vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/Bero / HA ZA 22-307 Vonnis in verzet van 21 juni 2023 in de zaak van
(14)heeft betwist. In zoverre wordt dus als vaststaand aangenomen dat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] de boeteclausule ten aanzien van personen uit de privé omgeving van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] heeft overtreden. 4.
- Ten aanzien van de overig gestelde keren dat personen uit de privé omgeving van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] zouden zijn benaderd, heeft Distro in reactie op het verweer van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] niets concreets aangevoerd. Een verdere toelichting - die zou moeten inhouden welke relatie de bedoelde personen tot [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] , voor [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] kenbaar, hebben waardoor zij kunnen worden geacht te behoren tot zijn privé omgeving - ontbreekt derhalve, wat gezien het verweer van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] wel van Distro verwacht mocht worden. Buiten het benaderen van [naam 2] kan dus geen overtreding van de boeteclausule ‘privé’ worden vastgesteld. 4.
- De tussenconclusie is dat Distro op basis van de boeteclausules in de overeenkomst van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] ([31 x € 1.000,00] + [14 x € 5.000,00] =) € 101.000,00 te vorderen heeft. 4.
- [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] heeft nog gesteld dat een eventueel verschuldigde boete zou moeten worden gematigd. Zij heeft daartoe echter alleen gesteld dat de boete ‘torenhoog’ is en in strijd met de redelijkheid en billijkheid ‘ex artikel 6:2 BW’. Dat is echter een te algemene en daarmee onvoldoende onderbouwing van een beroep op matiging, waarvoor (ex artikel 6:94 lid 1 BW) is vereist dat de billijkheid dit klaarblijkelijk eist. Het beroep op matiging wordt dus niet gehonoreerd, wat ook betekent dat vordering IV in reconventie zal worden afgewezen (voor zover dat al kan worden gezien als een zelfstandige vordering). 4.
- De eindconclusie is dat de vorderingen I (primair) en II in conventie ten aanzien van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] toewijsbaar zijn tot het gevorderde bedrag van € 96.950,
- Daarvan maakt deel uit een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten waarvan door Distro onweersproken is gesteld dat dit € 1.744,50 bedraagt en tegen de verschuldigdheid waarvan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] geen verweer heeft gevoerd. Ook maakt van dit bedrag deel uit de (niet nader gespecificeerde) wettelijke rente tot aan de dag van dagvaarding. Dient [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] immateriële schade van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] te vergoeden? 4.
- [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] vordert tevens veroordeling van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] tot vergoeding aan hem van geleden immateriële schade ter hoogte van € 3.000,00, althans zo moet vordering III in conventie kennelijk worden begrepen. [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] stelt dat de uitlatingen van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] een aantasting in de eer en goede naam van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] opleveren. Hij verwijst daartoe concreet naar twee zinsnedes uit e-mails van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] (al dan niet namens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] ) van 31 januari en 1 februari
- Het betreft de zinsnedes ‘En in een bizarre toestand waarbij deze oplichter me alles ontnam! Ik herhaal oplichter’ respectievelijk ‘Je pikt. Je sexueel intimideert… Liegt jaren en misbruikt vrouwen’ 4.
- [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] heeft ten verwere aangevoerd dat de gestelde immateriële schade op geen enkele wijze is onderbouwd. [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] heeft deze vordering vervolgens niet meer toegelicht. 4.
- De rechtbank is het met [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] eens dat [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] zijn aanspraak onvoldoende heeft onderbouwd. Daarop wordt voorop gesteld dat [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] deze aanspraak kennelijk baseert op een veelheid van berichten en de gevolgen die dat voor hem heeft gehad. Bij de onderbouwing van de vordering verwijst [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] echter alleen naar de twee hiervoor geciteerde zinsnedes uit twee berichten. De inhoud van overige in dit kader mogelijk relevante berichten is niet geciteerd of anderszins concreet geduid, zodat die berichten geen rol kunnen spelen bij de beoordeling van de hier besproken vordering. Verder is van belang dat van aantasting van eer of goed naam slechts sprake kan zijn als derden van de betreffende uitingen kennis nemen. Het citaat uit de e-mail van 1 februari 2022 lijkt te komen uit een bericht dat aan [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] is gericht. In ieder geval had het op de weg van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] gelegen om op dit punt duidelijkheid te verschaffen, bij gebreke waarvan hij zijn standpunt in zoverre onvoldoende heeft onderbouwd. Wat overblijft is de zinsnede uit het e-mailbericht van 31 januari
- Van dat bericht kan worden aangenomen dat het (mede) aan een ander dan [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] is gericht. Ook is het duidelijk diffamerend van aard. De rechtbank kan bij de beantwoording van de vraag of er aanleiding is een immateriële schadevergoeding toe te kennen zoals gezegd echter alleen acht slaan op dit bericht en moet verder vaststellen dat over de gevolgen niet meer is gesteld dan dat het werkplezier van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] er door verminderd is. Over alle uitlatingen tijdens de mondelinge behandeling nog gezegd dat deze ten koste gaan van de reputatie van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] en dat het impact heeft op zijn psychische gesteldheid. Deze algemene toelichting in combinatie met het ene hier in aanmerking te nemen concrete bericht, acht de rechtbank geen aanleiding geven voor het toekennen van een immateriële schadevergoeding. 4.
