← Nederland

ECLI:NL:RBLIM:2024:10336

RECHTBANK LIMBURG Zittingsplaats Maastricht Familie en jeugd Datum uitspraak: 29 januari 2024 Zaaknummer: C/03/326109 / FA RK 24-30 De enkelvoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft de navolgende beschikking gegeven inzake: [moeder] , verzoekster, verder te noemen: de moeder, wonend in [plaatsnaam] , advocaat mr. J.E.A. Hendrix, gevestigd in Geleen, gemeente Sittard-Geleen, en: [vader] , wederpartij, verder te noemen: de vader, zonder bekende woon- of verblijfplaats in of buiten Nederland, geen advocaat. 1Het verloop van de procedure Het procesverloop blijkt uit: - het verzoekschrift van de moeder, binnengekomen bij de rechtbank op 5 januari

  1. 2De feiten 2.
  2. [het kind] (roepnaam: [het kind] ) is geboren te Aruba op [datum] 2013 uit de inmiddels beëindigde relatie tussen de moeder en de vader. 2.
  3. [het kind] is erkend door de vader. 2.
  4. De ouders hebben gezamenlijk het gezag over [het kind] . [het kind] verblijft bij de moeder. 3Het verzoek De moeder heeft verzocht, uitvoerbaar bij voorraad, het gezamenlijk gezag te beëindigen, zo begrijpt de rechtbank het verzoek, en te bepalen dat zij voortaan alleen het gezag zal uitoefenen over [het kind] . 4De beoordeling 4.
  5. Conform artikel 278 in samenhang gelezen met artikel 799 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en artikel 2.
  6. van het Procesreglement Gezag en Omgang vermeldt een verzoekschrift de voornamen, naam en woonplaats, dan wel – bij gebreke van een woonplaats in Nederland – de werkelijke verblijfplaats van de verzoeker en van alle belanghebbenden en worden, voor zover nodig, bij het verzoekschrift de bescheiden die kunnen dienen tot bewijs van de gestelde feiten overgelegd. 4.
  7. Ten aanzien (van de woon- of verblijfplaats) van de vader stelt de moeder dat, voor zover haar bekend, de vader [plaatsnaam] in Aruba heeft verlaten en naar Colombia is vertrokken. De moeder weet niet of de vader daarna verder is gereisd. Zij krijgt geen contact meer met de vader en navraag bij de burgerlijke stand van Aruba heeft tot niets geleid. 4.
  8. De rechtbank is gebleken dat de moeder in elk geval bekend is met het vertrek van de vader naar Columbia. Tevens stelt de moeder dat zij nog banden heeft met Aruba en daar familie heeft wonen. Verder stelt de moeder dat mocht de vader gevonden worden, wat tot op heden niet is gelukt, hij in het geheel niet kan inschatten of een beslissing in het belang is van [het kind] . Daaruit leidt de rechtbank af dat er nog steeds pogingen worden ondernomen om de vader te vinden, maar de moeder heeft daarover verder niets gesteld. Gelet op het al voorgaande is de rechtbank van oordeel, gezien de summiere stellingen van de moeder en mede gelet op het verstrekkende verzoek van de moeder, dat zij op dit moment niet heeft aangetoond dat zij zich voldoende heeft ingespannen het adres/de verblijfplaats van de vader te achterhalen. Het had op haar weg gelegen om aan te tonen wat zij tot op heden heeft ondernomen om het adres/de verblijfplaats van de vader te achterhalen. De rechtbank zal de moeder daarom in de gelegenheid stellen alsnog de gegevens met betrekking tot het adres/de verblijfplaats van de vader over te leggen aan de rechtbank dan wel aan te tonen wat zij heeft ondernomen om het adres/de verblijfplaats van de vader te achterhalen zodat de vader in kennis kan worden gesteld van het verzoekschrift en deugdelijk kan worden opgeroepen voor een mondelinge behandeling. Daarbij denkt de rechtbank aan het aanschrijven van de vader, al dan niet door de advocaat van de moeder, via e-mail, telefonisch, via sociale media, de familie (van de vader) en, indien van toepassing, via de daartoe bevoegde autoriteiten, zoals een ambassade en/of een consulaat. 5De beslissing De rechtbank: bepaalt dat de moeder binnen drie maanden, derhalve uiterlijk 29 april 2024, de gegevens met betrekking tot het adres/de verblijfplaats van de vader dient over te leggen dan wel dient aan te tonen wat zij heeft ondernomen om het adres/de verblijfplaats van de vader te achterhalen, waarna de rechtbank een beslissing zal nemen over het verdere verloop van de procedure; houdt iedere verdere beslissing aan. Deze beschikking is gegeven door mr. M.A.M. van Uum, kinderrechter en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van S.L.M. Heijnens, griffier op 29 januari 2024.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.