vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/208186 / KG ZA 15-348 Vonnis in kort geding van 17 juli 2015 in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats 1] , eiseres, advocaat mr. H.G.M. Hilkens, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats 2] , gedaagde, advocaat mr. R.J. van der Heijden. Partijen zullen hierna [eiseres] en gedaagde worden genoemd. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding, de mondelinge behandeling. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- Eiseres en gedaagde zijn als enige erfgenamen gerechtigd in de nalatenschap van hun overleden ouders, die zijn overleden op respectievelijk 12 mei 2011 en 9 oktober
- Tot de nalatenschap behoort de onroerende zaak, staande en gelegen aan de [adres] , te [plaats] , kadastraal bekend gemeente [plaats] sectie D nummer [kadasternummer] (hierna: de woning). 3Het geschil 3.
- Eiseres vordert bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, gedaagde te veroordelen om binnen twee dagen na betekening van dit vonnis haar medewerking te verlenen aan de verkoop en levering van de woning aan mevrouw [naam 1] en de heer [naam 2] , zulks op verbeurte van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag of dagdeel dat gedaagde in gebreke blijft met het voldoen aan onderhavige vordering. Daarnaast vordert eiseres te bepalen dat, indien gedaagde niet meewerkt aan de verkoop en levering van de woning, eiseres vervangende toestemming heeft om tot de verkoop en levering van de woning over te gaan. Ten slotte vordert eiseres gedaagde te veroordelen in de kosten van deze procedure, alsmede in de nakosten. 3.
- Gedaagde heeft geen verweer gevoerd tegen toewijzing van de vordering. 3.
- Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, ingegaan. 4De beoordeling 4.
- Het spoedeisend belang van eiseres bij een beoordeling van haar vordering in kort geding vloeit voort uit de aard van de vordering en is door gedaagde overigens ook niet betwist. 4.
- Ter gelegenheid van de mondelinge behandeling hebben partijen overeenstemming bereikt over de vorderingen van eiseres in die zin dat deze dienen te worden toegewezen. De voorzieningenrechter zal dienovereenkomstig beslissen. 4.
- Eiseres heeft ter gelegenheid van de mondelinge behandeling de door haar gevorderde proceskostenveroordeling ingetrokken. De voorzieningenrechter zal de proceskosten, overeenkomstig het door partijen ter gelegenheid van de mondelinge behandeling geformuleerde verzoek, op de voor zaken van familierechtelijke aard gebruikelijke wijze compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. Bij deze stand van zaken is gelet op het bepaalde in artikel 237 lid 4 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering geen plaats meer voor een veroordeling van gedaagde in de nakosten, zodat deze vordering zal worden afgewezen. 5De beslissing De voorzieningenrechter: 5.
- veroordeelt gedaagde om binnen twee dagen na betekening van dit vonnis haar medewerking te verlenen aan de verkoop en levering van haar aandeel in de woning aan de [adres] , te [plaats] , kadastraal bekend gemeente [plaats] sectie D nummer [kadasternummer] , aan mevrouw [naam 1] en de heer [naam 2] , op straffe van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag of ieder dagdeel dat gedaagde nalaat aan deze veroordeling te voldoen, 5.
- bepaalt dat indien gedaagde niet binnen twee dagen na betekening van dit vonnis meewerkt aan de verkoop en levering van haar aandeel in voornoemde woning aan mevrouw [naam 1] en de heer [naam 2] , dit vonnis in de plaats zal treden van de voor de verkoop en levering van haar aandeel in die woning vereiste wilsverklaring, medewerking en handtekening(en) van gedaagde, 5.
- compenseert de kosten van deze procedure in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt, 5.
- verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 5.
- wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken op 17 juli
- type: NL coll: