D] Nl de producten aan de klant waarbij [D] deze producten BTW vrij kan leveren indien de klant handelt conform de afgesproken regels en deze algemene voorwaarden. 1.2 [D] kan alleen het BTW nultarief hanteren wanneer het product is ingekocht is in Nederland. Alleen producten die voor privé-doeleinden dienen en waarover 19% BTW is berekend en die buiten de EU worden geëxporteerd, komen in aanmerking voor een verrekening van de BTW. 1.3 Om de BTW terug te kunnen krijgen moet de totale waarde van de goederen die op de [D] factuur zijn vermeld hoger zijn dan € 50, inclusief BTW en eventuele andere belastingen. 1.4 De klant kan alleen gebruik maken van de service die [D] biedt, wanneer zij akkoord gaat met de eenmalige machtiging voor de inkoop op naam en voor rekening van [D]. De klant betaalt de leverancier het aankoopbedrag inclusief BTW namens [D] en schiet dit bedrag voor totdat er verrekening plaatsvindt met de betaling door de klant voor de levering van het product door [D] Nl aan de klant en de terugbetaling van BTW na het verlaten van Nederland en het voldoen aan de hierna opgenomen voorwaarden met betrekking tot afstempeling van de [D] Nl factuur door de douane en terugzending van de gestempelde factuur binnen de daarvoor door [D] gestelde termijn en voorwaarden. 1.5 De verkoopovereenkomst met BTW nultarief wordt gesloten vanaf het moment dat de klant gebruik maakt van de machtiging van [D] om in Nederland in te kopen en zich houdt aan de algemene voorwaarden. De verkoopovereenkomst is pas voldaan op het moment dat [D] de [D] factuur, voor akkoord gestempeld door de douane, vergezeld met de benodigde inkoop BTW-facturen in haar bezit heeft. 1.6 De klant gaat akkoord met de voorwaarde dat de goederen afgenomen van [D]bij het verlaten van Nederland in hun persoonlijke bagage worden meegevoerd naar een derde-land buiten de EU en dat dit uiterlijk het einde van de derde maand na de maand van aankoop geschiedt. Artikel 2 Defecten 2.1 De klant is aansprakelijk voor verlies en diefstal van het product alsmede schade aan het product wanneer het product namens [D] van de leverancier is afgenomen en alvorens het afgeleverd en geregistreerd is bij [D]. Met leverancier wordt hier bedoeld: het bedrijf waar het product in eerste instantie van wordt gekocht. 2.2 De producten blijven eigendom van [D] tot het moment dat de aankopen bij [D] worden afgeleverd en geregistreerd. De eigendom wordt daarna door [D] overgedragen aan de afnemer, in casu de klant. De verkoopovereenkomst is gesloten wanneer alle originele documenten in het bezit zijn van [D]. 2.3 [D] is niet aansprakelijk voor verlies, diefstal en schade aan het product nadat het product door [D] aan de klant is overgedragen en de eigendom is overgegaan naar de klant. 2.4 Wanneer het product mankementen vertoont nadat de overeenkomst met [D] gesloten is, en deze binnen de initiële garantietermijn van de fabrikant valt en de klant niet in het bezit is van een garantiebewijs, biedt [D] kosteloos een garantieservice aan, wat inhoudt dat de klant het product opstuurt naar [D] voor de garantieafhandeling. De klant is verantwoordelijk voor alle kosten die het verzenden van het product van en naar [D] met zich meebrengt. Artikel 3 Website 3.1 De omschrijving van elk product dat op het registratieformulier op de website moet worden ingevuld, en moet exact overeenkomen met de omschrijving die op de originele BTW-factuur van de leverancier staat. Als de omschrijving niet overeenkomt dan behoudt [D] het recht voor om de verkooptransactie tegen BTW nultarief af te keuren en deze met de oorspronkelijke leverancier te crediteren. 3.2 De omschrijving van het product dat op de BTW-factuur vermeld wordt moet zeer accuraat geschieden. Als de omschrijving niet accuraat geschiedt behoudt [D] het recht om de verkooptransactie tegen BTW nultarief af te keuren en deze met de oorspronkelijke leverancier te crediteren. 