- Vordering III in conventie zal dus alsnog worden afgewezen. Verbod tot het doen van uitlatingen 4.
- Tegen vordering IV in conventie is ook in de verzetprocedure geen enkel verweer gevoerd, zodat deze aldus nog immer onweersproken vordering in stand zal moeten blijven. Tot slot 4.
- Aangezien de buitengerechtelijke werkzaamheden namens Distro en/of [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] kennelijk zijn verricht ten behoeve van de verzekering van de rechten van deze partijen op basis van de overeenkomst en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] geen partij is bij die overeenkomst, is er geen aanleiding om [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] te veroordelen tot het vergoeden van de gemaakte kosten. De vordering ter zake voor zover gericht tegen [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] zal dus worden afgewezen. 4.
- In conventie worden Distro en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] deels in het ongelijk gesteld. Tussen hen zullen daarom de proceskosten worden gecompenseerd, in die zin dat ieder zowel in de verstekprocedure als in de verzetprocedure de eigen kosten draagt. De vorderingen van Distro op [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] zoals toegewezen in het verstekvonnis blijven in stand, zodat datzelfde moet gelden voor de proceskostenveroordeling van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] ten gunste van Distro. Daarnaast wordt [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] veroordeeld in de proceskosten in conventie in de verzetprocedure, die worden begroot op € 1.183,00 aan salaris advocaat (1 punt x tarief € € 1.183,00). De vorderingen van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] jegens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] worden alsnog afgewezen. [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] zal daarom veroordeeld moeten worden in de proceskosten. Aangezien echter nagenoeg geen proceshandelingen zijn verricht ter zake van vorderingen van alleen [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] , zullen de proceskosten worden begroot op nihil. 4.
- Het verstekvonnis zal op grond van het vorenstaande worden vernietigd, voor zover daarin vorderingen zijn toegewezen die alsnog moeten worden afgewezen. Voor het overige zal dit vonnis op genoemde gronden worden bekrachtigd. 4.
- In reconventie zullen [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Distro en [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] worden begroot op € 598,00 salaris advocaat (2,0 punten × factor 0,5 × tarief € 598,00). 5De beslissing De rechtbank in conventie 5.
- vernietigt het door deze rechtbank op 25 mei 2022 onder zaaknummer / rolnummer 304282 / HA ZA 22/183 gewezen verstekvonnis, voor zover daarin: - onder 3.1., 3.2., 3.3., 3.
- en 3.
- vorderingen tegen [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] zijn toegewezen, - onder 3.2., 3.
- en 3.
- vorderingen van [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] tegen [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] zijn toegewezen, en wijst het betreffende deel van de vorderingen alsnog af, 5.
- bekrachtigt het verstekvonnis voor het overige, 5.
- compenseert de kosten van de procedure tussen Distro en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] , in die zin dat iedere partij zowel in de verstekprocedure als in de verzetprocedure de eigen kosten draagt, 5.
- veroordeelt [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] in de proceskosten van Distro in de verzetprocedure, tot op heden begroot op € 1.183,00, 5.
- veroordeelt [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] in de proceskosten van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] in de verstekprocedure en de verzetprocedure, aan de zijde van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] tot op heden begroot op nihil, in reconventie 5.
- wijst de vorderingen af, 5.
- veroordeelt [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 1] en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, eiseres in het verzet sub 2] in de proceskosten, aan de zijde van Distro en [eiser inconventie, gedaagde in het verzet sub 2] tot op heden begroot op € 598,00, 5.
- verklaart dit vonnis in reconventie wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. B.R.M. de Bruijn en in het openbaar uitgesproken op 21 juni
- type: BdB coll: