RECHTBANK HAARLEM Sector Strafrecht Locatie Haarlem Meervoudige strafkamer Parketnummer: 15/996538-06 en 15/993010-08 (ter berechting gevoegd) Uitspraakdatum: 29 november 2012 Tegenspraak Promisvonnis Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 7 juli 2010, 25 en 26 november 2010, 1 en 22 december 2010, 7, 10, 17, 18, 28 februari 2011, 15, 18, 21, 22, 28 april 2011, 10 mei 2011, 16 en 23 juni 2011, 25 november 2011, 4 oktober 2012, 6, 13 en 15 november 2012, in de zaak tegen: [verdachte], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], ingeschreven in de basisadministratie persoonsgegevens op het adres [adres]. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officieren van justitie mr. T.M. Bosch en mr. J.H.M. van Leijen en van wat verdachte en zijn raadslieden, mr. J.T.C. Leliveld en mr. J.S. Spijkerman, beiden advocaat te 's-Gravenhage, naar voren hebben gebracht. 1. Tenlastelegging Aan verdachte is, na wijzigingen van de tenlastelegging ten laste gelegd dat: 1. (PROJECT SOLARIS): Hij in of omstreeks de periode van 8 oktober 1999 tot en met 30 januari 2002 te Hoevelaken en/of Capelle aan den IJssel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een geldbedrag van circa Euro 10.114.940,- (Fl.22.290.396), in elk geval enig groot geldbedrag, dat geheel of ten dele toebehoorde(
- n)aan Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO en/of BV Bouwfonds Vastgoedontwikkeling, een onderneming met ABN AMRO, en/of Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV en/of ABN AMRO Projectontwikkeling BV en/of Bouwfonds Vastgoed BV en/of ABN AMRO Bank NV, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geldbedrag verdachte en/of zijn mededader(
- s)uit hoofde van de persoonlijke dienstbetrekking van [medeverdachte 3] als controller/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV (van 1 oktober 1995 tot 1 augustus 2001) en/of als directeur financien en informatievoorziening/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV (van 1 augustus 2001 tot 1 mei 2002) en/of als adjunct-directeur/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO (van 1 januari 1999 tot 1 mei 2002) en/of uit hoofde van de persoonlijke dienstbetrekking van [medeverdachte 1] als (algemeen) directeur/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV (van 1 oktober 1995 tot 1 augustus 2001) en/of als (algemeen) directeur/werknemer bij/van BV Bouwfonds Vastgoedontwikkeling, een onderneming met ABN AMRO (van 16 september 1998 tot 1 januari 2001), in elk geval anders dan door misdrijf onder zich had(den), wederrechtelijk zich heeft/hebben toegeëigend; 2. PRIMAIR (PROJECT SOLARIS): Hij in of omstreeks de periode van 21 september 1999 tot en met 31 december 2002 te Capelle aan den IJssel en/of Den Haag en/of Bemmel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een (ontwikkelings)overeenkomst tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV (D-0010), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken en/of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid - zakelijk weergegeven - in die (ontwikkelings)overeenkomst opgenomen dat [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV een exclusief samenwerkingsverband zijn aangegaan dat erop is gericht om voor gezamenlijke rekening en risico de ontwikkeling van zes kantoorgebouwen en een parkeergarage te Capelle aan den IJssel aan de Rivium Promenade (ook bekend onder de projectnaam "Solaris") ter hand te nemen, althans woorden van die aard en/of strekking, en/of die (ontwikkelings)overeenkomst gedateerd op 21 september 1999, terwijl in werkelijkheid Idlewild Consultants BV geen (reele) werkzaamheden heeft verricht en/of geen (financieel) risico heeft gelopen en/of er geen sprake is geweest van een (exclusief) samenwerkingsverband en/of er geen sprake is geweest van een gezamenlijke ontwikkeling van zes kantoorgebouwen en een parkeergarage te Capelle aan den IJssel aan de Rivium Promenade en/of er (ook) geen intentie is geweest tot een dergelijke samenwerking en/of die (ontwikkelings)overeenkomst geantedateerd was/is, zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken; SUBSIDIAIR: Idlewild Consultants BV in of omstreeks de periode van 21 september 1999 tot en met 31 december 2002 te Capelle aan den IJssel en/of Den Haag en/of Bemmel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een (ontwikkelings)overeenkomst tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV (D-0010), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben die rechtspersoon Idlewild Consultants BV en/of haar mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid -zakelijk weergegeven- in die (ontwikkelings)overeenkomst opgenomen dat [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV een exclusief samenwerkingsverband zijn aangegaan dat erop is gericht om voor gezamenlijke rekening en risico de ontwikkeling van zes kantoorgebouwen en een parkeergarage te Capelle aan den IJssel aan de Rivium Promenade (ook bekend onder de projectnaam "Solaris") ter hand te nemen, althans woorden van die aard en/of strekking, en/of die (ontwikkelings)overeenkomst gedateerd op 21 september 1999, terwijl in werkelijkheid Idlewild Consultants BV geen (reele) werkzaamheden heeft verricht en/of geen (financieel) risico heeft gelopen en/of er geen sprake is geweest van een (exclusief) samenwerkingsverband en/of er geen sprake is geweest van een gezamenlijke ontwikkeling van zes kantoorgebouwen en een parkeergarage te Capelle aan den IJssel aan de Rivium Promenade en/of er (ook) geen intentie is geweest tot een dergelijke samenwerking en/of die (ontwikkelings)overeenkomst geantedateerd was/is, zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken, tot het plegen van bovenomschreven strafbare feit hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven verboden gedraging hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, feitelijk leiding heeft gegeven; 3. PRIMAIR (PROJECT SOLARIS): Hij op of omstreeks 20 februari 2002 te Heemstede en/of Den Haag en/of Bemmel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een (ontwikkelings)overeenkomst tussen Idlewild Consultants BV en Bloemenoord Groep BV (D-1217), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid - zakelijk weergegeven - in die (ontwikkelings)overeenkomst opgenomen dat Idlewild Consultants BV en Bloemenoordgroep BV een exclusief samenwerkingsverband zijn aangegaan dat erop is gericht om voor gezamenlijke rekening en risico de ontwikkeling van onder andere het project "Capelle aan den IJssel" (ook bekend onder de projectnaam "Solaris") ter hand te nemen, althans woorden van die aard en/of strekking, terwijl in werkelijkheid Idlewild Consultants BV en/of Bloemenoord Groep BV geen (reele) werkzaamheden heeft/hebben verricht en/of geen (financieel) risico heeft/hebben gelopen en/of er geen sprake is geweest van een gezamenlijke ontwikkeling van het project "Capelle aan den IJssel" en/of er (ook) geen intentie is geweest tot een dergelijke samenwerking, zulks met het oogmerk dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken; SUBSIDIAIR: Idlewild Consultants BV op of omstreeks 20 februari 2002 te Heemstede en/of Den Haag en/of Bemmel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een (ontwikkelings)overeenkomst tussen Idlewild Consultants BV en Bloemenoord Groep BV (D-1217), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben die rechtspersoon Idlewild Consultants BV en/of haar mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid - zakelijk weergegeven - in die (ontwikkelings)overeenkomst opgenomen dat Idlewild Consultants BV en Bloemenoordgroep BV een exclusief samenwerkingsverband zijn aangegaan dat erop is gericht om voor gezamenlijke rekening en risico de ontwikkeling van onder andere het project "Capelle aan den IJssel" (ook bekend onder de projectnaam "Solaris") ter hand te nemen, althans woorden van die aard en/of strekking, terwijl in werkelijkheid Idlewild Consultants BV en/of Bloemenoord Groep BV geen (reele) werkzaamheden heeft/hebben verricht en/of geen (financieel) risico heeft/hebben gelopen en/of er geen sprake is geweest van een gezamenlijke ontwikkeling van het project "Capelle aan den IJssel" en/of er (ook) geen intentie is geweest tot een dergelijke samenwerking, zulks met het oogmerk dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken, tot het plegen van bovenomschreven strafbare feit hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven verboden gedraging hij, verdachte, te zamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, feitelijk leiding heeft gegeven; 4. (PROJECT HOLLANDSE MEESTER): Hij in of omstreeks de periode van 17 augustus 1999 tot en met 24 november 1999 te Hoevelaken en/of Capelle aan den IJssel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een geldbedrag van maximaal circa Euro 1.815.121,- (Fl.4.000.000,-) en minimaal circa Euro 1.179.829,- (Fl.2.600.000,-) , in elk geval enig (groot) geldbedrag, dat geheel of ten dele toebehoorde aan Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO, en/of BV Bouwfonds Vastgoed Ontwikkeling, een onderneming met ABN AMRO, en/of Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV en/of ABN AMRO Projectontwikkeling BV en/of Bouwfonds Vastgoed BV en/of ABN AMRO Bank NV, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en welk geldbedrag hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)uit hoofde van de persoonlijke dienstbetrekking van [medeverdachte 1] als (algemeen) directeur/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV (van 1 oktober 1995 tot 1 augustus 2001) en/of als algemeen directeur/werknemer bij/van BV Bouwfonds Vastgoedontwikkeling, een onderneming met ABN AMRO (van 16 september 1998 tot 1 januari 2001), in elk geval anders dan door misdrijf, onder zich had(den) wederrechtelijk zich heeft/hebben toegeëigend; 5. PRIMAIR (HOLLANDSE MEESTER): Hij in of omstreeks de periode van 3 december 1998 tot en met 3 december 1999 te Capelle aan den IJssel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, twee, althans een of meer, (winstdelings)overeenkomst(
- en)tussen [vennootschap 8] en Ildewild Consultants BV (D-0091 en/of D-0008), zijnde (telkens) (een) geschrift(
- en)dat/die bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid -zakelijk weergegeven- (telkens) in die (winstdelings)overeenkomst(
- en)opgenomen(
- en)dat [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV een exclusief samenwerkingsverband zijn aangegaan dat erop is gericht om voor gezamenlijke rekening en risico de ontwikkeling van een kantoortoren en een parkeergarage te Zoetermeer aan het plein der Verenigde Naties (ook bekend onder de projectnaam "Hollandse Meester") ter hand te nemen, althans woorden van die aard en/of strekking, en/of die (winstdelings)overeenkomst(
- en)gedateerd op 3 december 1998, terwijl in werkelijkheid Idlewild Consultants BV geen (reele) werkzaamheden heeft verricht en/of geen (financieel) risico heeft gelopen en/of er geen sprake is geweest van een (exclusief) samenwerkingsverband en/of er geen sprake is geweest van een gezamenlijke ontwikkeling van een kantoortoren en parkeergarage te Zoetermeer aan het plein der Vereningde Naties en/of er (ook) geen intentie is geweest tot een dergelijke samenwerking en/of die (winstdelings)overeenkomst(
- en)geantedateerd was/waren/is/zijn, zulks (telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(
- en)als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken; SUBSIDIAIR: Idlewild Consultants BV in of omstreeks de periode van 3 december 1998 tot en met 3 december 1999 te Capelle aan den IJssel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, twee, althans een of meer, (winstdelings)overeenkomst(
- en)tussen [vennootschap 8] en Ildewild Consultants BV (D-0091 en/of D-0008), zijnde (telkens) (een) geschrift(
- en)dat/die bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben die rechtspersoon Idlewild Consultants BV en/of haar mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid -zakelijk weergegeven- (telkens) in die (winstdelings)overeenkomst(
- en)opgenomen(
- en)dat [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV een exclusief samenwerkingsverband zijn aangegaan dat erop is gericht om voor gezamenlijke rekening en risico de ontwikkeling van een kantoortoren en een parkeergarage te Zoetermeer aan het plein der Verenigde Naties (ook bekend onder de projectnaam "Hollandse Meester") ter hand te nemen, althans woorden van die aard en/of strekking, en/of die (winstdelings)overeenkomst(
- en)gedateerd op 3 december 1998, terwijl in werkelijkheid Idlewild Consultants BV geen (reele) werkzaamheden heeft verricht en/of geen (financieel) risico heeft gelopen en/of er geen sprake is geweest van een (exclusief) samenwerkingsverband en/of er geen sprake is geweest van een gezamenlijke ontwikkeling van een kantoortoren en parkeergarage te Zoetermeer aan het plein der Vereningde Naties en/of er (ook) geen intentie is geweest tot een dergelijke samenwerking en/of die (winstdelings)overeenkomst(
- en)geantedateerd was/waren/is/zijn, zulks (telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(
- en)als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken, tot het plegen van bovenomschreven strafbare feit hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven verboden gedraging hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, feitelijk leiding heeft gegeven; 6. (PROJECT COOLSINGEL): Hij in of omstreeks de periode van 15 januari 1999 tot en met 13 februari 2004 te Hoevelaken en/of Capelle aan den IJssel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een geldbedrag van circa Euro 6.405.108,- (Fl.14.115.000,-), in elk geval enig groot geldbedrag, dat geheel of ten dele toebehoorde(
- n)aan Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO en/of BV Bouwfonds Vastgoedontwikkeling, een onderneming met ABN AMRO, en/of Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV en/of ABN AMRO Projectontwikkeling BV en/of Bouwfonds Vastgoed BV en/of ABN AMRO Bank NV, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geldbedrag verdachte en/of zijn mededader(