3.3 Ook eventuele verwijderingsbijdrage moet op het registratieformulier op de website worden vermeld. Artikel 4 Douane 4.1 Indien de klant bij de douane niet kan aantonen dat zijn vaste domicilie zich buiten de EU bevindt, of op andere wijze niet aantoonbaar kan maken dat hij/zij gerechtigd is voor BTW-teruggave, zal er geen stempel op de factuur worden geplaatst. De verkooptransactie tegen BTW nultarief zal dan worden aangepast met het BTW 19% tarief waardoor er geen teruggave kan worden verwezenlijkt. 4.2 Om de BTW terug te krijgen, moet u de goederen uiterlijk 90 dagen na de datum van aankoop van de goederen uitvoeren. De datum van aankoop is datum waarop de [D]-factuur via de website van [D] is gegenereerd. De aankopen dienen ten alle tijde van nieuwwaarde te zijn totdat de export naar een land buiten de Europese Unie is gerealiseerd. 4.3 De [D]-factuur moet door de douane worden afgestempeld in het land waarvandaan de klant de EU verlaat. (…) Artikel 6 Betalingsregeling 6.1 [D] zal het te verrekenen bedrag binnen zes weken na ontvangst van de bovengenoemde documenten storten op de rekening van de klant in de munteenheid Euro. Stortingen die plaatsvinden binnen de EU zijn kosteloos. Transactiekosten die worden gemaakt voor stortingen buiten de EU zijn voor rekening van de klant. (…)” 2.7. De door de Belastingdienst gegeven goedkeuringen, zoals weergegeven onder 2.2 en 2.3 zijn door verweerder op 10 januari 2008, met in achtneming van een overgangstermijn van uiteindelijk vijf maanden, met ingang van 1 juli 2008 opgezegd. 3. Geschil 3.1. In geschil is allereerst of eiseres recht heeft op aftrek van de door de leverancier in rekening gebrachte omzetbelasting. Indien eiseres geen recht op aftrek toekomt, is in geschil of het besluit van verweerder om de fiscale gevolgen van de handelwijze van eiseres anders te duiden in strijd is met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Daarbij gaat het om het rechtszekerheidsbeginsel, het vertrouwensbeginsel en het recht op een redelijke overgangstermijn. 3.2. Eiseres stelt zich primair op het standpunt dat haar werkwijze eruit bestond dat eiseres goederen geleverd kreeg van Nederlandse leveranciers en deze goederen doorleverde aan particuliere consumenten met toepassing van de reisbagageregeling, artikel 24, tweede lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968 (hierna: Wet OB) in samenhang bezien met artikel 147 van de Btw-richtlijn. Subsidiair stelt eiseres zich op het standpunt dat op haar handelwijze de commissionairsregeling van toepassing is als bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet OB in samenhang bezien met artikel 14, tweede lid, sub c, van de Btw-richtlijn. Meer subsidiair stelt eiseres zich op het standpunt dat sprake is van een ABC-levering als bedoeld in artikel 3, vierde lid, van de Wet OB. Tenslotte stelt eiseres zich op het standpunt dat verweerder in strijd heeft gehandeld met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, in het bijzonder het rechtszekerheidsbeginsel, het vertrouwensbeginsel en het recht op een redelijke overgangstermijn. Eiseres concludeert tot gegrondverklaring van het beroep, vernietiging van de uitspraak op bezwaar en verlening van een teruggaaf van € 500. 3.3. Verweerder stelt zich op het standpunt dat er geen levering plaatsvindt tussen de leverancier en eiseres, maar dat de leverancier direct levert aan de buitenlandse particuliere consument, zodat eiseres geen recht heeft op aftrek. Eiseres treedt niet op als commissionair en er is geen sprake van een ABC-levering. Van handelen in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur is geen sprake. Verweerder concludeert tot ongegrondverklaring van het beroep. 