beschikking RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht / Kantonrechter Zittingsplaats Maastricht Zaaknummer 9236297 \ OV VERZ 21-23 Beschikking van 28 oktober 2021 op een verzoek van KERKHOFFS ADVOCATEN B.V., gevestigd te 6221 BG Maastricht, Wilhelminasingel 77, verzoekster, gemachtigde mr. J.H.P. Hardy, met betrekking tot [verweerder] , wonend te [woonplaats] , [adres] , verweerder, niet verschenen. Partijen zullen hierna Kerkhoffs en [verweerder] genoemd worden. 1Het verloop van de procedure 1.
- De kantonrechter heeft kennisgenomen van het door Kerkhoffs ingevulde standaard vorderingsformulier A als bedoeld in bijlage I van Verordening (EG) nr. 861/2007 tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen (hierna: de Verordening) en de daarbij gevoegde stukken ingekomen ter griffie van deze rechtbank op 25 mei
- 1.
- Bij aangetekend schrijven dat op 26 mei 2021 bij [verweerder] is bezorgd is [verweerder] door de Rechtbank Limburg uitgenodigd om middels antwoordformulier C op het vorderingsformulier te reageren hetgeen [verweerder] niet binnen de daarvoor geldende termijn van dertig dagen heeft gedaan. Vervolgens is tegen [verweerder] verstek verleend. 1.
- Op 29 juni 2021 is een akte houdende producties en een eiswijziging van Kerkhoffs ter griffie van deze rechtbank ontvangen. 1.
- Daarna is beschikking bepaald, waarvan de uitspraak is gesteld op heden. 2De vordering 2.
- Kerkhoffs vordert na vermindering van eis veroordeling van [verweerder] tot betaling van € 17,87 aan wettelijke rente, € 284,61 aan buitengerechtelijke incassokosten en € 694,00 aan proceskosten en verzoekt een bewijs van waarmerking van de beslissing. 2.
- Kerkhoffs stelt daartoe dat de hoofdvordering betrekking heeft op een tussen haar en [verweerder] op gesloten overeenkomst van opdracht. Voor de door haar ter zake verrichte werkzaamheden dient [verweerder] haar de hoofdsom van € 1.897,38 te betalen. Ondanks sommaties en een schriftelijke ingebrekestelling op 26 april 2021 heeft [verweerder] voormelde hoofdsom aanvankelijk niet betaald. [verweerder] heeft, nadat Kerkhoffs op 21 mei 2021 het vorderingsformulier A bij deze rechtbank had ingediend, op 31 mei 2021 een bedrag van € 1.903,92 betaald. Voormeld bedrag bestaat uit voormelde hoofdsom en een deel aan vervallen wettelijke rente. [verweerder] heeft de restantvordering als vermeld in 2.
- onbetaald gelaten. 2.
- [verweerder] heeft niet binnen de daarvoor geldende termijn verweer gevoerd. 3De beoordeling 3.
- Kerkhoffs heeft het bestaan van de vordering en verzuim van [verweerder] gemotiveerd onderbouwd en met bescheiden gestaafd. Ter zake de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten heeft de kantonrechter vastgesteld dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. Gelet op het vorenvermelde ligt de door [verweerder] onweersproken gelaten (restant)vordering voor toewijzing gereed nu deze de kantonrechter onrechtmatig noch ongegrond voorkomt. De door Kerkhoffs gevorderde waarmerking van deze beslissing zal eveneens worden toegewezen. 3.
- [verweerder] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van Kerkhoffs tot aan deze uitspraak gerezen en begroot op € 507,00 aan griffierecht en € 187,00 aan salaris gemachtigde. De gevorderde nakosten (bijlage 1 bij het vorderingsformulier A) zullen worden toegewezen als nader in het dictum is bepaald. 4De beslissing De kantonrechter 4.
- veroordeelt [verweerder] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Kerkhoffs te betalen € 17,87 aan wettelijke rente en € 284,61 aan buitengerechtelijke incassokosten, 4.
- veroordeelt [verweerder] tot betaling van de tot aan deze uitspraak aan de zijde van Kerkhoffs gerezen proceskosten van € 694,00, 4.
- veroordeelt [verweerder] , onder de voorwaarde dat hij niet binnen twee weken na aanschrijving door Kerkhoffs volledig aan dit vonnis voldoet, in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 93,50 aan salaris gemachtigde, te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis, 4.
- verklaart deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad, 4.
- wijst af het meer of anders gevorderde. Deze beschikking is gegeven door mr. R.P.J. Quaedackers, kantonrechter en is in het openbaar in de aanwezigheid van de griffier uitgesproken. YT