RECHTBANK LIMBURG Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Maastricht Zaaknummer: 10567079 \ CV EXPL 23-2596 Vonnis van 24 april 2024 in de zaak van [eiseres] , te [woonplaats 1] , eisende partij, hierna te noemen: [eiseres] , gemachtigde: mr. I.P. Rietveld, tegen 1 [gedaagde sub 1] , te [vestigingsplaats] , hierna te noemen: [gedaagde sub 1]2. [gedaagde sub 2], te [woonplaats 2] , hierna te noemen: [gedaagde sub 2] ,3. [gedaagde sub 3], te [woonplaats 2] , hierna te noemen: [gedaagde sub 3] , gedaagde partijen, gemachtigde: mr. J.L.H. Holthuijsen. 1De zaak in het kort In deze zaak gaat het om een puppy die [eiseres] van [gedaagde sub 1] heeft gekocht. Kort na de levering werd de puppy ziek en is behandeld door een dierenarts. Uiteindelijk heeft [eiseres] de puppy laten inslapen. [eiseres] wil de koopprijs terug en een vergoeding van onder andere de dierenarts- en crematiekosten. Volgens [gedaagde sub 1] kan daar geen sprake van zijn. De kantonrechter stelt [eiseres] in het gelijk. 2De procedure 2.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding met producties 1-8 - de conclusie van antwoord met producties 1-11 - de conclusie van repliek met productie 10-14 - de conclusie van dupliek. 2.2. Vervolgens is vonnis bepaald. 3De feiten 3.1. [eiseres] is op 24 oktober 2022 met [gedaagde sub 1] een koopovereenkomst aangegaan voor de koop van een hond van het ras Pomeranian (hierna: de puppy) voor een koopprijs van € 4.250,00. 3.2. Op 11 november 2022 heeft [eiseres] de puppy opgehaald bij [gedaagde sub 1] . 3.3. Op 28 november 2022 is [eiseres] voor een eerste controle met de puppy naar de dierenarts (MD in Arnhem, hierna de dierenarts) gegaan. De puppy had toen ontstoken oogjes, was snotterig en had dunne ontlasting. 3.4. Op 2 december 2022 is [eiseres] met de puppy naar het dierenziekenhuis (Evidensia te Arnhem) gegaan. De puppy was op dat moment sloom, had diarree en had gebraakt en wilde niet eten en drinken, leek een probleem met de luchtwegen te hebben en had een licht gespannen buik. Na medicatietoediening is de puppy laat op de avond door [eiseres] mee naar huis genomen. 3.5. Op 5 december 2022 heeft [eiseres] een paar keer met de dierenarts gebeld. Volgens het dossier van de dierenarts gaat het dan nog steeds niet goed met de puppy, die vrijwel niets eet en slap is. Drinken doet ze wel en braken en diarree zijn onder controle. [eiseres] bespreekt met de dierenarts het advies van [gedaagde sub 1] om een glucose boost te geven. Zij ziet dat niet zitten. Ook de dierenarts noteert dat hem dat enkel symptoom-verbloemend lijkt te werken. 3.6. Op 21 december 2022 is [eiseres] opnieuw met de puppy naar het dierenziekenhuis gegaan. Uit het dossier van het ziekenhuis blijkt dat de puppy sinds de dag ervoor bijna elk half uur epiletiforme aanvallen had van steeds 2 tot 3 minuten. Er is dat op moment een verdenking van Distemper. Er wordt een swab afgenomen en naar het laboratorium gestuurd. De puppy wordt opgenomen (van 21 tot en met 25 december 2022) en behandeld. Uit het dossier blijkt dat de puppy last heeft van ernstige tremoren, uitval aan de rechterkant, niet meer kan zien en meerdere neurologische afwijkingen laat zien. Op 23 december 2022 wordt door de dierenarts euthanasie als een reële optie gepresenteerd. Op 25 december 2022 lijkt de situatie wat meer stabiel. Er zijn nog wel erge tremoren, maar de puppy kan opstaan. Er is goede eetlust en ook de ontlasting is goed. De puppy is duidelijk blind. De puppy gaat met [eiseres] mee naar huis. 3.7. Op 26 december 2022 belt [eiseres] met het dierenziekenhuis. De puppy heeft weer drie aanvallen in één uur gehad. Ze krijgt medicatieadvies. 