RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Roermond Zaaknummer: 6639709 \ CV EXPL 18-743 Vonnis van de kantonrechter van 13 juni 2018 in de zaak van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid MESSER B.V., gevestigd te Zwijndrecht, eisende partij, gemachtigde Agin Otten Gerechtsdeurwaarders, tegen: [gedaagde partij] , h.o.d.n. [handelsnaam gedaagde partij], wonend [adres gedaagde partij] , [woonplaats gedaagde partij] , gedaagde partij, procederende in persoon. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding de conclusie van antwoord de conclusie van repliek de conclusie van dupliek. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- Eisende partij heeft een zuurstofcilinder verhuurd aan gedaagde partij. Deze huurovereenkomst is in middels geëindigd. 3Het geschil 3.
- Eisende partij vordert - samengevat - veroordeling van gedaagde partij tot betaling van € 684,36, vermeerderd met rente en kosten. 3.
- Gedaagde partij voert verweer. 3.
- Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling 4.
- Eisende partij stelt dat gedaagde partij na ommekomst van de huurovereenkomst de zuurstof cilinder niet heeft geretourneerd waarna eisende partij conform artikel 2.
- van de toepasselijke algemene voorwaarden een schadevergoeding van gedaagde partij vordert van 75% van de aankoopprijs van de verhuurde zuurstof cilinder. 4.
- Gedaagde partij stelt de zuurstofcilinder te hebben geretourneerd. Eisende partij betwist dat de zuurstofcilinder retour is ontvangen. Nu gedaagde partij geen enkel bewijsstuk van zijn stelling in geding brengt noch bewijs hiervan aanbiedt moet de kantonrechter aan deze stelling voorbij gaan en ligt de vordering als onvoldoende gemotiveerd betwist voor toewijzing gereed. 4.
- De kantonrechter acht geen termen aanwezig gedaagde partij toe te laten tot nadere bewijslevering. 4.
- Gedaagde partij zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op: dagvaarding € 83,99 griffierecht 476,00 salaris gemachtigde 200,00 ( 2 x tarief € 100,00) totaal € 759,99 4.
- De kantonrechter zal dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaren. 5De beslissing De kantonrechter 5.
- veroordeelt gedaagde partij om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eisende partij te betalen een bedrag van € 684,36, vermeerderd met de wettelijke handelsrente over € 580,26 vanaf 31 januari 2018 tot de dag van volledige betaling, 5.
- veroordeelt gedaagde partij in de proceskosten aan de zijde van eisende partij gevallen en tot op heden begroot op € 759,99, 5.
- verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. G.M.P. Brouns en in het openbaar uitgesproken. type: HM coll: