← Nederland

ECLI:NL:RBLIM:2016:2849

RECHTBANK LIMBURG Zittingsplaats Maastricht Burgerlijk recht Zaaknummer: C/03/217223 KG ZA 16/71 Vonnis in kort geding van 29 maart 2016 in de zaak van de bestuursrechtelijke rechtspersoon centraal orgaan opvang asielzoekers, gevestigd te Rijswijk, eisende partij, gemachtigde mr. W.H.J. Semeijn tegen [gedaagde] wonend althans verblijvend in het asielzoekerscentrum [vestigingsplaats] op het adres [adres] gedaagde partij, in persoon procederend. Partijen zullen verder COA en [gedaagde] genoemd worden. 1De procedure 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het exploot van dagvaarding van 26 februari 2016 met producties de op 2 maart 2016 van de zijde van COA overgelegde nadere producties de mondelinge behandeling ter zitting van 7 maart
  2. 1.
  3. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
  4. [gedaagde] heeft de Eritrese nationaliteit, verblijft sinds 2014 in Nederland (thans in voornoemd asielzoekerscentrum) en heeft met ingang van 31 oktober 2014 een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als bedoeld in art. 29, eerste lid onder b Vreemdelingenwet 2000 (Vw). 2.
  5. Op [gedaagde] is de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 (verder te noemen: de Rva) van toepassing. 2.
  6. Op grond van het bepaalde in art. 7 lid 1, aanhef en onder a, van de Rva, heeft [gedaagde] geen recht (meer) op opvang in een opvangcentrum. 2.
  7. Begin januari 2016 heeft [gedaagde] een aan hem toegewezen woning in Stramproy, gemeente Weert, geweigerd. 3De vordering en het geschil 3.
  8. COA vordert de veroordeling van [gedaagde] om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis voornoemd asielzoekerscentrum te ontruimen en ontruimd te houden met al het zijne en de zijnen, onder verwijzing van [gedaagde] in de proceskosten. 3.
  9. [gedaagde] heeft verweer gevoerd, waarop hierna voor zover nodig zal worden ingegaan. 4De beoordeling 4.
  10. Het spoedeisend belang vloeit voort uit de aard van de zaak. 4.
  11. Om een voorziening te kunnen treffen zoals gevorderd dient te worden beoordeeld of het aannemelijk is dat de rechter, die in een eventueel aanhangig te maken bodemprocedure geconfronteerd wordt met hetzelfde feitencomplex, zal oordelen dat een met de gevraagde voorziening overeenstemmende of vergelijkbare vordering zal slagen. 4.
  12. Het verweer van [gedaagde] komt er op neer dat hij om medische redenen een woning in (de regio) Amsterdam toegewezen wil krijgen. [gedaagde] dient medische behandelingen te ondergaan in het ziekenhuis in Amsterdam (AMC). Tevens heeft hij behoefte aan mantelzorg en zijn zus woont in Amsterdam, aldus [gedaagde] . 4.
  13. COA heeft gemotiveerd betwist dat het voor [gedaagde] om medische redenen noodzakelijk is om in (de regio) Amsterdam te wonen. Het had daarom alleszins op de weg van [gedaagde] gelegen om de door hem gestelde medische noodzaak aan te tonen, met stukken dan wel anderszins, doch hij heeft zulks nagelaten. Het verweer faalt derhalve. Nu bovendien onweersproken vaststaat dat [gedaagde] thans zonder recht of titel in het asielzoekerscentrum verblijft, zal de vordering worden toegewezen. 4.
  14. [gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld tot betaling van de proceskosten, aan de zijde van COA tot de datum van dit vonnis begroot op € 1.532,77, bestaande uit € 816,00 aan salaris gemachtigde, € 619,00 aan griffierecht en € 97,77 aan explootkosten 5De beslissing De voorzieningenrechter 5.
  15. veroordeelt [gedaagde] om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis het asielzoekerscentrum te [vestigingsplaats] op het adres [adres] te ontruimen en ontruimd te houden met al het zijne en de zijnen, 5.
  16. veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, aan de zijde van COA tot de datum van dit vonnis begroot op € 1.532,77, 5.
  17. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en is in het openbaar uitgesproken. RK

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.