3.8. Op 28 december 2022 komt de uitslag van test. In het dossier staat dat uit onderzoek een enorm hoge titer komt voor Distemper. Te hoog voor een vaccinatiereactie. Kan alleen een natuurlijke infectie zijn. Op dat moment gaat het naar omstandigheden goed met de puppy, ze kan zelfstandig lopen maar valt wel met regelmaat om. 3.9. De puppy is op 30 december 2022 ingeslapen. Diezelfde dag heeft [eiseres] dit, na een vraag van [gedaagde sub 1] hoe het met de puppy ging, via Whatsapp aan [gedaagde sub 1] bericht, onder mededeling van de uitslag van de Distempertest. 3.10. Middels een schrijven gedateerd 28 december 2022, maar verstuurd op 3 januari 2023, heeft [eiseres] schriftelijk [gedaagde sub 1] nogmaals op de hoogte gebracht van de uitslag van de test. In deze brief heeft zij het vermoeden geuit dat de puppy niet was ingeënt. Ze heeft [gedaagde sub 1] aansprakelijk gesteld voor de schade en verzocht de aankoopprijs terug te betalen. Ze heeft [gedaagde sub 1] verzocht om binnen veertien dagen te betalen of een reactie te geven. 3.11. Op 21 januari 2023 heeft [gedaagde sub 1] gereageerd op de aansprakelijkheidstelling van 28 november 2023 en die van de hand gewezen. 3.12. Op 3 maart 2023 heeft de gemachtigde van [eiseres] aan [gedaagde sub 1] bericht dat [eiseres] de koopovereenkomst ontbindt aanspraak gemaakt op vergoeding van haar schade. 4Het geschil 4.1. [eiseres] vordert een verklaring voor recht dat de koopovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig werd ontbonden of dat de kantonrechter de overeenkomst ontbindt. Ook wil [eiseres] een verklaring voor recht dat [gedaagde sub 1] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de koopovereenkomst. [gedaagde sub 1] moet de schade als gevolg van de toerekenbare tekortkoming aan [eiseres] vergoeden. [eiseres] vordert de volgende bedragen:€ 4.250,00 (de koopprijs)€ 2.414,85 (dierenartskosten)€ 160,00 (crematiekosten)€ 78,00 (reiskosten). [eiseres] vordert ook dat [gedaagde sub 1] in de proceskosten wordt veroordeeld. [eiseres] wil de mogelijkheid krijgen om het vonnis meteen uit te voeren, ook als er hoger beroep wordt ingesteld. 4.2. [gedaagde sub 1] voert verweer. [gedaagde sub 1] vindt dat de vordering van [eiseres] moet worden afgewezen en wil dat [eiseres] in de proceskosten wordt veroordeeld. [gedaagde sub 1] wil de mogelijkheid krijgen om deze proceskostenveroordeling meteen uit te voeren, ook als er hoger beroep wordt ingesteld. 5De beoordeling Processuele verweren 5.1. [gedaagde sub 2] en [gedaagde sub 3] voeren als verweer dat zij geen partij waren bij de koopovereenkomst en ten onrechte zijn gedagvaard. Tussen partijen is niet in geschil dat de VOF in ieder geval wel partij was bij de koopovereenkomst en dat [gedaagde sub 2] en [gedaagde sub 3] beiden vennoten waren van die VOF. Zij zijn ook in die hoedanigheid gedagvaard, zo blijkt uit het exploot. Uit de wet (artikel 18 Wetboek van Koophandel) volgt dat de vennoten van de VOF hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schulden van de VOF. In de rechtspraak is uitgemaakt dat een vonnis tegen enkel de VOF niet op het privévermogen van de vennoten uitvoerbaar is, tenzij die mede gedagvaard waren en het vonnis ook jegens hen is gewezen. Dat de vennoten ten onrechte zijn gedagvaard en de vordering jegens hen dient te stranden, zoals [gedaagde sub 2] en [gedaagde sub 3] betogen, wordt dan ook niet gevolgd. 5.2. De advocaat van gedaagden heeft als verweer gevoerd dat de dagvaarding niet correct is betekend aan [gedaagde sub 3] . Nu hij namens alle gedaagden en dus mede namens [gedaagde sub 3] is verschenen en niet heeft aangevoerd in welk belang zij zou zijn geschaad, en hij verder ook geen rechtsgevolgen aan dit verweer heeft verbonden, gaat de kantonrechter daaraan voorbij. De puppy beantwoordde niet aan de overeenkomst 5.3. In het onderhavige geval is sprake van een consumentenkoop. Ondanks het feit dat de puppy een levend dier is en geen “zaak”, is in artikel 3:2a lid 2 BW bepaald dat de bepalingen omtrent zaken wel op dieren van toepassing zijn. Dat betekent dat artikel 7:17 BW van toepassing is en dat de puppy aan de overeenkomst moest beantwoorden. In het tweede lid van dit artikel is bepaald dat een zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt indien zij, mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten. Een koper mag verwachten dat de zaak de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan hij de aanwezigheid niet behoefde te betwijfelen. 