- s)uit hoofde van de persoonlijke dienstbetrekking van [medeverdachte 3] als controller/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV (van 1 oktober 1995 tot 1 augustus 2001) en/of als directeur financien en informatievoorziening/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV (van 1 augustus 2001 tot 1 mei 2002) en/of als adjunct-directeur/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO (van 1 januari 1999 tot 1 mei 2002) en/of uit hoofde van de persoonlijke dienstbetrekking van [medeverdachte 1] als (algemeen) directeur/werknemer bij/van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV (van 1 oktober 1995 tot 1 augustus 2001) en/of als directeur/werknemer bij/van BV Bouwfonds Vastgoedontwikkeling, een onderneming met ABN AMRO (van 16 september 1998 tot 1 januari 2001), in elk geval anders dan door misdrijf onder zich had(den), wederrechtelijk zich heeft/hebben toegeëigend; 7. PRIMAIR (PROJECT COOLSINGEL): Hij in of omstreeks de periode van 1 juni 1998 tot en met 31 oktober 1999 te Capelle aan den IJssel, in elk geval in Nederland, tezamen en in verengiging met een ander of anderen,althans alleen, een (winstdelings)overeenkomst tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV (D-0007/D-1031), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakten/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid - zakelijk weergegeven - in die (winstdelings)overeenkomst opgenomen dat [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV een exclusief samenwerkingsverband zijn aangegaan dat erop is gericht om voor gezamenlijke rekening en risico de ontwikkeling van een kantoortoren, winkels en een parkeergarage te Rotterdam op de hoek van de Coolsingel met de Kruiskade (ook bekend onder de projectnaam "Coolsingel") ter hand te nemen, althans woorden van die aard en/of strekking, en/of die (winstdelings)overeenkomst gedateerd op juni 1998 terwijl in werkelijkheid Idlewild Consultants BV geen (reele) werkzaamheden heeft verricht en/of geen (financieel) risico heeft gelopen en/of er geen sprake is geweest van een (exclusief) samenwerkingsverband en/of er geen sprake is geweest van een gezamenlijke ontwikkeling van een kantoortoren, winkels en een parkeergarage te Rotterdam op de hoek van de Coolsingel met de Kruiskade en/of er (ook) geen intentie is geweest tot een dergelijke samenwerking en/of die (winstdelings)overeenkomst geantedateerd was/is, zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken; SUBSIDIAIR Idlewild Consultants BV in of omstreeks de periode van 1 juni 1998 tot en met 31 oktober 1999 te Capelle aan den IJssel, in elk geval in Nederland, tezamen en in verengiging met een ander of anderen, althans alleen, een (winstdelings)overeenkomst tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV (D-0007/D-1031), zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakten/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben die rechtspersoon Idlewild Consultants BV en/of haar mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid -zakelijk weergegeven- in die (winstdelings)overeenkomst opgenomen dat [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV een exclusief samenwerkingsverband zijn aangegaan dat erop is gericht om voor gezamenlijke rekening en risico de ontwikkeling van een kantoortoren, winkels en een parkeergarage te Rotterdam op de hoek van de Coolsingel met de Kruiskade (ook bekend onder de projectnaam "Coolsingel") ter hand te nemen, althans woorden van die aard en/of strekking, en/of die (winstdelings)overeenkomst gedateerd op juni 1998 terwijl in werkelijkheid Idlewild Consultants BV geen (reele) werkzaamheden heeft verricht en/of geen (financieel) risico heeft gelopen en/of er geen sprake is geweest van een (exclusief) samenwerkingsverband en/of er geen sprake is geweest van een gezamenlijke ontwikkeling van een kantoortoren, winkels en een parkeergarage te Rotterdam op de hoek van de Coolsingel met de Kruiskade en/of er (ook) geen intentie is geweest tot een dergelijke samenwerking en/of die (winstdelings)overeenkomst geantedateerd was/is, zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken, tot het plegen van bovenomschreven strafbare feit hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven verboden gedraging hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, feitelijk leiding heeft gegeven; 8. PRIMAIR (PROJECTEN SOLARIS, HOLLANDSE MEESTER & COOLSINGEL): Hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 14 december 2001 tot en met 4 augustus 2003, te Hoevelaken en/of Heemstede en/of Den Haag en/of Capelle aan den IJssel en/of Bemmel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen (telkens), (van) een of meer voorwerp(en), te weten een geldbedrag van circa Euro 1.179.829,- (exclusief btw) inzake het project "Hollandse Meester", in elk geval enig geldbedrag, en/of een geldbedrag van circa Euro 7.913.161,- (exclusief btw) inzake het project "Solaris", in elk geval enig geldbedrag, en/of een geldbedrag van circa Euro 1.843.400,- (exclusief btw) inzake het project "Coolsingel", in elk geval enig geldbedrag, (telkens) de werkelijke aard en/of de herkomst heeft verborgen en/of verhuld en/of heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(
- n)op het/de voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren en/of wie het voorhanden had/hadden (te weten [medeverdachte 1] en/of Bloemenoord Groep BV en/of hij, verdachte, en/of Idlewild Consultants BV en/of Rooswyck Properties en/of Rooswyck Beheer BV en/of Rooswyck Property Services BV) door voor te wenden dat dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren verkregen op basis van een (valse of vervalste) overeenkomst inzake verkoop rechten uit de optieovereenkomst van de stationslocatie aan het plein van de Verenigde Naties te Zoetermeer gesloten tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO, en [vennootschap 8] (D-0003/D-1331) inzake het project "Hollandse Meester" en/of een (valse of vervalste) (winstdelings)overeenkomst gesloten tussen Idlewild Consultants BV en [vennootschap 8] (D-0091) inzake het project "Hollandse Meester" en/of een (valse of vervalste) (turnkey)overeenkomst gesloten tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO, en [vennootschap 8], handelend namens de nog op te richten Capelse Maasoever BV (D-0006/D-1270) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) (ontwikkelings)overeenkomst gesloten tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV (D-0010) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) (ontwikkelings)overeenkomst gesloten tussen Bloemenoord Groep BV en Idlewild Consultants BV (D-1217) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) (winstdelings)overeenkomst gesloten tussen Bloemenoord Groep BV en Idlewild Consultants BV (D-0018) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) brief van Rooswyck Beheer BV aan Capelse Maasoever BV (D-0282) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) brief van Capelse Maasoever BV aan Rooswyck Beheer BV (D-1229) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) brief van Rooswyck Properties BV aan Capelse Maasoever BV (D-0277) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) brief van Capelse Maasoever BV aan Rooswyck Properties BV (D-1242) inzake het project "Solaris" en/of achttien, althans een of meer, (valse of vervalste) factu(u)r(
- en)van Rooswyck Properties en/of Rooswyck Property Services BV en/of Rooswyck Beheer BV (telkens) aan Capelse Maasoever BV ten bedrage van in totaal circa Euro 1.930.449,- (exclusief btw) (D-1249 en/of D-1249-1 en/of D-1245 en/of D-1245-1 en/of D-1245-2 en/of D-1231 en/of D-1231-1 en/of D-1231-2 en/of D-1246 en/of D-1246-1 en/of D-1246-2 en/of D-1246-3 en/of D-1247 en/of D-1247-1 en/of D-1247-2 en/of D-1248 en/of D-1248-1 en/of D-1248-2) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) overeenkomst inzake de ontwikkeling van de Luxorlocatie te Rotterdam gesloten tussen [vennootschap 8] en Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO, (D-0002/D-1579) inzake het project "Coolsingel" en/of een (valse of vervalste) (winstdelings)overeenkomst gesloten tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV (D-0007/D-1031) inzake het project "Coolsingel" en/of door voor te wenden dat een gedeelte van dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren (door)betaald op basis van een (valse of vervalste) (ontwikkelings)overeenkomst gesloten tussen Idlewild Consultants BV en Bloemenoord Groep BV (D-1217) inzake het project "Solaris" en/of door dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)inzake het project "Hollandse Meester" en/of in het project "Coolsingel" te (laten en/of doen) storten op een derdengeldrekening van notaris [betrokkene 6] (D-0014) en/of door een gedeelte van dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)inzake het project "Solaris", te weten een geldbedrag van circa Euro 5.982.712,- te (laten en/of doen ) storten op een derdengeldrekening van notaris [betrokkene 6] (D-0021 en/of D-1234-1 t/m D-1234-5), althans dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)voorhanden heeft gehad en/of heeft verworven en/of een gedeelte van dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)heeft overgedragen, terwijl, hij, verdachte en/of zijn mededader(
- s)(telkens) wist(en), althans redelijkerwijs moest(
- en)vermoeden dat dat/die voorwerpen)/geldbedrag(
- en)(geheel of gedeeltelijk) onmiddellijk of middellijk afkomstig was/waren uit enig misdrijf; SUBSIDIAIR Idlewild Consultants BV en/of Rooswyck Properties en/of Rooswyck Property Services BV en/of Rooswyck Beheer BV en/of Bloemenoord Groep BV op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 14 december 2001 tot en met 4 augustus 2003, te Hoevelaken en/of Heemstede en/of Den Haag en/of Capelle aan den IJssel en/of Bemmel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen (telkens), (van) een of meer voorwerp(en), te weten een geldbedrag van circa Euro 1.179.829,- (exclusief btw) inzake het project "Hollandse Meester", in elk geval enig geldbedrag, en/of een geldbedrag van circa Euro 7.913.161,- (exclusief btw) inzake het project "Solaris", in elk geval enig geldbedrag, en/of een geldbedrag van circa Euro 1.843.400,- (exclusief btw) inzake het project "Coolsingel", in elk geval enig geldbedrag, (telkens) de werkelijke aard en/of de herkomst heeft verborgen en/of verhuld en/of heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(
- n)op het/de voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren en/of wie het voorhanden had/hadden (te weten [medeverdachte 1] en/of Bloemenoord Groep BV en/of hij, verdachte, en/of Idlewild Consultants BV en/of Rooswyck Properties en/of Rooswyck Beheer BV en/of Rooswyck Property Servcies BV) door voor te wenden dat dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren verkregen op basis van een (valse of vervalste) overeenkomst inzake verkoop rechten uit de optieovereenkomst van de stationslocatie aan het plein van de Verenigde Naties te Zoetermeer gesloten tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO, en [vennootschap 8] (D-0003/D-1331) inzake het project "Hollandse Meester" en/of een (valse of vervalste) (winstdelings)overeenkomst gesloten tussen Idlewild Consultants BV en [vennootschap 8] (D-0091) inzake het project "Hollandse Meester" en/of een (valse of vervalste) (turnkey)overeenkomst gesloten tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO, en [vennootschap 8], handelend namens de nog op te richten Capelse Maasoever BV (D-0006/D-1270) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) (ontwikkelings)overeenkomst gesloten tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV (D-0010) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) (ontwikkelings)overeenkomst gesloten tussen Bloemenoord Groep BV en Idlewild Consultants BV (D-1217) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) (winstdelings)overeenkomst gesloten tussen Bloemenoord Groep BV en Idlewild Consultants BV (D-0018) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) brief van Rooswyck Beheer BV aan Capelse Maasoever BV (D-0282) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) brief van Capelse Maasoever BV aan Rooswyck Beheer BV (D-1229) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) brief van Rooswyck Properties BV aan Capelse Maasoever BV (D-0277) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) brief van Capelse Maasoever BV aan Rooswyck Properties BV (D-1242) inzake het project "Solaris" en/of achttien, althans een of meer, (valse of vervalste) factu(u)r(
- en)van Rooswyck Properties en/of Rooswyck Property Services BV en/of Rooswyck Beheer BV (telkens) aan Capelse Maasoever BV ten bedrage van in totaal circa Euro 1.930.449,- (exclusief btw) (D-1249 en/of D-1249-1 en/of D-1245 en/of D-1245-1 en/of D-1245-2 en/of D-1231 en/of D-1231-1 en/of D-1231-2 en/of D-1246 en/of D-1246-1 en/of D-1246-2 en/of D-1246-3 en/of D-1247 en/of D-1247-1 en/of D-1247-2 en/of D-1248 en/of D-1248-1 en/of D-1248-2) inzake het project "Solaris" en/of een (valse of vervalste) overeenkomst inzake de ontwikkeling van de Luxorlocatie te Rotterdam gesloten tussen [vennootschap 8] en Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO, (D-0002/D-1579) inzake het project "Coolsingel" en/of een (valse of vervalste) (winstdelings)overeenkomst gesloten tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV (D-0007/D-1031) inzake het project "Coolsingel" en/of door voor te wenden dat een gedeelte van dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren (door)betaald op basis van een (valse of vervalste) (ontwikkelings)overeenkomst gesloten tussen Idlewild Consultants BV en Bloemenoord Groep BV (D-1217) inzake het project "Solaris" en/of door dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)inzake het project "Hollandse Meester" en/of in het project "Coolsingel" te (laten en/of doen) storten op een derdengeldrekening van notaris [betrokkene 6] (D-0014) en/of door een gedeelte van dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)inzake het project "Solaris", te weten een geldbedrag van circa Euro 5.982.712,- te (laten en/of doen ) storten op een derdengeldrekening van notaris [betrokkene 6] (D-0021 en/of D-1234-1 t/m D-1234-5), althans dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)voorhanden heeft gehad en/of heeft verworven en/of een gedeelte van dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)heeft overgedragen, terwijl, die rechtsperso(o)n(
- en)Idlewild Consultants BV en/of Rooswyck Properties en/of Rooswyck Property Services BV en/of Rooswyck Beheer BV en/of Bloemenoord Groep BV en/of hun/haar mededader(
- s)(telkens) wist(en), althans redelijkerwijs moest(
