Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Rechtbank Limburg – ECLI:NL:RBLIM:2026:2304

RECHTBANK LIMBURG Zittingsplaats Maastricht Strafrecht Parketnummer : 03.242423.23 Vonnis van de meervoudige kamer van 11 maart 2026 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1982, [adres] , overleden op [overlijdensdag] 2026.

De verdachte werd bij leven bijgestaan door mr. A.A.T.X. Vonken, advocaat te Maastricht.

1Onderzoek van de zaak Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 25 februari 2026. De rechtbank heeft de officier van justitie gehoord.

2De ontvankelijkheid van de officier van justitie in de vervolging Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de verdachte op [overlijdensdag] 2026 is overleden. De officier van justitie heeft daartoe een schriftelijk stuk van overlijden overlegd.

Ingevolge het bepaalde in artikel 69 van het Wetboek van Strafrecht is derhalve het recht tot strafvordering tegen deze verdachte vervallen en dient de officier van justitie niet-ontvankelijk te worden verklaard in de vervolging van de verdachte.

3De beslissing De rechtbank:

-verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging van de verdachte.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. el Jerrari, voorzitter, mr. E.B.A. Ferwerda en mr. C.G.A. Wouters, rechters, in tegenwoordigheid van mr. N. Lejeune, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 11 maart 2026.

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.