← Nederland

ECLI:NL:RBLIM:2024:10219

RECHTBANK LIMBURG Zittingsplaats Maastricht Familie en jeugd Datum uitspraak: 12 augustus 2024 Zaaknummer: C/03/332842 / FA RK 24-2353 De enkelvoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft de volgende beschikking gegeven inzake: [verzoekster] , verzoekster, wonend te Kerkrade, advocaat mr. E.P.J. Appelman, kantoor houdend te Alkmaar. 1Het verloop van de procedure 1.

  1. Op 10 juli 2024 is bij de griffie een verzoekschrift ingekomen. 2De feiten 2.
  2. Verzoekster is op [geboortedatum] 1968 te [geboorteplaats] geboren. 2.
  3. De geboorteakte van verzoekster komt voor in het register van de burgerlijke stand van de gemeente Venlo in het jaar 1968 onder aktenummer
  4. 2.
  5. In de basisregistratie personen is verzoekster geregistreerd met de Nederlandse nationaliteit. 3Het verzoek 3.
  6. Het verzoek strekt ertoe dat de rechtbank de wijziging zal gelasten van de eerste voornaam van verzoekster, in die zin dat deze wordt gewijzigd in ‘ [voornaam 1] ’. 4De beoordeling 4.
  7. Artikel 1:4 lid 4 van het Burgerlijk Wetboek (BW) geeft de rechter de (discretionaire) bevoegdheid op verzoek van de betrokken persoon of van zijn wettelijke vertegenwoordiger de wijziging te gelasten van zijn voornamen. 4.
  8. Op grond van voornoemd artikel moet voor een wijziging van de voornamen een voldoende zwaarwichtig belang bestaan. Bepalend bij de vraag of sprake is van een zwaarwichtig belang, is de mate van ongemak en/of overlast die de betrokkene in het dagelijks leven van zijn voornamen ondervindt. Daarbij dienen alle feiten en omstandigheden te worden meegewogen. Verder moet het verzoek worden getoetst aan artikel 1:4 lid 2 BW en moet worden beoordeeld of de gewenste voornamen niet ongepast zijn of overeenstemmen met bestaande geslachtsnamen, tenzij deze tevens gebruikelijke voornamen zijn. 4.
  9. De rechtbank is van oordeel dat verzoekster met de door haar gegeven schriftelijke toelichting voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij in het dagelijks leven veel hinder ondervindt van de door haar ouders gekozen voornaam [voornaam 2] . Daartoe overweegt de rechtbank als volgt. 4.
  10. Verzoekster heeft in haar jeugd het nodige meegemaakt en zij had een zeer slechte band met haar beide ouders. Inmiddels heeft zij met beide ouders helemaal geen contact meer. Volgens verzoekster vertelden haar ouders haar regelmatig dat zij niet gewenst was, maar dat ze het wel ironisch vonden om haar juist de naam ‘ [voornaam 2] ’ te geven. Verzoekster heeft therapie gevolgd om haar verleden en de band die zij met haar ouders heeft een plek te geven. Verzoekster heeft vervolgens besloten om de roepnaam ‘ [voornaam 1] ’ te gebruiken, een naam die haar gelukkig maakt. Deze naam staat voor verzoekster symbool aan de tranen die zij heeft moeten laten, maar tegelijkertijd ook aan de weggewassen pijn. De naam ‘ [voornaam 1] ’ is haar identiteit en persoonlijkheid en niet de naam ‘ [voornaam 2] ’. Dat verzoekster, met name bij officiële aangelegenheden, nog geconfronteerd wordt met deze naam, belemmert haar dan ook in haar geluksgevoel. Verzoekster wil zich graag richten op de toekomst en meent dat zij met een voornaamswijziging een negatief hoofdstuk in haar leven kan afsluiten. Daarmee is het zwaarwichtige belang bij de verzochte voornaamswijziging voldoende komen vast te staan. 4.
  11. Niet gebleken is van beletselen als bedoeld in artikel 1:4 lid 2 BW. Gezien het vorenstaande zal het verzoek tot wijziging van de naam van verzoekster worden toegewezen, in die zin dat de voornaam ‘ [voornaam 2] ’ komt te vervallen en wordt gewijzigd in ‘ [voornaam 1] ’. 4.
  12. Ingevolge artikel 1:4 lid 4 BW geschiedt de wijziging van de voornaam doordat van de beschikking een latere vermelding aan de akte van geboorte van de betrokken persoon wordt toegevoegd, overeenkomstig artikel 1:20a lid 1 BW. In verband daarmee dient de griffier niet eerder dan drie maanden na de dag van deze beschikking, en voor zover daartegen geen hoger beroep is ingesteld, een afschrift van de beschikking te zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Venlo in wiens registers de geboorteakte van verzoekster voorkomt. 5De beslissing De rechtbank: 5.
  13. gelast de wijziging van de voornaam van [verzoekster] , geboren [geboortedatum] 1968 te [geboorteplaats] , in die zin dat de eerste voornaam ‘ [voornaam 2] ’ wordt vervangen, zodat de volledige naam komt te luiden: ‘ [verzoekster] ’; 5.
  14. bepaalt dat de griffier op de voet van het bepaalde in artikel 1:20e lid 1 BW niet eerder dan drie maanden na de dag van deze beschikking een afschrift daarvan zal zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Venlo, dit met het oog op het bepaalde in artikel 1:20 lid 1 en onder a, BW juncto artikel 1:20a lid 1 BW. Deze beschikking is gegeven door mr. M.E. Salemans-Wijnen, rechter en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier op 12 augustus
  15. CS Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch: a. door de verzoekende partij en degenen aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden, binnen 3 maanden na de dag van de uitspraak; b. door andere belanghebbenden binnen 3 maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.