- en)vermoeden dat dat/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)(geheel of gedeeltelijk) onmiddellijk of middellijk afkomstig was/waren uit enig misdrijf, tot het plegen van bovenonmschreven strafbare feit hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven gedraging hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) feitelijk leiding heeft gegeven; 9. (PROJECTEN HOLLANDSE MEESTER & SOLARIS & COOLSINGEL): Hij in of omstreeks de periode van 1 januari 1998 tot en met 1 april 2008 te Capelle aan den IJssel en/of Hoevelaken en/of Den Haag en/of Bergschenhoek en/of 's-Gravenzande en/of Bilthoven en/of Amsterdam en/of Amstelveen en/of Heemstede en/of Bemmel en/of Buitenkaag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft deelgenomen aan een organisatie, te weten een samenwerkingsverband van natuurlijke personen en/of rechtspersonen, bestaande uit hem, verdachte, en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [betrokkene 12] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 6] en/of [betrokkene 13] en/of [medeverdachte 7] en/of [betrokkene 6] en/of [medeverdachte 10] en/of [betrokkene 7] en/of [betrokkene 11] en/of Bloemenoord Groep BV en/of Idlewild Consultants BV en/of [vennootschap 10] (van 2 februari 1994 tot 14 augustus 2000 optredend onder de handelsnaam [vennootschap 8]) en/of [vennootschap 9] (van 14 augustus 2000 tot 5 april 2005 optredend onder de handelsnaam [vennootschap 8]) en/of Capelse Maasoever BV en/of [medeverdachte 13] en/of [medeverdachte 12] (van 14 april 1999 tot 26 februari 2009 optredend onder de handelsnaam [vennootschap 7]) en/of [vennootschap 5] en/of [vennootschap 13] en/of een of meer andere(
- n)(rechts)perso(o)n(en), welke organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven, namelijk onder meer: -oplichting van Bouwfonds (artikel 326 WvSr) -verduistering in dienstbetrekking bij Bouwfonds (artikel 322 WvSr) -valsheid in geschrifte (artikel 225 WvSr) -niet ambtelijke actieve en/of passieve omkoping (artikel 328ter WvSr) -witwassen (artikel 420bis/420quater WvSr) -opzetheling (artikel 416 WvSr) bestaande die deelneming onder meer uit: het (laten en/of doen) aangaan van valse of vervalste overeenkomsten en/of het (laten en/of doen) opmaken en/of samenstellen van valse of vervalste facturen en/of overeenkomsten en/of brieven en/of kostenbatenanalyses (KBA) en/of rapportages en/of bedrijfsadministraties en/of het (laten en/of doen) opnemen van valse of vervalste facturen en/of overeenkomsten en/of brieven in bedrijfsadministraties en/of het (laten en/of doen) verzenden van valse of vervalste facturen en/of overeenkomsten en/of brieven en/of het (laten en/of doen) doorbetalen en/of beheren en/of verdelen en/of ontvangen en/of verhullen van geldbedragen (al dan niet via notaris [betrokkene 6]), die verkregen zijn met vorenbedoelde misdrijven en/of het (laten en/of doen) doorgeven van gegevens aan overige leden van de organisatie, die relevant zijn voor de op te (laten en/of doen) maken valse of vervalste facturen en/of overeenkomsten en/of brieven en/of bedrijfsadministraties en/of het (laten en/of doen) doorgeven van gegevens aan overige leden van de organisatie, die relevant zijn om geldbedragen, die verkregen zijn met vorenbedoelde misdrijven, door te (kunnen) sluizen en/of het (laten en/of doen) beleggen van vergaderingen/bijeenkomsten met overige leden van de organisatie en/of het (laten en/of doen) werven en/of selecteren en/of opleiden en/of coachen van nieuwe leden en/of huidige leden van de organisatie en/of het (laten en/of doen) oprichten van bedrijven, die met geen ander doel zijn opgericht voor het (laten en/of doen) plegen van vorenbedoelde misdrijven en/of het verzwijgen tegenover Bouwfonds dat inzake de projecten "Hollandse Meester" en/of "Solaris" en/of "Coolsingel" door Bouwfonds te veel geld is betaald, althans dit niet heeft gemeld bij Bouwfonds en/of het feitelijk leiding geven aan vorenbedoelde misdrijven, terwijl hij, verdachte, binnen die organisatie een leidinggevende rol heeft vervuld; 10. PRIMAIR (PROJECT EUROCENTER): Hij in of omstreeks de periode van 10 september 2004 tot en met 15 oktober 2004 te Amsterdam en/of te Capelle aan den IJssel en/of Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een factuur van Rooswyck Property Services NV gericht aan [vennootschap 5] ten bedrage van Euro 125.000,- (exclusief btw) (D-1070), en/of een factuur van Rooswyck Property Services BV gericht aan [vennootschap 5] ten bedrage van Euro 125.000,- (D-1071) , zijnde (telkens) (een) geschrift(
- en)dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid - zakelijk weergegeven - op/in die factu(u)r(
- en)vermeld dat door of namens Rooswyck Property Services NV en/of Rooswyck Property Services BV werkzaamheden en/of diensten zijn verricht ten behoeve van/voor [vennootschap 5], terwijl in werkelijkheid die werkzaamheden en/of diensten niet, althans niet in zijn geheel, door of namens Rooswyck Property Services NV en/of Rooswyck Property Services BV zijn verricht ten behoeve van/voor [vennootschap 5] en/of op/in die factu(u)r(
- en)(een) factuurbedrag(
- en)vermeld dat/die in werkelijkheid geen, althans niet volledig, betrekking heeft/hebben op de in die factu(u)r(
- en)vermelde(
- n)werkzaamheden en/of diensten, zulks met het oogmerk om die/dat geschrift(
- en)als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken; SUBSIDIAIR Rooswyck Property Services BV en/of Rooswyck Property Services NV in of omstreeks de periode van 10 september 2004 tot en met 15 oktober 2004 te Amsterdam en/of te Capelle aan den IJssel en/of Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een factuur van Rooswyck Property Services NV gericht aan [vennootschap 5] ten bedrage van Euro 125.000,- (exclusief btw) (D-1070), en/of een factuur van Rooswyck Property Services BV gericht aan [vennootschap 5] ten bedrage van Euro 125.000,- (D-1071) , zijnde (telkens) (een) geschrift(
- en)dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten opmaken, immers heeft/hebben die rechtsperso(o)n(
- en)Rooswyck Property Services BV en/of Rooswyck Property Services NV en/of haar/hun mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid - zakelijk weergegeven - op/in die factu(u)r(
- en)vermeld dat door of namens Rooswyck Property Services NV en/of Rooswyck Property Services BV werkzaamheden en/of diensten zijn verricht ten behoeve van/voor [vennootschap 5], terwijl in werkelijkheid die werkzaamheden en/of diensten niet, althans niet in zijn geheel, door of namens Rooswyck Property Services NV en/of Rooswyck Property Services BV zijn verricht ten behoeve van/voor [vennootschap 5] en/of op/in die factu(u)r(
- en)(een) factuurbedrag(
- en)vermeld dat/die in werkelijkheid geen, althans niet volledig, betrekking heeft/hebben op de in die factu(u)r(
- en)vermelde(
- n)werkzaamheden en/of diensten, zulks met het oogmerk om die/dat geschrift(
- en)als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken, tot het plegen van bovenomschreven strafbare feit, hij, verdachte, tezamen en vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven verboden gedraging hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, feitelijk leiding heeft gegeven; 11. PRIMAIR (PROJECT EUROCENTER): Hij in of omstreeks de periode van 17 september 2004 tot en met 22 oktober 2004, te Capelle aan den IJssel en/of Amsterdam en/of Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, van een of meer voorwerp(en), te weten van een of meer geldbedrag(
- en)tot eentotaal bedrag van circa Euro 250.000,- (exclusief btw), in elk geval enig(
- e)geldbedrag(
- en)de werkelijk aard en/of de herkomst heeft verborgen en/of verhuld en/of heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(
- n)op de/het voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren en/of wie het voorhanden had/hadden (te weten [medeverdachte 1] en/of hij, verdachte) door voor te wenden dat dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren verkregen op basis van een (valse of vervaste) factuur van Rooswyck Property Services NV gericht aan [vennootschap 5] (D-1070) en/of een (valse of vervalste) factuur van Rooswyck Property Services BV gericht aan [vennootschap 5] (D-1071), althans dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)voorhanden heeft gehad en/of heeft verworven, terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)wist(en), althans redelijkerwijs moest(
- en)vermoeden dat die/dat voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)(geheel of gedeeltelijk) onmiddellijk of middelijk afkomstig was/waren uit enig misdrijf; SUBSIDIAIR Rooswyck Property Services BV en/of Rooswyck Property Services NV in of omstreeks de periode van 17 september 2004 tot en met 22 oktober 2004, te Capelle aan den IJssel en/of Amsterdam en/of Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, van een of meer voorwerp(en), te weten van een of meer geldbedrag(
- en)tot een totaal bedrag van circa Euro 250.000,- (exclusief btw), in elk geval enig(
- e)geldbedrag(
- en)de werkelijk aard en/of de herkomst heeft verborgen en/of verhuld en/of heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(
- n)op de/het voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren en/of wie het voorhanden had/hadden (te weten [medeverdachte 1] en/of hij, verdachte) door voor te wenden dat dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren verkregen op basis van een (valse of vervaste) factuur van Rooswyck Property Services NV gericht aan [vennootschap 5] (D-1070) en/of een (valse of vervalste) factuur van Rooswyck Property Services BV gericht aan [vennootschap 5] (D-1071), althans dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)voorhanden heeft gehad en/of heeft verworven, terwijl die rechtsperso(o)n(
- en)Rooswyck Property Services BV en/of Rooswyck Property Services NV en/of hun/haar mededader(
- s)wist(en), althans redelijkerwijs moest(
- en)vermoeden dat die/dat voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)(geheel of gedeeltelijk) onmiddellijk of middelijk afkomstig was/waren uit enig misdrijf, tot het plegen van bovenomschreven strafbare feit, hij, verdachte, tezamen en vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven verboden gedraging hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, feitelijk leiding heeft gegeven; 12. PRIMAIR (PROJECT EUROCENTER): Hij in of omstreeks de periode van 21 december 2006 tot en met 5 februari 2007 te Bemmel en/of Bilthoven en/of Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, twee, althans een of meer, factu(u)r(
- en)van Idlewild Consultants BV (telkens) gericht aan [medeverdachte 13] ten bedrage van in totaal circa Euro 200.000,- (exclusief btw) (D-0867 en/of D-2886), zijnde (telkens) (een) geschrift(
- en)dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid - zakelijk weergegeven - op/in die factu(u)r(
- en)vermeld dat door of namens Idlewild Consultants BV werkzaamheden en/of diensten zijn verricht ten behoeve van/voor [medeverdachte 13], terwijl in werkelijkheid die werkzaamheden en/of diensten niet, althans niet in zijn geheel, door of namens Idlewild Consultants BV zijn verricht ten behoeve van/voor [medeverdachte 13] en/of op/in die factu(u)r(
- en)(een) factuurbedrag(
- en)vermeld die/dat in werkelijkheid geen, althans niet volledig, betrekking heeft/hebben op de in die factu(u)r(
- en)vermelde(
- n)werkzaamheden en/of diensten, zulks (telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(
- en)als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken; SUBSIDIAIR Idlewild Consultants BV in of omstreeks de periode van 21 december 2006 tot en met 5 februari 2007 te Bemmel en/of Bilthoven en/of Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, twee, althans een of meer, factu(u)r(
- en)van Idlewild Consultants BV (telkens) gericht aan [medeverdachte 13] ten bedrage van in totaal circa Euro 200.000,- (exclusief btw) (D-0867 en/of D-2886), zijnde (telkens) (een) geschrift(
- en)dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers heeft/hebben die rechtspersoon Idlewild Consultants BV en/of haar mededader(
- s)valselijk en/of in strijd met de waarheid - zakelijk weergegeven - op/in die factu(u)r(
- en)vermeld dat door of namens Idlewild Consultants BV werkzaamheden en/of diensten zijn verricht ten behoeve van/voor [medeverdachte 13], terwijl in werkelijkheid die werkzaamheden en/of diensten niet, althans niet in zijn geheel, door of namens Idlewild Consultants BV zijn verricht ten behoeve van/voor [medeverdachte 13] en/of op/in die factu(u)r(
- en)(een) factuurbedrag(
- en)vermeld die/dat in werkelijkheid geen, althans niet volledig, betrekking heeft/hebben op de in die factu(u)r(
- en)vermelde(
- n)werkzaamheden en/of diensten, zulks (telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(
- en)als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken, tot het plegen van bovenomschreven strafbare feit, hij, verdachte, tezamen en vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven verboden gedraging hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, feitelijk leiding heeft gegeven; 13. PRIMAIR (PROJECT EUROCENTER): Hij in of omstreeks de periode van 22 december 2006 tot en met 28 februari 2007, te Bemmel en/of Bilthoven en/of Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (van) een of meer voorwerp(
- en)tot een totaal bedrag van circa Euro 200.000,- (exclusief btw), in elk geval enig(
- e)geldbedrag(
- en)de werkelijke aard en/of herkomst heeft verborgen en/of verhuld door voor te wenden dat dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren verkregen op basis van twee, althans een of meer, (valse of vervalste) factu(u)r(
- en)van Idlewild Consultants BV aan [medeverdachte 13] (D-0867 en/of D-2886), althans dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)voorhanden heeft gehad en/of heeft verworven, terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(
- s)wist(en), althans redelijkerwijs moest(
- en)vermoeden, dat dat/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)(geheel of gedeeltelijk) onmiddellijk of middellijk afkomstig was/waren uit enig misdrijf; SUBSIDIAIR Idlewild Consultants BV in of omstreeks de periode van 22 december 2006 tot en met 28 februari 2007, te Bemmel en/of Bilthoven en/of Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (van) een of meer voorwerp(
- en)tot een totaal bedrag van circa Euro 200.000,- (exclusief btw), in elk geval enig(
- e)geldbedrag(
- en)de werkelijke aard en/of herkomst heeft verborgen en/of verhuld door voor te wenden dat dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)was/waren verkregen op basis van twee, althans een of meer, (valse of vervalste) factu(u)r(
