vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/289696 / HA ZA 21-141 Vonnis in hoofdzaak van 18 mei 2022 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid LBB SOLUTIONS B.V., gevestigd te Stein, gemeente Stein, eiseres, advocaat: mr. S.L. Smits-Emons, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid NL SECURITY B.V., gevestigd te Den Haag, gedaagde, advocaat: mr. P.H. Mahieu. Partijen zullen hierna “LBB Solutions” en “NL Security” genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 9 juni 2021, de op 8 oktober 2021 toegezonden producties 41 tot en met 45 namens LBB Solutions ten behoeve van de mondelinge behandeling, het proces-verbaal van mondelinge behandeling van 20 oktober 2021, de spreekaantekeningen van LBB Solutions met vermindering van eis. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. NL Security is een bedrijf dat zich richt op particuliere beveiliging. 2.2. LBB Solutions heeft, in opdracht van NL Security, beveiligingswerkzaamheden verricht. Werknemers van LBB Solutions werden ingezet ter beveiliging van filialen van supermarktketen Lidl. LBB Solutions schakelde in voorkomende gevallen ook de beveiligingsbedrijven [naam beveiligingsbedrijf] , Buddy Security en Mega Beveiliging (als onderaannemer) in om werkzaamheden uit te voeren ten behoeve van NL Security. 2.3. Partijen doen sedert omstreeks 1 april 2019 zaken met elkaar op basis van mondeling met elkaar gemaakte afspraken. 2.4. NL Security was medio 2020 de enige opdrachtgever van LBB Solutions. 2.5. NL Security heeft de samenwerking met LBB Solutions bij e-mailbericht van 30 juni 2020 met ingang van 1 augustus 2020 beëindigd. NL Security heeft in voormeld e-mailbericht onder meer, voor zover relevant, het navolgende geschreven (productie 2 dagvaarding): “Hierbij moet ik je mededelen dat wij per 1 augustus a.s. de inzet van LBB bij NL Security zullen beëindigen. De belangrijkste reden is dat Lidl van ons eist dat wij v.w.b. de structurele inzet eigen beveiligers inzetten en dus zo min mogelijk gebruik maken van inhuurpartijen. Tevens moet eventuele ad-hoc inhuur ook aan een aantal vereisten voldoen. (..) Ik ben eventueel bereid om een aantal van de vaste medewerkers over te nemen om jou te ontlasten en de werkgelegenheid van deze mensen te garanderen. Ik kan persoonlijk met ze in gesprek gaan om te polsen of zij eventueel over willen stappen. Dit zou voor jou dan het mogelijke risico van kosten bij ontslag kunnen wegnemen. (..)” 2.6. Bij LBB Solutions waren ten tijde van de beëindiging van de samenwerking tussen partijen vier medewerkers in dienst. Het betrof, voor zover hier van belang, onder meer, de heer [naam medewerker 1] (hierna: “ [naam medewerker 1] ”), de heer [naam medewerker 2] (hierna: “ [naam medewerker 2] ”) en de heer [naam medewerker 3] (hierna: “ [naam medewerker 3] ”). 2.7. In de tussen LBB Solutions en [naam medewerker 1] gesloten arbeidsovereenkomst van 17 augustus 2016 is, voor zover relevant, het navolgende opgenomen (productie 3 bij dagvaarding): “(..) Artikel 10 Nevenactiviteiten 10.1 Behoudens voorafgaande schriftelijke toestemming van LBB Solutions B.V. is het de Werknemer niet toegestaan gedurende de looptijd van deze Arbeidsovereenkomst betaalde of niet-betaalde nevenactiviteiten uit te oefenen, op welke wijze en in welke vorm dan ook. (..) artikel 12 Non-concurrentie 12.1. Het is de Werknemer, ongeacht de wijze waarop en de redenen waarom de Arbeidsovereenkomst tot een einde is gekomen en zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van LBB, niet toegestaan om tot vijf jaar na einde dienstbetrekking, op enigerlei wijze, direct of indirect zakelijke contacten te onderhouden met (rechts-)personen waarmee LBB gedurende de laatste drie jaar voorafgaand aan het einde van de Arbeidsovereenkomst enig zakelijk contact heeft gehad of waarmee de nieuwe werkgever (eventueel via tussenpersoon) zakelijk contact onderhoudt. 