← Nederland

ECLI:NL:RBLIM:2017:12914

vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/240055 / KG ZA 17-463 Vonnis in kort geding van 12 september 2017 in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats 1] , eiseres, advocaat mr. L.H. Dierx, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats 2] , gedaagde, advocaat mr. J.J.C. Delahaye. Partijen zullen hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd worden. 1De procedure 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding de mondelinge behandeling de pleitaantekeningen van [eiseres] de pleitnota van [gedaagde] . 1.
  2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2Het geschil 2.
  3. [eiseres] vordert samengevat - de schorsing te bevelen van de aangezegde verkoop van Mercedes met kenteken [kenteken] waarop beslag is gelegd. 2.
  4. [gedaagde] voert verweer. 2.
  5. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 3De beoordeling 3.
  6. [eiseres] heeft - kort gezegd - gesteld dat niet zij, maar haar zoon [naam zoon] de eigenaar is van de Mercedes waarop door [gedaagde] beslag is gelegd, reden waarom zij schorsing van de aangezegde verkoop van de Mercedes vordert. 3.
  7. Op grond van art. 3:303 BW komt zonder voldoende belang niemand een rechtsvordering toe. Er veronderstellenderwijs van uitgaand dat [eiseres] niet de eigenaar is van de Mercedes waarop beslag is gelegd, heeft [eiseres] - zoals [gedaagde] terecht heeft aangevoerd - geen belang bij de door haar ingestelde vordering. Reeds hierom zal het gevorderde worden afgewezen. 3.
  8. [eiseres] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op: - vast recht € 287,00 - salaris advocaat € 816,00 Totaal € 1.103,00 3.
  9. De gevorderde veroordeling in de nakosten is in het kader van deze procedure slechts toewijsbaar voor zover deze kosten op dit moment reeds kunnen worden begroot. De nakosten zullen dan ook worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing vermeld. 4De beslissing De voorzieningenrechter 4.
  10. wijst het gevorderde af, 4.
  11. veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op € 1.103,00, 4.
  12. veroordeelt [eiseres] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [eiseres] niet binnen twee weken na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, over de nakosten met ingang van veertien dagen na de betekening van dit vonnis tot aan de voldoening, 4.
  13. verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. P. Hoekstra en in het openbaar uitgesproken. type: JC

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.