4. Beoordeling van het geschil 4.1. De Hoge Raad heeft op 2 december 2011 (nr. 43.813, LJN: BU6535, NTFR 2011/2864) - voor zover hier van belang - het volgende overwogen: “3.3. Artikel 35 van de Wet verplicht de ondernemer een factuur uit te reiken dan wel te doen uitreiken ter zake van zijn leveringen of diensten die hij heeft verricht aan een andere ondernemer of aan een rechtspersoon, andere dan ondernemer. Op de factuur moet hij onder meer de naam van de 'afnemer' vermelden. Onder 'afnemer' moet worden verstaan degene met wie de ondernemer een rechtsbetrekking is aangegaan ingevolge welke de ondernemer de levering verricht of de dienst verleent (vgl. HR 25 maart 1998, nr. 33096, LJN AA2468, BNB 1998/181, en HR 8 oktober 2004, nr. 38482, LJN AO3176, BNB 2005/6). Ingevolge artikel 15, lid 1, aanhef en letter a, van de Wet kan de ondernemer in aftrek brengen de omzetbelasting die door andere ondernemers ter zake van door hen aan de ondernemer (de afnemer in vorenstaande zin) verrichte leveringen en verleende diensten in rekening is gebracht op een op de voorgeschreven wijze opgemaakte factuur, voor zover de goederen en de diensten door de ondernemer worden gebezigd in het kader van zijn onderneming. Dit een en ander brengt mee dat het, behoudens tegenbewijs, ervoor moet worden gehouden dat degene aan wie door een ondernemer een factuur wordt uitgereikt waarin hij wordt genoemd als degene aan wie de in de factuur vermelde levering of dienst is verricht en waarin hij verplicht wordt te betalen, degene is aan wie de ondernemer zijn leveringen of diensten heeft verricht in de zin van artikel 15, lid 1, aanhef en letter a, van de Wet.” 4.2. In het onderhavige geval heeft eiseres op haar naam gestelde facturen ontvangen en op eigen naam facturen aan toeristen uitgereikt ter zake van leveringen van goederen, zodat - behoudens tegenbewijs - het ervoor moet worden gehouden dat eiseres degene is geweest die heeft gekocht van de leveranciers en heeft geleverd aan de toeristen. Verweerder heeft hiertegen ingebracht dat feitelijk de leveranciers direct aan de toeristen hebben geleverd en dat eiseres nimmer de beschikkingsmacht over de goederen heeft gehad. Van een levering aan en vervolgens door eiseres is dan geen sprake, zodat eiseres geen recht heeft op aftrek, aldus verweerder. 4.3. In artikel 14 van de Btw-richtlijn is bepaald dat als levering van een goed wordt beschouwd de overdracht of overgang van de macht om als een eigenaar over een lichamelijke zaak te beschikken. Volgens vaste jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie verwijst het begrip levering van een goed in de Btw-richtlijn niet naar de eigendomsoverdracht in de door het toepasselijke nationale recht voorziene vormen, maar strekt dit begrip zich uit tot elke handeling houdende overdracht van een lichamelijke zaak door een partij, die de andere partij in staat stelt daadwerkelijk daarover te beschikken als ware zij eigenaar van die zaak, en dat het aan de nationale rechter is om van geval tot geval aan de hand van de feitelijke omstandigheden te bepalen of sprake is van een overdracht van de macht om als een eigenaar over een goed te beschikken (vgl. HvJ 8 februari 1990, Shipping and Forwarding Enterprise Safe, C-320/88, BNB 1990/271, HvJ 6 februari 2003, Auto Lease Holland B.V., C-185/01, V-N 2003/13.18, en HvJ 15 december 2005, Centralan Property Ltd, C-63/04, punten 62 en 63, V-N 2005/61.19). Daarbij dient te worden uitgegaan van de rechtsbetrekking tussen de betrokken partijen die direct verband houdt met de desbetreffende zaak (HR 24 november 1999, nr. 34585, LJN AA3390, BNB 2000/35). Voor het aanwezig kunnen achten van een levering als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Wet OB moet kunnen worden vastgesteld dat eiseres (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.