vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/294622 / HA ZA 21-381 Vonnis van 31 augustus 2022 in de zaak van [eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser, advocaat mr. S.M.M. Hamers, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde, advocaat mr. H.H.G. Theunissen. Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 20 oktober 2021 het proces-verbaal van descente en aansluitende mondelinge behandeling van 25 mei 2022 de brief van 2 juni 2022 van [gedaagde] de brief van 7 juni 2022 van [eiser] de brieven van 15 juni 2022 van de griffie van de rechtbank aan partijen, waarin wordt meegedeeld dat er geen aanleiding bestaat het proces-verbaal aan te passen en dat de brieven van partijen van 2 respectievelijk 7 juni 2022 aan het dossier worden toegevoegd. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- [eiser] en [gedaagde] zijn (schuin)achterburen. De achtertuin van [eiser] grenst aan de achtertuin van [gedaagde] . 2.1.
- [eiser] is (samen met zijn partner mw. [naam partner] ) eigenaar van het perceel met woning aan de [adres 1] te [woonplaats] . 2.1.
- [gedaagde] is eigenaar van het perceel met woning aan de [adres 2] te [woonplaats] . 2.1.
- Op de onderstaande foto (links) is het perceel van [eiser] geel omlijnd en het perceel van [gedaagde] blauw. Op de foto rechts zijn beide percelen met een “X” gemarkeerd. 2.
- In opdracht van [eiser] heeft het kadaster op 5 februari 2021 een grensreconstructie uitgevoerd. Het resultaat hiervan is neergelegd in het Relaas van bevindingen (productie 2 en 3 dagvaarding, hieronder grafisch weergegeven). 2.
- Tussen partijen bestaat geen geschil over de loop van de kadastrale grens, die daarmee vaststaat.
- Het geschil 3.
- [eiser] vordert bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: - [gedaagde] te gebieden om de aangebrachte zaken, waaronder in ieder geval een deel van de schutting van [gedaagde] alsmede aangebrachte (kiezel)stenen, op het perceel van [eiser] te verwijderen of te verplaatsen zodat dit zich op de kadastrale grens bevindt binnen zeven dagen na het wijzen van vonnis dan wel het betekenen van het vonnis en verwijderd te houden, onder verbeurte van een dwangsom ter hoogte van € 500,00 per dag dat er geen uitvoering wordt gegeven aan het vonnis, met een maximum van € 5.000,00, althans een en ander onder verbeurte van een dwangsom ter hoogte van een door de rechtbank vast te stellen bedrag met een door de rechtbank vast te stellen maximum; - [gedaagde] te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten van € 875,00 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening; - [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten van deze procedure, waaronder het salaris van de gemachtigde en de nakosten, vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:199 BW over de kosten vanaf 14 dagen na het in dezen te wijzen vonnis, althans een in goede justitie redelijk geachte termijn, tot aan de dag der algehele voldoening; althans een zodanige beslissing als de rechtbank in goede justitie vermeent te behoren. 3.
- [gedaagde] voert verweer. 3.
- Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling 4.
- De rechtbank benadrukt dat tussen partijen geen geschil bestaat over de loop van de kadastrale grens. Tussen partijen is wél een geschil over de groene schutting van [gedaagde] : staat deze op het perceel van [gedaagde] of, zoals [eiser] betoogt, op het perceel van [eiser] ? 4.
- Uit het relaas van bevindingen van het kadaster van 5 februari 2021 (productie 2 bij dagvaarding) blijkt dat er geen pinnen in de grond zijn geslagen, maar dat de grenzen zijn aangegeven met vier krijtstrepen, die inmiddels zijn vervaagd en/of niet meer zichtbaar zijn. De rechtbank acht het dan ook raadzaam nogmaals een plaatsopneming en bezichtiging te bevelen, die gecombineerd zal worden met een mondelinge behandeling van partijen tot het geven van inlichtingen en tot het beproeven van een regeling, waarbij de rechtbank zich tijdens deze gerechtelijke plaatsopneming en bezichtiging wenst te laten vergezellen door een landmeter van het kadaster die de grens (nogmaals) visueel zichtbaar zal maken en aldus zal duiden waar de grens feitelijk loopt, zodat de rechtbank vervolgens kan vaststellen op welk perceel de groene schutting staat. 4.
- Desgevraagd heeft het Kadaster laten weten dat de grensreconstructie twee grenzen betreft, waarbij de hoekpunt kosteloos is, hetgeen € 920,00 bedraagt. In beginsel kan volgens het Kadaster op een termijn van 4 weken een afspraak worden ingepland. Bij de offerte voor de grensreconstructie heeft het Kadaster door haar gehanteerde algemene voorwaarden meegestuurd, die de rechtbank gehecht heeft aan dit vonnis. 4.
- De rechtbank stelt partijen in de gelegenheid bij akte te reageren op het voornemen tot een tweede descente in het bijzijn van een medewerker van het Kadaster en op het voorschot van het Kadaster van € 920,
- Ook dienen partijen zich er over uit te laten of zij in kunnen stemmen met toepasselijkheid van de aangehechte algemene voorwaarden van het Kadaster. 4.
- De rechtbank ziet geen aanleiding om af te wijken van het uitgangspunt van de wet (artikel 195 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering) dat het voorschot op de kosten van de deskundige in beginsel door de eisende partij moet worden gedeponeerd. Dit voorschot van € 920,00 zal daarom door [eiser] moeten worden betaald. 4.
- De rechtbank zal partijen tevens verzoeken bij akte om opgave verhinderdata voor de maanden november 2022 tot en met maart 2023 door te geven. 4.
- In afwachting van de akte houdt de rechtbank iedere verdere beslissing aan. 5De beslissing De rechtbank 5.
- stelt partijen in de gelegenheid zich uit te laten over hetgeen onder rov. 4.
- en 4.
- staat, 5.
- houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken op 31 augustus
- type: JC