- en)van Idlewild Consultants BV aan [medeverdachte 13] (D-0867 en/of D-2886), althans dit/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)voorhanden heeft gehad en/of heeft verworven, terwijl die rechtspersoon Idlewild Consultants BV en/of haar mededader(
- s)wist(en), althans redelijkerwijs moest(
- en)vermoeden, dat dat/die voorwerp(en)/geldbedrag(
- en)(geheel of gedeeltelijk) onmiddellijk of middellijk afkomstig was/waren uit enig misdrijf, tot het plegen van bovenomschreven strafbare feit, hij, verdachte, tezamen en vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opdracht heeft gegeven en/of aan welke vorenomschreven verboden gedraging hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, feitelijk leiding heeft gegeven; 14. (PROJECT EUROCENTER/PHILIPS): Hij in of omstreeks de periode van 1 januari 1998 tot en met 13 november 2007 te Eindhoven en/of Hoevelaken en/of Hoofddorp en/of Heemstede en/of Weert en/of Haelen en/of Roermond en/of Tilburg en/of Aerdenhout en/of Bloemendaal en/of Rosmalen en/of Den Bosch en/of Den Haag en/of Bilthoven en/of Haarlem en/of Alphen aan den Rijn en/of Capelle aan den IJssel en/of IJsselstein en/of Waddinxveen, in elk geval in Nederland, tezamen en in verenging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft deelgenomen heeft deelgenomen aan een organisatie, te weten een organisatieverband van natuurlijke personen en/of rechtspersonen, bestaande uit hem, verdachte, en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 6] en/of [medeverdachte 9] en/of [medeverdachte 2] en/of [betrokkene 16] en/of [medeverdachte 4] en/of [betrokkene 3] en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 8] en/of [betrokkene 4] en/of [betrokkene 5] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 7] en/of [betrokkene 6] en/of [betrokkene 7] en/of [betrokkene 8] en/of Landquest NV en/of Kanaalcentrum Utrecht BV en/of Europalaan Utrecht BV en/of Idlewild Consultants BV en/of Universum Holding en/of Universum Beheer BV en/of [medeverdachte 15] en/of [medeverdachte 13] en/of [medeverdachte 14] en/of AFR Vastgoed BV (van 29 januari 2001 tot 10 april 2006 optredend onder de handelsnaam [vennootschap 2]) en/of [vennootschap 4] en/of [vennootschap 5] en/of [vennootschap 6] en/of een of meer andere(
- n)(rechts)perso(o)n(en), welke organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven, namelijk onder meer: -oplichting van Stichting Philips Pensioenfonds en/of Philips Real Estate Investment Management BV en/of Schootse Poort Onroerend Goed Beheer BV en/of Bouwfonds (artikel 326 WvSr); -verduistering in dienstbetrekking bij Stichting Philips Pensioenfonds en/of Philips Real Estate Investment Management BV en/of Schootse Poort Onroerend Goed Beheer BV en/of Bouwfonds (artikel 322 WvSr); -valsheid in geschrifte (artikel 225 WvSr); -niet ambtelijke actieve en/of passieve omkoping (artikel 328ter WvSr); -witwassen (artikel 420bis/420quarter WvSr); bestaande die deelneming onder meer uit: het bedenken en/of plannen en/of voorbereiden van vorenbedoelde misdrijven en/of het uitdenken en/of vastleggen van constructies waarop de met vorenbedoelde misdrijven verkregen gelden worden verdeeld en/of aan het zicht worden onttrokken van derden en/of het ten behoeve van vorenbedoelde misdrijven oprichten van vennootschappen en/of aangaan van samenwerkingsverbanden en/of inrichten van de (eigendoms)verhoudingen binnen vennootschappen en/of op andere wijze betrekken van derden en/of het ten behoeve van vorenbedoelde misdrijven doen van giften en/of beloften aan andere deelnemers van die organisatie en/of aan anderen in ruil voor medewerking en/of het verzwijgen tegenover de werkgever (Bouwfonds en/of Stichting Philips Pensioenfonds en/of Philips Real Estate Investment Management BV en/of Schootse Poort Onroerend Goed Beheer BV) van (deze) giften en/of beloften en/of het aanwenden en/of gebruik maken van de positie en/of specifieke kennis en/of vaardigheden van (een) andere deelnemer(
- s)van de organisatie en/of van anderen en/of het voor rekening van en/of op naam van de werkgever (doen of laten) aangaan van valse of vervalste en/of onzakelijke overeenkomsten en/of het ten behoeve van het aangaan van valse of vervalste overeenkomsten overleggen van valse of vervalste KBA's en/of notities en/of andere stukken en/of het (doen of laten) verrichten van (frauduleuze) betalingen aan de contractpartijen ter uitvoering van valse of vervalste overeenkomsten en/of het (doen of laten) verstrekken van geheime of vertrouwelijke informatie aan andere deelnemers van de organisatie en/of aan anderen en/of het (doen of laten) opnemen van valse of vervalste overeenkomsten en/of facturen en/of brieven in bedrijfsadministraties (van de werkgever) en/of het (doen of laten) opmaken en/of samenstellen van valse of vervalste facturen en/of overeenkomsten en/of brieven ten behoeve van de verdere doorgeleiding van de door middel van vorenbedoelde misdrijven verkregen (frauduleuze) gelden en/of het doen of laten beheren van de door middel van vorenbedoelde misdrijven verkregen gelden door andere deelnemers van de organisatie en/of het beheren van de door middel van vorenbedoelde misdrijven verkregen gelden voor andere deelnemers van de organisatie en/of het (doen of laten) beheren van de door middel van vorenbedoelde misdrijven verkregen gelden middels buitenlandse vennootschappen en/of buitenlandse bankrekeningen en/of het beleggen of bijwonen van bijeenkomsten en/of vergaderingen met de andere deelnemers van de organisatie, zulks ten behoeve van besluitvorming over vorenbedoelde misdrijven en/of het werven en/of selecteren en/of opleiden en/of coachen van nieuwe leden en/of huidige leden van de organisatie en/of het feitelijk leiding geven aan vorenbedoelde misdrijven, terwijl hij, verdachte, binnen die organisatie een leidinggevende rol heeft vervuld; 15. (ter berechting gevoegde strafzaak 15/993010-08 onder gelijktijdige intrekking van de reeds eerder in deze zaak uitgereikte/aangemaakte dagvaarding) Hij op of omstreeks 13 november 2007 te Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 7.15 gram cocaine, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of ongeveer 37 MDMA-pillen (XTC), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA, in elk geval (telkens) (een) middel(len) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet. 2. Voorvragen (Partiële) nietigheid van de dagvaarding (feiten 1, 4 en 6) Met betrekking tot de onder 1, 4 en 6 ten laste gelegde feiten heeft de verdediging aangevoerd dat de dagvaarding voor zover het deze feiten betreft, nietig moet worden verklaard omdat onvoldoende duidelijk is waartegen verdachte zich heeft te verweren. De verdediging heeft daarbij verwezen naar hetgeen diens raadslieden bij pleidooi in de zaak tegen medeverdachte [medeverdachte 1] op dit punt hebben betoogd, inhoudende dat die onduidelijkheid is gelegen in de ruime pleegperiode die veel verschillende gedragingen in zich bergt. Ter onderbouwing van het verweer is aangevoerd dat elk van de ten laste gelegde pleegperiodes aanvangt met het sluiten van de desbetreffende overeenkomsten met [vennootschap 8] op basis waarvan de vergoeding voor hun werkzaamheden, de kosten van het project en wat het openbaar ministerie het opgehoogde gedeelte noemt, worden betaald. Op enig moment binnen die ten laste gelegde pleegperiode moet de verduistering van de gelden ten aanzien van het desbetreffende project hebben plaatsgevonden, aldus de verdediging. Verduistering kan, zo wordt vervolgd, geen voortdurend delict zijn omdat door de toe-eigeningsdaad het delict wordt voltooid. Van die toe-eigening is sprake zodra de dader het besluit zich de zaak naar eigen goeddunken ten nutte te maken in daden heeft omgezet door er als heer en meester over te gaan beschikken. Het enkele besluit om een goed voor zichzelf te gaan houden is niet voldoende. Ten aanzien van de onder 1, 4 en 6 ten laste gelegde feiten is volgens de verdediging niet duidelijk wat de manifestatie is van die toe-eigening en blijft daarmee de vraag op welk moment het delict is voltooid en het moment van de verjaring aanvangt, een gegeven dat van belang is voor een te voeren verjaringsverweer. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat een nadere omschrijving in de tenlastelegging van de wijze waarop de toe-eigening zou hebben plaatsgevonden niet op straffe van nietigheid is voorgeschreven en daartoe een arrest van de Hoge Raad geciteerd.1 De uitdrukking zich toe-eigenen heeft een duidelijk feitelijke betekenis, nl. het als heer en meester over een goed beschikken. De omstandigheid, dat het veelal interne feit der toe-eigening op verschillende wijze tot uitdrukking kan komen en dat het in een bepaald geval twijfelachtig kan zijn of een zekere handeling of gedraging als manifestatie der toe-eigening kan worden beschouwd kan niet wegnemen dat reeds door het stellen der toe-eigening in de tenlastelegging aan de vereiste opgave van het feit is voldaan. Noyon Langemeijer Remmelink2 zegt daarover: In de eerste plaats komen die handelingen in aanmerking waardoor de eigenaar het terug krijgen van zijn goed wordt belet door verbruik of vervreemding: het verteren, uitgeven, verkopen, vernietigen, ook het wegschenken, m.a.w het beschikken te eigen bate of ten bate van een derde. Indachtig die juridische werkelijkheid, in samenhang met de OPV's en de verbalen waarin de delicten van artikel 322 van het Wetboek van Strafrecht worden beschreven, kan het verdachte niet ontgaan zijn wat hem wordt verweten. Dat de verdediging moeilijk kan inschatten op welk exact moment (of welke periode nu precies) de toe-eigening heeft plaatsgevonden, maakt dat niet anders. Kenmerkend voor de Bouwfonds projecten is dat er tussen de eerste overeenkomt tussen Bouwfonds en [vennootschap 8] en de feitelijke betaling aan verdachte en [medeverdachte 1] een ruime periode zit en dat er in die periode overeenkomsten worden gesloten en betalingen plaatsvinden. Het totaal van deze handelingen levert de toe-eigening op waardoor verdachte en [medeverdachte 1] als heer en meester over het geld zijn gaan beschikken. Daarbij past een ruime pleegperiode, aldus nog steeds de officier van justitie. De rechtbank overweegt ten aanzien van de opgeworpen kwestie als volgt. Het delictsbestanddeel zich wederrechtelijk toe-eigenen zoals in de tenlastelegging van de feiten 1, 4 en 6 is opgenomen heeft volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad een voldoende feitelijke betekenis, namelijk het als heer en meester over het goed gaan beschikken. Reeds door het stellen van die toe-eigening in de tenlastelegging is aan de vereiste opgave van het feit voldaan. Het delict verduistering kan, zoals ook hier het geval is, zich over een aanmerkelijke periode uitstrekken waarin een verdachte tezamen en/of in vereniging met anderen op verschillende wijzen over de zich toegeëigende voorwerpen als heer en meester is gaan beschikken, hetgeen impliceert dat die verduistering ook kan voortduren. De omstandigheid dat hierbij een ruime pleegperiode is ten laste gelegd maakt niet dat daarmee voor verdachte niet duidelijk is hetgeen hem wordt verweten en waartegen hij zich heeft te verdedigen. De vraag of verdachte een rol - en zo ja, welke - toekomt in de aan hem en enkele medeverdachten ten laste gelegde gedragingen is er een die pas beantwoording behoeft in het kader van de vraag of bewezen kan worden hetgeen verdachte is ten laste gelegd. De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding terug te komen op hetgeen zij over de hier aan de orde zijnde kwestie eerder in het vonnis van medeverdachte [medeverdachte 1] heeft overwogen en verwerpt het gevoerde verweer. De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding ook overigens geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging. 3. Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten zoals opgenomen in zijn ter terechtzitting overgelegde vordering, en gevorderd dat verdachte ter zake daarvan zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering en in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. 4. Bewijs Bij de bespreking van de vraag of hetgeen verdachte is ten laste gelegd, bewezen kan worden geacht, besteedt de rechtbank in de eerste plaats aandacht aan de verweren die zijn gericht op vrijspraak en die naar het oordeel van de rechtbank tot die bepleite conclusie leiden en behandelt zij eventuele substantiële op het bewijs of de bruikbaarheid daarvan gerichte verweren. Daarna zal in de vorm van een lopend betoog worden aangegeven wat de rechtbank van de andere ten laste gelegde feiten bewezen acht. In het kader van dat betoog wordt aandacht besteed aan van de zijde van het openbaar ministerie of van de verdediging ingenomen standpunten. Voor verwijzing naar vindplaatsen wordt gebruik gemaakt van voetnoten. Bij verwijzingen naar stukken van het strafdossier geldt dat steeds rechtstreeks wordt verwezen naar die stukken. 