RECHTBANK LIMBURG Zittingsplaats Maastricht Burgerlijk recht Zaaknummer: 10860747 CV EXPL 24-37 Vonnis van de kantonrechter van 1 mei 2024 in de zaak van de publiekrechtelijke rechtspersoon CAK, gevestigd in Den Haag, eisende partij, gemachtigde Syncasso gerechtsdeurwaarders tegen [gedaagde] , handelend onder de naam [handelsnaam] , in zijn hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [naam onderbewindgestelde], wonend in [woonplaats] aan de [adres] gedaagde partij, in persoon procederend. Partijen worden hierna CAK, [gedaagde] en [naam onderbewindgestelde] genoemd. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: het exploot van dagvaarding d.d. 8 december 2023 de conclusie van antwoord de conclusie van repliek, tevens akte vermindering van eis. 1.
- Hoewel daartoe bij brief van de griffier van 21 februari 2024 in de gelegenheid gesteld, heeft [gedaagde] , bewindvoerder over de goederen van [naam onderbewindgestelde] , geen conclusie van dupliek genomen. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- CAK is van rechtswege belast met de vaststelling en inning van eigen bijdragen die verschuldigd zijn voor verblijf in zorginstellingen en voor maatwerkvoorzieningen en/of persoonsgebonden budgetten. 2.
- CAK heeft in dat kader bij [naam onderbewindgestelde] eigen bijdragen in rekening gebracht door middel van maandelijkse facturen ad € 19,00 per factuur, welke [naam onderbewindgestelde] over de periode december 2020 tot en met december 2022 tot een bedrag van € 437,00 onbetaald gelaten heeft. 3De vordering 3.
- Bij exploot vorderde CAK de veroordeling van [gedaagde] (in zijn hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [naam onderbewindgestelde] ) tot betaling van € 544,67, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 437,00 vanaf 8 december 2023 tot aan de dag van voldoening. Het bedrag van € 544,67 is als volgt opgebouwd: € 437,00 hoofdsom (onbetaalde gelaten eigen bijdragen) € 28,35 tot 8 december 2023 vervallen wettelijke rente € 79,32 vergoeding van buitengerechtelijke kosten inclusief btw. 3.
- Naar aanleiding van een betaalafspraak heeft [naam onderbewindgestelde] (althans [gedaagde] ) na dagvaarding € 445,96 aan CAK betaald, waarna CAK haar eis bij repliek met dat bedrag heeft verminderd (derhalve tot € 98,71). 4De beoordeling 4.
- De vordering is door [gedaagde] erkend en staat daarmee in deze procedure tussen partijen vast. De vordering zoals die na vermindering van eis luidt, zal daarom worden toegewezen. 4.
- [gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld tot betaling van de proceskosten, aan de zijde van CAK tot de datum van dit vonnis begroot op € 733,49, bestaande uit € 264,00 aan salaris gemachtigde, € 328,00 aan griffierecht en € 130,49 aan explootkosten. 5De beslissing De kantonrechter 5.
- veroordeelt [gedaagde] , in zijn hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [naam onderbewindgestelde] , om aan CAK € 98,71 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 8 december 2023 tot aan de dag van voldoening; 5.
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, aan de zijde van CAK tot de datum van dit vonnis begroot op € 733,49; 5.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en is in het openbaar uitgesproken. RK