5.4. De kantonrechter stelt voorop dat [eiseres] mocht verwachten dat de puppy bij aflevering niet besmet was met het (potentieel dodelijk) Distempervirus. 5.5. Zoals door [eiseres] onbetwist is gesteld, is Distemper een ziekte die veroorzaakt wordt door een virus dat ontstekingen kan geven van de neus, luchtwegen, longen, maag en darmen, maar dat ook vaak neurologische problemen zoals epilepsie, spierzwakte en verlamming, evenwichtsstoornissen en blindheid kunnen voorkomen. De incubatietijd is één tot vier weken. Distemper is in Nederland een zeldzame ziekte. Honden worden standaard gevaccineerd tegen Distemper. Op het vaccinatiebewijs van de puppy staat ook dat zij tegen distemper is gevaccineerd. 5.6. Vast staat dat bij de puppy, die op 11 november 2022 was geleverd, op 21 december 2022 een test is afgenomen en dat uit de uitslag van die test blijkt dat de puppy besmet was met het Distempervirus en dat de hoeveelheid antilichamen zo hoog was, dat die niet verklaard kon worden door het vaccineren. [gedaagde sub 1] heeft weliswaar de juistheid van de testuitslag betwist (er zouden swabs verwisseld kunnen zijn) en geklaagd dat [eiseres] haar niet in staat heeft gesteld om contra-expertise uit te voeren, maar de kantonrechter gaat daaraan voorbij. Uit de door [eiseres] overgelegde stukken blijkt dat de symptomen van de puppy wezen op Distemper, dat daarom op 21 december 2022 swabs zijn afgenomen en naar het lab gestuurd en dat het lab die swabs op 23 december 2022 heeft ontvangen en getest. Op 28 december 2022 zijn de testresultaten naar het dierenziekenhuis gestuurd. De testresultaten passen bij de symptomen van de puppy en vormen een bevestiging van het vermoeden van de dierenarts dat de puppy besmet was met het Distempervirus. [eiseres] heeft daarmee voldoende onderbouwd dat de puppy besmet was met Distempervirus en dat de gezondheidsproblemen die de puppy vertoonde daar het gevolg van waren. Zowel het dierenziekenhuis als het lab zijn erkende instellingen, zodat ervan uit mag worden gegaan dat zij zich houden aan de protocollen en richtlijnen voor het afnemen van swabs, het verzenden en testen daarvan. Op de testuitslag staat de naam van [eiseres] . Er is geen enkele aanwijzing dat de uitslag niet juist zou zijn. 5.7. [eiseres] heeft haar stellingen over de aard en het verloop van de ziekte van de puppy en de verrichte medische behandeling gestaafd met verslagen van dierenartsen en een rapport van een laboratorium. Ondanks alle – niet gefundeerde – bedenkingen van [gedaagde sub 1] over het dierenziekenhuis, de diagnose en de ingezette behandeling, worden de betrokken dierenartsen op grond van hun opleiding geacht over voldoende deskundigheid te beschikken om een diagnose te stellen en een behandeling voor te schrijven. Tegenover de verslagen van deze dierenartsen heeft [gedaagde sub 1] slechts gesteld dat een andere diagnose (hypoglycemie) en behandeling (het toedienen van glucose) mogelijk en beter zou zijn geweest, maar niet gesteld of gebleken is dat de vennoten van [gedaagde sub 1] , behalve de gestelde “jarenlange ervaring” met het fokken en handelen in pomeranians een (para)veterinaire opleiding of ervaring hebben. Tegenover de gemotiveerde stellingen van [eiseres] staat dus een niet voldoende gemotiveerde betwisting van [gedaagde sub 1] waar het de (behandeling van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.