4.1. Bespreking van het verweer dat toe-eigening plaatsvindt na beweerdelijk illegaal handelen zodat geen sprake is van verduistering Feiten 1, 4 en 6 De verdediging heeft betoogd dat het Openbaar Ministerie om hem moverende redenen heeft gekozen om aan verdachte het strafbare feit "verduistering" ten laste te leggen in plaats van "oplichting". Daarom zal onderzocht dienen te worden of aan de verkrijging al dan niet een illegaal handelen ten grondslag ligt. Als de betalingen, zoals ook het Openbaar Ministerie stelt, een uitvoering zijn van valse overeenkomsten dan is er geen wederrechtelijke toe-eigening van op rechtmatige wijze bij verdachten in bezit zijnde gelden, aldus de verdediging. Hierbij spelen de bevoegdheidsverdeling en de besluitvorming rondom de drie projecten een rol. De betalingen/overeenkomsten zijn meermalen aan de orde geweest in vergaderingen met de Raad van Commissarissen waarvan verslagen zijn opgemaakt. Uit die verslagen wordt duidelijk welke verplichtingen zijn aangegaan en voor welke bedragen. De bestuurders waren dus hierbij betrokken. Het dossier bevat onvoldoende aanwijzingen dat [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] rechtmatig konden beschikken over gelden. Er kon enkel sprake zijn van zich toe-eigenen door of na het inzetten van een groot aantal oplichtingsmiddelen, variërend van valse overeenkomsten tot valse presentaties, KBA's en dergelijke. Ook wordt geen aandacht besteed aan het feit dat de basis van de betaling lag in een (beweerdelijk) valse overeenkomst met een derde partij ([vennootschap 8], rb). De bedragen vielen na betaling onder de feitelijke heerschappij van [vennootschap 8]. Op het moment dat verdachten zich de bedragen hebben toegeëigend, hebben zij deze door misdrijf onder zich gehad zodat vrijspraak voor de feiten 1, 4 en 6 dient te volgen, aldus nog steeds de verdediging. De verdediging wijst er voorts op dat verdachte nooit bij Bouwfonds in loondienst heeft gewerkt. Ook al zou de rechtbank bewezen achten dat [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] de geldbedragen rechtmatig onder zich had(den) dan zou verdachte toch van de feiten 1, 4 en 6 dienen te worden vrijgesproken. Voor medeplegen van verduistering is immers vereist dat elk van de partners de goederen anders dan door misdrijf onder zich heeft.3 Nu verdachte zijn werkzaamheden verrichtte op grond van een tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV en Idlewild Consultants BV gesloten managementovereenkomst en niet in loondienst bij Bouwfonds kan hiervan geen sprake zijn, aldus de verdediging. In zijn reactie op dit verweer heeft de officier van justitie aangevoerd dat [medeverdachte 1] de gelden die door Bouwfonds aan [vennootschap 8] zijn betaald, bij Bouwfonds in zijn functie van directeur CVG onder zich had. Op en voor het moment dat [medeverdachte 1] Bouwfonds aan [vennootschap 8] liet betalen had hij dat geld onder zich zonder dat een misdrijf met betrekking tot dat geld was gepleegd. Verdachte had een managementovereenkomst met Bouwfonds zodat ook van hem gezegd kan worden dat hij het geld onder zich had zonder dat een misdrijf met betrekking tot de verkrijging van dit geld was gepleegd. Als medepleger behoeft verdachte niet zelf ook alle bestanddelen van het delict eigenhandig te hebben vervuld; niet vastgesteld hoeft derhalve te worden dat verdachte zelf zich de gelden heeft toegeëigend. Het verweer dient dan ook te worden verworpen, aldus de officier van justitie. De rechtbank overweegt aangaande de opgeworpen kwestie het volgende: vanaf 16 september 1998 tot 2 januari 2001 fungeerde [medeverdachte 1] als directeur van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN Amro.4 Daarnaast was hij van 1 oktober 1998 tot 1 oktober 2001 fungerend statutair directeur van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV.5 [medeverdachte 1] heeft over zijn bevoegdheden als directeur binnen Bouwfonds verklaard dat hij in 1995 bij Bouwfonds Vastgoedontwikkeling is begonnen. Het was zijn taak het bedrijf op de kaart te zetten, winstgevend te maken en omvangrijk qua omzet. Bij aankomst heeft hij zich daarom gericht op kleine projecten die onmiddellijk geld zouden gaan opleveren. Met de winst is hij na een jaar of twee grotere projecten gaan doen. Als directeur Vastgoedontwikkeling had hij een behoorlijke vrijheid. Hij moest een meerjarenplanning maken waarin de projecten werden genoemd. Op deze meerjarenplanning moest hij een akkoord krijgen van de Raad van Commissarissen. Verder was er een soort directiestatuut waarlangs men diende te werken en dit gaf hem de vrijheid om tot een bepaald bedrag vrijelijk te investeren in projecten en ook kon hij projecten beginnen als ze al op voorhand verkocht waren. Het was een betrekkelijk ruime formulering. De Raad van Commissarissen kwam er niet aan te pas als de projecten op voorhand verkocht of verhuurd waren.6 Deze verklaring van [medeverdachte 1] vindt onder meer steun in de verklaring van [getuige 8]. Deze was van 1 februari 1994 tot 1 september 2005 lid van de Raad van Bestuur van Bouwfonds. Volgens [getuige 8] hield je als lid van de Raad van Bestuur vanuit de holding toezicht op de diverse werkmaatschappijen. De Raad van Bestuur was eindverantwoordelijke voor het concern en hield derhalve toezicht op de directies van alle werkmaatschappijen. Op zijn beurt hield de Raad van Commissarissen weer toezicht op de Raad van Bestuur. Gevraagd naar de totstandkoming van de prijsvaststelling binnen projecten geeft [getuige 8] aan dat dat de bevoegdheid van de werkmaatschappijen zelf was. Er was bijvoorbeeld geen regel vanuit de Raad van Bestuur dat er meerdere offertes uitgebracht moesten worden. In grote lijnen werden alle projecten besproken met de portefeuillehouder, tevens lid van de Raad van Bestuur en zo nodig werden de projecten ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad van Bestuur. De bestuurders van de werkmaatschappijen kregen altijd de steun van de Raad van Bestuur totdat duidelijk werd dat zij het vertrouwen hadden beschaamd.7 Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV viel rechtstreeks onder de Raad van Bestuur onder de verantwoordelijkheid van [medeverdachte 4]. Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN Amro, had een aparte Raad van Commissarissen, gevormd door [medeverdachte 4] van Bouwfonds en [betrokkene 23] van ABN Amro. Dit bedrijf had een eigen directeur en dat was [medeverdachte 1].8 [medeverdachte 1] was dus eerst verantwoording schuldig aan [medeverdachte 4] en daarna aan de combinatie [medeverdachte 4] en [betrokkene 23], aldus [getuige 8].9 [getuige 8] kent het project Solaris. Dat was een project van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling in Capelle aan den IJssel. Als [getuige 8] geconfronteerd wordt met de Ontwikkelingsovereenkomst, gedateerd 8 oktober 1999, tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV en [vennootschap 8]10 geeft hij aan deze overeenkomst niet te kennen. Hij gaat er van uit dat [medeverdachte 4] als lid van de Raad van Bestuur en lid van de Raad van Commissarissen hiervan op de hoogte was. Hij weet zeker dat deze overeenkomst niet in de Raad van Bestuur behandeld is maar dit hoefde waarschijnlijk ook niet omdat de verantwoordelijkheid daarvoor lag of bij de directie van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV of bij de Raad van Commissarissen. Hij vermeldt voorts dat een dergelijke overeenkomst voor 127,5 miljoen gulden best door de directeur Vastgoedontwikkeling zelf aangegaan kan worden mits vaststaat dat het project ook verhuurd of verkocht is.11 Ook het project Coolsingel kent [getuige 8] wel: dat is een ambitieus project geweest aan de Coolsingel in Rotterdam dat er nooit gekomen is. Als [getuige 8] de Ontwikkelingsovereenkomst tussen [vennootschap 8] en Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, gedateerd 15 januari 199912, wordt getoond verklaart deze dat hij de overeenkomst niet kent, maar dat [medeverdachte 1] volgens hem zelfstandig bevoegd was om deze overeenkomst aan te gaan. Ook de portefeuillehouder hoefde dat naar zijn mening niet te weten.13 De overeenkomst inzake de verkoop van rechten uit optie-overeenkomst van de "Stationslocatie"aan het Plein van de Verenigde Naties te Zoetermeer14, gedateerd 17 augustus 1999, tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV en [vennootschap 8] kent [getuige 8] evenmin. Ook dit project is er nooit gekomen. Volgens [getuige 8] was [medeverdachte 1] zelfstandig bevoegd om deze overeenkomst aan te gaan en hoefde hij deze niet aan andere mensen binnen Bouwfonds voor te leggen.15 Ook [getuige 23] heeft zich over de bevoegdheden van [medeverdachte 1] als directeur van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV uitgelaten. [getuige 23] is van 1 januari 1998 tot 1 januari 2006 werkzaam geweest als lid van de Raad van Bestuur van Bouwfonds. Volgens [getuige 23] werd er, op het moment dat hij in 1998 bij Bouwfonds binnenkwam, weinig aan de Raad van Bestuur voorgelegd. Eigenlijk mochten de werkmaatschappijen zelf beslissen en de taak van de Raad van Bestuur bestond uit het controleren van de regels waaraan de werkmaatschappijen zich moesten houden. Zo mocht de werkmaatschappij commercieel vastgoed/Bouwfonds Vastgoed Ontwikkeling nooit grond aankopen zonder toestemming van de Raad van Bestuur. Bouwfonds Vastgoed Ontwikkeling mocht wel zelf optie premies betalen. Ook mocht er nooit gebouwd worden voordat er een huurder of belegger was.16 [medeverdachte 1] was algemeen directeur van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling. [medeverdachte 1] schermde alles heel erg af richting [getuige 23] en [getuige 8] en dit ondersteunde [medeverdachte 4] als portefeuillehouder Vastgoed heel erg. Dit lag ook een beetje binnen de lijn van decentraliseren van bevoegdheden binnen Bouwfonds maar bij Bouwfonds Vastgoedontwikkeling ging dat vrij ver. Wij mochten ons niet bemoeien met Bouwfonds Vastgoedontwikkeling zolang die zich maar aan de regels hielden, aldus [getuige 23].17 Als aan [getuige 23] de Ontwikkelingsovereenkomst, gedateerd 8 oktober 1999, tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV en [vennootschap 8]18 wordt getoond verklaart hij deze niet te kennen. Deze overeenkomst mocht Bouwfonds Vastgoedontwikkeling volgens [getuige 23] zelf afsluiten. Het moest dan wel zo zijn dat het project al verhuurd of verkocht was. [medeverdachte 1] was bevoegd om deze overeenkomst aan te gaan. Er moest dan wel een document zijn waaruit bleek dat het project was voorverkocht.19 Volgens [getuige 23] mocht [medeverdachte 1] als directeur Vastgoedontwikkeling eigenlijk alles zolang hij zich maar hield aan de regels zoals gesteld bij de aankoop van onroerend goed.20 Hij mocht de Overeenkomst inzake de ontwikkeling van de Luxorlocatie te Rotterdam tussen [vennootschap 8] en Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, gedateerd 15 januari 199921, als directeur Vastgoedontwikkeling zelf tekenen. Het was normaal binnen Bouwfonds om ontwikkeling uit te besteden.22 [medeverdachte 4] zal als portefeuillehouder Vastgoed vanuit de Raad van Bestuur op de hoogte moeten zijn geweest van de overeenkomst.23 Ook met betrekking tot de Overeenkomst inzake verkoop van rechten uit optieovereenkomst van de "Stationslocatie" te Zoetermeer tussen [vennootschap 8] en Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, gedateerd 17 augustus 199924, verklaart [getuige 23] dat [medeverdachte 1] bevoegd was deze overeenkomst te tekenen mits hij dat met de portefeuillehouder [medeverdachte 4] besproken had.25 Uit de hiervoor weergegeven verklaringen leidt de rechtbank af dat [medeverdachte 1] bevoegd was de overeenkomsten met [vennootschap 8] namens Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV te sluiten zodat hij - en daarmee [medeverdachte 3] in diens functie bij Bouwfonds Vastgoedontwikkeling - op dat moment rechtmatig over de daarmee gemoeide geldbedragen kon beschikken. De rechtbank verwerpt dan ook het verweer van de verdediging dienaangaande. Met de verdediging is de rechtbank voorts van oordeel dat verdachte ten tijde van de ten laste gelegde feiten niet in loondienst was bij Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV. Tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV in de persoon van [medeverdachte 1] en Idlewild Consultants BV in de persoon van verdachte was een managementovereenkomst26 gesloten waarbij aan verdachte in artikel 1.1 zeer ruime werkzaamheden werden toebedeeld, inhoudende: "advisering bij de voorbereiding, realisatie, verhuur en verkoop, alle in de ruimste zin des woords, van de projecten die daarvoor volgens opdrachtgever (Bouwfonds,
- rb)in aanmerking komen en opdrachtnemer (Idlewild Consultants BV,
- rb)zal, uitsluitend na voorafgaand overleg met de directie van opdrachtgever ([medeverdachte 1], rb), al die werkzaamheden verrichten die daarop betrekking hebben (de advisering en de werkzaamheden hierna te noemen: "de werkzaamheden")". Zoals bij de bewijsmiddelen met betrekking tot de afzonderlijke feiten zal worden besproken heeft verdachte van deze hem in de managementovereenkomst geboden mogelijkheden om in nauw overleg en samenwerking met - onder anderen - [medeverdachte 1] in de ten laste gelegde projecten een rol te spelen, in ruime mate gebruik gemaakt. Onder deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat verdachte geacht kan worden de gelden tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3], beide laatstgenoemden in hun functie bij Bouwfonds, rechtmatig onder zich gehad te hebben zodat ook dit verweer van de verdediging faalt. 4.2. Bespreking van het verweer omtrent het ontbreken van (opzet
- op)de wederrechtelijkheid bij de aan verdachte ten laste gelegde verduisteringsfeiten Feiten 1, 4 en 6 Door de verdediging is verzocht het in de zaak van medeverdachte [medeverdachte 1] ten aanzien van de ten laste gelegde verduisteringsfeiten gevoerde verweer omtrent het ontbreken van (opzet
- op)de wederrechtelijkheid als herhaald en ingelast te beschouwen. In de zaak van medeverdachte [medeverdachte 1] is - zakelijk weergegeven - betoogd dat van verduistering geen sprake is en vrijspraak dient te volgen nu de wederrechtelijkheid aan diens handelen ontbreekt; [medeverdachte 1] heeft zich de gelden die aan hem zijn toegekomen, niet wederrechtelijk toegeëigend nu hij met uitdrukkelijke toestemming van de persoon die tot het geven van die toestemming bevoegd was, te weten de voorzitter van de Raad van Bestuur van Bouwfonds, heeft gehandeld en aldus toestemming had om in de hiervoor genoemde Bouwfondsprojecten bij te verdienen. Voor het geval er wel wederrechtelijk door [medeverdachte 1] is gehandeld, heeft de verdediging - subsidiair en nog steeds in de zaak van [medeverdachte 1] - aangevoerd dat [medeverdachte 1] geen opzet, ook niet in voorwaardelijke vorm, heeft gehad op de wederrechtelijkheid van zijn handelen omdat hij (al dan niet terecht) in de veronderstelling heeft verkeerd dat hij toestemming had om te doen wat hij deed, te weten bijverdienen in de projecten Hollandse Meester, Solaris en Coolsingel. De rechtbank begrijpt het in onderhavige zaak gevoerde verweer, bij gebreke van enige toelichting daarop, aldus dat de verdediging heeft bedoeld aan te voeren dat verdachte in zijn hoedanigheid van medepleger van de ten laste gelegde verduisteringsfeiten, eveneens een beroep toekomt op de beweerdelijke toestemming die [medeverdachte 1] had dan wel meende te hebben om te mogen bijverdienen in de hiervoor genoemde projecten. In haar vonnis van 27 januari 2012 in de zaak van [medeverdachte 1] heeft de rechtbank het hiervoor uiteengezette verweer reeds uitgebreid besproken en gemotiveerd verworpen. Onder verwijzing naar hetgeen zij daar heeft overwogen, verwerpt de rechtbank dit verweer ook in de zaak van verdachte. Ten overvloede overweegt de rechtbank nog het volgende. In het kader van de in september 1998 gesloten joint venture overeenkomst tussen Bouwfonds en ABN AMRO Bank heeft [medeverdachte 1] een nieuwe arbeidsovereenkomst gesloten.27 Deze door [medeverdachte 1] op 7 september 1998 ondertekende arbeidsovereenkomst bevat onder artikel 14 een zogenoemd concurrentiebeding dat luidt: "[medeverdachte 1] verbindt zich om tijdens zijn dienstbetrekking direct noch indirect, noch voor zichzelf noch voor anderen, in enigerlei vorm werkzaam of betrokken te zijn in of bij enige onderneming met activiteiten op een terrein gelijk aan of anderszins concurrerend met dat van de vennootschap noch daarbij zijn bemiddeling, in welke vorm ook, direct of indirect te verlenen, tenzij met uitdrukkelijke toestemming van de Voorzitter van de Raad van Bestuur."28 Gelet op de gebruikte bewoordingen kan dit beding niet anders worden begrepen dan dat het [medeverdachte 1] niet is toegestaan om tijdens zijn dienstbetrekking (bij Bouwfonds,