12.2. Het is de Werknemer, ongeacht de wijze waarop en de redenen waarom de Arbeidsovereenkomst tot een einde is gekomen en zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van LBB, niet toegestaan om tot vijf jaar na einde dienstbetrekking, andere werknemers of personen die in de laatste drie jaar voorafgaand aan het einde van de Arbeidsovereenkomst een dienstbetrekking hebben of hebben gehad met LBB en/of met haar gelieerde ondernemingen te bewegen de Arbeidsovereenkomst met LBB te beëindigen en/of in dienst te nemen. (..)” 2.8. In de arbeidsovereenkomst tussen LBB Solutions en [naam medewerker 2] van 12 april 2019 is ten aanzien van het verbod op nevenactiviteiten alsmede het non-concurrentiebeding een nagenoeg gelijkluidende bepaling opgenomen, met dien verstande dat in de arbeidsovereenkomst van [naam medewerker 2] onder 12.1 en 12.2 een termijn van twee jaar in plaats van vijf jaar is opgenomen (eveneens productie 3 dagvaarding). 2.9. [naam medewerker 1] heeft in een e-mailbericht van 6 juli 2020 (8:20) gericht aan de bestuurder van NL Security, [naam bestuurder 1] (hierna: “ [naam bestuurder 1] ”), voor zover relevant, het volgende geschreven (productie 22 dagvaarding): “(..) [naam bestuurder 1] (..) ik heb een vraag (..) Moeten we nu af wachten wat [naam bestuurder 2] doet (..) Want als hij ons wilt ontslaan had ie dat al moeten laten weten Of hij zegt eind van de maand LBB is einde trek de stekker er uit Of hij zegt heb werk voor jullie dan moeten we zelf ontslag nemen En zouden we moeten uit werken Dan heb ik nog wel genoeg vac dagen om gelijk thuis te blijven (..)” 2.10. [naam bestuurder 1] heeft in een e-mailbericht van 7 juli 2020 gericht aan [naam medewerker 1] , met bijlagen genaamd “ [naam medewerker 1] – Uitzendbevestiging fase B pdf PPB - Contract 2020 pdf”, voor zover relevant, het volgende geschreven (productie 8 dagvaarding): “Hi [naam medewerker 1] Zie bijlagen Indien zo akkoord dan gaarne ondertekenen en retour sturen. Ik zorg dan dat morgen [naam medewerker 2] en [naam medewerker 3] ook hun contract krijgen. (..)” [naam medewerker 1] antwoordt hierop bij e-mailbericht van 8 juli 2020 als volgt aan [naam bestuurder 1] : “(..) is het verstandig morgen mijn ontslag in te dienen ja of nee hoor graag van jouw gr [naam medewerker 1] ” [naam bestuurder 1] antwoordt diezelfde dag per e-mailbericht als volgt: (..) We gaan even kijken mbt datum voor passen kleding. Denk woensdag het beste. Je kan ontslag indienen maar zou dan aangeven dat je wil vertrekken per eerst mogelijke datum (..)” 2.11. [naam medewerker 1] heeft bij e-mailbericht van 9 juli 2020 het navolgende bericht aan de bestuurder van LBB Solutions, de heer [naam bestuurder 2] (hierna: “ [naam bestuurder 2] ”) verzonden (productie 4 dagvaarding): “beste [naam bestuurder 2] ik dien per vandaag 9-7-2020 mijn ontslag in kun jij mij laten weten wanneer mijn laatste werk dag is hoor het graag mvg [naam medewerker 1] ” 2.12. [naam medewerker 2] heeft NL SecurityLBB Solutions bij e-mailbericht van 11 juli 2020 als volgt bericht (eveneens productie 4 dagvaarding): “Geachte heer [naam bestuurder 2] , Bij deze dien ik per direct mijn ontslag in. De rede is de kilometer vergoeding en het uurloon zijn te laag volgens cao van de beveiliging. (..)” [naam bestuurder 2] heeft [naam medewerker 2] vervolgens in reactie hierop als volgt bericht. “Hierbij deel ik u mede dat u zich aan de wettelijke uitwerk tijd dient te houden. (..)” 