← Nederland

ECLI:NL:RBLIM:2021:5357

vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/287603 / HA ZA 21-43 Vonnis in incident van 23 juni 2021 in de zaak van 1 [eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident sub 1] , wonende te [woonplaats 1] ,

  1. [eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident sub 2], wonende te [woonplaats 2] , eisers in de hoofdzaak, verweerders in het incident, advocaat mr. A.M. Smetsers, tegen
  2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid AQUA TERRA B.V., gevestigd te Maastricht , gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident, advocaat mr. C.J. Diks,
  3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde in de hoofdzaak sub 2] , gevestigd te [vestigingsplaats ] ,
  4. [gedaagde in de hoofdzaak sub 3], wonende te [woonplaats 3] ,
  5. [gedaagde in de hoofdzaak sub 4], wonende te [woonplaats 4] , gedaagden in de hoofdzaak, advocaat mr. A.P. Macro. Partijen zullen hierna [eisers in de hoofdzaak, verweerders in het incident] , Aqua Terra B.V. , [gedaagden in de hoofdzaak] (en in voorkomend geval [gedaagde in de hoofdzaak sub 2] , [gedaagde in de hoofdzaak sub 3] en [gedaagde in de hoofdzaak sub 4] afzonderlijk) genoemd worden. 1De procedure 1.
  6. Het verloop van de procedure blijkt uit: de exploten van dagvaarding (4 x) met daarbij gevoegd de in het geding te brengen producties 1 t/m 34 en kopieën van de beslagstukken, de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring ex artikel 210 Rv, tevens conclusie van antwoord van Aqua Terra , het schrijven van mr. Smetsers van 25 mei 2021, de reactie op incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring door Aqua Terra van [gedaagden in de hoofdzaak] 1.
  7. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident. 2De beoordeling in het incident 2.
  8. Aqua Terra B.V. vordert dat haar wordt toegestaan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde in de hoofdzaak sub 2] , [gedaagde in de hoofdzaak sub 3] en [gedaagde in de hoofdzaak sub 4] (zijnde de gedaagden sub 2 t/m 4 in de hoofdzaak) in vrijwaring op te roepen. [eisers in de hoofdzaak, verweerders in het incident] refereren zich aan het oordeel van de rechtbank. [gedaagden in de hoofdzaak] hebben verweer gevoerd, waarop de rechtbank, voor zover nodig, hierna zal ingaan. 2.
  9. De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, nu de aangevoerde en niet weersproken gronden die vordering kunnen dragen. Door [gedaagden in de hoofdzaak] is weliswaar verweer gevoerd, maar met dit verweer houdt de rechtbank geen rekening. De incidentele vordering van Aqua Terra richt zich immers tot [eisers in de hoofdzaak, verweerders in het incident] en niet tot hen als mede-gedaagden. Voor zover mede-gedaagden zich al mogen uitlaten, hebben zij niet voldoende toegelicht waarom de vrijwaring moet worden afgewezen. 2.
  10. De rechtbank zal de beslissing omtrent de kosten van het incident aanhouden, totdat in de hoofdzaak zal worden beslist. 3De beoordeling in de hoofdzaak 3.
  11. De hoofdzaak staat op de rol van heden voor conclusie van antwoord aan de zijde van [gedaagden in de hoofdzaak] In afwachting daarvan zal iedere verdere beslissing worden aangehouden. 4De beslissing De rechtbank in het incident 4.
  12. staat toe dat de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde in de hoofdzaak sub 2] , [gedaagde in de hoofdzaak sub 3] en [gedaagde in de hoofdzaak sub 4] (zijnde de gedaagden sub 2 t/m 4 in de hoofdzaak) door Aqua Terra B.V. , worden gedagvaard tegen de terechtzitting van 21 juli 2021, 4.
  13. houdt de beslissing omtrent de kosten van het incident aan, in de hoofdzaak 4.
  14. houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Sijmonsma en in het openbaar uitgesproken en ondertekend door mr. I.M. Etman. type: JvdH

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.