- rb)in enigerlei vorm werkzaam of betrokken te zijn in of bij een onderneming die activiteiten ontplooit op een terrein gelijk aan of anderszins concurrerend met dat van de vennootschap, tenzij daarvoor uitdrukkelijke en voorafgaande toestemming door de voorzitter van de Raad van Bestuur is verleend. Daarin valt naar het oordeel van de rechtbank niet te lezen dat een dergelijke toestemming die aan een werknemer kan worden verleend, ook betrekking kan hebben op activiteiten, waaronder begrepen projecten, van die vennootschap zelf. Die uitleg verdraagt zich ook niet met de bedoeling of strekking van een concurrentie- of nevenwerkzaamhedenbeding waarin een werknemer beperkt wordt in zijn vrijheid om tijdens of na het einde van zijn dienstverband op een bepaalde wijze werkzaam te zijn of te worden bij andere werkgevers of als zelfstandige. Dat de in artikel 14 van zijn arbeidsovereenkomst bedoelde toestemming het voor [medeverdachte 1] mogelijk zou hebben gemaakt om "een onderneming binnen een onderneming te runnen", om in de woorden van [medeverdachte 1] te spreken29, door in projecten van Bouwfonds ook zelf bij te verdienen en of anderen te laten bijverdienen, kan noch uit de gebruikte bewoordingen noch uit de bedoeling van genoemd artikel worden afgeleid. Voor verdachte geldt overigens dat hij, Idlewild Consultants BV vertegenwoordigend, op 5 oktober 1998 een management-overeenkomst heeft ondertekend waarin onder artikel 7 eveneens een non-concurrentiebeding is opgenomen.30 Dat aan [medeverdachte 1] door daartoe bevoegde personen toestemming voor het vormen van de door hem zo genoemde "potjes" zou zijn verleend en hij, [medeverdachte 1] het bestaan van die potjes heeft besproken met de accountant van Bouwfonds, op welke toestemming ook verdachte zich alsdan kan beroepen, is niet gebleken. Ten aanzien van de stelling dat [medeverdachte 1] in het kader van zijn nieuwe arbeidsovereenkomst in de tweede helft van 1998, mede gelet op zijn nieuwe rol in de joint venture tussen Bouwfonds en ABN AMRO van de toenmalige voorzitter van de Raad van Bestuur van Bouwfonds, [medeverdachte 4], mondeling toestemming heeft gekregen om bij te verdienen in Bouwfondsprojecten in die zin dat hij met eigen vennootschappen winst op die projecten kon maken31, heeft te gelden dat deze afspraak op dat moment
(1998)niet op papier is gezet, dat toestemming van de zijde van ABN AMRO ontbrak, dat [medeverdachte 1] [medeverdachte 4] nooit heeft geïnformeerd over de wijze waarop en hoeveel hij zou bijverdienen, dat [medeverdachte 4] geen zicht had op wat [medeverdachte 1] verdiende32 en dat [medeverdachte 1] ook niet met stelligheid durft te zeggen dat [medeverdachte 4] de impact van een en ander begreep en wist wat voor activiteiten hij verrichtte.33 Onder die omstandigheden en mede in aanmerking nemend hetgeen de rechtbank in haar vonnis van 27 januari 2012 onder 5.1 omtrent de wijze van totstandkoming van het zogenoemde toestemmingsmemo heeft overwogen, acht de rechtbank wel degelijk bewezen dat [medeverdachte 1] bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat noch de mondelinge afspraak noch de schriftelijke vastlegging daarvan in een tussen 2002 en 2004 opgesteld memo hem een vrijbrief gaf bij te verdienen in Bouwfondsprojecten, meer in het bijzonder de projecten Hollandse Meester, Solaris en Coolsingel en daarmee dus opzet heeft gehad op de wederrechtelijkheid van zijn handelen in die projecten. In het verlengde daarvan komt ook verdachte geen beroep toe op het ontbreken van opzet op de wederrechtelijkheid van zijn handelen. De rechtbank heeft daarnaast nog vastgesteld dat [medeverdachte 1] kennelijk volstrekt eigenmachtig en buiten medeweten van (personen in dienst van) Bouwfonds het systeem van deze betalingen via "potjes" binnen Bouwfonds heeft ingevoerd en dat [medeverdachte 1] nooit met [medeverdachte 4] heeft besproken wanneer hij beloningen uitkeerde uit potjes en dat hij hem daarvoor geen toestemming heeft gevraagd. [medeverdachte 1] voelde zich, gelet op de vermeende toestemming van [medeverdachte 4] om bij te verdienen, kennelijk vrij om dergelijke betalingen te doen. Zelfs in het geval [medeverdachte 1] gemeend zou hebben dat het hem vrij stond om potjes te creëren en daaruit betalingen te doen, heeft hij in ieder geval bewust niet voldaan aan de door [getuige 9], accountant van Moret, Ernst & Young gestelde voorwaarde dat dergelijke zaken dan ook met [medeverdachte 4] besproken dienden te worden, nu hij dat in elk geval ten aanzien van de uit de "potjes" aan medewerkers van de CV uit te keren beloningen niet aan deze meldde. Dit leidt ertoe dat [medeverdachte 1] ook hier minst genomen bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zijn handelen met betrekking tot het creëren van "potjes" wederrechtelijk was. [medeverdachte 1] en daarmee ook verdachte komt op die grond evenmin een beroep op het ontbreken van opzet op de wederrechtelijkheid van hun handelen toe. 4.3. Bespreking van het verweer gericht op uitsluiting voor het bewijs van de verklaringen van [betrokkene 13] en [betrokkene 12]. Feiten 5 en 7 De raadslieden hebben betoogd dat de medeverdachten [betrokkene 13] en [betrokkene 12] in hoger beroep op onderdelen serieus inhoudelijk verweer zijn gaan voeren en daar beargumenteerd hebben verklaard - kort samengevat - dat de winstdelingsovereenkomsten tussen [vennootschap 8] en Idlewild ter zake van de projecten Coolsingel en Hollandse Meester niet vals zijn. Ter adstructie daarvan heeft de verdediging als bijlage 2 bij haar pleidooi overgelegd daarop betrekking hebbende passages uit de pleitaantekeningen van de raadslieden van [betrokkene 13] en [betrokkene 12] in hoger beroep. De verdediging haalt daaruit met name de volgende passages aan: "Uit het voorgaande volgt dat [verdachte] en [vennootschap 8] ([betrokkene 13] en [betrokkene 12],
- rb)in de eerste periode van de ontwikkeling van Coolsingel en Hollandse Meester beide werkzaamheden hebben verricht. Niet alleen hadden zij dus de intentie om de ontwikkeling samen ter hand te nemen, zij hebben dat ook daadwerkelijk gedaan." en "Nu de mogelijkheid bestaat dat de overeenkomsten tussen [vennootschap 8] en Idlewild gedateerd zijn op een datum waarop de ontwikkeling is aangevangen, kan niet worden bewezen dat deze overeenkomsten geantedateerd zijn, althans kan niet worden bewezen dat cliënten willens en wetens bewust de aanmerkelijke kans hebben geaccepteerd dat de overeenkomsten geantedateerd werden." In aanmerking nemend dat [betrokkene 13] en [betrokkene 12] in hoger beroep op cruciale onderdelen afstand hebben genomen van de eerder door hen afgelegde verklaringen die zich in het dossier bevinden, kunnen die verklaringen vanwege onvoldoende betrouwbaarheid thans niet (meer) voor het bewijs gebezigd worden, zodat vrijspraak voor de feiten 5 en 7 dient te volgen. Hetgeen de rechtbank in de zaak van medeverdachte [medeverdachte 3] heeft overwogen over de betrouwbaarheid van deze verklaringen kan om genoemde reden dan ook geen stand houden. Voor het geval de rechtbank daarover anders mocht denken, heeft de verdediging daaraan het (voorwaardelijke) verzoek gekoppeld [betrokkene 13] en [betrokkene 12] alsnog als getuigen in de zaak tegen verdachte te horen. De officier van justitie heeft in dit verband betoogd dat het er om gaat wat er in werkelijkheid is gebeurd en niet om wat [betrokkene 13] en [betrokkene 12] en verdachte hadden kunnen bedoelen, wat zij hadden kunnen doen en dat dat had kunnen kloppen met wat er in de winstdelingsovereenkomsten is opgenomen. De proceshouding van [betrokkene 13] en [betrokkene 12] is in hoger beroep niet anders dan in eerste aanleg. In appel trachten zij nogmaals te benadrukken dat zij pas na verloop van tijd doorkregen welk spelletje er werd gespeeld. De rechtbank heeft in de zaken tegen [betrokkene 13] en [betrokkene 12] in eerste aanleg het door hen gevoerde betoog dat zij als naïef kunnen worden beschouwd en te eenvoudig bedonderd kunnen worden door mensen die kwaad in de zin hebben, gemotiveerd verworpen. De verdediging is in de gelegenheid geweest [betrokkene 13] en [betrokkene 12] als getuigen te horen, waarbij hun toenmalige proceshouding niet anders was dan deze nu in appel is. Onder die omstandigheden ziet de officier van justitie geen noodzaak [betrokkene 13] en [betrokkene 12] opnieuw als getuigen te horen. De zich in het dossier bevindende verklaringen van [betrokkene 13] en [betrokkene 12] zijn gedetailleerd, gedocumenteerd en bruikbaar voor het bewijs, aldus de officier van justitie. De rechtbank stelt voorop dat zij niet beschikt over de processen-verbaal van de terechtzittingen van het Gerechtshof Amsterdam waarin de verklaringen die [betrokkene 13] en [betrokkene 12] als verdachten aldaar ter terechtzitting hebben afgelegd, zijn neergelegd, zodat het om die reden ook niet mogelijk is te controleren of die verklaringen op de door de verdediging aangegeven onderdelen afwijken van de door dezen in eerste aanleg afgelegde verklaringen. Daarbij merkt de rechtbank met gepaste voorzichtigheid op dat, afgaande op de inhoud van de door de verdediging overgelegde pleitnotities van de raadslieden van [betrokkene 13] en [betrokkene 12] zoals die kennelijk in hoger beroep aan het gerechtshof zijn overgelegd, de proceshouding van [betrokkene 13] en [betrokkene 12] in hoger beroep niet wezenlijk lijkt af te wijken van die welke zij eerder (bij de Fiod en tegenover de rechtbank) hebben aangenomen. [betrokkene 13] en [betrokkene 12] hebben ook toen al betoogd dat zowel zijzelf als verdachte werkzaamheden hebben verricht in de projecten Hollandse Meester en Coolsingel. Zo hebben [betrokkene 13] en [betrokkene 12] verklaard in het project Hollandse Meester wel degelijk werkzaamheden te hebben verricht ten behoeve van projectontwikkeling.34 Voorts heeft [betrokkene 12] verklaard dat verdachte in het project Hollandse Meester als vertegenwoordiger van Idlewild contacten heeft gelegd met partijen die zich zouden bezighouden met commerciële activiteiten in dit project. Verdachte zou, zo verklaarde [betrokkene 12], dienaangaande contacten hebben gelegd met het promotiebureau [promotiebureau] in Den Haag.35 [betrokkene 13] heeft verklaard dat [vennootschap 8] in het project Coolsingel een haalbaarheidsstudie heeft geschreven en vervolgens in de periode 1998/1999 aan dit project heeft gewerkt.36 [vennootschap 8] is volgens [medeverdachte 12] met de werkzaamheden binnen het project Coolsingel gekomen tot aan de aanneemsom. Er zijn over de aanneemsom gesprekken gevoerd met de aannemer [aannemer].37 Verdachte bracht [vennootschap 8] in contact met mensen en bedrijven en kreeg hiervoor een soort courtage, zeg maar net zoiets als bij een makelaar.38 Ten aanzien van de (ante)datering van de winstdelingsovereenkomsten hebben [betrokkene 13] en [betrokkene 12] in eerste instantie aangegeven dat zij de juiste datum van deze overeenkomsten niet (meer) zouden weten. Na confrontatie met de onderzoeksresultaten komen zij tot de conclusie dat deze overeenkomsten wel geantedateerd moeten zijn.39 De rechtbank wijst in dit verband ook op de verklaring van [betrokkene 12] die, geconfronteerd met de winstdelingsovereenkomst tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV inzake project Coolsingel te Rotterdam d.d. juni 199840 opmerkt: "U vraagt mij of de datum van de overeenkomst juist is. Ik weet dit niet. Er is gewoon ongelofelijk gerotzooid met datums door die lui dus ik weet niet meer of de datums wel kloppen. Met die lui bedoel ik [medeverdachte 1] en [verdachte]. Dit is de wetenschap die ik nu heb."41 Overigens ziet de rechtbank - voor zover de verklaringen van [betrokkene 13] en [betrokkene 12] ter terechtzitting in hoger beroep op onderdelen wel wezenlijk zouden afwijken van hun eerdere tegenover de Fiod en de rechtbank afgelegde verklaringen - ook daarin geen reden deze eerdere verklaringen van het bewijs uit te sluiten. Deze eerdere door [betrokkene 13] en [betrokkene 12] afgelegde verklaringen zijn gedetailleerd, gedocumenteerd en zowel inhoudelijk als onderling consistent. Daarbij komt nog dat de verklaringen die [betrokkene 13] en [betrokkene 12] hebben afgelegd ten aanzien van de antedatering van de winstdelingsovereenkomsten tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV en de door hen en verdachte verrichte werkzaamheden in de projecten Hollandse Meester en Coolsingel niet op zichzelf staan maar op belangrijke onderdelen steun vinden in andere bewijsmiddelen die zich in het dossier bevinden en die hierna onder de redengevende feiten en omstandigheden bij de feiten 5 en 7 van de tenlastelegging nader zullen worden besproken. Gezien het voorgaande verwerpt de rechtbank het verweer dat de verklaringen van [betrokkene 13] en [betrokkene 12] wegens onbetrouwbaarheid van het bewijs dienen te worden uitgesloten en ziet zij evenmin aanleiding een tussenvonnis te wijzen teneinde na heropening van het onderzoek ter terechtzitting de behandeling van de zaak tegen verdachte aan te houden teneinde [betrokkene 13] en [betrokkene 12] alsnog als getuigen te (laten) horen. 