2.13. Op 11 juli 2020 heeft [naam bestuurder 1] per e-mailbericht (productie 9 dagvaarding) [naam medewerker 2] als volgt bericht: “Jouw briefje met uitwerktijd is prima! En als je tijdens die tijd verlof opneemt per bv 1/8 dan kan je gewoon bij mij beginnen. Het enige wat hij dan kan doen is je ontslaan op basis van neven werkzaamheden..maar dat wil je juist (..) Ik heb [naam medewerker 1] ook al gezegd dat zodra je voor mij werkt, mocht dat nodig zijn, ik het gevecht met [naam bestuurder 2] aanga. Jullie worden onderdeel van mijn team.. en daar ga ik voor door het vuur (..) Desnoods leggen we een claim bij hem neer (..)” 2.14. [naam medewerker 3] heeft LBB Solutions in een e-mailbericht van 16 juli 2020 als volgt bericht (productie 4 dagvaarding): “(..) Vanaf 1 augustus 2020 stop ik [naam medewerker 3] , met werken bij LBB Solutions. Bedankt voor de fijne samenwerking. (..)” 2.15. [naam medewerker 1] is door LBB Solutions op 17 juli 2020 per direct op non-actief gesteld, nadat hij geen gehoor had gegeven aan een oproep tot een gesprek en enkele dagen later, op 21 juli 2018, op staande voet ontslagen (productie 13, 14 en 15 dagvaarding). 2.16. [naam bestuurder 1] heeft in een e-mailbericht van 17 juli 2020 gericht aan [naam medewerker 1] het volgende geschreven (productie 10 dagvaarding): “Ben benieuwd met wat hij verder komt.. Nu vooral hem ‘verkeerde’ dingen laten zeggen Tijdens jouw periode van non-actief biedt ik je bij deze een contractje aan.” 2.17. [naam bestuurder 2] heeft [naam bestuurder 1] op 21 juli 2020 onder meer als volgt bericht (productie 6 dagvaarding): “(..) Vervolgens heeft u mij de vraag voorgelegd of u in contact mocht treden met medewerkers van LBB, met als doel hen over te nemen. Ik ben daar niet mee akkoord gegaan. Tot mijn verbazing hebben vervolgens drie van mijn medewerkers ontslag genomen. (..) Zaterdag jl. is ook gebleken dat [naam medewerker 1] , in uw opdracht en met uw bedrijfskleding, beveiligingswerkzaamheden heeft verricht bij de Lidl te Nijmegen, terwijl deze opdracht aan LBB was uitbesteed en de heer [naam medewerker 1] op non-actief was gesteld. (..) Hierbij deel ik u mede dat alle werknemers van LBB Solutions, naast een verbod op nevenactiviteiten, ook een non-concurrentie-/relatiebeding in hun arbeidsovereenkomst hebben. Op grond van dit beding is het hen verboden om na einde dienstverband contacten te onderhouden met relaties van LBB, zulks op verbeurte van een boete van € 5.000,- per overtreding.” 2.18. [naam medewerker 1] heeft in een e-mail van 20 juli 2020 (met bijlagen) gericht aan NL-Security Planning het navolgende geschreven (productie 7 dagvaarding): “Hallo eerdere roosters vervallen Alles wat hier op rooster staat [naam medewerker 1] [naam medewerker 2] [naam medewerker 3] Mag bij nl in rooster gezet worden Bij onduidelijkheid mij bellen aub gr [naam medewerker 1] ” In de bijlagen, die de periode van maandag 20 juli 2020 tot en met zondag 2 augustus bestrijken, staan weekroosters (week 30 en 31) en daarop komen de namen [naam medewerker 2] , [naam medewerker 1] en [naam medewerker 3] voor. 2.19. [naam medewerker 1] is bij vonnis in kort geding van 18 september 2020 van de rechtbank Gelderland, locatie Nijmegen, onder meer veroordeeld om zijn werkzaamheden ten behoeve van NL Security te staken, alsmede tot betaling van de verbeurde contractuele boete wegens overtreding van het relatiebeding (productie 19 dagvaarding). 2.20. De tussen een zusteronderneming van NL Security, Envido Contractmanagement 4 BV, en [naam medewerker 1] respectievelijk [naam medewerker 2] gesloten arbeidsovereenkomsten zijn middels een vaststellingsovereenkomst met ingang van 21 september 2020 beëindigd (productie 20 dagvaarding). 2.21. [naam medewerker 1] en LBB Solutions zijn, voor zover hier van belang, in een vaststellingsovereenkomst van 13 januari 2021 overeengekomen dat [naam medewerker 1] nog een all-in bedrag aan LBB Solutions zal voldoen en dat het vonnis in kort geding van 18 september 2020 niet verder tenuitvoergelegd zal worden (productie 41 LBB Solutions). 