← Nederland

ECLI:NL:RBLIM:2025:7697

RECHTBANK Limburg Civiel recht Zittingsplaats Maastricht Zaaknummer: C/03/342578 / KG ZA 25-211 Herstelvonnis in kort geding van 22 juli 2025 in de zaak van [eiseres in conventie, gedaagde in reconventie] , wonende te [woonplaats 1] , eisende partij in conventie, gedaagde partij in reconventie, hierna te noemen: de vrouw, advocaat: mr. F.H.M. Belt, tegen [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , wonende te [woonplaats 2] , gedaagde partij in conventie, eisende partij in reconventie, hierna te noemen: de man, advocaat: mr. R.P.H.W. Haas. 1Het verzoek tot verbetering 1.

  1. Op 15 juli 2025 heeft de voorzieningenrechter in deze zaak vonnis gewezen. Bij brief van 16 juli 2025 heeft de vrouw erop gewezen dat de voorzieningenrechter in het lichaam van het vonnis onder rechtsoverweging 4.
  2. heeft geoordeeld dat de door de vrouw gevorderde gebruiksvergoeding zal worden toegewezen, maar de toewijzing van deze vordering in het dictum van het vonnis niet is opgenomen. Zij heeft verzocht om verbetering van het vonnis, in die zin dat de veroordeling van de man tot betaling van de gebruiksvergoeding aan de vrouw in het dictum wordt opgenomen. 1.
  3. De man heeft, daartoe in de gelegenheid gesteld, bericht dat hij zich aan het oordeel van de voorzieningenrechter refereert. 2De beoordeling 2.
  4. De voorzieningenrechter is van oordeel dat in het vonnis in kort geding van 15 juli 2025 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De voorzieningenrechter zal het verzoek dan ook toewijzen en de veroordeling van de man tot betaling van de gebruiksvergoeding aan de vrouw als volgt in het dictum opnemen. 3De beslissing De voorzieningenrechter 3.
  5. bepaalt dat randnummer 5.
  6. van het op 15 juli 2025 tussen de vrouw en de man gewezen vonnis, waar staat: “5.
  7. wijst de vorderingen af,” wordt gewijzigd in: “5.
  8. bepaalt dat de man een redelijke vergoeding van € 450,- per maand aan de vrouw dient te voldoen voor het gebruik van de woning ex artikel 12 lid 2 van de samenlevingsovereenkomst,” 3.
  9. voegt na randnummer 5.
  10. van het op 15 juli 2025 tussen de vrouw en de man gewezen vonnis een nieuw randnummer 5.
  11. in waar staat: “5.
  12. wijst het meer of anders gevorderde af,” 3.
  13. vernummert de randnummers 5.
  14. tot en met 5.
  15. van het op 15 juli 2025 tussen de vrouw en de man gewezen vonnis tot de randnummers 5.
  16. tot en met 5.9., 3.
  17. bepaalt dat op de minuut van het vonnis van 15 juli 2015 wordt gesteld dat heden dat vonnis is verbeterd onder aanhechting van een gewaarmerkt afschrift van deze verbetering van die minuut; 3.
  18. bepaalt dat de griffier partijen een afschrift in executoriale vorm verschaft van de minuut van het vonnis, waarop is aangetekend dat het is verbeterd en waaraan dat afschrift is gehecht; 3.
  19. gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 15 juli 2025 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren. Dit vonnis is gewezen door mr. drs. E.C.M. Hurkens en in het openbaar uitgesproken op 22 juli
  20. DS

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.