4.4. Redengevende feiten en omstandigheden42 Algemeen. Verdachte is enig aandeelhouder van Idlewild Beheer BV in de periode van 5 oktober 1995 tot en met 29 oktober 2004. Idlewild Beheer BV is sinds 22 juni 1990 enig aandeelhouder en bestuurder van Idewild Consultants BV.43 Verdachte geeft feitelijk leiding aan Idewild Consultants BV en is voor deze BV verantwoordelijk.44 Tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV een onderneming met ABN AMRO, vertegenwoordigd door [medeverdachte 1] en Idlewild Consultants BV vertegenwoordigd door verdachte is op 5 oktober 1998 te Hoevelaken een Managementovereenkomst gesloten, ingaande 1 juli 1998 waarbij verdachte als adviseur van Bouwfonds recht had op een vergoeding van fl. 425.000 per jaar exclusief BTW.45. [medeverdachte 1] is van 1 oktober 1995 tot 1 oktober 1998 directeur van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV.46 Van 16 september 1998 tot 2 januari 2001 fungeert hij als directeur van BV Bouwfonds Vastgoedontwikkeling, een onderneming met ABN AMRO.47 Daarnaast is hij per 1 oktober 1998 tot 1 oktober 2001 benoemd tot fungerend statutair directeur van Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV.48 Per 1 oktober 2001 wordt zijn dienstverband beëindigd met dien verstande dat hij vanaf 1 augustus 2001 niet meer actief werkzaam is bij Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV.49 [medeverdachte 1] Vastgoed BV wordt op 1 oktober 1995 door Bouwfonds overgenomen. [medeverdachte 3], die tot dan toe als controller ingehuurd wordt door [medeverdachte 1] Vastgoed BV, treedt per die datum als controller in dienst bij Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV, gevestigd te Hoevelaken.50 Per 1 januari 1999 wordt [medeverdachte 3] benoemd in de functie van adjunct-directeur bij Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO en per 1 augustus 2001 tot directeur Financiën en Informatievoorziening bij Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV. Met ingang van 1 mei 2002 wordt zijn dienstverband met Bouwfonds Vastgoedontwikkeling beëindigd, waarna hij van 1 juni 2002 tot en met 31 december 2004 voor twee dagen per week via Aufisco Trust BV als interimmanager in de rol van financieel directeur door Bouwfonds wordt ingehuurd.51 Waar in dit vonnis, in het kader van de leesbaarheid, wordt gesproken over Bouwfonds wordt daarmee tot 21 september 1998 (de datum van de joint venture overeenkomst) bedoeld Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV, vanaf 21 september 1998 tot eind 2000 wordt met Bouwfonds bedoeld Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV een onderneming met ABN AMRO, waarin als commanditaire vennoten optreden Bouwfonds Vastgoedontwikkeling BV en ABN AMRO Projectontwikkeling BV en als beherend vennoot BV Bouwfonds Vastgoedontwikkeling een onderneming met ABN Amro.52 Het systeem van moeilijke betalingen, potjes en bijverdienen Ter terechtzitting heeft medeverdachte [medeverdachte 1] in diens eigen zaak uiteengezet dat de hem verweten gedragingen, zeker in de periode dat hij werkzaam was voor Bouwfonds, voor een belangrijk deel hun ontstaansgrond hadden in enerzijds de toestemming die hij meende te hebben om te mogen bijverdienen en anderzijds in het systeem van het vormen van "potjes" om daaruit "moeilijke betalingen" te doen.53 Omdat met de totstandkoming van de commanditaire vennootschap als joint venture tussen Bouwfonds Vastgoedontwikkeling en de projectontwikkelingstak van ABN AMRO een nieuwe situatie ontstond, verbond [medeverdachte 1] zich door middel van een nieuw dienstverband maar wilde daarin verschoond blijven van knellende voorwaarden. Uiteindelijk zou hem door toenmalig bestuursvoorzitter [medeverdachte 4] mondeling toestemming zijn gegeven neveninkomsten te genereren in zijn eigen bedrijven.54 Die toestemming, die [medeverdachte 4] overigens geen zicht bood op hetgeen [medeverdachte 1] op die wijze verdiende, ontbrak van de zijde van ABN AMRO.55 Als doelstelling binnen de commanditaire vennootschap was geformuleerd het behalen van een resultaat van 15% op het Eigen Vermogen of 8% op de kostprijs. Doordat er een extreme ruimte zat tussen inkoop en beleggingswaarde van een project, was de winstmarge eveneens enorm.56 Van die ruimte maakte [medeverdachte 1] gebruik door "potjes" te creëren om met gebruikmaking daarvan betalingen onzichtbaar te kunnen houden, zoals voor het doen van een verrekening of het betalen van een factuur voor een prestatie die in feite inhield dat juist niets gedaan diende te worden.57 Dat systeem van potjes was ook bij anderen bekend. Als zich in een bepaald project een probleem voordeed, kon een beroep gedaan worden op [medeverdachte 1] die dan zorgde voor een link naar een "potje".58 Het door [medeverdachte 1] gemaakte onderscheid tussen bijverdiensten en potjes liet overigens onverlet dat gelden uit gecreëerde potjes bij verdachte en - om hen te enthousiasmeren - medewerkers van Bouwfonds terechtkwam.59 Alleen [medeverdachte 1] bepaalde hoe het geld uit de potjes werd besteed.60 De beantwoording van de vraag hoe het toegezegde geld bij de ontvangers terecht moest komen werd aan de laatsten zelf overgelaten: daartoe kon gebruik gemaakt worden van facturen of winstdeling.61 Feiten 1, 2, en 3 (project Solaris) Omschrijving van het project Project Solaris, ook bekend onder de naam Capelse Maasoever of Werken aan de Maas, bestaat (in zijn definitieve vorm) uit vier kantoorpanden, twee kantoorpaviljoens en een aantal parkeerplaatsen gelegen aan de Rivium Promenade te Capelle aan den IJssel.62 Het project stamt oorspronkelijk uit de in 1995 door Bouwfonds overgenomen projectportefeuille van [medeverdachte 1] Vastgoed BV.63 Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO (Bouwfonds) heeft het project in ontwikkeling. Overdracht van het project aan [vennootschap 8] Omdat Bouwfonds over onvoldoende deskundige projectleiding beschikt om Solaris te ontwikkelen, benadert verdachte de heren [betrokkene 13] en [betrokkene 12] (hierna: [betrokkene 13]) en [betrokkene 12] (hierna: [betrokkene 12]) van [vennootschap 8] (hierna: [vennootschap 8]). Afgesproken wordt dat [vennootschap 8] het project voor een bedrag van fl. 7.500.000 gaat ontwikkelen.64 Voordat [betrokkene 13] de hierna te bespreken turnkey-overeenkomst sluit, begroot hij de totale projectkosten naar aanleiding van door [medeverdachte 3] aangeleverde cijfers op fl. 98.495.864.65 Dat deze calculatie reëel is blijkt uit de calculaties van Bouwfonds van 30 juni 199966 en van 5 oktober 199967 waarbij Bouwfonds uitkomt op een bedrag van fl. 95.930.547. [betrokkene 13] acht de Bouwfondscalculaties reëel.68 Turnkey-overeenkomst Met dagtekening 8 oktober 1999 sluiten Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV een onderneming met ABN AMRO, vertegenwoordigd door [medeverdachte 1], en [vennootschap 8], handelend namens de nog op te richten vennootschap Capelse Maasoever BV, vertegenwoordigd door [betrokkene 13], te Capelle aan den IJssel een turnkey-overeenkomst inzake project Solaris met daaraan gehecht een stichtingskostenbegroting.69 Antedateren van de turnkey-overeenkomst Bij [vennootschap 8] wordt de overeenkomst in digitale vorm aangetroffen met als aanmaakdatum 12 november 1999.70 De overeenkomst komt pas op 10 december 1999 binnen bij Bouwfonds. In de overeenkomst wordt verwezen naar een, gelet op de dagtekening van de overeenkomst, toekomstige bouwclaim van [vennootschap 5] van 3 november 1999.71 Dat de datum 3 november 1999 ook wordt vermeld op de aan Bouwfonds toegestuurde brief waarin de bouwclaim staat vermeld72 en een tweetal ongeadresseerde conceptbrieven waarin melding wordt gemaakt van een bouwclaim eveneens van latere datum zijn dan de turnkey-overeenkomst, namelijk van 1 november 1999 73, maakt dat de rechtbank het onaannemelijk acht dat de datum van de in de turnkey-overeenkomst opgenomen bouwclaim een kennelijke verschrijving betreft. Daarbij komt dat [medeverdachte 13] verklaart dat de turnkey-overeenkomst niet op of voor 8 oktober 1999 gemaakt kan zijn, omdat [vennootschap 8] toen nog in gesprek was met Bouwfonds over de gefaseerde overdracht en een turnkey-overeenkomst nog niet ter sprake was gekomen.74 Mede ingegeven door de verwijzing naar de bouwclaim d.d. 3 november 1999 concludeert [medeverdachte 13] dat de aanmaakdatum van de turnkey-overeenkomst 12 november 1999 zou kunnen zijn.75 De rechtbank acht op grond van het voorgaande wettig en overtuigend bewezen dat de overeenkomst geantedateerd en reeds om die reden vals is. Verhogen van de stichtingskostenbegroting als onderdeel van de turnkeyovereenkomst In de turnkey-overeenkomst is opgenomen dat [vennootschap 8]/Capelse Maasoever BV project Solaris tegen een vergoeding van fl. 127.500.000, waarin alle met het project gemoeide kosten zijn begrepen, overeenkomstig een aan die turnkey-overeenkomst gehechte stichtingskostenbegroting, "turnkey" zal opleveren aan Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO.76 De totale projectkosten waren eerder begroot op fl. 95.930.547 (door Bouwfonds) dan wel fl. 98.495.864 (door [vennootschap 8]), al dan niet te vermeerderen met de overeengekomen vergoeding van fl. 7.500.000 voor [vennootschap 8]. In de turnkey-overeenkomst tussen Bouwfonds en Capelse Maasoever BV wordt desondanks uitgegaan van een stichtingskostenbegroting van fl. 127.500.000 (inclusief fl. 7.500.000 voor [vennootschap 8]). In de turnkey-overeenkomst wordt verwezen naar de stichtingskostenbegroting. Deze sluit aan bij de turnkey-som van fl. 127.500.000 en betreft een door [medeverdachte 3] opgemaakte verhoogde calculatie.77 Aangedragen rechtvaardiging voor de verhoogde stichtingskostenbegroting Kennelijk ter rechtvaardiging van deze verhoogde calculatie krijgen [betrokkene 13] en [betrokkene 12] van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] te horen dat zij mogen rekenen met de verhoogde calculatie van fl. 127.500.000, zodat zij niet geconfronteerd zullen worden met extra risico's die er zijn in verband met een bouwclaim van [vennootschap 5] ad fl. 5.000.000 en een mogelijke verhoging van de koopprijs van de grond in verband met de bestemming daarvan. [betrokkene 7] verklaart dat de bouwclaim van [vennootschap 5] nooit daadwerkelijk heeft bestaan.78 Desondanks ontvangt Bouwfonds een op 3 november 1999 gedateerde brief afkomstig van [vennootschap 5] waarin wordt gesteld dat [vennootschap 5] schade heeft geleden omdat de door het bedrijf geplande bouwwerkzaamheden geen doorgang hebben kunnen vinden. Geclaimd wordt onder meer een schadevergoeding van fl. 5.000.000.79 Vanuit [vennootschap 5] is nooit een bouwclaim ingediend in project Solaris en er is in dat kader ook geen geld ontvangen.80 [medeverdachte 3] heeft niet alleen bij [vennootschap 8] maar ook bij [vennootschap 5] de bouwclaimbrief en de concepten aangeleverd.81 Hij is daarvoor naar het kantoor van [vennootschap 5] gekomen alwaar [vennootschap 5] de claim op zijn verzoek heeft getekend. [vennootschap 5] constateert bij lezing van de bouwclaim dat de inhoud onjuist is omdat geen sprake is van een bouwclaim. De omschreven activiteiten van [vennootschap 5] zijn onjuist.82 Op grond van het voorgaande acht de rechtbank bewezen dat de turnkey-overeenkomst ook ten aanzien van de daarin opgenomen bouwclaim valselijk is opgemaakt. De door Bouwfonds aan de gemeente Capelle aan den IJssel voor het perceel bouwgrond in het kader van het project Solaris te betalen grondprijs bedraagt volgens de tussen deze partijen op 27 juli 1999 gesloten optie-overeenkomst fl. 8.250.000.83 Ook de door Capelse Maasoever aan de gemeente Capelle aan den IJssel te betalen grondprijs bedraagt gezien de tussen deze partijen gesloten koopovereenkomst fl. 8.250.000.84 Zowel [medeverdachte 1] als [medeverdachte 3] heeft [vennootschap 8] bij herhaling gewezen op de risico's die zouden zijn gelegen in een verhoging van de grondprijs door de gemeente Capelle aan den IJssel omdat de bestemming van de op die grond te bouwen gebouwen in plaats van kantoorruimte eigenlijk werkruimte is. [vennootschap 8] verkoopt deze bouwgrond ultimo 1999 aan Bouwfonds voor de verhoogde prijs van fl. 12.500.000.85 Dat de gemeente Capelle aan den IJssel de grondprijs zou verhogen in verband met een gewijzigde bestemming of dat het risico daarop heeft bestaan, is niet gebleken. De bestemming van de locatie voor project Solaris is volgens het bestemmingsplan "werkgelegenheidsdoeleinden". Die omschrijving brengt met zich dat bedrijven zich weliswaar mogen vestigen maar dat de bouw van kantoorpanden is uitgesloten. De gemeente heeft echter in overleg met Bouwfonds afgesproken dat in het vervolg gesproken wordt van "werkruimte" in plaats van kantoren. Voor zowel de gemeente als Bouwfonds is duidelijk dat de kantoorgebouwen het stempel "werkruimte" krijgen. De gemeente Capelle aan den IJssel stelt geen specifieke eisen met betrekking tot het gebruik van kantoorruimten in het project. Zij is zeer ingenomen met het te realiseren plan. Nu de gemeente Capelle aan den IJssel overleg heeft gehad met de koper over de omschrijving "werkruimte" op de bouwaanvraag is de gemeente niet betrouwbaar als zij achteraf de grondprijs zou corrigeren in verband met de realisatie van kantoren in plaats van werkruimten. Het beweerde risico is daarom niet reëel.86 Dit klemt te meer nu de risico's die [vennootschap 8] in dit project loopt minimaal zijn omdat de aanneemsom al min of meer vaststaat87 en [vennootschap 8] niet verantwoordelijk is voor de verhuur van het project.88 Waarom [vennootschap 8] van [medeverdachte 1] met de verhoogde calculatie mag rekenen is daarom volstrekt onduidelijk. Gecreëerde overwinst bij [vennootschap 8] In verband met uitbreiding van project Solaris wordt de totale overdrachtsprijs (de turnkey-som) verhoogd van fl. 127.500.000 naar fl. 133.288.158.89 Dit bedrag is op facturatie van Capelse Maasoever BV door Bouwfonds betaald.90 De laatste betaling heeft plaatsgevonden op 30 januari 2002.91 De daadwerkelijk door [vennootschap 8] berekende kosten na uitbreiding van het project bedragen fl. 118.001.912 (€ 53.546.933), inclusief de vergoeding voor [vennootschap 8] ad fl. 7.500.000 (€ 3.403.352).92 Na aftrek van de kosten van de overdrachtprijs is een overwinst van fl. 15.286.246 gecreëerd bij [vennootschap 8]. Bij de projectkosten inbegrepen is een bedrag van fl. 7.004.150 aan oude Bouwfondsverplichtingen die door [vennootschap 8] zijn overgenomen.93 Uit hetgeen hierna nog aan de orde zal komen blijkt dat deze oude Bouwfondsverplichtingen onzakelijk zijn en dus onterecht door [vennootschap 8] als daadwerkelijk gemaakte kosten zijn geboekt. De door [vennootschap 8] gemaakte overwinst is daarmee fl. 7.004.150 hoger dan het op fl. 15.286.246 vastgestelde verschil tussen de turnkeysom en de berekende projectkosten. Het voorgaande laat zich als volgt weergeven: uiteindelijke turnkeysom: fl. 133.288.158 daadwerkelijk berekende projectkosten: fl. 118.001.912 - overwinst voor [vennootschap 8]: fl. 