2.22. [naam medewerker 3] heeft op 15 oktober 2020 het navolgende geschreven aan [naam bestuurder 1] (productie 7 NL Security): “Hierbij verklaar ik dat ik zelf gestopt ben bij LBB Security. Omdat geen werk meer was. En niemand heeft mij benadert om bij een ander bedrijf gaan werken. LBB heeft mij nooit een arbeidscontract gegeven (..)” 2.23. [naam medewerker 1] heeft op 19 oktober 2020 het navolgende geschreven aan [naam bestuurder 1] (productie 5 NL Security): “ [naam bestuurder 2] belde mij begin juli op dat nl de samen werking per 1 augustus had opgezegd ik heb hem toen gevraagd en hoe nu verder dan. toen begon hij te lachen en zei hij ik nog genoeg uren had om op te nemen om tot september uit te zinge en dat hij lbb solutions zou laten ploffen en dat ik maar voor ander werk moest zorgen.” 2.24. [naam medewerker 2] heeft op 20 oktober 2020 het navolgende geschreven aan [naam bestuurder 1] (productie 6 NL Security): “Hierbij verklaar ik (..) dat ik geen ontslag heb ingediend omdat [naam medewerker 1] dat gevraagd heeft maar omdat ik het niet meer eens was over het uurloon en kilometer vergoeding.” 3Het geschil 3.1. LBB Solutions vordert samengevat -, na wijziging van eis, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, NL Security: te veroordelen zich per direct te onthouden van het aangaan van en/of het uitvoering geven aan een arbeidsovereenkomst met de heer [naam medewerker 1] tot 31 december 2021, de heer [naam medewerker 2] tot vijf jaar na het einde van zijn dienstbetrekking en de heer [naam medewerker 3] , althans zich te onthouden van het door deze medewerkers direct of indirect laten verrichten van werkzaamheden voor of in opdracht van NL Security, op straffe van een dwangsom, te verbieden tot 1 augustus 2021 om direct of indirect zaken te (laten) doen of zakelijke contacten te (laten) onderhouden met klanten en/of relaties van LBB Solutions, waaronder in ieder geval [naam beveiligingsbedrijf] , Buddy Security en Mega Beveiliging, op straffe van een dwangsom, te veroordelen tot betaling van de door LBB Solutions geleden schade ad € 11.580,48, althans een in goede justitie te bepalen bedrag, te veroordelen tot vergoeding van de wettelijke rente over het toegewezen schadebedrag met ingang van 1 december 2020, althans de dag van dagvaarding, te veroordelen in de kosten van dit geding, te vermeerderen met de wettelijke rente, te veroordelen tot betaling van de (na)kosten indien niet binnen veertien dagen na dagtekening tot vrijwillige voldoening aan het vonnis wordt voldaan. 3.2. LBB Solutions legt aan haar vorderingen het navolgende ten grondslag. LBB Solutions stelt dat NL Security, op basis van een vooropgezet plan, [naam medewerker 1] , [naam medewerker 2] en [naam medewerker 3] ertoe heeft bewogen om hun dienstverband te beëindigen en het in hun arbeidsovereenkomsten met LBB Security opgenomen verbod op het verrichten van nevenwerkzaamheden te overtreden, zodanig dat zij door LBB Solutions op non-actief werden gesteld en eerder bij (een zusteronderneming van) NL Security in dienst konden treden. Aan medewerkers van LBB Solutions werd door NL Security voorgehouden dat ze niet conform de CAO werden betaald, hetgeen voor onrust zorgde. NL Security heeft daarnaast stelselmatig – in ieder geval vanaf februari 2020 – opdrachten, en daarmee omzet, weggehaald bij LBB Solutions en daarmee ook het bedrijfsdebiet van LBB Solutions ernstig aangetast. Verder zijn, via bemiddeling van [naam medewerker 1] , onderaannemers van LBB Solutions, te weten Buddy Security, [naam beveiligingsbedrijf] en Mega Beveiliging ingezet om voor NL Security werkzaamheden te verrichten. Daardoor is LBB Solutions de mogelijkheid ontnomen om haar onderneming voort te zetten. Volgens LBB Solutions leveren deze gedragingen