RECHTBANK MAASTRICHT Sector Civiel Datum uitspraak: 15 oktober 2009 Zaaknummer: 133202 / FA RK 08-1453 De enkelvoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft de navolgende beschikking gegeven inzake: DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT MAASTRICHT, verzoeker. Belanghebbenden: - [naam moeder], wonende te Kerkrade, verder te noemen: de moeder, eerst advocaat mr. F.M.J.P. Heckmans en vervolgens advocaat mr. M.C.L.G.J. Ruyters-Stevens, - [naam vader], wonende te Heerlen, verder te noemen: de vader. 1. Verloop van de procedure De officier van justitie in het arrondissement Maastricht, verder te noemen: de OVJ, heeft zich op 12 september 2008 op voet van artikel 1:24 van het Burgerlijk Wetboek (BW) gewend tot de rechtbank met het verzoek de ambtenaar van de burgerlijke stand te gelasten over te gaan tot verbetering en aanvulling van een in het register van geboorten van de gemeente Heerlen van het jaar 2007 voorkomende akte met nummer [nummer akte]. De moeder heeft op 12 mei 2009 een verweerschrift ingediend. De zaak is behandeld ter zitting van 20 mei 2009, waar zijn verschenen: - de OVJ mr. Hendriks, - de ambtenaar van de Burgerlijke Stand van de gemeente Kerkrade, [naam ambtenaar 1] en - de ambtenaren van de Burgerlijke Stand van de gemeente Heerlen, [naam ambtenaar 2] en [naam ambtenaar 3], - de moeder en haar advocaat mr. Heckmans. De zaak is aangehouden om de vader nogmaals op te roepen. Op 28 september 2009 heeft de rechtbank een faxbericht van de moeder ontvangen. De zaak is wederom behandeld ter zitting van 1 oktober 2009, waar zijn verschenen de OVJ mr. Hendriks, de moeder en haar advocaat alsmede mr. Ruyters-Stevens. Voorafgaand aan de zitting heeft de ambtenaar van de Burgerlijke Stand van de gemeente Kerkrade de rechtbank op 30 september 2009 bericht niet naar de zitting te komen. De vader is conform de wettelijke voorschriften opgeroepen, maar niet verschenen ter zitting van 1 oktober 2009. 2. Vaststaande feiten Op 31 juli 2007 is ten overstaan van de ambtenaar van de Burgerlijke Stand van de gemeente Kerkrade op verzoek van de vader en de moeder een akte van erkenning ongeboren vrucht opgemaakt, waarbij tevens is gekozen voor de geslachtsnaam [geslachtnaam X]. Op [geboortedatum minderjarige] is in Heerlen [naam minderjarige geslachtsnaam Y] geboren uit de moeder. Met betrekking tot de geboorte van [de minderjarige] is op 10 december 2007 een geboorteakte opgemaakt onder nummer [nummer akte]. Bij aangifte van de geboorte is geen melding gemaakt van de akte erkenning ongeboren vrucht. De geboorteakte is ingeschreven in het register van geboorten van de gemeente Heerlen van het jaar 2007. De moeder heeft van rechtswege alleen het gezag over [de minderjarige]. 3. Het verzoek en het verweer De OVJ heeft de rechtbank verzocht te bevelen de geslachtsnaam van [de minderjarige]l geboren te [geboorteplaats minderjarige] op [geboortedatum minderjarige], in de geboorteakte te verbeteren in "[geslachtsnaam X]", de geboorteakte aan te vullen met vermelding van de vadergegevens en de op 31 juli 2007 opgemaakte akte van erkenning ongeboren vrucht als latere vermelding aan voornoemde geboorteakte toe te voegen. Aan het verzoek heeft de OVJ ten grondslag gelegd dat de vader - te goeder of te kwader trouw - bij de aangifte geen melding heeft gemaakt van de op 31 juli 2007 in de gemeente Kerkrade opgemaakte akte erkenning ongeboren vrucht en dat daarvan eerst na het opmaken van de geboorteakte is gebleken. De moeder heeft verweer gevoerd en gesteld dat zij met de vader had afgesproken dat het kind, waarvan de moeder zwanger was en waarvan de man de verwekker was, de geslachtsnaam van de moeder zou krijgen. De moeder heeft de akte tot erkenning ongeboren vrucht getekend, naar zij stelt, zonder er op te letten welke geslachtsnaam het kind na de geboorte zou krijgen. Volgens de moeder heeft de vader haar misleid, welke misleiding de vader in een tussen de moeder en de vader gevoerd telefoongesprek heeft bevestigd. De relatie tussen de moeder en de vader is reeds geruime tijd verbroken en de moeder heeft inmiddels een nieuwe partner. De moeder is zwanger van haar nieuwe partner en ook ten aanzien van dit kind is een akte erkenning ongeboren vrucht opgemaakt, waarin is gekozen voor de geslachtsnaam [geslachtsnaam Y]. De moeder vindt het belangrijk dat haar kinderen dezelfde geslachtsnaam zullen voeren. Zij verzoekt voor [de minderjarige] de geslachtsnaam [geslachtsnaam Y] te handhaven. De ambtenaar van de Burgerlijke Stand van de gemeente Kerkrade heeft naar voren gebracht dat de ouders duidelijk gekozen hebben voor de geslachtsnaam [geslachtsnaam X]. 4. Beoordeling Ingevolge artikel 1: 203, eerste lid, van het BW kan erkenning geschieden: a. bij een akte van erkenning, opgemaakt door een ambtenaar van de burgerlijke stand; b. bij notariële akte. Ingevolge het tweede lid heeft de erkenning gevolg vanaf het tijdstip waarop zij is gedaan. In artikel 1: 5, tweede lid, van het BW is bepaald dat indien een kind door erkenning in familierechtelijke betrekking tot de vader komt te staan, het de geslachtsnaam van de moeder houdt, tenzij de moeder en de erkenner ter gelegenheid van de erkenning gezamenlijk verklaren dat het kind de geslachtsnaam van de vader zal hebben. Van deze verklaring wordt melding gemaakt in de akte van erkenning. De eerste twee volzinnen zijn van overeenkomstige toepassing bij erkenning van een ongeboren kind. Ingevolge artikel 1: 24, eerste lid, van het BW kan aanvulling van een register van de burgerlijke stand met een daarin ontbrekende akte of latere vermelding, doorhaling van een daarin ten onrechte voorkomende akte of latere vermelding, of verbetering van een daarin voorkomende akte of latere vermelding die onvolledig is of een misslag bevat, op verzoek van belanghebbenden of van het openbaar ministerie worden gelast door de rechtbank. In deze zaak gaat het om de vraag (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.