15.286.246 uit de kosten te elimineren onzakelijke Bouwfondsverplichtingen: fl. 7.004.150 + overwinst voor [vennootschap 8] ten behoeve van de potjes: fl. 22.290.396 Hierboven werd al beschreven dat en hoe [medeverdachte 1] door een systeem van "potjes" te hanteren, het mogelijk maakte dat (extra) gelden terecht kwamen bij diverse anderen. Hieronder wordt een en ander toegesneden op de projecten 1, 2 en 3. [medeverdachte 1] heeft tegen [betrokkene 13] gezegd dat de hoge verkoopprijs van het project een opening geeft om de begroting van [vennootschap 8] dusdanig te verhogen dat meer geld kan worden verdiend. De consequentie van deze verhoogde calculatie is dat [vennootschap 8] meer en Bouwfonds minder winst maakt. Op aangeven van [medeverdachte 1] wordt zo een "tijdelijke voorziening", een "potje", gecreëerd bij [vennootschap 8].94 Verdachte is op de hoogte van de bij [vennootschap 8] aldus gecreëerde (geld)potjes. [medeverdachte 1], [medeverdachte 3] en verdachte bespreken met [betrokkene 13] en [betrokkene 12], zowel afzonderlijk als gezamenlijk, hoe de potjes gecreëerd kunnen worden, hoe er geld in de potjes terecht komt en hoeveel geld er in een potje zit. [medeverdachte 1] houdt met [medeverdachte 3] en verdachte bij of er in het potje van [vennootschap 8] nog geld zit na een verrichtte betaling.95 Uit het gecreëerde geldpotje moet [vennootschap 8] van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] verplichtingen voldoen.96 Tegen [betrokkene 13] en [betrokkene 12] wordt gezegd wat de hoogte van de betaling zal zijn en hen wordt verzocht dat bedrag op te nemen in hun begroting. [betrokkene 13] en [betrokkene 12] weten dat er extra kosten in de afgesproken prijs zijn opgenomen. Zij weten dat een deel van het overeengekomen bedrag aan derden moet worden doorbetaald. [medeverdachte 1] maakt daarbij onderscheid tussen zijn eigen bijverdiensten en de uit de potjes te betalen "moeilijke betalingen". De essentie van het creëren van een potje is om bepaalde "moeilijke betalingen" niet in de boeken van Bouwfonds terecht te laten komen. Een aantal moeilijke betalingen die [medeverdachte 1] niet vanuit Bouwfonds wil doen maar via [vennootschap 8] wil laten lopen, legt hij in bijzijn van verdachte en [medeverdachte 3] aan [betrokkene 13] en [betrokkene 12] voor. Zo stelt [medeverdachte 1] voor bepaalde termijnbetalingen te verhogen zodat uit die verhoging betalingen kunnen worden gedaan. [medeverdachte 3] is daarbij aanwezig omdat hij moet zorgen dat het boekhoudkundig klopt bij Bouwfonds.97 Het innen van het eigen winstdeel door [medeverdachte 1] loopt via een winstdelingsovereenkomst tussen [betrokkene 13] en [betrokkene 12] en Idlewild Consultants BV (verdachte, rb). [medeverdachte 1] spreekt met [betrokkene 13] en [betrokkene 12] af het bedrag dat zij aan een project willen verdienen en waar bovenop financiële ruimte wordt gecreëerd die vervolgens wordt gebruikt voor zijn eigen winstdeel dat via Idlewild Consultants BV wordt doorbetaald aan de Bloemenoord Groep NV. Met [betrokkene 13] en [betrokkene 12] worden afspraken gemaakt over de reservering van geldbedragen die in een kostenbatenanalyse (KBA) worden opgenomen. [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] hebben inzage in deze KBA's en weten wat er achter de opgenomen posten verstopt zit ten behoeve van het creëren van de potjes.98 Doorbetaling van de gecreëerde overwinst [betrokkene 13] en [betrokkene 12] mogen de aldus gecreëerde overwinst (fl. 22.290.396) niet behouden maar moeten deze doorbetalen. Doorbetaling vindt plaats via een ontwikkelovereenkomst tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV, door middel van facturen die geboekt worden op andere projecten van [vennootschap 8] niet zijnde project Solaris en door op het project Solaris geboekte facturen. Idlewild Consultants BV betaalt de van [vennootschap 8] ontvangen gelden gedeeltelijk door aan Bloemenoord Groep BV op grond van een tussen deze partijen gesloten ontwikkelingsovereenkomst. Doorbetaling via ontwikkelingsovereenkomst tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV naar [betrokkene 6] & [vennootschap 26] Met dagtekening 21 september 1999 sluiten [vennootschap 8] te Capelle aan den IJssel, vertegenwoordigd door haar directeuren [betrokkene 13] en [betrokkene 12] enerzijds en Idlewild Consultants BV, vertegenwoordigd door verdachte anderzijds, te 's-Gravenhage een ontwikkelingsovereenkomst waarin partijen een exclusief samenwerkingsverband aangaan gericht op het voor gezamenlijke rekening en risico (vijftig procent [vennootschap 8] en vijftig procent Idlewild Consultants BV), maar om hen moverende redenen op naam van [vennootschap 8], ontwikkelen van project Solaris.99 De rechtbank acht bewezen dat deze ontwikkelingsovereenkomst is geantedateerd en overweegt daartoe als volgt. [betrokkene 13] en [betrokkene 12] worden weliswaar medio 1999 door verdachte benaderd met de opmerking dat ook hij geld wil verdienen aan project Solaris, maar de wijze van betaling en de hoogte van het aan verdachte te betalen bedrag wordt pas in 2002 bepaald.100 Verdachte geeft de ontwikkelingsovereenkomst in 2002 ter ondertekening aan [vennootschap 8] waarop de overeenkomst getekend wordt.101 Op de computer van [betrokkene 13] is een digitaal document met exact dezelfde inhoud als de ontwikkelingsovereenkomst, gedateerd 21 september 1999, aangetroffen.102 Blijkens de documenteigenschappen is het document op 7 januari 2002 aangemaakt door vermoedelijk [medeverdachte 3].103 In werkelijkheid is geen sprake van een exclusief samenwerkingsverband gericht op het voor gezamenlijke rekening en risico ontwikkelen van het project zoals de overeenkomst doet vermoeden. [betrokkene 13] verklaart nooit met verdachte te hebben afgesproken project Solaris samen te ontwikkelen. De omschrijving op en de inhoud van de overeenkomst kloppen niet. Het ging verdachte enkel om de winstuitkering en de overeenkomst diende uitsluitend als legitimering van de geldstroom, aldus [medeverdachte 13].104 Ook volgens [medeverdachte 12] heeft verdachte enkel een bemiddelende rol gespeeld en heeft hij geen werkzaamheden in project Solaris verricht. Verdachte brengt [vennootschap 8] in contact met mensen en bedrijven en krijgt hiervoor een soort courtage.105 De inhoud van de overeenkomst dekt de lading niet.106 Namens [vennootschap 8] is de overeenkomst getekend omdat afgesproken was dat [vennootschap 8] genoegen zou nemen met een vergoeding van fl. 7.500.000.107 Op verzoek van verdachte heeft [vennootschap 8] in 2002 een totaalbedrag van fl. 13.184.163 (€ 5.982.712) overgemaakt naar een bankrekening van [betrokkene 6] & [vennootschap 26].108 [betrokkene 6] & [vennootschap 26] heeft vervolgens de desbetreffende bedragen naar aanleiding van de tussen Idlewild Consultants BV en Bloemenoord Groep BV gesloten winstdelingsovereenkomst in de tussen partijen afgesproken winstdelingsverhouding uitgekeerd.109 De ontwikkelingsovereenkomst gesloten tussen Idlewild Consultants BV en Bloemenoord Groep BV Om de deelgerechtigheid van [medeverdachte 1] in project Solaris te kunnen onderbouwen wordt een ontwikkelingsovereenkomst gedateerd 20 februari 2002 opgesteld te Heemstede tussen Idlewild Consultants BV, vertegenwoordigd door verdachte, en Bloemenoord Groep BV, vertegenwoordigd door [medeverdachte 1]. Blijkens de tekst van de overeenkomst worden daarin eerder tussen partijen gemaakte mondelinge afspraken schriftelijk vastgelegd. Er wordt een exclusief samenwerkingsverband aangegaan gericht op begeleiding en ontwikkeling van de projecten Amsterdam en Capelle a/d IJssel ( bekend onder de naam Solaris,
- rb)op basis van 25 % voor Idlewild Consultants BV en 75 % voor Bloemenoord Groep BV maar voor rekening en risico van Idlewild Consultants BV.110 Anders dan de tekst van de overeenkomst doet vermoeden is er in werkelijkheid tussen partijen geen sprake van een dergelijk exclusief samenwerkingsverband. [medeverdachte 1] heeft in zijn functie van werknemer/bestuurder van Bloemenoord geen bemoeienissen gehad met het project Solaris, alleen in zijn functie van directeur van Bouwfonds.111 Er was geen bemoeienis van [medeverdachte 1] namens Bloemenoord bij het project Solaris in relatie met [vennootschap 8]. De Bloemenoord Groep heeft helemaal geen werkzaamheden verricht in het project Solaris. Toen [vennootschap 8] het project Solaris kreeg lag er al een bouwplan klaar.112 De facturering van Bloemenoord en Idlewild is een routing die door [medeverdachte 1] bedacht is in nauwe samenwerking met [medeverdachte 3] en verdachte. 113 De winstdelingsovereenkomst tussen Idlewild en [vennootschap 8] is eigenlijk geen winstdelingsovereenkomst maar een overeenkomst om geld van Bouwfonds naar Idlewild te krijgen en vandaar naar de Bloemenoord Groep.114 Op project Solaris geboekte facturen van Rooswyck. [medeverdachte 1] is sinds begin jaren '90 eigenaar van Rooswyck Properties BV (hierna Rooswyck). Rooswyck is een van de bedrijven van [medeverdachte 1] die niet is gekocht door Bouwfonds en waar [medeverdachte 1] als ondernemer mee verder is gegaan.115 Met dagtekening 15 respectievelijk 17 december 1999 stuurt Rooswyck twee brieven aan Capelse Maasoever BV waarin zij aanbiedt de realisatie van de verhuur respectievelijk begeleidings- en adviseringswerkzaamheden in project Solaris te verrichten tegen een totale vergoeding van fl. 4.254.150 (exclusief BTW).116 Deze aanbiedingen worden door Capelse Maasoever geaccepteerd bij brief van 12 januari 2000.117 Rooswyck stuurt Capelse Maasoever op grond van deze acceptatiebrieven een achttiental facturen118 ten bedrage van in totaal fl. 4.254.150 (€ 1.930.449) exclusief BTW. Capelse Maasoever BV neemt deze facturen op in haar administratie en betaalt die.119 Er zijn te hoge bedragen gefactureerd of de op de facturen beschreven werkzaamheden zijn niet door Rooswyck verricht.120 Zo geldt ten aanzien van de aanbiedingsbrief van 17 december 1999 dat deze namens Rooswyck is getekend door [betrokkene 30].121 Zij is verantwoordelijk voor de inhoud van de brief en weet dat in de brief werkzaamheden staan die simpelweg zijn bedacht. Aan haar is door [medeverdachte 1] of verdachte gevraagd activiteiten te beschrijven die Rooswyck zou kunnen verrichten.122 Ook andere werknemers van Rooswyck verklaren dat de gefactureerde werkzaamheden niet door Rooswyck zijn verricht.123 De aanbiedings- en acceptatiebrieven zijn bovendien later opgemaakt dan de dagtekening die daarop staat vermeld. Op het moment dat duidelijk is hoeveel geld er wordt verdiend, begin 2001 (en niet december 1999, rb), zegt [medeverdachte 3] tegen [betrokkene 13] en [betrokkene 12] dat er geld naar Rooswyck moet vloeien en worden de bedragen ingevuld.124 [betrokkene 27] was zowel in de periode dat hij directeur van Rooswyck was (vanaf 7 mei 2002,
- rb)als daarvoor in principe de enige persoon binnen Rooswyck die facturen opmaakte. Hij weet niet voor 100% zeker of hij de facturen125 afkomstig van Rooswyck en gericht aan Capelse Maasoever heeft opgemaakt maar hij was wel degene die dergelijke facturen opstelde en verstuurde, zodat het hem logisch lijkt dat hij ook deze facturen heeft opgesteld. Hij zal deze facturen ook met verdachte hebben besproken, dat paste naar zijn zeggen binnen de gebruikelijke gang van zaken. In de periode voordat [betrokkene 27] directeur van Rooswyck werd, legde hij verantwoording af aan verdachte en had hij met verdachte overleg over het opstellen van facturen.126 Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de op de bovenstaande facturen omschreven werkzaamheden niet door de facturerende bedrijven zijn verricht en dat de facturen uitsluitend hebben gediend om van Bouwfonds afkomstige geldbedragen vanaf [vennootschap 8] door te sluizen naar derden. De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte samen met anderen wetenschap had van en meegewerkt heeft aan het valselijk opmaken en vervolgens als echt en onvervalst gebruiken van de ontwikkelingsovereenkomst tussen [vennootschap 8] en Idlewild Consultants BV alsmede het valselijk opmaken en vervolgens als echt en onvervalst gebruiken van de ontwikkelingsovereenkomst tussen Idlewild Consultants BV en Bloemenoord Groep BV. In het licht van de hiervoor genoemde feiten en omstandigheden, in onderling verband en samenhang bezien, acht de rechtbank eveneens bewezen dat verdachte zich samen met anderen, onder wie [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] beiden werkzaam in hun persoonlijke dienstbetrekking bij Bouwfonds, en [betrokkene 13] en [betrokkene 12], intensief heeft bezig gehouden met het creëren van overwinst binnen project Solaris ten bedrage van € 10.114.940 (fl. 22.290.396) teneinde samen met die anderen over die overwinst als heer en meester te kunnen beschikken. De verklaring van verdachte dat hij hier niets vanaf wist en uitsluitend de hem voorgelegde overeenkomsten blind tekende zonder kennis te nemen van de inhoud van die overeenkomsten, acht de rechtbank in het licht van de diverse hiervoor genoemde verklaringen ongeloofwaardig. Feiten 4 en 5 (project Hollandse Meester) Nadat de projectontwikkelaars [betrokkene 13] en [betrokkene 12] vernemen dat de gemeente Zoetermeer de ambitie heeft om binnen de gemeente een hoog gebouw te realiseren koopt [vennootschap 8] de optie op de bij dit project behorende grond. Verdachte geeft vervolgens te kennen dat Bouwfonds het project wil overnemen omdat zij zich wil profileren als hoogbouwontwikkelaar.127 Creëren van overwinst Met dagtekening 17 augustus 1999 te Capelle aan den IJssel sluiten [vennootschap 8], vertegenwoordigd door [medeverdachte 13] en Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, een onderneming met ABN AMRO, vertegenwoordigd door [medeverdachte 1] de "overeenkomst inzake verkoop rechten uit de optieovereenkomst van de Stationslocatie aan het Plein van de Verenigde Naties te Zoetermeer" waarin zij overeenkomen dat Bouwfonds voor een koopsom van fl. 5.000.000, te betalen aan [vennootschap 8], de rechten verkrijgt uit de tussen [vennootschap 8] en de gemeente Zoetermeer gesloten overeenkomst inzake optieverlening op een perceel grond aan het Plein van de Verenigde Naties te Zoetermeer.128 Dat bedrag wordt op 12 oktober 1999 en 4 november 1999 gefactureerd aan Bouwfonds.129 Deze facturen worden door Bouwfonds betaald op respectievelijk 26 oktober 1999 en 24 november 1999.130 Op een bij Bouwfonds aangetroffen brief, waarbij de overeenkomst ter ondertekening aan Bouwfonds wordt aangeboden, is als dat