← Nederland

ECLI:NL:RBLIM:2022:7732

RECHTBANK LIMBURG Zittingsplaats Roermond Bestuursrecht zaaknummer: ROE 20/3256 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 september 2022 in de zaak tussen ben Vitaal B.V. met statutaire zetel in Maastricht-Airport (hierna: ben Vitaal) en de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, eerder de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (hierna: de minister). Inleiding Met het besluit van 23 oktober 2020 (het bestreden besluit) heeft de minister het bezwaar dat ben Vitaal namens Healthcenter Zuidplas B.V. (hierna: Healthcenter) heeft ingediend tegen zijn besluit van 11 juni 2020 ongegrond verklaard. Met het besluit van 11 juni 2020 heeft de minister de aan Healthcenter verleende ESF-subsidie vastgesteld op nihil. De rechtbank heeft het beroep van ben Vitaal gericht tegen het bestreden besluit behandeld op de zitting van 27 september

  1. Ben Vitaal heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde J.C.P. Poulissen. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigden: B. Jansen, R.A. van der Oord en Y.J. Gervendinck. Na afloop van de behandeling van het beroep heeft de rechtbank onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan. De rechtbank heeft de volgende beslissing uitgesproken en de gronden daarvan genoemd. Deze gronden worden na de beslissing nader gemotiveerd. Beslissing Het beroep is niet-ontvankelijk. De gronden van de beslissing
  2. De reden voor de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep van ben Vitaal is dat ben Vitaal niet in beroep kan komen tegen het bestreden besluit. Tegen een besluit kan beroep worden ingesteld door een belanghebbende. Dat staat in artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Belanghebbende is degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Dat staat in artikel 1:2, eerste lid, van de Awb. Ben Vitaal is geen belanghebbende bij het bestreden besluit, omdat zij geen rechtstreeks belang heeft bij het bestreden besluit.
  3. Healthcenter is de aanvrager en ontvanger van de subsidie waarover het bestreden besluit gaat, en niet ben Vitaal. Ben Vitaal heeft een van Healthcenter afgeleid belang bij dat besluit, omdat Healthcenter en ben Vitaal hebben afgesproken dat Healthcenter ben Vitaal met het subsidiegeld betaalt. Ben Vitaal kan alleen een rechtstreeks belang bij het bestreden besluit hebben als zij door het bestreden besluit in een fundamenteel recht wordt geraakt. Dat is niet gebleken. Ben Vitaal loopt door het bestreden besluit inkomsten mis. De gemachtigde van ben Vitaal heeft ter zitting gezegd dat dit voor ben Vitaal het enige gevolg is van het bestreden besluit. Met dat gevolg -hoe vervelend ook- komt het bestreden besluit niet aan een fundamenteel recht van ben Vitaal. Ben Vitaal heeft daarom geen rechtstreeks belang bij het bestreden besluit. Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door mr. P.H. Broier, rechter, in aanwezigheid van mr. A.W.C.M. Frings, griffier. Griffier rechter Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op: 7 oktober 2022 Informatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met de uitspraak in dit proces-verbaal kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Zij legt daarin uit waarom zij het niet eens is met de uitspraak. Zij moet het hogerberoepschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. Als de indiener van het hogerberoepschrift de behandeling van het hoger beroep niet kan afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. De rechtbank vindt steun voor haar oordeel in de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 26 juni 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:1984 en ECLI:NL:RVS:2019:2022)

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.