primair een onrechtmatige daad op. Subsidiair stelt LBB Solutions dat NL Security tekortgeschoten is in de nakoming van de met LBB Solutions gesloten overeenkomst, meer specifiek omdat zij in strijd met artikel 22 van de algemene voorwaarden heeft gehandeld. Voorts betoogt LBB Solutions dat sprake is van een duurovereenkomst tussen partijen en dat NL Security gehouden was om een redelijke opzegtermijn in acht te nemen. Het gevolg van de handelwijze van NL Security is dat LBB Solutions schade heeft geleden. LBB Solutions kon geen werknemers en ook geen onderaannemers meer inzetten en zij kon daardoor ook geen opdrachten meer aannemen. In de periode tussen augustus 2020 tot december 2020 heeft LBB Solutions door toedoen van NL Security geen omzet meer gerealiseerd. Tussen de handelwijze van NL Security en de door LBB Solutions geleden schade bestaat een causaal verband, aldus LBB Solutions. 3.3. NL Security betwist de vorderingen en voert daartegen verweer. NL Security heeft [naam medewerker 1] , [naam medewerker 2] en [naam medewerker 3] niet bewogen om hun dienstverband bij LBB Solutions op te zeggen, van “ronselen” of “stelselmatig benaderen” is al zeker geen sprake. NL Security verwijst in dat verband naar de door haar als productie 5, 6 en 7 ingebrachte verklaringen van de betreffende medewerkers. [naam medewerker 1] , [naam medewerker 2] en [naam medewerker 3] zijn op eigen initiatief in contact getreden met NL Security en hebben om advies gevraagd. Personeelsleden van LBB Solutions hebben destijds te kennen gegeven dat de bestuurder van LBB Solutions, [naam bestuurder 2] , had aangegeven dat het wegvallen van NL Security er waarschijnlijk toe zou leiden dat LBB Solutions zou ophouden te bestaan en dat [naam bestuurder 2] LBB Solutions dan zou laten “ploffen”. NL Security verwijst in dit verband (ook) naar een verklaring van de vriendin van [naam medewerker 1] (productie 8 conclusie van antwoord). De werknemers van LBB Solutions zouden, indien LBB Solutions in de problemen zou komen, sowieso ander werk moeten gaan zoeken. De werknemers van LBB Solutions werden bovendien ernstig onderbetaald. NL Security heeft met goede bedoelingen het personeel over willen nemen. NL Security kon er, gelet op het door haar als productie 3 ingebrachte artikel 12 lid 3 van de CAO Particuliere Beveiliging, destijds in redelijkheid van uitgaan dat geen sprake was van een rechtsgeldig non-concurrentiebeding. In artikel 12 lid 3 van de CAO Particuliere Beveiliging staat dat het de werkgever verboden is om een concurrentiebeding in de arbeidsovereenkomst op te nemen. Met [naam medewerker 3] was in elk geval geen concurrentiebeding overeengekomen, nu geen schriftelijke arbeidsovereenkomst met hem bestond. [naam medewerker 1] , [naam medewerker 2] en [naam medewerker 3] zijn pas werkzaam geworden voor NL Security na het einde van hun dienstverband bij LBB Solutions. Het is bovendien in de branche gebruikelijk dat grote beveiligingsbedrijven gebruik maken van kleinere beveiligingsbedrijven als onderaannemer en dat exclusiviteit daarbij niet aan de orde is. Van een niet rechtsgeldige opzegging van de overeenkomst met LBB Solutions is geen sprake. De overeenkomst tussen partijen kan niet gekwalificeerd worden als een duurovereenkomst, maar als dat anders zou zijn, dan is de gehanteerde opzegtermijn van één maand niet in strijd met de redelijkheid en billijkheid. NL Security betwist voorts het bestaan van een causaal verband tussen de door LBB Solutions gestelde onrechtmatige gedragingen en enige schade. Ten slotte betwist NL Security ook de omvang van de door LBB Solutions gestelde schade. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling Verbod tewerkstellen oud-werknemers van LBB Solutions (vordering
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.