Rechtbank Leeuwarden Sector Kanton Locatie Opsterland Uitspraak: 9 augustus 2005 Zaak-/Rolnummer: 165509 /CV EXPL 05-194 VONNIS in de zaak van: de vennootschap naar het recht van de staat Delaware (Verenigde Staten) WESTMINSTER RENTAL B.V., h.o.d.n. Rental Lease, gevestigd te Lewes, Delaware (Verenigde Staten), mede kantoorhoudende te 's-Gravenhage, eiseres, hierna te noemen: Rental Lease, gemachtigde: Gerechtsdeurwaarderskantoor Van der Meijde te 's-Gravenhage, tegen [gedaagde], wonende te [woonplaats], gedaagde, hierna te noemen: [gedaagde], procederende met toevoeging, gemachtigde: mr. M.J. Buitenhuis, advocaat te Leeuwarden. PROCESGANG Op de bij dagvaarding vermelde gronden heeft Rental Lease gevorderd: - de tussen partijen bestaande huurkoopovereenkomst op grond van wanprestatie zijdens [gedaagde] te ontbinden; - en om [gedaagde] te veroordelen: a. de in huurkoop overgedragen zaak binnen twee dagen na betekening van het te wijzen vonnis in behoorlijke staat en met alle toebehoren aan Rental Lease terug te geven, met machtiging van Rental Lease om, indien [gedaagde] in gebreke mocht blijven om aan dit bevel te voldoen, dit vonnis zelf ten uitvoer te leggen met behulp van de sterke arm van politie en justitie, ongeacht waar de huurkoopzaak zich mocht bevinden, zulks op kosten van [gedaagde]; b. aan Rental Lease te vergoeden een bedrag van € 9047,83 aan huurkooptermijnen en incassokosten verschuldigd bij dagvaarding, vermeerderd met wettelijke rente, waarop na teruggave van de in huurkoop overgedragen zaak in mindering kan strekken de geldswaarde van deze zaak; c. in de kosten van het geding. [gedaagde] heeft bij antwoord de vordering betwist. Na repliek en dupliek is vonnis bepaald op de stukken van het geding, waarvan de inhoud als hier ingelast geldt. RECHTSOVERWEGINGEN De vaststaande feiten Tussen partijen staat als gesteld en niet of onvoldoende betwist, alsmede op grond van de niet-betwiste inhoud van de overgelegde producties onder meer het volgende vast: 1.1. [gedaagde] heeft gedurende viereneenhalf jaar een affectieve relatie gehad met de heer [a]. 1.2. Gedurende voormelde relatie is op 11 januari 2003 tussen Rental Lease als huurverkoper en [gedaagde] en [a] als huurkopers een huurkoopovereenkomst gesloten met betrekking tot een Mercedes Benz met bouwjaar 1988, type 190D, gekentekend TJ-97-NB. 1.3. De koopprijs van de auto bedroeg € 10.512,01, waarop door [gedaagde] en [a] bij ondertekening van de overeenkomst een aanbetaling van € 1924,29 diende te worden voldaan. Voorts dienden [gedaagde] en [a] een bedrag van € 8487,72 in 36 maandelijkse termijnen van € 235,77 te voldoen, waarvan de eerste termijn verviel op 11 februari 2003 en de laatste op 11 februari 2006. Ten slotte dienden zij na betaling van de laatste termijn nog een slotbetaling van € 100,00 te doen. Over het uitstaande bedrag waren [gedaagde] en [a] een rentevergoeding van 1,54% per maand verschuldigd. 1.4. [gedaagde] en [a] hebben een vooruitbetaling van € 1508,46 gedaan en hebben aan maandelijkse termijnen in totaal een bedrag van € 707,31 betaald. Het voorts nog verschuldigde hebben zij tot dusverre onbetaald gelaten. 1.5. Voormelde huurkoopovereenkomst bevat -voor zover van belang- onder meer de volgende bepalingen: 'Het eigendom van het object zoals dat hiervoor omschreven werd, blijft bij huurverkoper totdat de slottermijn door huurkoper aan huurverkoper wordt voldaan. (…) h. ontbinding van deze huurkoopovereenkomst en/of teruggave van het huurkoopobject kan door huurverkoper in of buiten rechte worden ingeroepen/gevorderd indien en zodra huurkoper na in gebreke te zijn gesteld verder nalatig blijft in de nakoming van de door hem/haar uit deze overeenkomst voortvloeiende verplichtingen. (…) i. De terugname van het object door huurverkoper geschiedt te allen tijde voor rekening en risico van de huurkoper. De kosten van terughalen van het object worden te dezen gesteld op ten minste € 226,89. In of aan het object achtergebleven roerende zaken van huurverkoper blijven voor diens risico. Huurkoper kan terzake geen beroep doen op de vergoeding van zulke zaken door huurverkoper. (…) j. Na terugname van het object zal huurverkoper dit doen taxeren door een door hem aangewezen expertisebureau op kosten van huurkoper. Een eventueel batig saldo te berekenen na verkoop van het object en met verrekening van alle kosten, vallende op de terugname en verkoop, komt aan huurkoper ten goede. Een eventueel voor huurkoper nadelig saldo zal door deze na opgave door huurverkoper daarvan, aan deze onmiddellijk worden voldaan. De terugname van het object houdt niet vanzelfsprekend in dat de huurkoopovereenkomst wordt ontbonden. Behoudens het recht van huurkoper om binnen 14 dagen na de terugname volgens de wettelijke regels zijn wanprestaties te zuiveren, heeft huurverkoper het recht de overeenkomst al dan niet ontbonden te verklaren.'