RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht Zaaknummer: 8461052 CV EXPL 20-1713 Vonnis van de kantonrechter van 21 oktober 2020 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid FAMED B.V., gevestigd en kantoor houdende te Amersfoort, eisende partij, gemachtigde Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid PARKSTAD BEWINDVOERING B.V., in hoedanigheid van bewindvoerder over de (toekomstige) goederen van [naam onderbewindgestelde] , gevestigd te Brunssum, gedaagde partij, procederend in persoon. Partijen zullen hierna ‘Famed’, ‘de bewindvoerder q.q.’ resp. ‘ [naam onderbewindgestelde] ’ worden genoemd. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding - de conclusie van antwoord - de conclusie van repliek - de conclusie van dupliek. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten Famed heeft door middel van cessie overgedragen gekregen de openstaande vordering van ‘ [naam orthodontist] , orthodontist’ ad € 232,42 ter zake van een voor rekening en in opdracht van [naam onderbewindgestelde] verrichte orthodontistische behandeling ten behoeve van het minderjarige kind van [naam onderbewindgestelde] . 3Het geschil 3.
- Famed stelt dat de bewindvoerder q.q. in gebreke is gebleven met de volledige en tijdige betaling van het gefactureerde bedrag ad € 232,
- Ondanks diverse aanmaningen is het bedrag van € 232,42 onbetaald gebleven. Famed zag zich genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven en heeft daarom buitengerechtelijke incassokosten moeten maken die, evenals de wettelijke rente, op grond van de wet voor rekening van de bewindvoerder q.q. komen. 3.
- Op bovenstaande grond vordert Famed om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, de bewindvoerder q.q. te veroordelen om aan haar te betalen € 280,20 (waarvan € 232,42 aan hoofdsom, € 7,78 aan verschenen rente tot 16 maart 2020 en € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten) te vermeerderen met de wettelijke rente over € 280,20 vanaf 16 maart 2020 totdat de vordering helemaal betaald is met veroordeling van de bewindvoerder q.q. in de proceskosten. 4De beoordeling 4.
- De bewindvoerder q.q. erkent de vordering en voert aan dat deze middels een betalingsregeling zal worden voldaan. In verband met dit laatste geldt dat de kantonrechter geen betalingsregeling kan opleggen. Een betalingsregeling kan met de schuldeiser worden getroffen (artikel 6:29 BW). 4.
- Gezien de erkenning van de bewindvoerder q.q. zullen de hoofdsom ad € 232,42 en de verschenen wettelijke rente ad € 7,78 berekend tot 16 maart 2020 worden toegewezen. 4.
- Famed maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten ad € 40,
- De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. De door Famed aan [naam onderbewindgestelde] op 26 september 2019 gestuurde aanmaning voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen. 4.
- Famed vordert vanaf 16 maart 2020 wettelijke rente over de totale som van € 280,20 en daarmee niet alleen over de toe te wijzen hoofdsom maar eveneens over de reeds verschenen rente en de buitengerechtelijke kosten. De wettelijke rente over de hoofdsom ad € 232,42 zal met ingang van 16 maart 2020 worden toegewezen. De gevorderde rente over de verschenen rente is toewijsbaar op de in het dictum weergegeven wijze. De gevorderde wettelijke rente over de buitengerechtelijke kosten is toewijsbaar vanaf datum dagvaarding (zijnde 2 april 2020). 4.
- De bewindvoerder q.q. zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De kosten aan de zijde van Famed worden begroot op: - dagvaarding € 86,85 - griffierecht € 124,00 - salaris gemachtigde € 144,00 ( 2 x tarief € 72,00 ) totaal € 354,85 5De beslissing De kantonrechter 5.
- veroordeelt de bewindvoerder q.q. om aan Famed te betalen: - € 232,42 aan hoofdsom en € 7,78 aan verschenen wettelijke rente tot 16 maart 2020, - de wettelijke rente over € 232,42 vanaf 16 maart 2020 totdat de hoofdsom helemaal betaald is, - de wettelijke rente over de verschenen rente vanaf 16 maart 2020 voor zover de bewindvoerder q.q. de verschenen rente over een vol jaar verschuldigd is, - € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf datum dagvaarding (zijnde 2 april 2020), 5.
- veroordeelt de bewindvoerder q.q. in de kosten van de procedure aan de zijde van Famed gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 354,85, 5.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad, 5.
- wijst af het meer of anders gevorderde. Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.J. Quaedackers en in het openbaar uitgesproken. NZ