. 1.6. In de van de huurkoopovereenkomst onderwerp zijnde Mercedes werd gereden door [a]. [gedaagde] heeft geen rijbewijs. 1.7. Na het einde van de affectieve relatie tussen [gedaagde] en [a] heeft laatstgenoemde de Mercedes meegenomen. De huidige verblijfplaats van [a] is onbekend. 1.8. Rental Lease heeft [gedaagde] en [a] op 11 februari 2004 een eindafrekening met betrekking tot de huurkoopovereenkomst doen toekomen. Op basis van deze eindafrekening zijn [gedaagde] en [a] nog een bedrag van € 8258,86 verschuldigd. Het standpunt van Rental Lease 2. Rental Lease legt het volgende aan haar vordering ten grondslag. 2.1. [gedaagde] is toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit hoofde van de huurkoopovereenkomst door in gebreke te blijven met de betaling van een groot deel van de -in termijnen te betalen- restantkoopprijs. Deze wanprestatie van [gedaagde] rechtvaardigt de ontbinding van de huurkoopovereenkomst en teruggave van de in huurkoop overgedragen zaak. Op basis van de eindafrekening dient zij voorts nog een bedrag van € 8258,86 te voldoen, vermeerderd met rente en incassokosten. 2.2. De omstandigheid dat [gedaagde] geen contact meer heeft met haar ex-partner [a] en daardoor niet meer kan beschikken over de in huurkoop overgedragen zaak welke zij aan Rental Lease dient te retourneren, is een omstandigheid die voor rekening en risico van [gedaagde] komt en die niet aan Rental Lease kan worden tegengeworpen. Rental Lease staat buiten de kwestie van wie van de huurkopers de feitelijke macht heeft over de Mercedes. 2.3. In geval van het niet retourneren van de in huurkoop overgedragen zaak vordert Rental Lease betaling van het geheel verschuldigde bedrag zonder dat daarop de resterende waarde van voormelde zaak in mindering zal kunnen strekken. Het standpunt van [gedaagde] 3. Het verweer van [gedaagde] komt op het volgende neer. [a] heeft na het einde van de relatie met haar de Mercedes meegenomen. [gedaagde] heeft geen idee waar [a] zich sedertdien bevindt. Zij heeft getracht om te achterhalen waar de Mercedes is, hetgeen niet is gelukt. Ook heeft [gedaagde] tevergeefs getracht om de auto van haar naam af te krijgen. Gezien het vorenstaande is het evident dat [gedaagde] niet in staat is om de in huurkoop overgedragen zaak aan Rental Lease terug te geven. Rental Lease zal zich met haar vordering tot [a] moeten wenden. De beoordeling van het geschil 4. De overeenkomst van partijen dient te worden bechouwd als een huurkoopovereenkomst als bedoeld in artikel 7A:1576h BW; partijen zijn immers overeengekomen dat de verkochte zaak niet door aflevering in eigendom is overgegaan op [a] en [gedaagde], maar pas door vervulling van de opschortende voorwaarde van algehele betaling van hetgeen zij uit hoofde van de koopovereenkomst verschuldigd zijn. De tussen partijen gesloten huurkoopovereenkomst valt onder de werkingssfeer van de Wet op het Consumentenkrediet (hierna te noemen: WCK), aangezien er sprake is van kredietverlening aan natuurlijke personen, waarbij de kredietsom niet meer dan € 40.000,- bedraagt. 5. Op grond van artikel 71 WCK gelden voor een huurkoopovereenkomst die onder de WCK valt slechts een beperkt aantal bepalingen uit Boek 7A titel 5A van het Burgerlijk Wetboek. Alleen de artikelen 7A:1576a, 7A:1576h, 7A:1576 k-n, 7A:1576r, 7A:1576u, 7A:1576w en 7A:1576x BW zijn van toepassing. 6. Op grond van artikel 44 WCK kan een huurkoopovereenkomst die onder de werkingssfeer van de WCK valt in beginsel slechts door rechterlijke tussenkomst worden ontbonden. Hierop gelden enkele uitzonderingen, doch deze doen in casu niet terzake. De kantonrechter dient thans te beoordelen of er grond is voor ontbinding van de huurkoopovereenkomst van partijen. Hiervoor is ten deze bepalend:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.